is toegevoegd aan je favorieten.

De syndicalist; weekblad van het Nederlandsch Syndicalistisch Vakverbond, jrg 10, 1932-1933, no 501, 28-01-1933

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET WERELDCONGRES TEGEN I

J) Het geheele verloop en ook het naspel van het Wereldstrijdcongres tegen den Imperialistischen Oorlog hebben bewezen, hoe juist het gezien is geweest van de I.A.A. en het I.A.M.B. om aan deze bolsjewistische onderneming niet deel te nemen. Nuttig is het zeer zeker geweest, dat de beide internationales naar dit congres wel een waarnemer hebben gezonden, wiens verslag in tientallen kranten over de geheele wereld in een tiental talen en in een dozijn landen afgedrukt, aan duizenden arbeiders een juist inzicht in het ware karakter van dit congres heeft gegeven.

Het aantal dergenen, wier oogen voor de bolsjewistische intriges zijn open gegaan nadat zij aanvankelijk in hun onwetendheid sympathiek tegenover het congres hadden gestaan of er aan hebben deelgenomen, is niet gering en neemt voortdurend toe. De zwitsersche anarchisten, die in hun blad Le Réveil oorspronkelijk deelname hadden bepleit, zijn daarop teruggekomen, toen zij het ware karakter van het congres hadden leeren kennen. De vertegenwoordiger van de zwitsersche beweging, die zich schaart om hét blad „De pacifistische revolutie" heeft het congres uit protest ver. laten. De fransche schrijver Victor Margueritte trok zich terug uit het comité. Brandt Corstius, aanvankelijk van meening dat algemeene deelname het congres voor een eenzijdige bolsjewistisch karakter kon Tiehoéden, schreef later in De Jonge Gids van 5 September 1932: Deze menschen willen een eenheidsfront. Neen ze willen het niet. Nieuwe aanhangers van HUN internationale willen ze, een eenheidsfront van allen, die doen wat zij willen, anders niet. Dat was de leugen van dit congres "

En voorts: „ verder dan ooit heeft de kommu-

nistische beweging ons in deze dagen, door dit kongres, van zich afgestoten." „Een bewuste leugen is dit kongres voor ons geweest

Henriette Roland Holst, die zich tot het uiterste bereid heeft getoond samen te werken, teneinde tot een eerlijk eenheidsfront te kunnen komen en die ook het congres bezocht, heeft zich genoodzaakt gezien, zich uit het comité terug te trekken en schreef over dit congres een brochure onder den veelzeggenden titel „Vlag en Lading", waarin zij constateert, dat in Nederland behalve twee pacifistische vrouwenorganisaties alleen communisten met hun mantelorganisaties aan het congres hebben deelgenomen. Inderdaad, de communisten zijn, zeker in Nederland, in hun hemd blijven staan en zij kunnen dit moeilijk verkroppen.

Dit komt al heel kras tot uiting in een artikeltje van den communist S. D. Neter in het Anti-oorlogsbulletin van Januari 1933 over „De anarchisten en het Wereldcongres". Op hetgeen hij daarin schrijft over de houding der fransche anarchisten zal ik niet ingaan, want ik weet er niet van. Maar hetgeen de heer Neter schrijft over zaken, waar ik wèl van weet, is voor mij rechtvaardiging genoeg om er voorloopig geen steek van te gelooven. Zoodra ik Neter kan controleeren, blijkt mij, dat hij maar wat beweert. Er is bijvoorbeeld geen steek van waar, dat op onze openbare vergadering op den Maandag na het congres fransche anarchisten waren. Er was een lid van de fransche sectie der Internationale Vrouwen-Liga voor Vrede en Vrijheid. Die heeft verklaard, dat ze door het bolsjewistische congres was teleurgesteld. Wie zoo slecht geïnformeerd is als deze Neter moest zich niet opwerpen als publiek voorlichter.

Hetgeen Neter schrijft over ons optreden laat ik hier in zijn geheel volgen:

„Het optreden van onze Holïandsche anarchisten was al even frisch. Dat Albert de Jong een uitnoodiging voor het Congres van ons weigerde, maar van Barbusse zélf wenschte te ontvangen, omdat hij een „internationale" organisatie vertegenwoordigde, getuigt slechts van een eenigszins gezwollen idee van zijn eigen belangrijkheid. Maar, dat hij géén uitnoodiging zou hebben ontvangen, is een onwaarheid. Evenals hun verhaaltje, als zou hun pers zijn geweigerd. Müller Lehning kreeg een perskaart, en mengde zich als persman nota bene in een conflict tusschen ons en een aantal anarchisten, die de congreszaal waren binnengeslopen en pamfletten verspreidden (met valsehe citaten!), gericht tegen het Congres. Natuurlijk werden die biljetten in beslag genomen en die menschen verwijderd.

De heeren, met M.L. als aanvoerder, gaven er echter de voorkeur aan een vechtpartijtje te beginnen, en. . goddank!, dë anarchisten hebben stof voor hun actie: de „revolutionnair" Müller Lehning is „mishandeld"! Nauwelijks waren deze revolutionnaire heldendaden van die anarchisten over, of „kameraad" Albert de Jong vroeg óók om eèn perskaart. Je moet maar brutaal zijn! Daar wij meenden, dat één perskaart voor deze broeders, in verband met hun optreden, genoeg was, weigerden we ook nog de Jong een perskaart te geven.

N IMPERIALISTISCHEN OORLOG

En weer hebben de heeren stof voor een revolutionnaire actie: hun „pers" neen, de revolutionnaire pers.... geweigerd op het Congres!!!

Dit is de treurige geschiedenis van de anarchistische actie tegen het Wereldcongres; een actie zónder één enkel politiek argument; een actie vol leugens en verdraaiingen; een „actie" typeerend voor het anarchisme van deze dagen.... kleinburgerlijke ontevredenheid; persoonlijke griefjes en angst voor het eigen standje."

Alles wat hier staat is onwaar, verdraaid, onzinnig. Albert de Jong wenschte geen uitnoodiging vTan Barbusse zélf, maar ontving een uitnoodiging — als secretaris van het I.A.M.B. — van Rolland met het verzoek bewijzen van instemming te sturen aan Challaye (secretaris van Rolland) of Barbusse. Ik schreef hun beiden, vroeg of het [.A.M.B. op het Congres zou kunnen spreken, maar iaarop heb ik nooit antwoord gekregen. Dat wij niet zijn uitgenoodigd heb ik nergens en nooit beweerd.

Het is zonder meer een leugen het voor te stellen, ïlsof onze menschen een vechtpartijtje begonnen jouden zijn. In plaats hun te vragen het verspreiden te staken, begon men M.L. op het hoofd te slaan. Hij liep rond met een paar builen. Hij is er niet dood van gegaan en we hebben allerminst aehoefte deze zaak te overdrijven of uit te buiten. Maar dat er onmiddellijk op los geslagen is, is ;ypeerend voor de mentaliteit der bolsjewiki, die ijj het minste of geringste hun beetje zelfbeheersching schijnen te verliezen.

Neter spreekt van „valsehe citaten". Ik tart Jezen voorlichter, niet om een valsch, maar om jenig citaat uit ons manifest aan te halen. In het leele manifest is er geen enkel te vinden, laat staan een valsch.

En nu de laatste bewering van Neter: de perskaart. ,Daar wij meenden... weigerden we", zoo schrijft nij. Hier is waarschijnlijk sprake van „een eenigsïins gezwollen idee van zijn eigen belangrijkheid" Dij den heer Neter, om zijn eigen woorden te gebruiken. Het is waar, dat hij ons op de hem eigen vriendelijke wijze toegevoegd heeft, dat één

taart voor ons genoeg was. Maar Neter had

iaarover niets te vertellen. Dehmut heeft de zaak Joor de congresleiding laten beslissen en deze heeft niet het standpunt ingenomen, dat één perskaart genoeg was, maar om de I.A.K. niet tot de persafel toe te laten. Zóó heeft Dehmut het ons meegedeeld, van iets anders heeft hij niet gesproken. Volgens deze duidelijke uitspraak kon dus ook VI. L. van de perskaart geen gebruik meer maken ;n het spreekt van zelf, dat hij — het was ons waarlijk niet om „incidenten" te doen! — aan de lerstafel geen plaats heeft genomen.

Wat blijft er nu over van het stukje van Neter? Niets dan zijn scheldwoorden en kwalificaties („leugens en verdraaiingen", „je moet maar brutaal zijn"), die echter uitsluitend op zijn eigen lennevrucht slaan. Het is wel een beetje poover, ;n zeker voor een journalist als Neter, die overigens genoeg journalistiek flair bezit om er op een m hetzelfde oogenblik de pers zoowel van de tweede als de derde internationale van te laten pro'iteeren.

3EHANDELING D.W.-ERS

De IAMV. heeft een commissie tot onderzoek naar ien toestand der dienstweigeraars ingesteld. De secretaris dezer commissie, Jan Wouda, Noorder/aartdijk 24c, Krommenie, zond ons een uitvoerig irtikel, waaruit hieronder het voornaamste volgt:

Een van onze beste kameraden, Cor Hartog uit Aartswoud, is door zijn verblijf in Veenhuizen volslagen zenuwziek geworden, zoodat hij aanvancelijk naar het hospitaal, doch direct daarop naar iet krankzinnigengesticht te Woensel overgeara'c'ht moest worden.

Nadat hij sinds half October zeer zwaarmoedig ;n teruggetrokken was, waarvoor hij een poosje n het hospitaal werd opgenomen, verbeterde zijn toestand tijdelijk weer iets. Doch op 18 Nov. is nij wederom naar het hospitaal en on 2.4 Nov. naar tVoensël „getransporteerd". Op 23 Nov., toen C. H. reeds in tamelijk ernstigen toestand verkeerde, schreef de directeur nog onder een brief van C. H. lan zijn ouders — welke brief een verwarden iniruk maakte — dat zij zich over den toestand van mn zoon geenszins ongerust behoefden te maken. Nimmer heeft de directeur ook maar één poging ?edaan om zijn ouders van den wezelijken toestand op de hoogte te stellen; en dat terwijl de iienstweigeraars, die met hem opgesloten waren, reeds maanden hadden geconstateerd, dat zijn toestand steeds slechter werd.

Uw meer zulke zware tabak wenschen te pruilt ei}- 't Is ook een glibberig goor werk, dat onderin -en-

,, jftiddels zijn alle stakers op hun post.

evengoed zware arbeid, zoo'n staking, d® Politie, de modernen, de kato's en christelijken,

b onderkruipers, tjonge een zware dobber

d ^0ch, en toch. nietttegenstaande alle leden van

syndicalisten ontslagen zijn; d® tegenstaande de modernen misselijke pogingen om onze leden naar hun bond van klasse^aad over te schrijven,

^.staken dóór!

jJj houden de vaan van den klassenstrijd hoog, v. s dan, als er zooveel socialistische Judassen fjj i' die hun broeders verkoopen aan het kapitalis^Weekt er maar slaafsche karbouwen van, dj huilt dan later tranen over de weinige opstanli f eid uwer verkwezelde naloopers, indien ze zelfs d ^ fileer in verzet komen tegen oneerbare schand^ en van een afgeleefd stelsel als het kapitalis-

e^k geval zijn ze nog goed genoeg, om er

^ stel naar de Kamer te kiezen!!

syndicalisten kiezen de partij der arbeiders, itid ons zullen wij volgende dagen nog

leden van den modernen bond van transportleiders aan het verstand breneren, dat het geen k F(% arbeider past om als onderkruiper te wer-

tr

bestuurder v. d. Meulen wéét toch dat er staJ1® is? Waarom zijn leden niet verwittigd, neen toegelaten?

o^uitschland huilen ze krokodillentranen over en H, Eenheid' met andere richtingen in het socialis, daar heet het

fq^heid is het die wij noodier hebben; jJ^enstriid. geen broederstriid." öt, e'- sommige zondaren krijgen wel eens een van berouw, anderen zijn onverbeterde ' +

.^takiner aan het Nederlandsche Dok i?aat d^ór. fj., "en jullie al gemerkt dat die „onpartijdige" 1bemiddelaar scMindood is?!? straks de kapitalisten hem noodior hebben, (L , ^ordt htj zoo kwiek als een goochelaar op Ü^Wmis! A^R.

!?5 BLOEDIGE INTERNATIONALE

f'Y» j.

Bliikens het jaarboek van den \r inbond over den wapen- en mum'tiehandel ^ Enoreland de meeste wanens uit. Van 1925 u^ 's voor millioen gulden naar 35 landen *o1oniën uitgevoerd, waarvan 31 pCt. valt op

CeIand' 13

on Frank-nik. 12 op de Verrem'"de Ij en, 10 op Tsjecho-Slowakiie en 8 op Zweden, i).'"r dan de helft van den engel^chen uitvoer ering Kj r de britsche koloniën en dominions. De r°st (L? naar Pnanie, Japan, Griekenland. Chili, Nearid en Bolivia. China voert de meeste munifie Ij' ^0 pCt. en van wapenen en munitie samen 'l pTf Van den totalen wanen- en munitie-invoer l^.a 'n 1^30 levende .Tanan 38 pCt. Duitsch?jj 26, B°ltrië 15 nCt. Jacht en snortwape^en ^. hieronder niet heerrenen, evenmin de u;tge'tw . smokkelhandel in wapenen (Army, Navy » Air Force Gaz.).

L^Hvia is een spaansche militaire missie in ^ctie getreden.

»^eland leverde volgens het antwoord van de ^ eering op een interpellatie in het Lagerhuis in ^ he'ft vaT1 1932 aan Japan 240 kanonnen

^inegeweren met 6 millioen patronen, aan ^ ^ 25 machinegeweren met 500.000 patronen.

'^^derland worden groote hoeveelheden wape%Uit België afkomstig, naar Duitschland ge^keld, ten behoeve van de nationaal-socialisten. Revolvers waren gemerkt: Fabrique d'armes t^Uerre de grande précision" en „Laocing Glass v0t)e*t». De cartons waarin zich de munitie bedroegen het opschrift „Fabrique National de Guerre, Herstal, Liége". Ook werd een •iffn aantal karabijnen van de belgische wapenOrban-Ferrère in turfschepen van Neder^ . naar Duitschland gesmokkeld, waar zij door h °Uanen werden ontdekt (Het Volk).

W : Twintig uitverkoren perzische officieren V 6ï\ °P kosten van het ministerie van oorlog Js 5®is door de hoofdsteden van Europa om er ^'litaire techniek te bestudeeren (Militür-

latt' 11 Nov-1932)-

'Vk^land: In de wapenfabriek Neuhausen bij ^ "hausen worden duizend zware machine6ren voor Columbia (Z. Amerika) vervaardigd.

ft .;'.rste, dat in het land een uitgesproken revolution-

yatie heerscht.

^ ^ens, dat in breede massa's een vurige revolution-

Aj. ^eest van strijdlust leeft,

.Vlotte ook, dat de taak, den sociaal-revolution^ opstand van de volksmassa's te organiseeren en tjSjp^^'de doelstelling te geven, nog volbracht moet

Hm1 w^ar wij vaak den nadruk op hebben gelegd, if, Proletariaat van Spanje zich niet op den aftocht r'p verdediflririg bevindt, maar in een krachtigen

V OtitSstpiid, wordt telkens öpnjpuw bewaarheid.

Ik, te ^'Waamheid der republiek de sociale vraagstukken A j.'ossen, ja zelfs de konsekwenties van een burgert''v°lutie, b.v. ten opzichte van het grootgrondbezit, ® voeren, is duidelijk gebleken. Het is vooral het vHi met steeds grooter beslistheid tegen het be\ Ht. Systeem opstaat. De spaansche revolutie draagt rt ,a^ter van een agrarische revolutie. Ze komt geheel

V de sociale toetsanden van het land. Degenen, 'lij? hebben, dat in Spanje een langere periode

V eH!ce'Ölf rustige democratische ontwikkeling mogeW'Jbj. ..^i'n, zijn zonder twjifel in het ongelijk gesteld. \ o . * de toestand in Spanje op het oogenblik in ü4).ei?!Z'cht op de laatste jaren vóór den val van de Sr, ^ if, le- Waren het toen politieke woelingen, die het

^rust brachten, het verlangen naar het einde van Vl UiUr' nu' nadat men spoedig V'"fin i e geloof aan het idool der democratie '«3e ad, zijn het de sociale massaprotesten, die het wankelen brengen en dwingend een fun- verandering eischen. De nervositeit van de 'v6 Vp' ^rute onderdrukkingsmethoden, de ontzet•«tl"!stjRerVolging van alle revolutionnaire krachten, die

V W , vormen aanneemt, dat alles bevestigt even-

van een revolutionnaire situatie en de ÏWa'fheid van het regime. Deze toestand dwingt W1 mnsRa's van Btfld en land, ook in den dagelijk-

steeds de verovering van de productie zelf te 8 het doel, dat zoo spoedig mogelijk bereikt moet

Hier komt bij, dat, tengevolge van een vrijheidlievendrevolutionnaire traditie van het volk en van de arbeidersbeweging, ook subjectieve revolutionnaire eigenschappen in ruime mate voorhanden zijn. Het

spaansche karakter is afkeerig van i'edèrë dictatuur en zal steeds naar vrijheid en zelfbepalingsrecht verlangen. De massa's van een strijd, dien ze zelf willen, af te houden, is bijna niet mogelijk, haar aan de een of andere verraderlijke leiding te onderwerpen, tengevolge van den goed ontwikkelden federalistischen geest, moeilijker dan in andere landen. Kenmerkend en karakteristiek is ook het idealistische karakter van den revolutionnairèn strijd in Spanje. Dikwijls strijden de arbeiders in het geheel niet om eigenlijke sociale of economische doeleinden, maar om de

verdediging van de waardigheid, van de vrijheid, van het menschenrccht

van den arbeider. Daarbij staken heele bedrijven, ja heele steden weer bewust voor enkele, voor bijzondere slachtoffers van het kapitalisme, zonder daarbij ook maar in het minst aan zich zelf te denken. Dikwijls wordt zulk een strijd tot doel op zich zelf, tot plechtige getuigenis voor het vrijheidlievend communisme, zooals men hier zegt. Materieele eischen worden dikwijls in het geheel niet gesteld. Het „cente"-materialisme is den arbeider tamelijk vreemd. Hij strijdt voornamelijk voor vrijheid en recht. Daarbij vergelijke men eens den toestand in Duitschland (en Nederland! — Red.), waar de arbeiders alleen maar voor geld, en slechts zelden of nooit voor zulke bijkomstigheden als zelfbepaling, recht en menschelijkheid „gestreden" hebben, tengevolge waarvan zij behalve hun menschelijke waardigheid en ieder recht van zelfbepaling, ook nog hun bestaanszekerheid en brood hebben verloren. De geestelijke eigenschapen der spaansche arbeiders van stad en land beteekenen zonder twijfel een bijzondere begaafdheid voor revolutionnairèn strijd, zü zijn er een zekere waarborg voor, dat men hier niet halverwege zal blijven stilstaan. En de radicale revolutionnaire wil. waarvan ik spreek, is maar niet alleen aanwezig in een kleine secte, die eens wat veel van xich liet spreken, maar in een uitgesproken massabeweging,

die in de bedrijven, op het land, in de mijnen, haar stevige wortels heeft. Natuurlijk zijn niet alle arbeiders er van doordrongen, maar dan toch juist dat deel, waar het op aanktfrrit. De tegenwoordige revolutionnaire situatie in Spanje ontmoet dan ook ongetwijfeld een werkSijk revolutionnair proletariaat, dat den strijd niet vreest, maar er goed voor gewapend is.

Als een kleine, op propaganda aangewezen organisatie, haar organisatorische problemen te ernstig opneemt, ontstaat er een groteske tegenstelling tusschen de idee der beweging en de beteekenis van haar actie. Als echter een groote revolutionnaire volksbeweging haar organisatorische taak niet ernstig genoeg opvat, brengt ze het doel in gevaar. Het spaansche karakter zal altijd een neiging hebben zich tegen overdreven organisatie te verzetten, wat in vele opzichten zeer gezond aan kan doen, tegenover den duisteren ernst, waarmee zich b.v. duitsche arbeiders aan de een of andere onbenulligheid wijden, waarbij 7-Ü idee en taak volkomen uit het oog verliezen. Men kan in den spaanschen arbeider zijn vroolijke losheid en bewegelijkheid bewonderen, en zijn tegenzin tegen mechanische banden — maar toch ligt de groote oorzaak van de fouten van de spaansche revolutionnaire beweging, steeds weer in de desorganisatie. Die kan niet door terroristische doldriestheid worden vergoed. De

sociale revolutie vereischt een constructief programma, niet een plan van pijnlijk nauwkeurige bijzonderheden, — in Spanje zou zoo iets nog minder mogelijk zijn dan ergens anders — maar wel een, in hoofdlijnen duidelijk, voor ieder eenvoudig analfabeet begrijpelijk programma van de verovering der velden en bedrijven door de arbeiders; een programma, waarop alle kleine afzonderlijke bewegingen kunnen worden ingesteld, dat werkelijk in het bewustzijn der massa kan worden geprent, tot het in staat is aan den spontanen opstand der massa's richting te geven. Een vaste kern binnen de CNT. werkt met toewijding aan de taak het spaansche proletariaat te beïnvloeden en de wilde revolutionnaire schokken van het geheele land in een gemeenschappelijke richting te leiden. Dat is natuurlijk geen gemakkelijke taak.

De beste revolutionnaire wil van de een of andere minder-

By tal van menschen schijnt de opvatting te heerschen, dat men met den toestand in Veenhuizen vrede kan hebben. Een openlucht-gevangenis, den geheelen dag prettig buitenwerk in de vrije natuur, goede voeding, behoorlijke ontspanning enz., kortom een toestand die nu zoo bar kwaad niet lijkt bij al de misère in de maatschappij. Dat de dienstweigeraars daar dagelijks in de open lucht zouden werken is pure fantasie. Evenals overal elders moeten ze in stoffige zalen matten vlechten en touwwerk maken.

Om de geringste overtreding worden de jongens zwaar gestraft. Een jongen, die een staafje ijzer wat verbogen had (geen tralie) in een speelsche bui, werd gestraft met 14 dagen postonthouding. Een ander die een stukje trens had doorgeknipt (van het matten vlechten) met cachot en water en brood.

Byna geen enkele dienstweigeraar ontkomt aan deze willekeurige behandeling. Klagen ze bij den directeur, dan wordt hun straf meestal nog verzwaard. Bijna allen brengen hun straftijd voor een groot gedeelte door in de straf cel of cachot, met post. en kantine-onthoudng. Dat onder deze omstandigheden de stemming nog verbitterd wordt, ligt voor de hand.

Een buitengewoon sterk staaltje van bruut en willekeurig optreden gebeurde op 17 November door den werkmeester tegenover Theo Bode en Piet Hoogendoorn. Theo Bode had naar de meenin? van den werkmeester straf en een berisping verdiend en hii deed dit op zulk een brute, ruwe en onmenschelijke wijze, dat Theo Bode, die heusch niet voor een kleintje vervaard is, een zenuwtoeval en huilkrampen kreeg. Piet Hoogendoorn, die door de houding van het personeel toch al overspannen was, kon zich hierbij niet stil houden en nam het voor ziin zaalgenoot op. In felle bewoordingen verweet hii den werkmeester diens optreden. Dit was natuurlek de eer van d^n werkmeester te na en oogenblikkli.jk beval hij Piet H. „hem te volsren", wat deze echter weigerde. Een oogenblik later werd hij door nog twee bewakers weggehaald; de jongens op de zaal zaeren hem niet terug: 2 maanden postonthouding en strafcel, intrekking van alle gunsten.

Zoo is nu de daeeliiksche spheer waaronder onze gp van een kameraden hun 10 maanden vercreldincsstraf moeten doorbrengen. Terwijl ook al het andere onvoldoende is. Het hoofdmenu is stamppot, waarvan Roel de Haan schreef: ..Dat krijg je 's zomers en 's winters steeds hetzelfde: de groente is n.1. zoo dood cekookt dat je nooit weet wat je eet. er is maar één benaming voor: gras!" De eort wordt door hii na niemand gekreten. Het roepehrood, dat op zich zelf vrij eo-ed is, wordt door de meesten slecht verdraepn. De meeste jongens moptpn van hun ei een kantine-geld 5—7 po^d brood biikoonen. Luchten is zeer onvoldoende, tweemaal een half uurtje per dag. De hygiëne laat vpel te wenschen over.

Tot zoover het bericht.

Dat nu reeds langer dan een kwart-eeuw in Nederland dag in dag uit dienstweigeraars in de gevangenis zitten, is een schande voor het nederlandsche volk, voor de nederlandsche arbeidersklasse in de eerste plaats, die zich van dit beschamende feit veel te weinig rekenschap geeft, en het als vanzelf sprekend schijnt te aanvaarden in plaats er voortdurend tegen op te komen. Dit behoorde op geen enkele samenkomst van arbeiders verzuimd te worden. Want: de dienstweigeraars moeten vrij!

HET GAAT GOED

De colportage met ons blad is reeds op tal van plaasten ter hand genomen.

Rotterdam nam 100 colnortagenummers voor de

vergadering met Emma Goldman.

In Amsterdam verkochten twee geestverwanten

bii de Dafferaadsvercadering met Emma Goldman

85 exemplaren en kwamen te kort.

In Wormerveer, in Utrecht, in Hengelo gaan de

kameraden colporteeren.

Laat het niet aan enkelen over!

Doet het overal.

Colnortageprijs 5 cent. Voor de afnemers 4 cent. Bestellingen moeten uiterlijk Dinsdagavond ingekomen ziin bij Kam. Freek Spoor, Bestevaerstraat 146 ïï, Amsterdam West, Postrek. 119609.

heid kan nooit in een land een revolutionnaire situatie scheppen. Ook de mooiste „objectief" revolutionnaire toestand echter, kan uit zich zelf geen vruchtbare revolutionnaire beweging voortbrengen. Die kan slechts, in aansluiting bij de werkelijke psvchologische stuctuur van een volk, met moeizamen arbeid geschapen worden, waarbij in ieder land het zwaartepunt ergens anders ligt. Daarom kan

nooit door het preken van abstracte en onbegrijpelijke theorieën

of systemen van organisatie, een revolutionnaire situatie worden geschapen, maar moeten de vriiheidlievende krachten steeds het werkelijke leven zelf bestudeeren en begrijpen, teneinde in overeenstemming te komen met de werkeMik levende krachten en den gegeven toestand te beinvloeden.

In Spanie heeft in ieder geval het revolutionnaire anareho-syndicalisme het buitengewone voorrecht, te kunnen steunen op een goede traditie, op de stevige vergroeiing van de vrijheidlievende ideeën met groote deelen van het volk, en op een nationaal karakter, dat ermee in overeenstemming is. Bovendien bevindt het zich op het oogenblik voor een diepe revolutionnaire bewogenheid van het geheele land.

Zeker zal zich een spaansche revolutie nog minder dan eenig andere, naar een keurig van te voren uitgedacht plan richten, maar, meer dan eenig andere, zal zij bewust-vormende en opbouwende krachten noodig hebben. Uit den chaos van de kapitalistische ineenstorting kan en moet in Spanje het communisme ontstaan — en wanneer de krachten der CNT. in het bewustzijn van de groote verantwoordeliikheid van het spaansche volk tegenover de menschheid, aan de sociaal-revolutionnairen stormvloed een weg weten te wijzen en een constructieven inhoud weten te geven, dan zal de komende spaansche revolutie aan onze generatie in de geheele wereld het eerste voorbeeld geven van het optrekken van een groot volk naar het vrijheidlievend socialisme. hr.

(Speciale correspondentie voor De Syndicalist)