is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor volkshuisvesting; orgaan van het Nederlandsch Instituut voor Volkshuisvesting en den Nationalen Woningraad, jrg 27, 1946, no 8-9, 1946

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ning”, opgenomen in ~Design of Dwellings van ~The Ministry of Health”, Londen. H.M.S.O. 1944.

Plannen voor Wijkvorming

1) De vorming van woonwijken is noodzakelijk voor het sociaal goed functioneeren van een stad. 2) Bestaande begrenzingen van wijken zijn veelal spoordijken, enz., die door groenstrooken kunnen worden aangevuld.

3) Het aantal inwoners van een wijk behoort niet meer dan 10.000 te bedragen, waarbij de wijkkern van alle woningen uit gemakkelijk bereikbaar moet zijn.

4) Bij het opnieuw ontwerpen van centrale stadsdeelen kunnen werkelijke verbeteringen alleen worden aangebracht, indien zij deel uitmaken van een plan voor een lange periode. Plannen voor de naaste toekomst („plan in onderdeelen ) moeten deel uit maken van een plan voor de

verdere toekomst („plan in hoofdzaak”). 5) Benaderende cijfers voor de netto bevolkings-woondichtheid voor een wijk van 10.000 inwoners:

a) bij open bebouwing 75 p b) in de buitenste stadswijken 125 c) in de binnenste kring IS7 . ” d) in het centrum 250 e) -- .. ~ (bizondere gevallen) 300 ~ ~

Netto bevolkings-woondichtheid = net residential density, beteekent de bevolkingsdichtheid van de met \yoningen bebouwde oppervlakte van de wijk. Cross neighbourhood density bruto wijk-bevolkingsdichtheid,. wordt berekend ten opzichte van de totale oppervlakte, dus met inbegrip van scholen, winkels, open ruimte, hoofdwegen enz. Hiervoor gelden de volgende ~target = ~doel”cijfers: a) 52 pers. p. ha. b) 75 c) 100 d) 125 e) 150

6) Binnen de wijk moet voor voldoende verscheidenheid van woningen gezorgd worden, zoodat de wijk uit kleinere groepen woningen van verschillend type bestaat. Deze grepen kunnen van 100 tot 300 woningen omvatten. 7) „Flats kunnen het beste grenzend aan een open ruimte en in de nabijheid van de wijkkern liggen. Hetzelfde geldt voor de huisvesting van ouden van dagen en alleenwonenden.

8) De open ruimte (het „groen”) van een wijk dient in nauw verband met de woningen te worden ontworpen. Het parksysteem kan tevens voor veilige voetgangers-verbindingen zorgen. Een deel van het „groen” moet aan den omtrek van de wijk liggen, teneinde een afscheiding te vormen.

9) Scholen voor voorbereidend onderwijs en lagere scholen moeten centraal liggen ten opzichte van de buurt, waarvoor zij bestemd zijn. Middelbare scholen kunnen aan den

, liggen (daar zij veelal voor twee wijken dienen), lü) hen woning mag niet verder dan 400 m van een groep winkels verwijderd zijn.

Exeter Phoenix. Th. Sharp. Behalve de grootte van de wijk is de groepering van zijn samenstellende delen belangrijk. Eveneens de mogelijkheid om hem te onderscheiden en „identiteit” te geven. Een van de hoofdoorzaken dat er zo weinig gemeenschapszin bestaat in onze hedendaagse steden, is dat er geen duidelijke grenzen zijn; de „WaM (kiesdistrict) de enige terreinihdeling binnen de „Urban District” (dz gemeente) heeft geen betekenis, behalve voor de administratieve zijde van het bestuur en heeft geen zinvolle geografische vorm. Als in de toekomst iedere wijk zijn eigen leven krijgt, dan zou het de taak van

de ward kunnen overnemen en t.z.t. behalve een sociale ook een bestuurseenheid worden

In iedere ..neighbourhood” (wijk van 10.000 inwoners) zou een hoofdkern moeten zijn, een duidelijk middelpunt. Hier zouden de openbare gebouwen staan: de neighbourhood centre (= community centre, gemeenschapshuis), en het jeugdhuis, (liefst afzonderlijk, maar soms noodgedwongen van dezelfde ruimten gebruikmakend) de kerken, misschien een bioscoop, een bibliotheek-leeszaal, kleinere clubgebouwen, een ~health centre”, en bijkantoren van de overheidsdiensten. Bovend'cn winkels en café’s. De winkels zouden in de alledaagse behoeften voorzien, maar er zouden bovendien nog een paar kleine winkelgroepjes moeten zijn, want men is het er wel over eens dat er binnen de 400 m van de woning vandaan de meest noodzakelijke winkels te vinden moeten zijn.

The Size and Social Structure of a town. National Council of Social Service. 1943.

Aanbeveling no. 1. Alle woningbouw dient gebaseerd te worden op de principes van de ~neighbourhood unit”, die beschouwd kan worden als een gemeenschap met een maximum van ongeveer 2000 woningen, en dus tussen de 7 en de 10.000 inwoners omvat, voorzien van die gemeenschappelijke instellingen die nodig zijn voor een goede ontwikkeling van het wijkleven.

No. 2. In het belang van de sociale verscheidenheid, en om het contact tussen gezinnen van verschillende achtergrond en ervaringen in vredestijd te onderhouden, zoals het nu in oorlogstijd ook gebeurt, dient iedere wijk sociaal evenwichtig te zijn, dus voorzien van woningen van verschillende typen en grootten, en bewoond door gezinnen uit verschillende inkomensklassen.

No. 3. Plaatselijke besturen en bouwvereenigingen dienen dus gemachtigd te worden om woningen van verschillende typen, grootte en huren te bouwen.

No. 4. Het is gewenst dat de bouw van het gemeenschapshuis, zó ontworpen dat het door de wijkvereeniging beheerd kan worden, tegelijk met de woningbouw plaats vindt, zodat het, tenminste in embryonale vorm, van het begin af de bewoners ter beschikking staat.

Andere literatuur

Revere Copper and Brass Ine.

You and your neighbourhood After total war can come total living

A citizens country club on leisure center

Why City Planning is your responsibility

Main Street now and postwar Populaire propaganda voor de wijkgedachte, als reclame

Regional Plan Association Ine.

Planning your community Nat. Committee on housing Ine.

Planning Neighbourhood Shopping centres Neighbourhood design and control

Your stoke in community planning

Design of Residential Areas. Adams. Harvard Un. Press. Community Centres and Associations. E. S. Harris. N.C.S S 1/6

Community Centres, Flora and Gordon Stephenson. 4/- Community Centres. Min. of Education. H.M.S-O. 9d.

Housing Manual. H.M.S.O. 21-

Design of Dwellings. H.M.S.O. 1/- Greater London Plan. H.M.S.O.

County of London Plan. H.M.S-O.

The Architects Yearbook. (Chap. by Jacq. Tyrwhitt) Edit. The problem of density. Report No. 2 A.P.R.R. London

A profile of Bethnal Green Report No 39. A.P.R.R. The Peckham Health Centre. Pearse and Crocher. Allen and Unwin

Man and Society. K. Mannheim Town Planning. Th. Sharp

Het artikel iS’' in vereenvoudigde spelling, ingezonden.