is toegevoegd aan je favorieten.

Maandschrift van het Centraal Bureau voor de Statistiek = Revue mensuelle du Bureau Central de Statistique du Royaume des Pays-Bas, jrg 6, 1911, no 5, 29-05-1911

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Betrekking.

STANDPLAATS.

BEZOLDIGING.

Minimum. Maximum.

BEVORDERING.

OPMERKINGEN.

1911

1911 1911

1911

Arbeider-rangeerder . . . . idem.

idem.

idem.

Arbeider . .

idem. idem. idem.

idem.

Nachtwaker .

Arbeider-telegrafist. . . .

IJsselmonde

Eijgelshoven . . . . Groningen (halte). . .

Voorts naar gelang der standplaatsen . . .

Amsterdam, Rotterdam

ijncl. Fijenoord), IJsselmonde

Den Haag, Seheveningen. Emmerik, Elten . . . Esschen

Voorts naar gelang der standplaatsen c). . .

idem.

^911 Arbeid

}911 1911

1911

1911 1911

1907

1911

er-remmer.

idem. idem.

idem.

idem. idem. idem.

Emmerik, Elten . . .

Amsterdam, Rotterdam

(mol. Bijenoord) . .

Den Haag

Arnhem, Heerlen, Kerkrade-Rolduc, Utrecht. Enschede, Groningen, Hengelo, Leeuwarden, Maastricht, Roermond,

"Venlo

Emmerik

Overige standplaatsen .

BETREKKING.

Daggeld in Gld.

1,60 a)

1,35 1,30 1,15 1,10

Dienst ïan Weg en Werken.

Hoofdmachinist

Machinist le klasse

» 2e »

Baas in de werkplaatsen . . . .

Instrumentmaker

Machinedrijver

Portier der werkplaats*) . . . Ploegbaas bij de seininrichtingen Eerste telegraafwachter. . . . Telegraafwachter

1,90 1,65 1,60 1,45 1,40

3— 3,30

1,50 b) 1,90

1.35 1,75

Mk. 2,30 Mk.

Frs. 2,45 Frs.

1,25 1,65

1,20 1,60

1,15 1,55

1,10 1,50

1,05 1,45

1,— [1,40

f 0,20 boven het daggeld.

vastgesteld voor ao

arbeiders van debetrok¬

ken standplaats.

f 0,30 (f 0,25) boven het daggeld, vastgesteld voor de arbeiders van de betrokken standplaats, met

dien verstande dat net minimum niet minder

dan f 1,35 (f 1,30) bedraagt.

Telkens f 0,10 p. dag.

» Mk. 0,20 » » Frs. 0,20 »

et) Indien en zoolang de leeftijd van 23 jaren nog niet is vervuld, bedraagt het minimum f 1,50 per dag (1911).

6) Indien en zoolang de leeftijd van 23 jaren nog niet is vervuld, bedraagt het minimum f 1,40 per dag.

Mk. 2,80

(2,70)

1,70 2,10 1,55 1,95

1,45 1,85

1,40

Mk. 2,65 1,35

(1,35)

3,— 2,50

2-

Mk. 3,50

(3,40)

1,80 Mk. 1,75

cl Ot) de stations, waar het

aantal werklieden buiten de arbeiders, telegrafist en hulpwachters hoogstens vier bedraagt, zullen deze den titel voeren van „arbeider-rangeerder". Het daggeld van den arbeiderrangeerder is gelijk aan dat hiernevens voor den arbeider bepaald, met dien verstande, dat het voor hen, die in vasten dienst zijn, f 0,10 boven het minimum zal bedragen (1907).

Zie voor 1911 „Arbeider-rangeerder", (zie Doven).

Telkens f 0,10 p. dag.

3,35

(1,75)|

d)

3,75

3,—

2,50

.,— [1,40 !

0,20 boven het daggeld, vastgesteld voor de > arbeiders van debetrokken standplaats. 0,30 (f 0,25) boven het laggeld, vastgesteld voor le arbeiders van de berokken standplaats, met dien verstande dat het minimum niet minder lan f 1,35 (f 1,30) bedraagt, ilk. 2,80 Mk. 3,50 (2,70) (3,40)

.,70 2,10 ,55 1,95

.,45 1,85

l,40 1,80 S/Ck. 2,65 Mk. 3,35 L,35 1,75 I (1,35) (l,75)j

5,- 3,75

150 3,— I

2,50 1

d) d) j

1,30 3,—

1,50 2,25 (2,05)

1,50 2,— (1,75)

1,80 2,35 *)

2,05 2,50

1,50 2,05

» Mk. 0,20 » »

f 0,10 » »

Mk. 0,20 f0,10

Telkens f 0,25 p. dag. 2 maal telkens f 0,15, 1 maal f 0,20 per dag.

d) Het, loon wordt per uur

berekend en geregeld en verhoogd naar oeKwaamneiu.

Het toegekende uurloon wordt verhoogd: met 25 pOt. voor arbeid op werkdagen tusschen 8 uur n.m. en 12 uur n.m., en op Zondag tusschen 6 uur v.m. en 8 uur n.m.; met 50 pCt. voor arbeid op Zondag tusschen 8 uur n.m. en 12 uur n.m., en op werk- en Zondagen tusschen 12 uur n.m. en 6 uur v.m., (in 1911: behalve op werkdagen, waarop de arbeid te 5 uur v.m. of later is aangevangen), met dien verstande, dat ten minste het loon van een half uur extra wordt genoten.

Tijdstip en bedrag van |

verhoogmg athankelijk van bekwaamheid.

Telkens f0,15 p. dag. *) 1907: telkens f 0,10 per dag.

') Met vrije woning, vuur en licht.

V