Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Waar ’t om begonnen was. Kwaad geworden dooreen klap, dien Stenhuis den „revolutionnairen” heeft toegediend, maakt deze zelfde heer Harkema zich op om de wereld te vertellen, dat het eigenlijk alleen aan hem te danken is, dat de Rotterdamsche arbeiders in verzet zijn gekomen. Wij, die zoo happig op medezeggenschap zijn, zouden volgens dezen op het terrein der metaalindustrie beunhazenden propagandist den daadwerkelijken strijd liefst vermijden. En daarom zijnde N. A. S.- propagandisten, Nieuwenhuis eerst, Harkema daarna op de vlakte gekomen om de arbeiders aan te vuren en tot den strijd op te wekken. Om dat te bewijzen noemt hij een aantal data waarop hunnerzijds de arbeiders voor de fabriekspoorten zijn toegesproken. En dat deden zij heelemaal alleen, want van de andere organisaties was nimmer iemand aanwezig. Het is voor de weinige leden, die het orgaan van het N.A.S. regelmatig lezen, allicht van belang te vernemen, dat de heeren Harkema c.s. te Rotterdam geen voet aan den grond kunnen krijgen. Het N. A. S., terdege voelende de idiote verhouding dat zij ineen vitaal bedrijf als de metaalindustrie geen snars invloed heeft, zet alles op het spel om toch ook maar een graantje mee te kunnen pikken. Daarom alleen zijnde propagandisten, die, als ze een vergadering beleggen, kip onder hun gehoor krijgen, de arbeiders aan de fabriekspoorten gaan opwekken. Nu staat één ding wel onomstootelijk vast. Ga ineen middagschafttijd, waarin groote groepen arbeiders, die niet naar huis kunnen, hun tijd loopen zoek te brengen, inde omgeving van de fabriek staan spreken. Elet zou al heel gek moeten loopen indien niet eenige honderden arbeiders eens kwamen luisteren. Als er een handige marktkoopman met likdoornzalf ging staan, kreeg die zeker ook „stand”. We willen hier niet mee. zeggen dat propaganda voor de fabriekspoort verwerpelijk is. Maar ieder, die een klein beetje inde vakbeweging thuis is, weet heel goed dat je dit middel alleen toepast indien de menschen niet genegen zijn een vergadering op een ander uur en ineen zaal te bezoeken. Onze N.A.S .-vrienden hadden ondervonden, dat de Rotterdamsche arbeiders hen voor leege stoelen lieten spreken en daarom grepen zij dat andere middel aan. Dat was op zichzelf niet slecht gezien, maar Harkema moet nu niet zoo naïef doen om ons wijs te willen maken, dat hij alleen maar tot strijdlust wilde opwekken. Besteman, je deed het als ieder rechtgeaard propagandist, om leden te winnen. Ja zeker, het N. A. S. zal je naar Rotterdam zenden alleen maar om . . . strijdlust aan te kweeken en eensgezindheid te prediken. Ze hebben je noodigj Wat nu. ons zelf aangaat, ach, beste Harkema, ’t stond er zoo bij dat de metaalbewerkers te Rotterdam, als we ze opriepén naar de vergaderingen, niet op zich lieten wachten. Ze kwamen naar ons en ’t was dus niet noodig naar hen te gaan. Als ’t noodig geweest was, voorzeker, we zouden evenals jullie in arremoede gegaan zijn. Intusschen apprecieeren wijde hulp die de N. A. S.-propagandisten ons boden. Zij spraken zich in ’t zweet en wij schreven de leden in. Zoo vindt ieder z’n taak afgebakend. De massa niet, de massa wel. Voor de gebroeders Hordijk is de groei van onzen Bond vooral te Rotterdam maar ook te Schiedam, welke groei met de plaatsgevonden hebbende conflicten ten nauwste verband houdt, een bijna niet te verduwen feit. G. Hordijk is daarom doende om vanuit zijn gezichtsveld onzen groei voor zijn leden te verduidelijken. Heel wat leden van den Chr. Bond zouden natuurlijk liever met ons tégen Wilton en P. Smit strijd gevoerd hebben inplaats van als strijdbrekers tegen ons te zijn geëxploiteerd. En die leden begrijpen natuurlijk heel goed dat, als hun bond aan onze zijde zou hebben gestaan, er bij hen ook geen sprake van achteruitgang zou zijn. Intusschen moet Hordijk een verklaring geven en een „christen”, vooral een politieke christen, doet zulk met beroep op en verwijzing naar het Heilig Opperwezen. Hij schrijft dan in „De (Chr.) Metaalbewerker” van 14 Nov. j.1.: „Het succes van de stakingen te Rotterdam is een niet onbelangrijke ledenwinst voor den Alg. Bond. Naar men zegt zijn ongeveer 1500 nieuwe leden ingeschreven. Al is ook onze organisatie als gevolg van een en ander in ledental vooruitgegaan, zoover hebben wij het niet kunnen brengen. En zouden we zeggen natuur-

lijk niet. Immers moet nooit worden ver- j geten, dat wij zijn een christelijke organisatie, d. w. z. een organisatie van arbeiders, die God erkennen en naar Zijne geboden wenschen te leven en te wrandelen, ook op het terrein van het maatschappelijke leven. En waar die geboden vierkant tegen den geest dezer wereld en van den natuurlijken mensch overstaan, is het o zoo gemakkelijk te verklaren, dat het christendom nooit de vat op de massa zal krijgen, die verkregen wordt dooreen beweging, die van God en Zijn dienst niet weten wil. Op zichzelf ligt er dan ook niets ontmoedigends in als niet-christelijke bewegingen of organisaties grooter en machtiger zijn dan de christelijke. Want het is ons wetend dat we inde minderheid zijn en wel blijven zullen om die massa niet te doen. Wij kunnen de massa niet gebruiken, hebben aan haar niets. Maar daarom zou het ook zeer verkeerd zijn als we op de gunst van die massa speculeeren gingen. Wij kunnen haar toch niet geven wat ze vraagt en zoekt. Daar is dan ook in onze beweging en onze eigen organisatie geen plaats. Neen dat wede massa niet kunnen krijgen, ontmoedigt ons niet.” Dat G. H. hier het vat-krijgen van het Christendom op de massa vereenzelvigt met het vat-krijgen van zijn z.g. Christelijke vakbeweging op de arbeiders, och, voor deze zonde zal hij zich zelf moeten verantwoorden. Hij weet, zelfs nog beter dan wij, dat er duizenden arbeiders zijn, die met een vlammende liefde gelooven aan het bestaan van één Almachtig Opperwezen en walgen van het gebruik of liever misbruik, dat hij, ter wille van de bezitters, daarvan maakt. Daarom gaat het echter hier niet. Het gaat om het door ons gecursiveerde, n.l.dat hij de massa niet wil en zelfs verafschuwt. Hij acht die niet goed voor zijn organisatie. Inmiddels zij opgemerkt, dat wij niet gaarne den kost zouden geven hun die wèl lid van de Christ. organisatie maar toch geen Christen zijn. En G. H. zal zich nog herinneren het standje van bovenaf aan het adres van den Christ. Transportarbeidersbond, toen de Christ.- Havenarbeiders op advies van dien bond niet wilden werken toen er inde haven gestaakt werd. De hooge leiding, vriend G. H., was toen zeer boos, omdat jullie ~maar raak ingeschreven hadden”. Ineen ander, te Rotterdam verschijnend blaadje, uitgave van den Rotterdamschen Christelijken Besturenbond, eveneens van 14 dezer, gaat H. Hordijk tegen ons te keer. Hij beschuldigt bijna ieder, dat niet hard genoeg gewerkt wordt om een dam op te werpen tegen onze veldwinnende beweging. Ziehier hoe ver hij durft gaan in zijn beschuldiging, . maar ook wat hij denkt noodig te hebben voor dien op te werpen dam; „Hieraan zijn mede schuldig de opzieners van Christus’ kerk. Er is onderschatting van het geestelijk eri maatschappelijk gevaar, dat dreigt bij uitbouw der socialistische beweging. Daartegen een dam op te werpen, zal kunnen gebeuren door een sterke chr.-sociale beweging. Zal deze haar taak kunnen volbrengen, dan is daarvoor noodig medewerking uit alle christelijke kringen. Medewerking ook tot uitbreiding van het ledental. Het aantal is van groote heteekenis.” Ah zoo! Het aantal en een groot aantal. Een massa dus! Nu broer G. H. spuw maar op en broer H. H. lonk maar naar de rpassa. Voor een georganiseerde onderkruipenj leent die zich niet. De massa wil vechten, ja met ons, voor haar deel van de opbrengst der schoone en rijke van God verkregene Aarde! F. SP. Conflict bij De Nederiandsche Staalfabrieken v.h. J. M. de Muinck Keizer door concessies van de firma voorkomen. Reeds in ’t begin van dit jaar, is namens de samenwerkende organisaties door ons een schrijven gericht aan den Metaalbond, inhoudende het verzoek om bij de firma de Muinck Keizer den werktijd van 55 uur geleidelijk terug te brengen tot 48 uur per week. De verzoeken werden afgewezen en in verband met diverse omstandigheden werd besloten niet krachiger op te treden, maar af te wachten of met October de vergunning van 55 uur weder ongewijzigd zou worden verstrekt. In October kreeg de firma opnieuw voor een half jaar vergunning om 55 uur per week te laten werken. Opnieuw kwamen onze leden aandringen om de actie nu weder aan te vatten en werd er tevens aan toegevoegd: „ We zetten de actie niet meer stop vóór er resultaat is bereikt

Wij deelden het verzoek van onze leden, I om de actie opnieuw in te zetten, aan de andere organisaties mede en verzochten hun ons mede te deelen of wij ook namens hen de verzoeken konden indienen. Van alle drie organisaties ontvingen wij ! een bevestigend antwoord. Op 2 November 1925 verzonden wij een schrijven aan den 1 Metaalbond inhoudende de navolgende verzoeken: 1. Een geleidelijke inkrimping van den werktijd van 55 uur naar 48 uur per week met behoud van hetzelfde weekloon; 2. Een loonsverhooging van 10 pCt.; 3. Extra betaling van de overuren met respectievelijk 25, 50 en 100 pCt. Op Maandag 9 November vond de eerste conferentie plaats. Tot eenig resultaat werd niet gekomen, daar van de zijde van den Metaalbond deze bijeenkomst werd opgevat als te zijn een van inlichtend karakter, om daarna gelegenheid te hebben het besprokene in eigen kring nader onder het oog te zien. De tweede conferentie werd bepaald op Vrijdag 13 November. Nu werd inde allereerste plaats van de zijde der directie mededeeling gedaan inzake den toestand van het bedrijf, waaruit bleek, dat wa.ar het verlies over het boekjaar 1923/1924 f 208.000 bedroeg, dit over het boekjaar 1924/1925 was gestegen tot f 254.000. Op grond van deze verliezen, zoo werd betoogd, kon er van eenige verbetering van de arbeidsvoorwaarden geen sprake zijn. Na langdurige bespreking en het nog even afzonderlijk vergaderen van den directeur van den Metaalbond, het bestuur van de afdeeling Utrecht van den Metaalbond en de beide directeuren van de Ned. Staalfabrieken, werden de navolgende concessies gedaan; Voor alle werklieden inde fabriek werkzaam, wordt de werktijd met ingang van 26 November a.s. teruggebracht van 55 op 53 uur per week met behoud van hetzelfde weekinkomen in dier voege, dat voor de herleiding van de uurloonen deze worden vermenigvuldigd met den factor 561 gedeeld door 54i (561 is 55 uur plus i| procenturen; is 53 plus ij procenturen). Bovendien is overeengekomen, dat de vacantiedagen en de christ. feestdagen vergoed blijven met 100 pCt. en dat voor de overuren 25 pCt. en voor de z.g. verschoven uren 12\ pCt. extra loon zal worden betaald. Inde gehouden personeelledenvergaderingen werd besloten deze voorwaarden te aanvaarden. Naar wij vernemen bij de K.C.N.-organisaties met algemeene stemmen. Bij ons met 67 tegen 32 en 2 in blanco uitgebrachte stemmen. Ons ledental is gedurende deze actie niet onbelangrijk uitgebreid. Aan onze. oude garde en vertrouwenslieden de taak, de nieuwe leden voor onze organisatie vast te houden en nog steeds voor verdere uitbreiding zorg te dragen. B. Nog een conflict te Utrecht voorkomen bij de Naaml. ¥enn. Drakenburgh voorheen Rennes. Bij deze firma was de werktijd ’t vorige jaar 55 uur per week, in het begin van dit jaar bracht de nieuwe vergunning dezen werktijd terug op 54 uur per week. Een ernstige poging van onze en de R.-K. organisatie om dit uur loon niet op het weekloon in mindering te brengen, werd niet ingewilligd, mede onder, het motief, dat de organisaties zich maar niet tegen een 55-urige werkweek moesten verzetten. De nieuwe overwerkvergunning, nu in November deze firma verleend, gaf wederom een werktijdverkorting aan en bracht deze op 53 uur per week. En weder werd ook dit uur loon op het weekloon gekort. Opnieuw stelden de organisaties het verzoek, thans echter met den dringenden wil van het personeel daar achter, dat als eisch werd gesteld: i i°. dat het uurloon verhoogd moest worden, zoodat hetzelfde weekloon bereikt zou worden als voorheen in 55 uur en I 2°. daarnaast een reeds lang bestaanden toeslag van 5 pCt. bij het uurloon te I voegen. Ook hier is het gelukkig niet tot een conflict behoeven te komen, daar inde conferentie op Vrijdag 13 Nov., waar de actie betreffende de Muinck Keizer gesproken werd, voor deze firma werd overi eengekomen: x°. In verband met het terugbrengen van den werktijd van 54 op 53 uur per week wordt het uurloon aldus herleid, dat thans in 53 uur hetzelfde weekloon zal worden be, reikt als voorheen in 54 uur. j 20. De nog steeds bestaande 5 pCt. toeslag wordt in uurloon omgerekend en bij i het bestaande uurloon gevoegd.

Hadden wij liever gezien, dat ons verzoek ten volle was ingewilligd geworden, zoo waren toch onze leden van oordeel, dat voor het uur, dat in Januari van dit jaar reeds was losgelaten, nu niet het conflict op de spits moest worden gedreven, vooral ook omdat aan het tweede verzoek, omzetting van den toeslag in uurloon, was tegemoet gekomen. B. Uit de Afdeeiingen. AMSTERDAM. Een belangrijke vergadering. Wij maken er onze leden op attent, dat op Maandag 30 November a.s., des avonds 8 uur, in Believue een groote openbare vergadering zal worden gehouden, waar als sprekers zullen optreden J. W. Albarda en E. Kupers. Op deze vergadering zullen onze eischen, gesteld op het Haagsche congres, worden uitgedragen en het is de plicht van onze leden aanwezig te zijn. Maar tevens is hier een mooie gelegenheid tot propaganda. Wekt nu eens collega’s in uw omgeving op, met u mede te gaan. Het is goed, dat zij eens onder het gehoor komen van onze voormannen en uw propaganda zal er door vergemakkelijkt worden. Houdt dus dien avond vrij en zorgt dat zooveel mogelijk uwer kameraden, behalve u, daar aanwezig zijn. * * Een boek dat ieder zich moei aanschaffen. In verband met de herdenking van het 20-jarig bestaan van het N. V. V. zal dit lichaam een boek uitgeven, getiteld: ~.De geschiedenis der zelfstandige Vakbeweging in Nederland”. Dit werk zal verschijnen in 2 deelen, elk van pl.m. 500 pagina’s en verlucht worden met talrijke portretten van onze voormannen, terwijl aan de uitvoering de meest mogelijke zorg zal worden besteed. En de .prijs voor zulk een standaardwerk, zult ge vragen ? Vrienden, die valt buitengewoon mee, namelijk f 7 voor de beide deelen. Dat is voor dat werk een spotprijs. En om het nu zoo makkelijk mogelijk te maken kan men het krijgen op afbetaling. Wanneer u b.v, de volgende week bij den bode of op ons kantoor bestelt, begint u meteen wekelijks een bedrag te storten van b.v. f 1 per week. Het eerste deel verschijnt reeds in Januari 1926. U krijgt dit dan direct toegezonden en inmiddels is het toch al haast betaald. Komaan, vrienden, laat het bestellingen regenen. leder die belang stelt in onzen strijd, koopt dit boek. v, Z. , * * * De Gemeente-Arbeidsbeurs te Amsterdam (met inbegrip der met het Gemeentebureau voor Beroepskeuze verbonden Jongeliedenafdeeling) boekte over de maand October 1925 voor het Metaalbedrijf 3000 aanbiedingen van werknemers,551 aanvragen van werkgevers en bracht 330 plaatsingen tot stand. Op het einde der maand stonden nog als niet geplaatst: ingeschreven 2080 werkzoekenden tot genoemd bedrijf behoorend. jf. * * ~De Nieuwe Gedachte.” Zondag 22 Nov., des morgens half elf, bijeenkomst in Centraal-Theater, Amsteistraat. Spreker: J. C. Wannée. Onderwerp: „Schuld.” ■¥■ * ■Religieus=Socialisüsdi Verbond, Zondag 22 November 1925, des morgens om io| uur, zal in het Odd-Fellow-Huis, Keizersgracht 428, spreken : Dr. P. Eldering van Rotterdam. Onderwerp; „Haat, Nijd en Liefde inden Socialen Strijd”. Muzikale medewerking van Mejuffrouw, Carla Simons, piano. ROTTERDAM. Tentoonstelling Instituut voor Arbeidersontwikkeling.,ln aansluiting op een voorgaand bericht dienaangaande kunnen wij thans nog het volgende mededeelen omtrent de door de afdeeling Rotterdam van het Instituut voor Arbeidersontwikkeling te organiseeren tentoonstelling. De tentoonstelling wordt gehouden inde tentoonstellingszaal van de Gemeentebibliotheek, Ged. Botersloot en wel vanaf Woensdag 25 November tot en met Zaterdag 5 December.' De officieele opening zal plaats vinden op 25 November, ’s namiddags 2 u. Daarna zal de tentoonstelling tot 5 December geopend zijn, des namiddags van 2—5 uur en ’s avonds van 7—9 uur. Tentoongesteld zullen worden: Boeken, Kunstnijverheid en wandversiering. De tentoonstelling zal betreffende de boeken als volgt worden in gedeeld: 1. Oorspronkelijk en vertaald werk, onderverdeeld i :a. roman, vertelling, reisbeschrijving; b. gedichten; c. tooneelwerken, 2. Het kinderboek, ingedeeld volgens leeftijd-

Sluiten