Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rEGEfi DE REACTIE! Slechts drie weken scheiden ons wan – den sen5en Juni. neemt maatregelen om te kunnen deelnemen aan de grootsche demonstratie te Amsterdam.

■het zal alleen slagen om een betere toekomst voor te bereiden, als het zich niet op :een zelfzuchtig standpunt 'stelt. Wanneer de heer Van Hoffen een werkman, een werkjongen aanstelt, gedraagt hij zich tegenover deze nieuwe kracht zóó, als ;zijn wensob, om ham over vijf-en-twin-tig ' jaar nóg als medewerker aan zijn bedrijf te hebbten, hem ingeeft. Op déze verhouding tot zijn personeel stelt hij boven alles prijs, allemaal samen medewerkers te zijn aan den vooruitgang van de fabriek. Daarom is ■noodig, dat de werkgever en het personeel langs alle rangen staan op de basis van wederzijdsche verantwoordelijkheid. En tegenover den huldigen roes van de arbeiders, die steeds meer loon en steeds meer vrijen tijd verlangen, past den fabrikant de leus: geen verminderde productie, maar hard werken in,alle geledingen en zuinig zijn om zoo veel, zoo goed en zoo goedkoop mogelijk voort te. brengen. Dan krijgt de malaise nooit vat op het bedrijf. De heer Van Hoffen meent, dat zijn geheele personeel, van den kleinsten jongen tot de procuratiehouders toe, eens van zin ■ is om met de directie samen te werken voor deze groote taak. Dat aan zijn fabriek waarlijk overal het gevoel van saamhoorigheid bestaat. Directie en personeel, bazen en werklieden ineen vriendschappelijke verstandhouding: samen een grap, als ’t te pas komt, en samen hard werken. Maar houdt hij den menschen voor willen we uit de crisis komen, dan moeten we op de halve centen letten èn op de verloren minuten, om de productie op te voeren. Hiertegenover, is er dan ook geen sprake van loonsverlaging, noch van ontslag, wanneer de toestanden dit niet absoluut onvermijdelijk maken. Onder deze omstandigheden is er voor ieder product altijd een markt te vinden; dat hangt alleen maar af van den prijs. En zélfs wanneer die prijs aanvankelijk de kostprijs moet zijn, is daar, door te trachten de onkosten te verminderen en de productie te vergrooten, toch nog weer winst te maken. Want de grens is nog niet bereikt. Er kan meer geproduceerd worden. De arbeiders zien de noodzakelijkheid hiervan in. Er wordt in deze fabriek, door een uitzonderingsvergunning, acht-en-veertig uur gewerkt. Op 24 April zou echter de vijf-en-veertig-urige werkweek worden ingevoerd. Bij een bespreking met de bestuurders van den Bond van fabrieksarbeiders, waarin deze werklieden georganiseerd zijn, bleek het inzicht te bestaan, dat de productie niet verminderd moet worden. De arbeidersafgevaardigden stemden er dan ook aanstonds in toe om de acht-en-veertigurige werkweek voort te zetten, onder zekere voorwaarden betreffende vacantie, waaraan de directie gaarne tegemoet kwam. De 1 Fabrieksraad woonde deze conferentie bij, en eenstemmig was zijn advies : de productie is belangrijk toegenomen; laten we dus zonder verandering zoo voortgaan. 'Alleen door steeds te trachten hef personeel meer interesse bij het bedrijf te geven : meent de heer ;Van Hoffen is dit, te bereiken. Inmiddels bleken er vijftig werklieden sinds Januari ontslagen te zijn. Wij moesten inkrimpen zei de directeur omdat de orders uitbleven. Maar wij ontsloegen alleen menschen, die niet mee konden j die in onze gelederen eigenlijk niet thuis hoorden. En nu wij goedkooper produceeren door ‘meer. te produceeren, en door de daling der onkosten ten gevolge van technische verbeteringen, gaan wij met moed voort tegen : lagere prijzen af te zetten. Wij staan nu weer op zeventig procent van de normale productie, en, blijkens de laatste berichten uit Zuid- en Noord-Amerika, zullen wij binnen enkele maanden weer op volle kracht werken. oor hef overgroote deel werkt de Hollandsche Draad- en Kabelfabriek voor export, overal heen, behalve naar Duitschiand en naar Rusland. Haar product gaat naar China, naar Australië, Engelsch■ Indië, naar de Nederlandsche koloniën,

Amerika, Scandinavië, Engeland... „Van geen exportmarkt zijn wij verdrongen, die niet kunstmatig afgesloten is, en wij hebben ons afzetgebied zelfs nog uitgebreid den laatsten tijd.” Het is een gelukkig verschijnsel, dat in geen der landen met lage valuta koper, katoen of rubber „groeit” De grondstoffen voor deze industrie zijn alle uit landen met gezonde valuta afkomstig. De groote concurrent is echter Duitschland, met zijn vrijere abeidsregeling en zijn lagere loonen door lage valuta* wat een verschil maakt met de loonen in deze nijverheid hier te lande van gemiddeld vijftien en gemiddeld veertig gulden per week. Het nadeel voor Duitschiand is echter de dubbele vracht heen en weer. Inmiddels zijnde prijzen, zoowel van rubber als van katoen en van koper, enorm gedaald. En hierdoor vooral ook konden de prijzen van het product aanzienlijk dalen. Het loon vormt in deze zoo economische machinaal ingerichte fabriek trouwens geen overwegenden factor. En zoo besloot de heer Van Hoffen ons gesprek -—• iedereen inde fabriek is doordrongen van de leuze: wij laten ons niet wegwerken ? Van den kleinsten jongen tot de directie toe bezielt de wil: wij gaan door. Als iedereen inde nijverheid dit begrip maar vasthield, was binnen een half jaar de crisis over de wereld gedaan. Maar de pessimistische fabrikanten en handelaars maken de koopêrs schichtig. Zij hebben geen zelfvertrouwen, en zonder, vertrouwen is er geen bedrijfsleven mogelijk. Terwijl een optimistisch vertrouwen ieder doel bereikbaar maakt. Waanneer er maar ontzettend hard wordt gewerkt. Hiertoe moet de patroon zijn hooge standpunt boven zijn werklieden verlaten. Hij moet inzien, dat iedere werkman in zijn fabriek net een niensch is als hij, met zijn fouten en zijn gebreken. Zoo moet de overeenstemming worden verkregen, die noodzakelijk tot de overwinning voert. „Helpt the other man”, moet zijn levensbeginsel zijn. En clan voor het geheele personeel; ons product, al wat wij maken, is standardkwaliteit. Ziet men zijn taak op deze wijze in, -dan ziet men ook uitkomst in deze wereldcrisis. Uit de Afdeeliagen. DORDRECHT. Hier is de Meiviering uitstekend geslaagd en we kunnen getuigen, dat ondanks alles, de arbeidersbeweging ongeslagen is en iets van haar invloed heeft verloren. De demonstratie op straatwas een beeld van rustige kracht en ook de metaalbewer, kers hebben het hunne er toe bijgedragen, om deze zoo grootsch mogelijk te doen zijn, door in groote getale op te komen, zich achter onzen banier te plaatsen en mede te demonstreeren. De toestand in onze industrie is ook van dién aard, dat onze leden zich wel eens degelijk rekenschap van hun positie moeten geven, daar alles er op wijst, dat, de werkloosheid in Dordrecht, welke al een grooten omvang heeft, zich aanmerkelijk zal uitbreiden. Deze werkloosheid zal zeer zeker door de werkgevers worden benut om de loonen te drukken. Reeds zijn op enkele fabrieken tariefsverlagingen ingevoerd, o.a. bij Lips en de firma Bekkers. De tariefsverlaging bij Bekkers is tot een actie dèr samenwerkende bonden, die tot nu toe geen positieve resultaten heeft kunnen opleveren, aanleiding geweest. Door den M«taalbond is een onderzoek in deze kwestie ingesteld. Het resultaat was, dat de Metaalbond ons berichtte, dat de vastgestelde uurloonen zouden worden uitbetaald. Dit brengt echter geen verandering inde tariefsverlaging, welke oorzaak is dat het weekinlcomen belangrijk zal dalen. We zullen nu de zaak nog eens met onze leden bespreken, en overwegen of we niet tot scherpere maatregelen, moeten overgaan. Als dit personeel tegenover de organisatie

ee n ander standpunt ingenomen en zich stevig georganiseerd had, dan zou die zeer zeker preventief hebben gewerkt, en zou de directie zich nog wel eens bedacht hebben, alvorens zij haar arbeiders een dergelijken knauw gaf. Intusschen zullen de arbeiders goed doen, uit deze ondervinding de les te putten, dat alleen toetreding tot de organisatie, hierin verandering kan brengen. Zij toch krijgen aan hun fabriek aanschouwelijk onderwijs. Laten ze maar eens naar de lithografen aan dezelfde fabriek' kijken, die overeen krachtige organisatie beschikken. Tegen deze menschen heeft de directie niet zoo’n grooten mond als tegen de blikslagers. Laten deze bedenken, dat wat die menschen met hun organisatie tot stand brachten, voor hen ook mogelijk is. Intusschen zullen we ons met de meeste kracht tegen dezen loondruk moeten verzetten. Paraat zijn, is dus de boodschap voor deze menschen. y. H, DEN HAAG. Het bestuur van den Haagschen Bestuurdersbond heeft een groot aantal automobielen gehuurd om de deelneming van de arbeiders aan de betooging tegen de reactie op 5 Juni te Amsterdam zoo groot mogelijk te doen zijn. De reiskosten per auto komen op f 2 of f 2.25 per persoon, hetgeen aanmerkelijk minder is als per spoor, zoodat wij mogen verwachten, dat de deelname van de Haagsche arbeiders groot zal zijn. Het behoeft geen betoog, dat het bestuur van dé afdeeling er op rekent, dat een zoo groot mogelijk aantal van onze leden met hun vrouwen of meisjes aan deze betooging deelneemt, vooral nu wij als metaalbewerkers met de 1 Meibetooging door onze massale opkomst ■ zulk een schitterend voorbeeld hebben gegeven. Wij vertrouwen, dat dit ook met de landelijke betooging zoo zal zijn. Vooral nu lief gaat tegen de reactie en véér de socialisatie,, moeten wijdoor onze opkomst toonen, dat wij als metaalbewerkers niet achter blijven bij andere groepen van arbeiders, maar dat het onze ernstige wil is, ons tegen alle reactie te verzetten. Komt, makkers, allen weer aan het werk, op dezelfde wijze als dit voor de Meibeiooging is geschied; al onze leden weer aange – spoord, de ongeorganiseerden niet te vergeten, dat zij medegaan, ook hun vrouwen (ook deze vooral niet vergeten). Laten de komende dagen weer zijn als yóór 1 Mei.! leder aan het werk voor de organisatie I wij blijven werken zooals de afgeloopen weken, dan krijgt men de beweging hef; niet alleen omdat men daardoor solidariteit en ontwikkeling aankvyeekt, maar dat men krijgt een kameraadschappelijke geest, tintelend van idealisme. Vrienden, in alle branches, op fabrieken en werkplaatsen, moet het parool inde , maand Mei zijn ; allen als één rnan op 5 Juni naar Amsterdam orn te demonstreeren tegen de reactie! Op voor de socialisatie! Weg met de reactie! , F. S. VEEN DAM. Lang en veel was er over gesproken ."'Totdat de zaak werd doorgezet. leder, (enkelen uitgezonderd, maar deze komen nog wel), gaf een gulden, een enkele meer, een ander iets minder; de afdeelingskas een bedrag er bij en ’t zaakje was klaar. ’t Geld was bijeen en ’t vaandel werd besteld. Het werd inde vergadering van 29 April door Wacht onthuld. Deze sprak zijn voldoening er over uit, dat de zaal zoo dicht bezet was, spoorde in ’t bijzonder hen, die meestal niet ter vergadering komen, aan, deel te nemen aan ’t werk der organisatie en wekte allen op, 1 Mei achter het vaandel te demonstreeren voor onze algemeene eischen. Waar nu ’t vaandel er was, moest er ook een kast komen. Hiervoor werd, staande, de vergadering, rïlim f 95 geofferd. Zij die nog niet hebben bijgedragen, zij medegedeeld, dat voor vaandel en kast door de leden, die hebben

bijgedragen, gemiddeld f 1.25 is geofferd. Er is nog een tekort, dat door de achterblijvers moet worden aangezuiverd. Den gevers dank, de werkers worden aangespoord te blijven werken voor de organisatie. In ’t vervolg moet elke vergadering minstens zoo goed bezet zijn als deze, tVooruit mannen! De Arbeidsgeschillenwet. Een paar maanden geleden is door de regeering bij de Tweede Kamer een wetsontwerp ingediend, houdende bepalingen tot bevordering van de vreedzame bijlegging van geschillen over arbeidsaangelegenheden en tot het voorkomen van zoodanige geschillen, kortheidshalve aangeduid met den naara van Arbeidsgeschillenwet. Blijkens de Memorie van Toelichting zijn het twee overwegingen, welke de regeering er toe gebracht hebben dit wetsontwerp in te dienen. Deze overwegingen zijn als volgt omschreven: „Werd dan ook reeds lang de behoefte gevoeld aan een meer doeltreffende wijze, om geschillen tusschen werkgevers en arbeiders te voorkomen en bij te leggen, de urgentie van dit vraagstuk komt in dezen tijd wel met bijzonderen nadruk naar voren. Immers zoowel de thans heersohendé duurte als het wijzigingsproces, dat bezig is zich inde structuur der maatschappelijke verhoudingen te voltrekken, doen de onderstelling niet gewaagd schijnten, dat de kans op een verscherping van den economischen belangenstrijd inde naaste toekomst allerminst denkbeeldig is.” En verder: „Wordt daarbij nog overwogen, dat de algemeene verarming aan goederen, welke de oorlog heeft te weeg gebracht, eten verstoring van den gestegen gang van het productieproces thans minder dan ooit gedoogt, dan dringt zich van zelve de noodzakelijkheid op vaneen regeling, waarvan met grond mag worden verwacht, dat zij voor de voorkoming en vreedzame bijlegging van arbeidsgeschillen belangrijk meer vruchten zal afwerpen dan de (hans geldende.” Het is dus esnerzijds de vrees voor groote conflicten op economisch gebied, anderzijds het feit, dat de verarmde maatschappij thans minder dan ooit een onderbreking der productie kan verdragen, die de regeering hebben bewogen met dit wetsontwerp te komen. Men onderscheidt drie systemen van regeeringsbemoeiing in arbeidsgeschillen. Deze zijn: ie. Bloote bemiddeling met stakings- en uitsluitingsyrijheid. (Dit systeem bestaat o. a. in Nederland, België, Italië, Engeland.) 2e. Opschorting van staking en uitsluiniet plicht om bemiddeling te beproeven. (Dit systeem bestaat o. a. in Canada, Noorwegen en Roemenië.) . 3e. Verplichte arbitrage,, met verbod van staken en uitsluiten. (Australië.) De regeering heeft aan het eerste systeem de voorkeur gegeven. De partijen zijn derhalve in elk opzicht vrijgelaten om al of niet van de bemiddeling' om een geschil te voorkomen of op te lossen, gebruik te maken. Het wetsontwerp berust op de volgende grondslagen: 1. De instelling van bemiddelingsorganen. 2. De regeling van de procedure en de rechtsgevolgen, indien partijen in gemeen overleg hun geschil aan een scheidsgerecht onderwerpen. 3. Het openen van de mogelijkheid van regeeringswege een enquête te doen houden naar de oorzaak vaneen conflict en de vraag, welke partij voor het ontstaan of voortduren daarvan in hoofdzaak verantwoordelijk is. Er komen in daarvoor aan te wijzen districten of in bepaalde bedrijven rijksbemid-

Sluiten