Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

30STE JAARGANG ZATERDAG 15 SEPTEMBER 1923 No. 37

De ületaalfceuierfcer

Weekblad mden fllgemeenen nederlandscften iDetaalbewerkersbonl

REDACTEUR: G. VAN DER HOUVEN . . Arbeiders aller Landen . Kennis Is macht, Vereenigt Uj Adres van Redactie en Administratie; Hemonylaan 24, Amsterdam Eenheid kracht – – – – 11 Telefoon 26175 –

ABONNEMENT; ~ . . . , ADVERTENTIËN • .... Stukken van algemeenen aard moeten uiterlyk Maandags, _ , , BH vooruitbetaling per laar. . , f 1.50 “ , . s . , J Gewone advertentiën per regel f 0.30 oy vuumwcm ug • * * * • • Bondsmeuws en advertentiën Woensdagsmorgens . 0 A Voor Buitenland verhoogd met porto, .. iri£r„. & & Aanvragen voor personeel .»••••.. 0.20 Losse nummers 0.03 J ë Afdeelingsadvertentiën 0.20

OPLAAG 34 400 Officiëele Mededeelingen. Deze week wordt het contributiezegel op de 37a week in het Bondsboekje geplakt. « « • Wij maken de leden van de afdeelingen UTRECHT en VEENDAM attent op de in dit nummer voorkomende advertentiën. * * » WAARSCHUWING. Het N. V. V. ontving deze week van Het Internationaal Verbond van Vakverenigingen de mededeeling, dat door de Fransche en BelgJlfche bezettingstroepen alles in het werk wordt gesteld om zooveel mogelijk nieuwe arbeidskrachten aan te werven om de plaatsen van de Stakende Duitsche arbeiders in te nemen. Het I. V. V. verzocht het N. V. V., de bij hem aangesloten organisaties hiermede in kennis te stellen en hun te vragen de arbeiders te waarschuwen niet naar het Roergebied te gaan. Door middel van 'dit bericht, waarschuwen wij onze leden daarom ten sterkste, onder geen enkel beding werkzaamheden in het Roergebied voor de bezettingstroepen te aanvaarden. HET HOOFDBESTUUR. Nieuwe actie tegen verlenging van den werktijd. Het bestuur van het N.V.V, heeft met het beleggen vaneen speciale hoofdbestu-- renvergadering ter bespreking van het •vraagstuk van de 48-urige werkweek een heel goed werk verricht. Voor ieder is het te zien dat we, voortgaande op den weg, dien de regeering thans heeft ingeslagen, de wettelijke 48-urige werkweek spoedig vaarwel kunnen toeroepen. De soepelheid, welke de Arbeidswet biedt, is door minister Aalberse en diens hoogere ambtenaren misbruikt voor doeleinden, waarvoor die soepelheid niet bedoeld was. In strijd dus, zooal niet naar den letter, dan toch in ieder geval naar den geest der wet, wordt een nieuwe koers ingeslagen, welke den arbeiders in dezen tijd van crisis noodlottig wordt. De ondernemers, vijanden vaneen korten werktijd als zij inden regel geweest zijn, benutten de tijdsomstandigheden om tot een blijvenden langeren werkdag te geraken. De regeering, die juist in zoo’n tijd de wet en haar strekking volledig moest handhaven, buigt voor de ondernemers en geeft een trap naar de arbeiders. De weinige lust tot strijdvoeren tegen ondernemers als Wilton en anderen wordt bovendien finaal kapot gemaakt door het fatalisme van de religieuze organisaties, die liever den kop inden schoot werpen dan met ons tot verzet aan te sporen. Met den 8-urendag gaat niet m de eerste plaats een materieel, doch voornamelijk een ideeël goed verloren, hetgeen op zichzelf al doorslaggevend moest zijn voor organisaties, die zich er voornamelijk op beroemen dat zij het ideeële voorop wollen stellen, om zoo groot mogelijken tegenstand te bieden. De regeering is nu allicht

geneigd om de protesten van de christelijke organisaties niet serieus te nemen. De buitengewone hoofdbesturenvergadering was belegd, eenerzijds om de dreigende vernietiging van de 48-urige werkweek onder het oog te zien en de middelen te beramen, welke als afweer dienstbaar gemaakt kunnen worden, anderzijds als inzet van nieuwe agitatie om de groepen arbeiders, welke nog altijd niet onder bescherming van de wet vallen, daarbij opgenomen te krijgen. Door Stenhuis, de Verbondsvoorzltter en Smit, voorzitter van den Handels- en Kantoorbediendenbond, zijn inleidingen gehouden en aan het einde van de vergadering is de volgende resolutie met algemeene stemmen aangenomen: De Buitengewone Algemeene Vergadering van het Nederlandsch Verbond van Vakvereenigingen, gehouden op 11 September 1923 te Amsterdam; overwegende, dat de 48-urige werkweek de waardevolste sociale hervorming, welke, dank zij de macht der arbeidersbeweging, de laatste jaren tot stand is gekomen, en een voorwaarde is voor de cultureele en intellectueels stijging der arbeidersklasse; met verontrusting kennis genomen hebbende van het schrijven van den Directeur-Generaal van den Arbeid aan den Algemeenen Nederlandschen Metaalbewerkersbond inzake de overwerkvergunning aan de firma Wilton; overwegende, dat in genoemd schrijven de vergunning niet wordt verleend op grond van opeenhooping van werk of, omdat zich in die onderneming bijzondere omstandigheden voordeden, doch op grond van mogelijk te verkrijgen arbeid, en inde verwachting, dat in andere landen de 48-urenweek blijft gehandhaafd, ook al wordt deze in ons land practisch opgeheven'; overwegende, dat zulks een principieele wijziging is der Regeeringspolitiek, die het gevaar schept van volledige opheffing van de 48-urenweek; overwegende, dat daarnevens de Regeering nalatig blijft, om de toepassing der wet uitte breiden tot alle groepen van loontrekkenden, welke inde wet zijn opgenomen, terwijl zij daarenboven op schromelijke wijze haar plicht, de wet te doen naleven, verwaarloost; overwegende, dat de arbeidersbeweging steeds de we 11 elij k e regeling van den arbeidstijd heeft geëischt, mede om te voorkomen da-t in tijden van economische depressie de ondernemersklasse de arbeiders noodzaakt wederom ineen langeren arbeidstijd toe te stemmen; constateerende, dat de huidige Minister van Arbeid in gebreke blijft de plicht van den wetgever, om de arbeiders in tijden van depressie te beschermen tegen de aanvallen der ondernemers, te vervullen, doch in plaats daarvan bereidwillig meewerkt aan de verlenging van den werktijd van duizenden arbeiders; spreekt als hare meening uit, dat het thans meer dan ooit tot de taak der vakbeweging behoort de 48-urenweek te handhaven en hare toepassing uitte brei-

den tot die groepen, waarvoor nog langeren arbeidstijd bestaat; wijst de Nederlandsche arbeiders er op, dat deze taak slechts vervuld kan worden, wanneer nevens de noodzakelijke versterking der vakbeweging de verschillende richtingen voor zoover zij beteekenis hebben, gesloten optreden; verklaart zich uit dien hoofde bereid tot eene samenwerking met andere vakcentralen, op den grondslag van het volgende program: 1. De vakbeweging zal inde bedrijven, waar een overwerkvergunning wordt gegeven, op dezelfde of soortgelijke gronden als waarop zij aan de firma Wilton is verleend, indien eenigszins mogelijk, de staking proclameeren; 2. Inde bedrijven, waar de 48-urenweek nog niet is ingevoerd, zal door de betrokken vakvereenigingen een sterke actie worden ingezet, om te pogen door de middelen van den vakvereenigingstsrijd tot invoering van de 48-urenweek te geraken; 3. In het land worden door de vakcentralen een reeks van protestvergaderingen tegen de huidige politiek van de Regeering inzake den arbeidstijd belegd ; 4. De afdeelingen van alle vakbonden in Nederland worden uitgenoodigd op hunne huishoudelijke vergaderingen tegen de gevolgde politiek ten opzichte van de overwerkvergunningen te protesteeren en dit protest ter kennis van de Regeering te brengen. De Algemeene Vergadering draagt het Bestuur van het N. V. V. op, zich tot andere Vakcentralen te wenden, om op dezen grondslag met het N. V. V. samen te werken; roept de arbeiders van Nederland op, door toetreding tot de moderne vakbeweging, het verzet der arbeidersklasse zoo sterk mogelijk te doen zijn en dooreen massale opkomst naar de demonstratie van N. V. V. en S. D. A. P. op 23 September, uiting te geven aan hun onverzettelijken wil, de 48-urenweek in Nederland te handhaven en voor zoover nog niet ingevoerd, in te voeren. Deze resolutie bevat dus, naast een openlijke bereidverklaring tot samenwerking, een plan van actie en agitatie en wij hopen, dat de voorstanders van den 8-urendag, die ook bij de christelijke organisaties en vooral bij de roomsch-katholieken zeer talrijk zijn, niets onbeproefd zullen laten, om den strijd voor behoud van den 8-urendag zooveel mogelijk te steunen. In dien strijd staan we voor een bepaald moeilijke situatie, omdat het tenslotte een christelijke regeering en een R.K. minister is, welke de overwerkvergunningen verleenen. De R.K. vakbeweging heeft Minister Aalberse gehuldigd als de man, die de Arbeidswet heeft ingediend. Hem nu te moeten aanvallen als de man die zÂ’n eigen werk afbreekt, is een weinig aangename plicht; dat is volkomen te begrijpen. Maar aan den anderen kant staat, dat het groote belang van de duizenden arbeiders niet kan en niet mag worden opgeofferd aan politieke over-

wegingen. Deze Minister van Arbeid heeft waarschijnlijk als mensch een heel goed hart dat warm klopt voor de nooden en behoeften der arbeiders, maar thans is hij ontegenzeggelijk een speelbal van de ondernemers, tot groot nadeel van de arbeidersklasse. Onze kameraden inden lande zullen onder hun klassegenooten met verdubbelden ijver moeten werken, om de liefde voor de 48-urige werkweek aan te wakkeren. Als ook de christelijke arbeiders de handhaving van de Arbeidswet ten volle eischen, zal het de Nederlandsche arbeiders niet moeilijk vallen om te overwinnen. Voorbereiding en Voorlichting. Blijkens een nieuw artikel inde ~Fabrieksbode” is de heer Stork nog steeds doende zijn arbeiders voor te bereiden op een nieuwe loonsverlaging. Dit geschiedt op dezelfde tendentieuze wijze als waaraan we zoo langzamerhand gewoon geraakt zijn. De heer Stork, die blijkbaar nog geen tijd en gelegenheid heeft kunnen vinden om zÂ’n onjuiste berekeningen, als waartoe hij inde „Fabrieksbode” van n Aug. j.l. kwam, te rectificeeren, gaat onderwijl, alsof er niets gebeurd is, doodleuk voort met zÂ’n arbeiders de grootstmogelijke eenzijdige voorlichting te geven en hij ontziet zich daarbij niet, zich vaneen aantal nieuwe onjuistheden te bedienen. Een enkel brokstuk uit het artikel zullen we overnemen: „Bij alle besprekingen inde bladen der vakvereenigingen over de middelen, welke door die bedrijfsleiders noodzakelijk worden geacht om tot verbetering der economische verhoudingen te komen, wordt de vraag gesteld: Waarom moet juist op de loonen bezuinigd worden ? Het is niet onbegrijpelijk, dat zij dit vragen, die geen wat ruimer inzicht in den aard der vraagstukken hebben, waarom het hier gaat, maar toch is de vraag onjuist.” Het is ons niet bekend w-elke vakbladen de heer Stork hier op het oog heeft. We wenschen echter op te merken, dat wij nimmer zoo naïef zijn geweest om de onnoozele vraag te stellen, waarom juist op de loonen bezuinigd moet worden. We stellen die vraag daarom niet, omdat het antwoord er op ons maar al te goed bekend is. De ondernemers moeten wel op de loonen bezuinigen, omdat ze te eigengerechtigd, te ■waanwijs, te vee! in Tiart en nieren kapitalist en te weinig gemeenschapsmensch zijn om zich terzake van bezuiniging op de productiekosten ook en inde eerste plaats in andere richting te oriënteeren. De firma Stork weet handig gebruik te maken van de ideeën harer werklieden. Regelmatig worden de arbeiders inde gelegenheid gesteld om vereenvoudiging van werkmethoden en soortgelijke bezuinigingsobjecten op gemakkelijke wijze ter kennis van de directie te brengen. Indien blijkt, dat hetgeen wordt voorgesteld van practische beteekenis is, wordt het te gelegener

Sluiten