Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heel de moderne vakbeweging, hebben wij steeds de hulp en den steun dier pers genoten. Indien van „Standaard”, „Nederlander” enz. enz. hetzelfde kon worden gezegd, zouden we daaruit noodwendig onze conclusie hebben te trekken. Maar deze bladen en overigens alle andere die de burgerlijke politiek, hetzij christelijk of niet-christelijk, steunen, zijn uit den aard van hun wezen wel verplicht om het kapitalistische productiesysteem als eenig en onfeilbaar en soms als door God verordineerd, aan te prijzen en te verdedigen. Wij steunen de socialistische pers om het belang der arbeiders te dienen, maar dat we daardoor een socialistische vakbond zouden zijn, kan slechts worden volgehouden door hen die kwaad opzet met deze benaming voor hebben. ’t Is nog altijd zoo, dat wij niemand die bij ons komt op formules toetsen en evenmin stellen wijden eisch aan onze leden of nieuwe leden, dat zij het socialisme zullen belijden. G. H. schrijft ook nu weer, dat de socialistische pers „onze” d.w.z. de christelijke beginselen bestrijdt en de christelijke traditiën van ons volksleven tracht te ondergraven. Wat het eerste betreft constateeren wij bij herhaling, dat bij ons nimmer de christelijke beginselen worden bestreden en evenmin geschiedt dat inde socialistische pers. Bestreden wordt de christelijke politiek, door onze officieele christenen van Nederland zelf gefabriceerd en onder het etiket van „Gods-ordonnantiën” opgediend. Eigen maakwerk van menschen, die niets minder zondig zijn dan allen, .'.ie 1 weigeren zich bij het kapitalistische stelsel neer te leggen. En wat de „christelijke traditiën van ons volksleven” betreft, daarover moet Hordijk nu maar liever het zwijgen bewaren. Aan die traditiën hebben onze officieele christenen zelf zooveel gekneed, geschaafd en gepolijst, dat het vroegere haast niet meer te herkennen is. Behoorde het met eenmaal tot de traditie staking als zondig tegen God, maatschappij en gezin af te schilderen? Thans staken onze christelijke vakbonden als ’t in hun kraam past, er lustig met de „socialisten” op los. Op grond van Gods woord en christelijke traditie vond Kuyper het huismanskiesrecht uit en verzette men zich tegen algemeen kiesrecht. Dat alles verdween later en de menschen der christelijke volkstraditie hebben zich met het paganistische kiesrecht voor mannen en zelfs o heilige traditie voor .vrouwen verzoend. Het millioen dat Hordijk gelegenheid gaf nog weer eens een ouden paradeknol van stal te halen en nieuw op te tuigen, hopen wij te zien aangewend om het echte christelijke ideaal van het woord tot de daad te brengen. Desgewenscht willen we daarover met Hordijk nog wel eens van gedachten wisselen. Een slimmerd. (Vs.) In het 13 October-nummer van ons blad is een overzicht verschenen van de inschrijvingssommen voor den bouw vaneen polilievaartuig. Uit dal overzicht bleek, dat de hoogste inschrijfster f212.000 of 31 pCt. meer vroeg dan de laagste inschrijfster. Onze redacteur wees er toen nog op dat niet alleen de loonen yn de overige arbeidsvoorwaarden een factor van beteekenis waren, doch dat de arbeidsverhoudingen en de algemeene bedrijfsinrichting zeker ook een woordje meespreken. De Rotterd. Droogdok-Mij., de laagste inschrijfler, staat met haar loonen heel wat hooger dan andere in dat staatje genoemde firma’s, terwijl deze toch voor een veel hooger bedrag inschreven. Ook andere bladen schijnen aan deze inschrijving hun aandacht te hebben geschonken. De R. K. Volkskrant, die daartoe behoort, is eveneens met de beschouwing gekomen volgens welke alleen de organisatie en de bewerktuiging der ondernemingen benevens het arbeidsvermogeri van het personeel dit frappante verschil kunnen verklaren. De redactie van jlat blad beziet die zaak dus uit denzelfden

hoek waaruit onze redacteur haar heeft waargenomen en waaruit wij haar ook zien, In zulke beschouwingen ligt echter een vermaning voor de werkgevers opgesloten. En wel deze: Staar je niet blind op het arbeidsloon, tracht niet op elke manier de positie van uw arbeiders te verslechteren, doch schenk uw volle aandacht aan uw bedrijfsinrichting. En deswege heeft de redactie van „De Nederlandsche Werkgever” gemeend in haar nummer van 6 December, zeker bij wijze van St, Nicolaasverrassing, ook het een en ander van dit geval te moeten zeggen. Maar, we zeggen het maar bij voorbaat, onze zienswijze kan ze niet deelen. Kun je denken! Ze begint dan met te vragen of de Volkskrant (over ons blad spreekt ze niet) in ernst kan gelooven dat een onderneming, die 20 pCt. hooger loonen uitkeert dan de hoogste inschrijver, op een werk waarvoor deze laatste ƒ 590.000 berekent, ƒ 212.000 lager zou kunnen gaan uitsluitend of hoofdzakelijk als gevolg van een betere bedrijfsinrichting en grooter arbeidsvermogen van het personeel. Gelooft het maar niet hoor!, zoo roept ze tusschen de regels door en vervolgt dan : „Er is een veel eenvoudiger, veel meer aannemelijke verklaring voor dit groote prijsverschil. Onder de inschrijvende ondernemingen waren er heel wat die niet voor hun pleizier zoo laag mogelijk inschreven, maar omdat zij zelfs met opoffering van alle winst, desnoods ten koste van verlies, per se aan het werk wilden blijven. Het loonpeil, de outillage en hef arbeidsvermogen van het personeel hadden daarmede bitter weinig uitte staan.” Ja, lezers, ’t staat er heusch I Maar ’t wordt nog mooier als wij verder lezen. „Alleen kan men aannemen dat de werven, waar de hoogste loonen worden betaald en die uit dien hoofde het moeihjkst kunnen concurreeren, het meest behoefte hebben aan werk om aan den gang te blijven en dus geneigd zullen zijn zoo laag mogelijke offertes te maken.” Als wijde lijn in deze alinea getrokken consequent zouden dóórtrekken, zouden wij tot de slotsom moeten komen, dat de prijzen lager kunnen worden naarmate de loonen stijgen. De redactie van „De Nederlandsche Werkgever” wil dit natuurlijk niet zeggen, doch haar gekant zijn legen behoorlijke loonen brengt haar er toe dergelijken nonsens neer te schrijven. De hooge loonen en niet de betere bedrijfsinrichting worden hier ten toon gesteld als de oorzaken die tol lage inschrijfsommen leiden. Om dan straks zooveel te harder te kunnen roepen dat het de organisaties zijn die door het drijven naar hooge loonen de oorzaak zijn dat er geen centje winst wordt gemaakt, waardoor de industrie te gronde gaat. Wij zouden nog één vraag aan „De Nederlandsche Werkgever” willen stellen om dan afscheid van het blad te nemen. Waarom stellen diezelfde hoogef ?) loonen, die het mogelijk (of noodzakelijk) maakten dat de R. D. M. voor zoo’n laag bedrag inschreef voor den bouw van het politie-vaartuig, onze Nederlandsche industrieelen niet inde gelegenheid om ook legen het buitenland te concurreeren, wat toch, gezien het slot van u.w artikel, niet het geval is? Onze lezers gelieven zich intusschen de vraag te stellen of de buitenlandsche ondernemers ook juist ten gevolge van het betalen van hooge loonen in sommige gevallen Tin staat zijn om Nederlandsche schepen goedkooper te bouwen dan wij het wenschen te doen. Zij stellen zich dan echter tevens de vraag of een redacteur vaneen werkgeversblad, die ineen artikel, waarin hij schrijft over kostprijs en inschrijvingsprijs, niet erkennen wil dat de bedrijfsinrichting een zeer voorname factor is inde concurrentie, geen praatjesmaker is. De derde vraag, of zij, gezien de mentaliteit van de penvoerders der werkgevers, niet hun uiterste best hebben te doen om onzen Bond zoo sterk mogelijk te maken, volgt dan wel vanzelf. Reorganisatie van het Internationale Secretariaat. 11. Het gaat er dus maar om wat men van hel secretariaat verwacht. Ik heb met eenige van m’n collega's over deze zaak gesproken en mij ten slotte op het volgende standpunt gesteld: Wanneer het de bedoeling is het secretariaat meer statistisch- en sociaal-economisch werk te laten doen, dan kan ik mij er mee vereenigen wanneer het centraalcomité of hel congres een besluit in die richting mocht nemen dat tot het benoemen

vaneen economisch onderlegd iemand wordt overgegaan. Wanneer deze dan echter meer moet publiceeren dan tot nog toe gedaan wordt, dan beteekent dat direct, dat de contributies verhoogd zullen moeten worden. Wanneer hij echter alleen tot taak krijgt de literatuur der metaalbewerkers te bestudeeren en de verschillende productie-methoden na te gaan, om daarover in het kort verslag te kunnen doen, dan is het niet noodzakelijk de contributies verder te verheugen, omdat we door de ledenwinst reeds dit jaar meer inkomsten hebben. Voornamelijk de Duitsche Metaalbewerkersbond is sterk gegroeid, wat zeer verblijdend is. Dit is, open en eerlijk, mijn meening. Zonder met mijn persoon rekening te houden, kunt u, wanneer u dit voor noodzakelijk houdt, tot het aanstellen vaneen vasten secretaris overgaan. Persoonlijk vind ik dat niet noodzakelijk, maar ik wil graag aan m’n collega’s in het centraal bestuur overlaten, daarover een beslissing te nemen. De bewering echter, dat de Bond er tot nu toe niet in geslaagd is zijn taak als internationale organisatie te vervullen, wijs ik zeer beslist af. Kameraad Kjerböl, Denemarken, zei het volgende: Het lijkt mij, dat er geen bepaalde aanleiding is tot het aanstellen vaneen secretaris in vasten dienst over te gaan, in ieder geval niet zoolang Konrad lig zelf meent, naast zijn andere werkzaamheden het werk dar het Internationale Secretariaat van hem vraagt, aan te kunnen. Wij worden altijd over allerlei zaken goed ingelicht. Wanneer ik dan ook een critische opmerking zou willen maken, dan is ’t wel deze, dat wij niet te weinig, doch eerder te veel materiaal toegestuurd krijgen. Ik ben het verder niet eens met onze Hollandsche kameraden, dat er geen voldoende contact zou bestaan tusschen het secretariaat en de afzonderlijke organisaties. Ook het „Mededeelingsblad” lijkt mij uitstekend geredigeerd. Wanneer verschillende landen niet meewerken en geen copy sturen, dan kan dat onmogelijk lig aangerekend worden. Naar mijn meening moet het „Mededeelingsblad” een weerspiegeling zijn van de verhoudingen inde metaalbewerkersorganisaties van de verschillende landen. De persberichten van het I.V.V. en het „Mededeelingsblad” van onzen 1. M. B. bevatten voor de leiders van de landelijke organisaties m.i. voldoende materiaal. Kameraad Stein, Oostenrijk: Ik ben er van overtuigd, dat ook Holland niets op het werk van lig heeft aan te merken. Velen zouden echter graag zien. dat de Bond meer naar buiten trad. De tekst van hel voorstel moet echter tot misverstanden aanleiding geven. Het zou toch immers te wenschen zijn, dat de werkzaamheden van het secretariaat onder leiding van lig zouden kunnen worden uitgebreid. Een uitbreiding zal echter niet onmiddellijk rijke vruchten af werpen. Wanneer we twee of drie nog zulke flinke secretarissen zouden hebben, dan zou het nog niet mogelijk zijn alle Engelsche organisaties tol aansluiting te bewegen. Er spelen zich inde wereld groote dingen af, waarvan de pers ons iederen dag op de hoogte houdt. Dingen, waarover we regelmatig ingelicht moeten worden. Maar beter dan welke econoom ook, zal dat de landelijke organisatie kunnen doen. Wel kan men van meening zijn dal hel „Mededeelingsblad” eendsoort tijdschrift moet worden. Een standpunt, dat volkomen gebillijkt kan worden. Maar hierover werd tot nog toe niet gesproken. Het „Mededeelingsblad” heeft nu nog tot opgave verslag uitte brengen van de werkzaamheden binnen de landelijke organisaties. Dit werk is goed en noodzakelijk, maar kan alleen dan worden verricht, wanneer de organisaties de noodige copie leveren. Het uitvoerend comité zal zich echter met de vraag moeten bezig houden hoe het secretariaat zal moeten worden uitgebouwd. Wanneer het voorstel van Danz bedoelt de werkzaamheid van het bureau te vergroeien en zijn invloed te versterken, dan kunnen wij ons daarmede vereenigen. Kameraad Reichel, Duitschland; Het uitvoerend comité zal zich verder kunnen beraden over de vraag of het bureau moet 1 worden uitgebouwd. Kameraad lig heeft verklaard, dat zijn bond hem niet wil laten gaan 'en wij willen hem evenmin missen. Zeker is dat wij op den duur niet buiten een bezoldigd secretaris zullen kunnen. Maar we zijn het er over eens, dat de werkzaamheid, die de Bond zal kunnen ontwik■ kelen, afhankelijk is van de organisaties 1 waaruit hij samengesteld is. Versterking van het ledental is dringende eisch en daarl om had men reeds eerder moeten probeeren met de Engelsche organisaties contact te j krijgen om hen te bewegen zich bij ons aan te sluiten. : Wij zullen nu zien welk resultaat ons de t zitting van Donderdag a.s. brengt.

Een secretaris in vasten dienst van het centraal bureau zou beter in staat zijn, met al die organisaties, welke nog niet bij ons zijn aangesloten, contact te krijgen ; maar toch speelt dit niet zoo’n groote rol. Ame-. rika levert ons het bewijs, dat we niet direct boomen uit den grond kunnen laten verrijzen, maar dat we ons eerst met bescheidener gewassen tevreden zullen moeten stellen. De tijd zal komen, dat we van hei bijbaantje, dat het vervullen van het secretariaat nu nog is, geen vaste betrekking maken. De beschikbare middelen laten niet toe dat reeds nu te doen. Wel is het mogelijlj onder de tegenwoordige omstandigheden een flinke hulpkracht aan te stellen. Deze hulpkracht zou dan het materiaal voor opstellen in het „Mededeelingsblad” (b.v. over de ontwikkelingstendenz) kunnen verzamelen en bestudeeren. Het behoeft niet bepaald een econoom te zijn. Ook een flinke kerel, die de beweging kent, zou dit werk kunnen doen. In dien zin moet de zaak in het uitvoerend comité worden besproken. Kameraad Domes, Oostenrijk en Labe, Frankrijk, zijn eveneens van meening, dat lig een medewerker naast zich moet hebben. Kameraad lig, secretaris: Resumeerend kom ik tot de slotsom, dat het de meening van de vergadering is, dat het uitvoerend comité zal hebben na te gaan of het noodig en mogelijk is een goede hulpkracht aan te stellen. Mocht dit inderattd zoo zijn, dan heeft hel comité volmacht tot hel aanstellen vaneen hulpkracht over te gaan. Aldus gewdjzigd breng ik het voorstel van Holland in stemming. Dit wordt hierna met algemeene stemmen aangenomen. Langs Noord en Merwede, (L. Sm.) Er waren wat verwikkelingen gaande in verband met het verzuimen en inhalen der uren wegens stopzetting der bedrijven op 24 en 31 December. Terzelfder! ijd kwamen storm en hoog water, schade en last veroorzaken. Het water stond van Gorinchem tot Nw.-Lekker!and hoog tegen den dijk en de wind beukte legen ramen en deuren. De werven en werkplaatsen liepen onder water en door dit alles werd nieuwe schade ook voor de gezinnen veroorzaakt. De electrische centrale te Dordrecht, welke ook onze streek van stroom vóórziet, stond wegens het hooge water ook stop, met het gevolg dat vele ondernemingen een dag of langer niet konden werken. Is dat bedrijfsrisico of is het risico van den arbeid ? Bij ons beteekent dat verzuim voor de arbeiders en idem zooveel uren loonderving dus, een strop voor het gezin. Daarbij voor velen de kelder vol water en de aardappelen’ van den akker uit den kuil gespoeld, om nog maar niet te spreken van stukgeslagen kippenhokken. ’ Een eigenaardige situatie heeft zich nu ontwikkeld. < Op vele werven worden thans uren in „voorraad” gewerkt om die beide Maan-' dagen in te halen. De feestdagen worden hier nog niet duurbetaald en aangezien dit, er thans drie zijn, is dat een groot finan-p cieel nadeel voor de gezinnen. Willige, voor dit speciale doe! gevormde fabriekscommissies bewerken voor hun, meesters sparen voor de feestdagen en inhalen van uren. Daarboven worden dan nog speciale uren ingehaald voor die twee Maandagen. Moet bij dit alles nu nog worden gevoegd het inhalen van de uren die wegens hoogen waterstand zijn verzuimd? Men denke zich nu een werf met uurloonen gebaseerd op een 55-urige werkweek. Ingevolge de algemeene bepalingen moet nu de werktijd worden ingekrompen, hetgeen hier zonder loonsverhooging geschiedt. Op deze werf worden de feestdagen niet doorbetaald, omdat het personeel insiede van met de organisatie iets te ondernemen, de platte pet op het berus-, tende hoofd draagt. Daar komen nu die te verzuimen Maandagen bij. Indien’ de feestdagen werden doorbetaald, zou voor zoo’n enkele bijzondere gelegenheid hel verzuim nog wel te dragen zijn. Thans zit er niet anders op dan inhalen. En tot overmaat van ramp komt daar nu, de storm een nieuw verzuim bijvoegen. Zal men ook de daardoor verzuimde uren moeten inhalcn ? Wij weten, dat in Dordrecht, waar de arbeiders behoorlijk georganiseerd zijn, de baas veelal het risico draagt. Hier evenwel zal het eerst nog wat moeten stormen en wel zóó dat de platte petten er vanaf waaien en inde Noord terecht komen. Dat we deze stormschade spoedig mogen, beleven!.

Sluiten