Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

30STE JAARGANG ZATERDAG 16 JÖNS 1923 No. 24

De metaaïDemerfcer

iUeekblad ban den JfEgetneenen nederlandscben llletaalbewerkersbond.

’l " REDACTEUR: G. VAN DER HOUVEN Arbeiders aller Landen Kennis Is macht, Vereenigt LL Adres van Redactie en Administratie* Hemonylaan 24, Amsterdam Eenheid kracht i . – Telefoon 2 6175 >——•

ABONNEMENT: oill , . „ .... „ . ADVERTENTIËN ... . , Stukken van algemeenen aard moeten uiterlnk Maandags, „ , , , n„n Bn vooruitbetaling per jaar. ... J J . f 1.50 „ , . & , . T,r , J ö Gewone advertentiën ..... per regel f 0.30 tt -n -j. 1 j . , . Bondsmeuws en advertentiën Woensdagsmorgens . , – „ Voor Buitenland verhoogd met porto. .... & ° Aanvragen voor personeel 0.20 Losse nummers 0.03 zyD mgevomen Afdeelingsadvertentiën . . . l l l . . , 0.20

OFLAAG 84,400 Officiëele Mededeelingen. Deze week wordt het contributiezegel op ie 24a week in het Bondsboekje geplakt. Het einde van de Terreur. Het conflict aan de Ned. Scheepsbomv-Mij. te Amsterdam behoort thans tot het verleden. Ineen door onzen Bond uitgegeven manifest, waarvan een afdruk in ons blad van de vorige week was opgenomen, heeft ons bondsbestuur een uitvoerige uiteenzetting gegeven van zijn handelingen in deze zaak. De leider van de Amsterdamsche afdeeling van de Landelijke Federatie van Metaalbewerkers, die door z’n onbekookt en onbesuisd optreden de geheele verantwoording draagt van alle gevolgen die uit dit conflict zijn voortgevloeid, die in z’n lust om, zooals hij het zelf schreef, ~de Algemeene Bond voor de consequenties te plaatsen’’, alles op haren en snaren zette om juist Ons te tarten, houdt zich onledig met tot inden treure te gewagen van de JudasFol die wij, gespeeld zoüdcn hebben door mede te werken dat het werk van de klinkers door menschen van buiten is overgenomen. Onze bondsieiding wist, alvorens zij tot verleening van die medewerking overging, heel goed dat zij daarmee den heeren van de Federatie Stof tot schelden en verdachtmakën zou leveren. De zaak van de honderdtallen arbeiders, die week aan week voor het genoegen van de Federatie en haar knokploegen döelloozé offers brachten, heeft ons-echter alle te verwachten verdachtmaking en laster doen trotseeren. Trouwens, ook al zouden we niet tot dat uiterste middel onze toevlucht hebben genomen, dan nog zou ons het geschreeuw van verraad niet zijn gespaard gebleven. Toen de heer Rosseau de troep onverantwoordelijke jongens eenigen tijd een zoodanige „opvoeding” had gegeven dat zij voor de zooveelste herhaling hun stakings-gymnastiek gingen beoefenen, is hij er te voren van overtuigd geweest dat de andere bonden zich niet achter dit relletje zouden plaatsen. Inde tweede plaats moet Rosseau geweten hebben, dat het herhaald optreden van de jongens geen resultaat zou kunnen opleveren. Dat hij, ondanks deze voor elk verstandig mensch zeer ernstige bedenkingen, zich toch tot leider van dit avontuur heeft opgeworpen, is wel het meest afdoende bewijs dat de ondergrond van héél z’n optreden wortelde in het verlangen om wat opschudding te maken tegenover ons. Vanaf den eersten dag van het conflict en reeds daarvoor, zijnde menschen vergiftigd door de misleidende uiteenzettingen die zoowel in woord als in geschrift ten beste gegeven zijn. Rosseau kón op z’n vingers uitrekenen, dat in dezen tijd de Metaalbond niet lijdelijk toeschouwer zou blijven en dus moest hij vanaf den beginne een bliksemafleider vinden waaraan hij z’n mislukt avontuur kon wijten. We zullen den stroom van scheldwoorden en verdachtmakingen kalm over ons heen laten gaan. De buitenstaander, die inde Kieening verkeert, dat het een doelbewust

optreden is geweest wat de andere werklieden bewoog om de daad van onverantwoordelijke jongens te steunen, heeft een heel verkeerden indruk van de mentaliteit die sedert jaar en dag aan de Ned. Scheepsbouw-Mij. heerScht. Elk optreden van de laatste jaren aan deze onderneming berustte op niets anders dan op geweld en uittarting. Eén aantal schreeuwers onder de klinkers heeft daar steeds met de dreigende vuist en ook wel erger, de goedwillende arbeiders, die het, jongenS-optreden beu waren, tot staking, gedwongen. Die niet meestaakte kon een pak slaag krijgen en louter de vrees voor molest vaneen troep knokkers heeft de andere menschen steeds aan elk avontuur doen deelnemen. Dat is ook de eenige oorzaak dat dit laatste hopelóoze avontuur nog zoo lang geduurd heeft. Onder de niet-ontslagen klinkers, aanhouders, hoorders etc., waren er .zeer veel die gaarne het wérk zouden hebben hervat als ze maar gedurfd hadden- Het was geen solidariteit met de ontslagenen welke die menschen buiten de poort, hield, doch uitsluitend de vrees voor mishandeling. Rosseau schrijft in z’n blad dat er, zelfs, als men dat gewild had, geen mishandeling zou hebben kunnen plaats vinden want dat de omgeving der werf door politie geheel afgézet was. Wat naïef van zoö’n man. Neen, in dé Onmiddellijke omgeving van de Werf; in Conrad- en Csaar Peterstraat, heeft mén de menschen niét kunnen mishandelen, maar men vervolgde hen tot aan hun woningen, men maakte het vrouwen en kinderen lastig, wierp ruiten in, mishandelde zóó dat de slachtoffers in het ziekenhuis moesten worden opgenomeh. Heel dit conflict is kunstmatig gedurende tien -weken in ’t leven gehouden, niet dóór overtuiging, dóch slechts door het schunnig, optreden van menschen die de eerste beginselen van fatsoen nog moeten leeren. Wij en de andere organisaties hebben medegewerkt om het werk, dat de Amsterdamsche arbeiders wel walden maar niet durfden opnemen uit vrees voor mishandeling, door arbeiders van buiten te laten uitvoeren. We hebben door die daad het terrorisme van de knokploegen willen breken en het is in het waarachtig belang der arbeiders geweest dat die opzet is geslaagd. We spreken nu nog niet eens over de veel. ergere gevolgen die in ’t verschiet lagen en waarmede de Metaalbond reeds gedreigd had, n.I. de uitsluiting van honderden arbeiders die het optreden van de Federatie evenals wij veroordeelden. Het is een hard middel geweest dat we hebben moeten toepassen maar het gesar, terrorisme en intimidatie wordt men, vooral als honderden daarvan het slachtoffer worden, eens moede. Aan fantasie ontbreekt het Rosseau overigens niet als hij over deze onaangename zaak schrijft, De menschen van buiten zouden volgens hem 50 pCt. boven het gewone loon ontvangen. De werkelijkheid is echter, dat zij op precies dezelfde voorwaarden werken als aan de N. S. M. gangbaar zijn. Iri Rotterdam zOU een plakkaat in ons stempellokaal hebben gehangen waarop werkwilligen voor Amsterdam werden ge.-

vraagd. ’t Is van weinig beteekenis overigens, maar het is gelogen, zooals zooveel gelogen wordt door de menschen die zich onafhankelijk noemen. En de heeren moeten zich niet al te veel voorstellen van de ontstemming die onze daad in eigen kring gewekt zou hebben, ’t Is waar, wij zien geen kans om ’t een ieder naar den zin te maken, daarvoor moet men bij de Federatie wezen, waar de bestuurders zich met elke gekke boodschap belasten. * * » We hebben nu het laatste bedrijf, van dit melo-dramatische treurspel genoten. De Federatie heeft door haar optreden een 370 slachtoffers gemaakt. Er is geen sprake van dat binnen afzienbaren tijd het personeel weer op een sterkte van 1600 man wordt teruggebracht. De toestand is zóó geworden, dat, naar we vernemen nog een aantal personen ontslagen zal worden, omdat op de nieuwe wrerf geen voldoende werk meer is. Dé bouw vaneen dok is door de staking vóór een jaar uitgesteld en een opdracht voor den bouw vaneen nieuw schip is er ‘niet door aanvaard kunnen worden. En dat alles om een loonsverhooging voor de jongens, welke onder leiding van de Federatie in October van het vorige jaar is weggestaakt. * * ». De arbeiders aan de Nederl. Scheepsb.- Mij. hebben nu eenige jaren genoten van de zegenrijke gevolgen vaneen tactiek die door de Federatie wordt voorgestaan en door haar als de eenig juiste wordt uitgekreten. Gedurende een reeks van jaren heeft de Federatie en haar aanhang op deZe onderneming gelegenheid gehad haar methode van werken te demonstreeren. Directe actie en lijdelijk verzet is er nu reeds bij herhaling gevoerd en, met uitzondering dan van het laatste drama, is onze houding steeds passief geweest. De geheele apotheek, samengesteld volgens de federatieve methode van artsenijbereiding, hebben de arbeiders van de N. S. M. geslikt. Hier is de vraag gewettigd, tot welk resultaat dit alles geleid heeft. Na zoovele syndicalistische avonturen zou het personeel wel ineen eldorado moeten leven. De arbeiders hebben niets dan nadeel van dit optreden ondervonden en daarom is het voor hen zelf te hopen, dat zij, geleerd door het laatste proefstuk, zich van de Federatie en haar terreur zullen ontdoen. De harde les zal dan tenminste nog tof stichting van eenig nut leiden. Strijd in aantocht. De georganiseerde werkgevers inde verwarmingsindustrie zijn niet bijzonder handelbaar. Terwijl de organisaties en ook de betrokken arbeiders zich bereid verklaarden de 48-urige werkweek en io cent loonsverlaging te aanvaarden, vonden de werkgevers dat niet voldoende en eischten minstens 15 cent verlaging. In laatste instantie, nadat reeds een ultimatum was gesteld, is de verlaging teruggebracht op 12 cent. Aan alles is natuurlijk een grens, ook aan het aanvaarden van loonsverlaging. Zoo zullen de betrokken arbeiders wel ge-

dadit hebben over het laatste voorstel der werkgevers. Het is wel typeerend dat deze werkgevers om een verschil van 2 cent een strijd riskeeren. Men zou dat verwijt ook den arbeiders kunnen maken, doch er zit wel eenig verschil in. Het voordeel is bij deze zaak geheel aan den kant der werkgevers en het nadeel alleen bij de werklieden. Daarbij komt nog dat het meerendeel der ongeorganiseerde werkgevers geen bezwaar heeft het door de organisaties gewensohte te accepteeren en enkelen zelfs meer aanbieden dan geëischt wordt. Het 'door de georganiseerde werkgevers ingenomen standpunt lijkt dus meerde machtskwestie stellen. Als men bedenkt dat de bouwvakarbeiders en ook de loodgieters – de meest aanverwante vakgenooten inde eerste klassegemeenten voor 85 cent gecontracteerd zijn, dan is ’t toch niet te veel verlangd als men voor de bekwaamste monteurs, inde verwarmingsindüstrie een zelfde loon vraagt. Intusschen is er geen overeenstemming bereikt, omdat de werkgevers niet verder willen gaan dan 83 ■— 68 53 cent, terwijl de betrokken arbeiders met niet minder genoegen nemen dan 85 —,70 -- 55 cent. Het gevolg hiervan zal zijn, dat a.s. Maandag de strijd uitbreekt bij de georganiseerde werkgevers die het verlaagde loon hebben aangekondigd en reeds een ultimatum hadden ontvangen. Het is te verwachten dat deze strijd een langdurige wordt; het gaat niet zoozeer om de knikkers dan wel om het spel. Volhouden is dan de boodschap. De invloed van den achturendag op ons sociaal leven. De modern-kapitalistische huishouding is een winsthuishouding, de voorziening in de behoefte is alleen middel tot het doel en daarom speelt de prikkel om te verdienen in het doen en laten der kapitalisten de hoofdrol. Eendoor de wol geverfde kapitalist wil geld verdienen en veel geld, hooge winsten en groote overschotten behalen. Aan dat doel is, volgens .hem, .zijn medemensch ondergeschikt; de onbeperkte niet te verzadigen geeuwhonger naar rijkdom drijft hem zoo noodig over lijken te loopen en alle geboden der menschlijkheid met voeten te treden, als hij maar zijn zucht tot verdienen kan botvieren. De geschiedenis van den arbeidsdag leert ons dat met schrikbarende duidelijkheid. Van beginne af, toen het kapitalisme op de vlakte verscheen, heeft het den, arbeidstijd op niets ontziende wijze verlengd en daardoor onnoemelijke rampen en ellende onder de arbeiders gebracht. Terwijl inde middeleeuwen de menschen ten hoogste 8 uren dagelijks werkten, werd nu de werkdag tot 16—17 en 20 uren uitgerekt. De uitvinding van kracht- en andere werktuigen, de verbetering der verlichting, de invoering van vrouwen- en kinderarbeid in Werkplaatsen, het ontbreken van organisatie der arbeiders en van sociaal gevoel bij regeeringen en andere autoriteiten, werkten dezen uitbuitingsdtang inde hand, zoadat hef kapitalisme

Sluiten