Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S®ste JAARGANG ZATERDAG 30 MAART 1929 No. 13

lALCEWEEWEW MEDERLANDSCHEN METAftIBEWERKIRSBOWP|

P ABONNEMENT: Bij vooruitbetaling per jaar ..... f 1.50 K Voor Buitenland verhoogd met porto S Losse nummers 0.03

DER HOUVEWj S HEMOMXUAAH 24 AMSTERPAM.Z E t.r==;_ TE.L-EFOorH: ssiTts j

AD VERTENTIEN: W [||S Gewone advertentiën .... per regel f 0.30 ||i| Afdeelingsadvertentiën . . . „ „ „ 0.20 ii! Aanvragen voor personeel . . „ „ „ 0.20

OPLAAG 32.550 Officiëele Mededeelingen. Deze Week Wordt hèt contributiezegel op de 13e week in het Bondsboekje geplakt. V LANDVERHUIZING. Niemand besluite tot vestiging in het bverzeesche buitenland alvorens in zijn eigen belang inlichtingen en raad te hebben gevraagd aan de Nederlandsche Vereeniging „Landverhuizing”, Bezuidenhoutscheweg 97, ’s Gravenhage. Ga nimmer alleen af op inlichtingen en voorspiegelingen van andere zijde. De Kikvorseh, die zich opblaast tot een Os. Als onze tegenvoeters op ’t terrein van He vakbeweging over groei, omvang en beteekenis van eigen organisatie schrijven, kunnen zij ’t er somwijlen weleens erg dik opleggen. Dat moet men dan wel eens laten gaan omdat ’t niet opgaat op alle slakken zout te leggen. En, bovendièn, ook bij je buurman moet je de zon in ’t water kunnen zien schijnen zonder direct je goede humeur te verliezen. Men moet dus wat door de vingers kunnen zien en niet altijd gereed staan om andermans genoegen te bederven. Maar er zijn grenzen. Niet altijd kan men onbecritiseerd laten wat weleens door tegenstanders wordt gezegd. Zoo is het ook met de grafische voorstelling en daarbij passende beredeneering die wij in ~De Metaal-Arbeider” van 16 Maart j.l. aantroffen. „De Metaal-Arbeider” is het 14-daagsche orgaan van de bij het N.A.S. aansloten Onafhankelijke Bedrijfs-Federatie van Werkers inde Metaalindustrie, meer bekend onder de verzamelletters „0.8. tW.M.”. De heer Th. J. Dissel is de redacteur van genoemd krantje en hem moeten wij dus aansprakelijk stellen voor het ergerlijke staaltje van misleiding, dat in het nummer Van 16 Maart wordt opgediend. Wij gebruikten hier het woord misleiding en drukken daarmee nog maar heel zacht uit Wat we eigenlijk bedoelen. Wij wildèn 0.8.W.M. de volle maat toedienen en hebben daartoe de grafiek, die Wij in het 14-daagsche blaadje aantroffen, laten reproduceeren en hierbij doen afdrukken. (Zie de grafiek links.) Om echter de misleiding door den heer Dissel gepleegd heel duidelijk te laten uitkomen, hebben wij er een eigen grafiek naast gezet (zie rechts) en zullen op onze beurt een woord ter toelichting schrijven. Zonder dat zou ’t geheel voor onze lezers aan duidelijkheid inboeten. 0.8.W.M. is een vakvereeniging, welke °p 1 Januari 1928 in ’t geheele land 503 leden telde. Als alle andere organisaties S» de metaalindustrie (met uitzondering

lllll ^—_, JJ- m,K ' ' ** 1 ""■■ ■' '' *'* '• •'• ‘ '-• • K C/m = 1000 'LEDEN jjlSi lES s N. £ 0. R. A. C f < D. K. N., Mi. W, M M. B. I « M. B. B. N f^j £ +4268 i a" J «• i <L) h l_: +6oi *0 A 52 W/////S//A “[u *> R Mi o c PQ rS’ (O S T O <f Jk f; s w y 100% 100% IQO% 100% o ö 27.1 ZG 66.30 5260 775 503 1 HOE 0.8.W. M. HET VOORSTELT. HOE HET WERKELIJK IS.

van de syndicalistische), is ook 0.8.W.M. gedurende 1928 vooruit gegaan. Men wist door noeste vlijt in èen jaar tijds het ledental van 503 op te voeren tot 656, hetgeen dus een winst van 153 leden beteekent. Daarover nu zijnde leiders van 0.8.W.M. en de heer Dissel onder hen niet het minst, uitermate tevreden en wij kunnen ons dat zeer goed indenken. Wij willen zelfs verder gaan en bij die uitbundige tevredenheid op den koop toe nemen dat Dissel in zijn krantje geen enkel ledencijfer noemt, doch uitsluitend „werkt” met het groei-percentage, hetwelk, gezien het ledental van 503 op i Januari 1928, 30.4 procent uitmaakt. ’t Is wat erg klein om niet precies te durven schrijven hoe de juiste aantallen zijn, maar dat is nog tot daaraan toe. ’t Heele gedoe van 0.8.W.M. is klein en met redelijkheid kunnen wij dus niet verwachten dat zij bij ’t leveren van cijfermateriaal „groot” zullen doen. Als de heer Dissel ’t daar nu bij gelaten had, zouden wij dat gescherm met het groei-percentage genomen hebben voor wat het is. Inmiddels heeft men de brutaliteit zóóver gedreven, dat men een grafiek is gaan maken waarmee een stuk misleiding wordt uitgehaald zooals ons nog nimmer vertoond is. Dissel gaf een „grafiek der procenten” en om nu toch vooral een goed figuur te runnen slaan, d.w.z. een flinken mep vooruitgang van eigen clubje in beeld te brengen, plaatste Hij 4 gropte yooi;-

stellende 4 bonden, naast elkander. Hij maakte derhalve inde figuur alle bonden even groot en ging daarop het groeipercentage in beeld brengen. Om dat kunststukje te kunnen uithalen was de man wel genoodzaakt alle toelichtende cijfers weg te laten. Had Dissel een zuiver beeld willen geven van den vooruitgang van iederen Bond in verhouding tot andere, dan had hij een grafiek moeten maken zooals nu door ons gedaan is en die wij ter illustratie naast die van Dissel hebben gesteld. Maar tot zulk een hoogte kon de man zich blijkbaar niet opwerken. De onbenulligheid van z’n Federatietje zóó ontastbaar uitbeelden, lag niet op ’s mans rèvolutionnairen weg en daarom nam hij z’n toevlucht tot aan bedrog grenzende misleiding. Goede wijn behoeft geen krans, zegt een oud spreekwoord en met een variant daarop kunnen wij zeggen, dat een serieuze vakbond geen misleidende „grafiek” behoeft te maken om z’n. superioriteit te demonstreeren. Uit de grafiek, die wij nu geven, kunnen onze lezers zien hoe de juiste verhouding, ook met betrekking tot den groei over 1928, is.1) Dissel had zijn organisatie verheven tot een soort van wolkenkrabber, hoog uitstekend boven alle anderen. In onze grafiek hebben we 0.8.W.M. *) Het gearceerde stelt den groei over 1928 Voor* 1

tot een straatklinker getransformeerd eö daarmee de juiste maat toegemeten. De groei van 0.8.W.M. was aanvankelijk door ons op 30 procent gesteld, maar Dissel zegt nu dat het 30.4 procent is. Voor de juistheid vestigen wij er nog de aandacht op, dat dan de vooruitgang over 1928 niet is 150, doch 153 leden. Inde teekening brengt dat echter geen' wijziging. De eenige organisatie, die wij verlies toegekend hebben, is de Synd. Federatie* Aangezien dat verlies op 25 begroot is* konden wij daarvan inde grafiek geert juiste weergave doen. En hiermee willen wij afscheid nemeri van den heer Dissel, dien wij verder alle goeds in ’t leven toewenschen. De illusie, dat wij ons over de ontwikkeling van zijn ledental ongerust zoudert maken, moeten wij hem tot onze spijt ontnemen. We spreken slechts voor ons zelf. Dissel schrijft, dat ook de Metaalbond zich ongerust maakt. ’t Is mogelijk, inderdaad mogelijk, dat de heeren Goedkoop c.s. geen rustigetf nacht meer gehad hebben na kennisname van die geweldige grafiek, welke in Het fantastisch brein van Dissel gegroeid is. Van dien kant beschouwd, is Het wei jammer dat wij roet in ’t eten gegooid hebben.

Sluiten