is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandschrift van het Centraal Bureau voor de Statistiek = Revue mensuelle du Bureau Central de Statistique du Royaume des Pays-Bas, jrg 8, 1913, no 11, 30-11-1913 [Bijlage]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B. Huisarbeid. De 154 thuiswerkers (150 schoenmakers en 4 stiksters) zijn allen werkzaam tegen stukloonen. De mededeelingen, welke omtrent het bedrag dezer stukloonen werden gedaan, zijn in onderstaand overzichtje opgenomen.

GEMEENTE. (Commune.)

Onderneming. (Etablissement.)

Aantal werklieden. (Nombre d'ouwiers.)

Mannen. Vrouwen.

(Hommes.) (Femmes.)

21 jaar en ouder. (21 ans et au-dessus.)

beneden 21 jaar. (au-dessous de 21 ans.)

21 jaar en ouder. (21 ans et au-dessus.)

beneden 21 jaar. (au-dessous de 21 ans.)

LOONEN PER PAAR. (Salaires par paire.)

I I I

Amsterdam. . 1 en 2 5 — — — Volgens overeenkomst. (Zie hetgeen met be¬

trekking tot de stukloonen der fabrieksarbeiders is meegedeeld.)

Waalwijk c a. . 3 5 — — — Naar gelang van kwaliteit, grootte,enz.f 1,05,

f 1,25, f 1,50, f 1,60, f 1,75, f 2 - of f 2,50.

4 6 4 — — Dameslaarzen f 0,85—f 1,30

Onder-vrouwenlaarzen. ... „ 0,80—,, 1,25

Meisjeslaarzen „ 0,50—,, 0,70

Kinderlaarzen 0,40—,, 0,50

5 8 — — — Deze blokwerkers, die gedeeltelijken arbeid ver¬

richten, ontvangen dezelfde stukloonen als de zwikkers bedoeld in de ondern. n°. 1 in het staatje op blz. 1 *; met behulp van de verschillende machines heeft in de fabriek de verdere afwerking plaats.

G 5 — — — Zeelaarzen f 2,10—f 2,40

Baggerlaarzen „ 1,05—„ 1,60

Vetleeren lage schoenen . . . „ 0,50—,, 0,65 Pantoffels 0,50

7 9 2 — — Zeelaarzen en vetleeren lage schoenen als in

ondern. n°. 6; baggerlaarzen naar gelang van de hoogte f 1,10— f 1,60.

( 45 cM. hoog f 2,10

8 6 — — — Zeelaarzen { 60 „ „ „ 2,25

I 70 „ „ „ 2,40 I 35 cM. hoog f 1,05 \ 50 „ „ „ 1,30 Baggerlaarzen . ... { 60 „ „ „ 1,40 i 70 „ „ „ 1,45 ' 80 „ „ „ 1,60 Schipperspantoffels 0,50

9 9 1 — Zie het tarief bij ondern. n°. 5 in het staatje « op blz. 1*.

10 8 1 — — f 1,20 —f 2,25.

11 18 — — — „ 0,65 — „ 1,50. ,9 j 3 — — — „ 1,25 —„ 1,40.

f — — 2 — 0,12*—,, 0,225.

13 5 — ' — — „ 0,50 — „ 1,25.

14 5 1 — „ 0,19 0,50.

15 7 — — — „ 0,50 —„ 2,25.

16 13 2 — — „ 0,50 — „ 2,-.

17 eu 18 26 1 2 — Niet op te geven.

Totaal 138 j 12 4

l

Welke loonen in het tijdvak van onderzoek door de thuiswerkers gemiddeld per week werkelijk verdiend werden, wordt aangetoond door het volgende overzichtje. Teneinde vergelijking met de fabrieksarbeiders mogelijk te maken, zijn dezelfde loongrenzen genomen als in de tabel op blz. 14* t/m 17*. Intusschen zij er hier nadrukkelijk op gewezen, dat bij het trekken van conclusies groote voorzichtigheid in acht dient te worden genomen en wel 1°. omdat de huisarbeiders geheel vrij zijn in de regeling van hun arbeidsduur, waaromtrent betrouwbare gegevens moeilijk te verkrijgen zijn; 2°. omdat onder de huisarbeiders — vooral onder hen die de lage loonen verdienen — vele ouden van dagen worden aangetroffen en 3°. omdat er onder de thuiswerkers kunnen zijn, die voor meer dan één patroon werken, zonder dat dit werd opgegeven.1) Een zestal huisarbeiders (onder wie 2 stiksters) zijn buiten beschouwing gelaten, omdat nadrukkelijk vermeld werd, dat zij voor verschillende patroons werken en de opgegeven loonen slechts een deel van hunne totale verdiensten vormen. Evenzoo is gehandeld met een tweetal schoenmakers, die in het tijdvak van onderzoek wegens ziekte of uit anderen hoofde niet geregeld gewerkt hebben.

') De gegevens zijn ondernemingsgewijs verzameld.