is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandschrift van het Centraal Bureau voor de Statistiek = Revue mensuelle du Bureau Central de Statistique du Royaume des Pays-Bas, jrg 4, 1909, no 10, 30-10-1909

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voor de eerste 5 dagen van de week is de arbeidstijd vastgesteld op9'/2uur per dag; op den 6en dag wordt slechts 6>/2 uur gewerkt. Slijpers en verstellers schaften 11 /2 of 2 uur, snijders en klovers 1 of l'/2 uur per dag. Op den 6en dag van de week wordt slechts '/2 uur geschaft.

Overwerk, nacht- en Zondagsarbeid en arbeid met ploegen komen in de brillantindustrie niet voor.

De loonen en arbeidstijden voor thuiswerkers zijn gelijk aan die voor de overige arbeiders in het bedrijf.

De loonen van slijpers en verstellers waren 10 a 25 pCt. lager dan in 1907, een gevolg van de crisis in het bedrijf, welke einde 1907 begon en tot September 1908' voortduurde. De loonen van snijders en klovers waren ongeveer dezelfde als in het vorige jaar.

Kamer van Arbeid voor de Confectiebedrijven te:

AMSTERDAM. — Zooals in de bijlage van afl. 10—1908 op blz. 50 in noot 2 werd meegedeeld, vormden de over het jaar 1907 van deze Kamer gepubliceerde gegevens slechts een gedeelte van het rapport, dat oorspronkelijk door haar werd ingezonden. Toen de boven bedoelde bijlage reeds verschenen was werd het te loor gegane gedeelte van het rapport aan het Bureau toegezonden. De daar in voorkomende gegevens volgen thans hieronder.

. Inlichtingen over het jaar 1907.

Kleermakersbedrijf. Maatzaken. (Inlichtingen der Kamer.) De loonen van de maatwerkers worden gewoonlijk per stuk berekend, doch dag-, week- en uurloonen komen ook voor (dagloonen slechts bij hooge uitzondering).

Van algemeen geldende loonen kan niet gesproken worden. Wel is indertijd door de Amsterdamsche Kleermakerspatroons-Vereeniging een loonstandaard ingevoerd (opgemaakt door deze Kamer; zie bijlage afl. 10—1908, blz. 50), doch deze vindt geenszins toepassing bij die patroons, die niet bij de Vereeniging zijn aangesloten.

De verdiensten van een arbeider van normale bekwaamheid, die zonder nulp arbeidt, schat de Kamer op f 8—f 13,— per week. De meeste gezellen arbeiden echter met hulpen en van dezen kan geen loon worden opgegeven. Opgemerkt moet hierbij overigens worden, dat de thuiswerkers over het algemeen meer verdienen dan de atelierwerkers, doordat zij uitteraard meer in de gelegenheid zijn om met hulpen te arbeiden.

Premiën, winstaandeelen of andere toeslagen op het loon zijn hooge zeldzaamheden. Wel moeten integendeel de thuiswerkers ruim '/io van hunne verdiensten missen wegens kosten voor fournituren, licht, machine enz., terwijl zij bovendien hunne hulpen moeten betalen.

Voor overwerk en Zondagsarbeid wordt in den regel geen hooger loon betaald. Slechts enkele ateliers maken hierop een uitzondering; daar wordt voor extra-arbeid wel eenige vergoeding toegekend (in één onderneming 50 pCt. extra, doch in de overige niet volgens een bepaalde regeling).

Door-de atelierwerkers wordt in het slappe seizoen ± 10 uur, in het drukke 12—14 uur per dag gewerkt, met inbegrip van ± V/2 uur schafttijd. Alleen in den drukken tijd arbeiden zij somtijds op Zondag. In welke mate thuiswerkers Zondagsarbeid verrichten, is niet na te gaan, daar dezen geheel zelf hun arbeidsduur regelen. ..

In de zaken, waar minder soort werk vervaardigd wordt, zijn de stukloonen sedert het vorige jaar gemiddeld met + 10 pCt. gedaald, hetgeen moet worden toegeschreven aan de scherpe concurrentie, welke van de confectiezaken ondervonden wordt. De arbeidsduur was in 1907 dezelfde als in 1906.

Kleermakersbedrijf. Heerenconfectie. (Inlichtingen der Kamer.) De loonen worden gewoonlijk per stuk berekend, doch uurloonen komen ook voor (bij pompiers). Standaardloonen bestaan niet.

Toeslagen op de loonen worden niet genoten. Wel moeten daarentegen de werklieden' zelf voor de door hen benoodigde materialen en voor vuur, licht, enz. zorgen, waarvan de kosten te stellen zijn op 7'/2 3 10 pCt. van het brutoloon. Nacht- en Zondagsarbeid worden niet extra betaald.