is toegevoegd aan je favorieten.

Maandschrift van het Centraal Bureau voor de Statistiek = Revue mensuelle du Bureau Central de Statistique du Royaume des Pays-Bas, jrg 6, 1911, no 5, 29-05-1911

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heipalen, spieren en dergelijk rondhout, is het gebruik van winchlieden van den wal verplichtend, tegen betaling van het tarief onder VI vermeld. ')

Sub 11° wordt vervangen door sub 12°.

Aan het onder I bepaalde in de oude loonregeling voor het lossen van gezaagd en of geschaafd hout is toegevoegd: „g. deuren, per standaard f 1, 5 man per ploeg".

Sub 2° luidt thans: Van Kroonstad, St. Petersburg, Riga, de Witte Zee en Canada wordt voor gezaagd hout 10 pCt. toeslag boven het sub 1 °, a, b en c genoemde loon betaald.

In het onder II bepaalde voor het lossen van balken is na sub c ingevoegd: „d. grenen rondhout van 8 Meter en langer; in het water gelost f 0,175 per M:i, 4 man per ploeg; indien op vaartuigen gelost f 0,19 per M:l, 4 man per ploeg.

e. Mijnhout (long and short props) in het water gelost f 0,55 per vadem, 4 man per ploeg; indien op vaartuigen gelost f 0,60 per vadem, 4 man per ploeg".

rf, e en ƒ zijn vervangen door: f, g en h, terwijl het bepaalde onder h is aangevuld met: „kapbalken-einden (beneden 10 Amst. voet), f 0,75 per standaard, 4 man per ploeg".

In het onder III bepaalde voor het lossen van heipalen, spieren, juffers, kolders en dergelijk rondhout is ni a ingevoegd: b dunne sparren (van Noorwegen), f 0,90 per standaard, 4 man per ploeg.

b is vervangen door c.

De loonen zijn aangevuld met: f 0,90 per standaard voor dunne sparren (van Noorwegen).

De herleiding in standaards is vastgesteld als volgt: 1 tuit — 1,310 standaard; 1 std. = 4,672 M3.; 1 vadem = 1,185 std.

Land= en tuinbouwvereenigingen.

(Syndicats agricoles et horticoles.)

Als no. 2 der Verslagen en Mededeelingen van de Directie van den Landbouw, 1911, is eene lijst van officiëele personen, instellingen en vereenigingen op landen tuinbouwgebied in het licht gegeven. Aan deze publicatie zijn de volgende cijfers ontleend.

Aantal (Nombre des

PROVINCIES. landbouwvereeni- j| tuinbouwvereeni-

(Provinces.) gingen leden. gingen leden.

of afdeelingen. membres.) of afdeelingen. membres.)

syndicats agricoles.) j syndicats horticoles.)

Groningen 139 8 723 'J 536

Friesland 70 9 213 6 C77

Drentlie. ..... 109 11 752 2 58

Overijssel 110 12 022 9 801

Gelderland 155 20 770 24 2 592

Utrecht 49 3 978 7 666

Noord-Holland . . . 120 9 903 83 10 175

Zuid-Holland .... 132 9 900 66 8 156

Zeeland 97 10 060 7 1 652

Noord-Brabant . . . 240 29 281 14 783

Limburg 155 16 633 19 1 198

Totaal 1911 . . 1 376 142 235 246 27 294 ')

1910 . . 1 341 134 815 245 26 862

» 1909 . . 1 314 129 166 235 24 892

» 1908 . . 1 277 123 281 226 23 873

» 1907 . . 1 225 117 184 223 23 050

» 1906 . . 1 184 109 885 227 22 870

» 1905 . . 1 088 100 328 219 20 965

') In de publicatie wordt vermeld: 27 285.

0 Deze bepaling wordt voortaan zoowel te Amsterdam als te Zaandam toegepast.