is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor volkshuisvesting; orgaan van het Nederlandsch Instituut voor Volkshuisvesting en den Nationalen Woningraad, jrg 17, 1936, no 1, 1936

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De aanbevolen maatregelen richten zich in de eerste plaats tegen de lintbebouwing en de verspreide bebouwing. De commissie geeft hierbij een korte samenvatting van de oorzaken en de nadeelen van dezen vorm van uitbreiding en geeft als middel ter bestrijding in overweging een bepaling in de bouwverordening op te nemen, krachtens Welke buiten de bebouwde kommen en buiten het uitbreidingsplan slechts boerenhofsteden en andere vrijstaande woningen ten dienste van de uitoefening van den land- of tuinbouw of de veehouderij met bijgebouwen zullen mogen worden opgericht en wel op een onderlingen afstand van ten minste 60 m langs verharde, van 100 m langs onvertorde wegen, met een vrijstellingsmogelijkheid tot 40 m. Deze bepalingen zullen tevens de bebouwing langs meeroevers tegengaan. De bebouwde kommen zou de commissie nauwkeurig .fastgelegd willen zien op een bij de bouwverordening behoorende kaart, die uit den aard der zaak door Gedeputeerde Staten zal moeten worden goedgekeurd. .

Van principiëele beteekenis voor den strijd tegen de lintbebouwing zijn de volgende aan de circulaire ontleende overwegitigen.

„Men meent wel eens, dat het weren van lintbebouwing zou beteekenen, dat schade wordt toegebracht aan de eigenaren van den grond langs de bestaande wegen. „Daarbij wordt echter vergeten, dat het hier alleen betreft een winstmogelijkheid, welke de eigenaren door de toevallige ligging van hun terreinen aan den weg dachten te kunnen realiseeren. „Niet alle grond kan als bouwgrond worden gebezigd en de overheid dient in het algemeen belang uit te maken, welke grond bouwgrond is. ■ j u j

„Voor elk terrein langs den weg, waarop niet wordt gebouwd, komt in de plaats een ander, doelmatiger gelegen, terrein, waarop wel wordt gebouwd. .

„De gezamenlijke grondeigenaren worden dus geenszins benadeeld, doch alleen wordt in het algemeen belang voorkomen, dat de tielangen van de volksgezondheid, van het natuurschoon, van het verkeer en van de gemeente ten offer worden gebracht aan de financiëele belangen van enkele grondeigenaren.”

Een ander gevaar, dat de commissie door nieuwe bepalingen wil beperken, is dat van den bouw van zomerhuisjes. Zij beschouwt deze huisjes als onder de bouwverordening vallende woningen, ten aanzien waarvan voor een zekeren tijd ontheffing van een aantal bepalingen kan worden verleend, terwijl andererzijds de eischen, die wel in acht moeten worden genomen, in de bouwverordening een plaats moeten vinden. Bovendien wil de commissie op een bij deze verordening te voegen kaart zien aangewezen, op welke terreinen bij uitsluiting van alle andere, zomerhuisjes worden toegelaten. De onderlinge afstanden der zomerhuisjes zouden in een bosch- en heidelandschap ten minste 5® ni langs of bij een meeroever ten minste 10 m moeten bedragen. Bij dezen laatsten afstand is blijkbaar gedacht aan een ter zijde van een meer langs een dwarssloot geprojecteerde kolonie van zomerhuisjes.

Met het oog op het uiterlijk aanzien der gebouwen stelt de commissie enkele nieuwe bepalingen voor, welke o.a. strekken tot het weren van dakbedekkingen van gegolfd plaatijzer, asbestcementplaten en cementpannen en tot verbetering van het aanzien der voortuinen, waartoe bij het oprichten van een gebouw zou moeten worden geëischt dat de afscheiding van den weg moet bestaan uit een heg en dat het voorerf als voortuin wordt aangelegd en onderhouden.

Voorts beoogt de commissie het aspect van de dorpen te verbeteren door een nieuwe bepaling, op grond waarvan slechts dan vergunning zal worden gegeven tot den aanleg van een weg, waaraan men bouwen mag, indien deze op een goedgekeurd uitbreidingsplan voorkomt. Tevens stelt zij voor ruimere rooilijnafstanden en strengere bepalingen omtrent de onderlinge afstanden van gebouwen. „ , • j u

Ten slotte acht de commissie het noodig dat in de bouwverordening een artikel wordt opgenomen, dat het gebruik van gebouwen, afwijkende van de daaraan bij een uitbreidingsplan gegeven bestemming, verbiedt.

Een vieital bij het streekplan aangesloten gemeenten heeft reeds haar bouwverordening in den geest van deze voorstellen gewijzigd, terwijl in vele andere gemeenten deze wijziging aanhangig is.

UIT DEN KRING DER BOUWVEREENIGINGEN

BOUW VAN ZES WONINGEN VOOR OUDEN VAN DAGEN DOOR JEUGDIGE WERKLOZEN

Wie het opschrift boven dit korte artikel met aandacht leest, kan begrijpen, dat op Woensdag i 8 December 1935 zich een zo groot aantal belangstellenden had verenigd in de Broekstraat, hoek Heemskerckstraat, te Arnhem.

Behalve de Burgemeester van Arnhem, de Heer Bloemers, was er het college van Gedeputeerden, vertegenwoordigd door den Heer Keurschot; verschillende leden van de Gemeenteraad en vertegenwoordigers van onderscheidene organisaties, o.a. van de Nationale Woningraad, van het Ned. Verbond van Vakverenigingen, gaven door hun aanwezigheid blijk van de belangstelling, die ook zij koesterden voor een gebeurtenis, welke voor hen, die het grote niet kunnen zien in het kleine, van weinig of geen betekenis wordt geacht.

LCR.CIIIS WUIUL r j- Woningen voor Ouden van dagen gebouwd door Jeugdige Werklozen! . n-: 1 i cri>rr\nctril-

Bijna geheel door eigen hand uit het ruwe materiaal geconstrueerd en dat tegen een tegemoetkoning van drie gulden per week en iedere dag een broodmaaltijd! En dat met een enthousiasme, zoals ons de architect, de heer Gratama, meedeelde, dat buitengewoon weldadig aandeed.

Het is een buitengewoon sympathieke gedachte van de Algemene Woningbouwvereniging „Arnhem” geweest en zij mag met voldoening op de uitvoering van haar plan terugzien.

Toen de heer Meerdink, de Voorzitter der vereniging, in zijn openingswoord heel de geschiedenis van deze bouw had medegedeeld en gewaagd had van de van alle zijden ondervonden medewerking, sprak de heer Bloemers een woord van hartelijke waardering voor dit mooie stuk werk, waarna hij de sleutels aan de nieuwe bewoners uitreikte. Ook de andere sprekers: de heren Keurschot namens Gedeputeerden, J. C. van Goudoever namens de Nationale Woningraad, de la Bella namens het N.V.V., en Gratama, de architect, brachten hulde aan het initiatief van de bouwvereniging. Ten slotte dankte een der nieuwe bewoners het bestuur voor de keurige woningen, waarna tot bezichtiging werd overgegaan. V. G.

TOELATING INGEVOLGE DE WONINGWET

Sedert de vorige opgave is toegelaten als uitsluitend werkzaam ter verbetering van de volkshuisvesting de Coöperatieve Algemeene Joodsche Woningbouwvereeniging (U.A.) te Amsterdarn. Opgeheven is de Woningstichting „Harderwijk” te Harderwijk. Het aantal toegelaten corporaties bedraagt 1091.

BIJEENKOMSTEN

Zaterdag 21 December kwam de afdeeling Zuid Holland van den Nationalen Woningraad in jaarvergadering bijeen, in Hotel Atlanta te Rotterdam, onder voorzitterschap van den waarnemend voorzitter, den heer IJselenberg.

Namens het hoofdbestuur was de heer Bommer aanwezig. De voorzitter vroeg verontschuldiging voor het feit, dat wij zoo laat in het jaar samen komen. Verschillende omstandigheden zijn hiervan oorzaak. Allereerst het bedanken om gezondheidsredens van den voorzitter, den heer A. J. Stuyvenberg. Ook de secretaris, de heer Arnold, is geruimen tijd ziek geweest en ook spreker is langdurig door ongesteldheid niet in staat geweest aan het werk van de afdeeling deel te nemen.

Het jaarverslag en financieel verslag worden onder dankzegging aan den secretaris-penningmeester goedgekeurd, evenals de bearooting over het loopende laar. _ _

Arnold met algemeene stemmen gekozen. In de vacatures, ontstaan door de verkiezing van den heer Arnold tot voorzitter, en door het aftreden van den heer Lalleman, worden gekozen de heeren Helleman te Vlaardingen en Oostveen te Leiden. De nieuwe voorzitter dankt de vergadering voor het in hem gestelde vertrouwen en brengt ook dank aan den afgetreden voorzitter voor de prettige samenwerking, welke er altijd heeft bestaan.

ZILLkJI VUVJi UC jJICLUigc. aaiiivuvvv-iivxixg,, 7 j Na afhandeling der agenda wordt het woord gevoerd door Ir. V. d. Broek, architect te Rotterdam, die het vraagstuk van goedkoope woningen behandelt. Het is gemakkelijker een wonmg te