Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

41ste JAARGANG No. 34 ZATERDAG 25 AUGUSTUS 1934 OPLAAG 44150

f-""* ** 1,11 * WEEKBLAD VAN DE mm hl jl jf laleemeenei^derlands^^^ne^^lbeWerkersbdndl .... ■ REDACTEUR: G.VAIS DER HOUVEM I Bij vooruitbetaling per jaar ƒ 1.50 B HPMONVI AAN O/i AMCTPOHAM 7 H Gewone advertentiën per regel ƒ0.30 Voor Buitenland verhoogd met porto |H L~'_ ' .. _ t. J. i**> H Afdcelingsadvertentiën „ „ ,0.20 § Losse nummers ,0.03 BB . |FI ErüUn. 261a5 90030 B Aanvragen voor personeel ... , „ „0.20

Hoe de „jonge liberalen” worden voorgelicht. Zooals bijna overal elders op de wereld, blijft het ook in ons land met de werkgelegenheid slecht gesteld. De boel zit hopeloos vastgevroren en zij die het stuur van het economische en politieke leven in handen hebben, zien geen kans hetzij een natuurlijke of een kunstmatige dooi te bewerkstelligen. Aan menschen die meenen toch wel „beweging-inhet-ijs” te kunnen krijgen, ontbreekt het intusschen niet. Daar zijn er die alles, anderen die iets verwachten van devaluatie, muntverzwakking en zich dienovereenkomstig als meer of minder felle agitatoren van dit middel doen kennen. Een geheel ander type agitatoren ontmoeten wij onder de aanhangers, belijders, of hoe men ze noemen wil van de Manchesterschool, dat zijnde lieden die nog altijd de beginselen der liberale staathuishoudkunde aanvaarden. Achttien karaats zijn ze intusschen niet meer, deze afstammelingen van het economisch-liberalisme van de eerste helft der negentiende eeuw. Van het „ijveren-vóórvrijhandel en tégen-inmenging-van-destaat” op het gebied van handel en nijverheid, is niet zoo heel veel overgebleven. Zij waren immer voorstanders van staats-onthouding als ’t er om ging het loonpeil der arbeiders gunstig te beïnvloeden. Tegenwoordig schreeuwen ze om staatsbemoeiing ten einde het loonpeil te doen dalen. En wat de vrijhandel betreft, zien ze er niet tegen op het met de duivel der bescherming en (of) protectie op een accoordje te gooien. In mejuffrouw Dr. E. C. van Dorp ontmoeten wij nog zoo’n nazate van de Manchesterschool. Zij blijftin elk geval aan de traditie hangen en houdt er van de ouwe liberale knol, die eigenlijk allang buiten dienst gesteld is, zoo af en toe eens van stal te halen. Het beest wordt dan wat mooi opgetuigd en aldus aan het verbaasde publiek weer vertoond. Zoolang ’t stilstaat, kunnen boeren, burgers en buitenlui toch niet zien dat hij aan de hardlooperij niet meer kan deelnemen. Deze mejuffrouw Van Dorp doet inde laatste tijd weer zeer veel van zich hooren. Het vorige jaar schreef zij een brochure: „De weg uit de werkloosheid” en in overeenstemming met de inhoud daarvan heeft zij onlangs op verzoek van het Utrechtsche bestuur van de afdeeling van de Bond van Jonge liberalen, een beschouwing over het werkloosheidsvraagstuk geschreven. De redactie van het Handelsblad heeft daar eenige bladzijden aan ontleend en in het nummer van 20 Augustus j.l. opgenomen. Zij schreef er het veel zeggende en veel verwachtende opschrift boven: „Op weg naar het werk”. Het stuk trok, vooral doordat opschrift, onze belangstelling. Onze Bond telt nog steeds een slordige veertig procent werkloozen en ’t spreekt dus vanzelf dat wij nieuwsgierig waren naar hetgeen mejuffrouw Van Dorp te zéggen zou hebben. Haar oordeel heeft ons intusschen bitter teleurgesteld. Wat zij ten beste gaf, kan nog niet eens „een nieuw lied op een oude wijs” genoemd worden. Lied zoowel als melodie zijn stokoud en ’t zijn in feite alleen maarde argumenten

en aanwijzingen die eenige belangstelling verdienen. Het probleem van deze tijd, de werkloosheid, wordt door de schrijfster met één vingerwijzing gesteld. De loonen zijn te hoog. Wanneer deze loonen maar worden teruggeschroefd tot het peil van het economisch mogelijke, is heel het vraagstuk radicaal opgelost. Zij schrijft: „Wij zijn van meening, dat de werkloosheid maar op één wijze te beëindigen is: door weer normale werkgelegenheid te scheppen in het vrije bedrijf. Dit is alleen mogelijk, indien de arbeider werkt voor het economisch mogelijke loon. Een principieele wijziging van de steunorganisatie is hiervoor noodig. Het loon moet zich aanpassen aan de economische omstandigheden en kan niet meer willekeurig, zooals thans het geval is, vastgesteld worden door de vakvereeniging, met als gevolg werkloosheid omdat de werkgever dit loon niet betalen kan.” Zie zoo, nu weten de „jonge liberalen”, die door deze dame worden voorgelicht, waar ’m de schoen wringt. De vakvereeniging stelt willekeurig het loon vast en de werkgever kan dat willekeurig vastgestelde loon niet betalen. Daardoor blijft de werkloosheid en neemt dus een permanent karakter aan. Onze leden, werkzaam inde fabrieken en op de werven, weten het nu. Doordat hun loonen willekeurig door hun vakvereeniging zijn vastgesteld, loopt veertig procent hunner mede-leden op de keien. En de „jonge liberalen”, voorgelicht door een academisch gevormde economiste, weten het nu ook. De werkloosheid woedt voornamelijk in de metaalbedrijven; onze veertig procent werkloozen wijst dat ondubbelzinnig uit. Indien deze mejuffrouw Van Dorp, alvorens zich te zetten tot ’t schrijven vaneen voorlichtende beschouwing, ten behoeve van de „jonge liberalen”, zich om inlichtingen gewend zou hebben tot de ondernemers in onze industrie, zouden deze „jonge liberalen” heel wat anders te lezen gekregen hebben dan thans het geval is. De mogelijkheid zou dan aanwezig geweest zijn dat zij omtrent de huidige toestand eerlijke en oprechte voorlichting hadden gekregen. Maar mejuffr. Van Dorp heeft haar „voorlichting”, haar „beschouwing” legt daarvan een duidelijke getuigenis af geen inlichtingen ingewonnen. Zij is gaan schrijven over zaken waaromtrent zij volkomen onkundig is en dus zijnde „jonge liberalen” met hun nieuwe brochure bekocht. Maar dat weten de stakkerds jammer genoeg niet. Die loopen nu met de beschouwing van Dr. van Dorp: „Op weg naar het werk” in hun zak en daardoor voorgelicht, zullen zij aan ieder die ’t hooren wil, vertellen, hoe ’t nou eigenlijk precies met de werkloosheid gesteld is. In onze metaalindustrie, één van de voornaamste zoo niet de allervoornaamste van ons land, heerscht ontzettende werkloosheid. Een dame met de initialen „Dr.” voor haar naam permitteert zich de vrijheid, jonge menschen, behoorende tot een zeker deel der burgerij, omtrent het permanent karakter dier ontzettende werkloosheid in te lichten.

In strijd met de waarheid vertelt zij hun, althans vestigt zij bij hen de indruk, dat de vakvereenigingen inde metaalindustrie op willekeurige wijze het loon vaststellen. De waarheid is, dat niet wij, maar dat de ondernemers, ook de ondernemers-vakvereeniging, in casu de Metaalbond, geheel willekeurig een „landelijke regeling” vaststellen, waarop de vakvereenigingen niet de minste invloed hebben gehad. De waarheid is, dat regelmatig overleg wordt gepleegd met de besturen der vakvereenigingen in alle gevallen waarbij leden van de Metaalbond eendoor hen noodzakelijk geachte wijziging inde loonen wenschen aan te brengen. Als er ten deze van willekeur gesproken zou kunnen worden, zou deze stellig meer aan de kant der ondernemers dan aan die van de vakvereenigingen gezocht moeten worden. Mejuffrouw Van Dorp had verstandig gehandeld, indien zij vóór ’t schrijven van haar „beschouwing”, inlichtingen zou hebben ingewonnen bij de directeur van de Metaalbond. Zij zou dan vernomen hebben dat de bestuurders van de vakvereenigingen, behoorende tot het meest en het felst getroffen bedrijf, zeer ontvankelijk zijn voor maatregelen, waardoor gepoogd wordt uitbreiding van werkloosheid te voorkomen of vermeerdering van werkgelegenheid te bewerkstelligen, ook indien dat niet anders mogelijk is, dan ten koste van het loonpeil. In alle gevallen, waarbij de ondernemer aannemelijk kon maken, dat zekere maatregelen betreffende de loonen aan de werkgelegenheid ten goede kwamen, hebben wij gezocht naar overeenstemming. De omstandigheden dwongen daar vaak toe.

OFFICIEELE MEDEDEELINGEN Over de week van 27 Aug. tot en met 1 Sept. 1934 wordt het contributiezegel op de 35ste week in het bondsboekje geplakt. Geplaatst voor het alternatief: werk met lagere loonen of géén werk, is de keuze onaangenaam maar niet moeilijk. Maar het is een dwaasheid van de ergste soort (wij bepalen ons tot onze industrie, vooral ook tot de scheeps- en machinebouw, waarin in 1929 nog 42.000 arbeiders werkzaam waren) de „jonge liberalen” het verhaaltje op de mouw te spelden dat verdere sterke loondaling tot opheffing der werkloosheid zou kunnen leiden. Zoo iets kan alleen uitgebroed worden in het brein van iemand die z’n wijsheid put uit de vergeelde bladen van oude boeken en wiens’ blik niet verder reikt dan de achterkant der schrijftafel, waaraan hij of zij gezeten is. Hier is een voorstelling van zaken gegeven van de allernaargeestigste soort, ondoordacht, onwaar. En de redactie van het Handelsblad vond het zóó allemachtig mooi, dat zij er bijna anderhalve kolom van haar ruimte aan besteedde. Men schrijft zich de vingers blauw over communistische voorlichters die de geesten vergiftigen, maar neemt daarnaast zonder eenige commentaar de voor „jonge liberalen” geschreven dwaze „beschouwingen’* van mejuffrouw Van Dorp over. ’t Zou om te lachen zijn, indien ’t niet zoo diep treurig was!

Gewestelijke jeugddemonstraties op 15 September a.s.

(Persdienst A.J.C.) Het landelijk werkcomité, gevormd uit de besturen van A.J.C., Arbeiderssportbond en Jeugdraad van het N.V.V., heeft reeds tal van organisatorische voorbereidingen getroffen voor de jeugddemonstraties op 15 September a.s. Inde vier steden, waar de demonstratieve bijeenkomsten zullen worden gehouden, zijn werkcomité’s opgericht. De werkcomité’s zijn behalve met de samenstelling en uitvoering van het programma, ook belast met de inkwartiering van alle deelnemers. Voor een goede gang van zaken werd door het landelijk werkcomité bepaald, dat alle deelnemers moeten voorzien zijn van deelnemersbewijzen, welke door de plaatselijke commissies aan de deelnemers worden verkocht ad. ƒ 0.55 (niet ƒ0.50, zooals oorspronkelijk werd vermeld). De reiskosten, waarvoor met de Ned .Spoorwegen een speciale overeenkomst werd getroffen, komen voor rekening van de deelnemers.

De deelnemersbewijzen geven recht van toegang tot de Zaterdagavond-bijeenkomst, ten tweede recht op inkwartiering, ten derde recht van toegang tot het terrein op de Zondagmiddag. De plaatselijke commissies van voorbereiding moeten op de lijsten, welke daartoe door de werkcomité’s worden verstrekt, deelnemers opgeven tot uiterlijk 5 September. Het is niet mogelijk deel te nemen aan deze demonstraties wanneer men zich niet tijdig heeft aangemeld. Evenmin kunnen de werkcomité’s instaan voor een behoorlijke inkwartiering wanneer men zonder voorafgaande kennisgeving des Zaterdagavonds aankomt. Inde groote demonstratie op 16 September zal de jeugd een aparte groep vormen. Ook zullen eigen leuzen worden meêgedragen. De eischen voor de demonstraties luiden: 1. uitvoering van werkobjecten door en voor de jeugd; 2. 40-urenweek voor jeugdige werknemers en vakopleiding inde werktijd; 3. verlenging van de leerplicht; 4. vakopleiding en voortgezet onderwijs tot het 18e levensjaar; 5. twee weken vacantie met doorbetaling van loon; 6. steun voor jeugdige werkloozen en 7. zorg voor de lichamelijke opvoeding van de jeugd. Deze eischen zijn op dein Mei en Juni gehouden kadervergaderingen voor de jeugd reeds uitvoerig toegelicht. Wij wekken nu reeds alle jongeren van alle instanties van onze beweging op, zich klaar te maken voor de deelneming aan deze demonstraties. Daarbij dringen wij er bij de betrokken besturen op aan, spoedig over te gaan tot het vormen van plaatselijke commissies van voorbereiding. Het is kort dag. Aangepakt dus!

Sluiten