is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandschrift van het Centraal Bureau voor de Statistiek = Revue mensuelle du Bureau Central de Statistique du Royaume des Pays-Bas, jrg 19, 1924, no 7, 01-08-1924

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

desbetreffend rapport, verklaarde ide le Commissie, dat zij in liet algemeen (gesproken, de beginselen en voorstellen, neergelegd in het ter zake door liet Internationaal Arbeidsbureau opgestelde rapport, aanvaard had; enkele punten waren door haar aangevuld of versterkt. Op voorstel van den Zwitsersehen arbeidersafgevaardigde had de Commissie besloten aan de leden van het Bureau aan te bevelen het sluiten van die collectieve arbeidsovereenkomsten te bevorderen en te vergemakkelijken, waarin bepalingen voorkwamen .teneinde het zoeken van arbeid tegen betaling door de arbeiders in hun vrijen tijd te beletten. De Britsohe Regeermgsgedelegeerde had tijdens de beraadslaging in de Commissie voorgesteld, dat de discussie zioli zou beperken tot de vraagstukken inzake de technische en algemeen® opleiding der arbeiders. Dit voorstel werd echter verworpen; men achtte het niet gewenscht, eenige beperking aan de behandeling van dit vraagstuk te stellen, dat men op de ineest ruime en volledige wijze wilde hespreken. Voorts kon de werkgeversgroep in deze Commissie niet toestemmen in de wijze, waarop de vraag inzake het verrichten van arbeid tegen betaling gedurende dein vrijen tijd in de door de Commissie gevoteerde teksten was ingevoegd. Ten aanzien van dit onderwerp waren een ontwerp-aanbeveling en een ontwerp-resolutie (voorgesteld *), welke aangenomen werden met 73 tegen 17 stemmen, terwijl bij de eindstemming op 5 Juli de aanbeveling met 79 tegen 16 stemmen werd aangenomen.

Gedurende de 19e zitting heeft de Conferentie een bespreking gewijd aan het Rapport der Commissie inzake het milt vu u r. Verworpen werd een voorstel van den Britsehen Regeerings.vertegenwoordiger om het vraagstuk vian de verplichte desinfectie van geïnfecteerde wol te plaatsen op de agenda van de in 1925 te houden Conferentie, teneinde daarover in een ontwerp-verdrag voorschriften te doen opnemen.

Het meerderheidsrapport der Commissie werd met 86 tegen 5 stemmen aangenomen. Daarin wordt geconstateerd, dat er geen waarschijnlijkheid bestaat om tot een internationale regeling inzake de desinfectie van in de textielnijverheid gebruikte wol en haar te komen, doch tevens de verwachting nitgedrnkt, dat de verschillende industrieele landen de thans geldende voorschriften ten deze zulle-n onderzoeken en, indien noodig, zullen wijzigen teneinde de arbeiders in de nijverheid en transportbedrijven de grootst mogelijke bescherming te verleenen. Voorgesteld wordt, op de agenda van de volgende arbeidsoonferentie te plaatsen een ontwerp-verdrag' inzake de verplichte desinfeotde van paardenhaar, horens en hoeven alsmede een aanbeveling, waarin voorzien werd in een voorschrift inzake de behandeling van beenderen, horens en hoeven, voordat deze door de nijverheid worden gebruikt.

Het door de Conferentie verworpen minderheidsrapport verklaarde zich ten gunste van een verplichte desinfeotie vian wol en haar in de textielnijverheid.

De wekeljjksche rustdag- dn glasfabrieken met wanovens. Een drietal zittingen werd voorts gewijd aan dit punt van de agenda. De Be Commissie, welke de behandeling van dit onderwerp moest voorbereiden, had met 19 tegen 9 stemmen de aanneming van een ontwerp-verdrag en van een resolutie ter zake aanbevalen. Het ontwerp-verdrag voorziet in de stopzetting van den arbeid gedurende 24 achtereenvolgende uren per week in glasfabrieken op Zondag of op een anderen dag, welke aan de wekelijksche rust gewijd wordt. De navolgende uitzonderingen werden voorgesteld: ten behoeve van werkzaamheden, welke om economische of technische redenen noodzakelijkerwijs als continu-airbeid iverricht moeten worden; voorbereidings-, opruimingsen herstellingswerkzaamheden, welke tijdens de rust van het personeel verricht moeten worden om op de werkdagen den normalen gang van zaken in het bedrijf te verzekeren. Wat eerstbedoelde uitsonderingen betreft, moet elk der leden van het Bureau, voordat de definitieve tekst van het ontwerp-verdrag wordt vastgesteld, teneinde dienaangaande op een der komende Conferenties een discussie mogelijk te maken, aan het Internationale Arbeidsbureau opgeven, welke werkzaamheden naar hun oordeel niet anders dan continu verricht kunnen worden. Het voor-ontwerp-verdrag, waarin verschillende amendementen werden aangebracht, is vervolgens aangenomen met 68 tegen 22 stemmen, terwijl de eindstemming daarover het volgend jaar gehouden zal worden.

De 23ste en 24ste zitting der conferentie waren gewijd aan het vraagstuk van den nachtarbeid i n b a k k e r ij e n., waarover een meerderheids- en mindeirheidsrapport door de 2e Commissie was opgesteld. In het meerderheidsrapport werd aan de Conferentie een ontwerp-verdrag aangeboden, krachtens hetwelk vanaf 1 Januari 1927 gedurende den nacht — d.w.z. g-edurende 7 achtereenvolgende uren, waarin de periode tusschen 11 uur des nam. en 5 uur des voorm. moest vallen — het bakken van brood enz., behalve het in het groot bakken van beschuit, verboden zou zijn. Dit verbod had betrekking op den arbeid van alle arbeidskrachten, zoowel van den patroon als van de bakkersgezellen, voorzoover zij aan bedoelden arbeid deelnamen; het vervaardigen van eigengebakken brood voor eigen gebruik zou echter niet onder dit verbad vallen. In een aantal tijdelijke en permanente uitzonderingen, welke na overleg met de belanghebbende vakorganisaties in elk land afzonderlijk konden warden toegestaan, werd in het rapport mede voorzien. De minderheid van de Commissie, waartoe de patroanagedelegeerden behoorden, sprak zich uit voor de aanneming van een aanbeveling in plaats van voor de aanneming van een ontwerp-verdrag. Verder verzetten deze leden zich tegen een arbeidsverbod van den patroon zelf en waren zij voor beperking van den duur van het arbeidsverbod tot een periode van 6 uren, vallende tusschen 8 uur des nam. en 4 uur

!) Voor den tekst daarvan zie: Informations Sociales, Vol. XI, no. 1, blz. 29 e.v.