Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nederlands Verbond van Vakverenigingen. Resolutie inzake werkverruiming. Het congres van het N.V.V., gehouden op 27, 28 en 29 Mei 1935 in „Krasnapolsky” te Amsterdam; gehoord de inleiding over de noodzakelijkheid van werkverruiming; constateert met bezorgdheid, dat de werkloosheid in ons land inde laatste jaren voortdurend is toegenomen, met als gevolg, dat het aantal ingeschreven werklozen thans 368.659 bedraagt; herinnert er aan, dat het Nederlands Verbond van Vakverenigingen, in samenwerking met de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij, reeds sedert 1921 er bij herhaling bij de regering op heeft aangedrongen maatregelen te treffen, waarvan verruiming van de werkgelegenheid het gevolg zou zijn; stelt vast, dat de uitvoering van het 60- millioenenplan in geen enkel opzicht aan redelijke verwachtingen heeft beantwoord; protesteert tegen deze gang van zaken; dringt er bij de regering ten sterkste op aan, gevolg te geven aan het verzoek van de besturen van het Nederlands Verbond van Vakverenigingen en het Rooms-Katholiek Werkliedenverbond, in hun adres aan de regering op 20 April 1935, om de uitvoering van het 60-millioenenplan in snel tempo te doen geschieden en voorts aan de werkverruiming in het algemeen belangrijke uitbreiding te geven, opdat de werkgelegenheid worde bevorderd en de binnenlandse koopkracht versterkt, waardoor het bedrijfsleven gunstig zal worden beïnvloed.

UIT DE AFDELINGEN GRONINGEN. Klassenbewustzijn! (W. H. S.) Het is algemeen bekend, dat de communisten voor zich opeisen het privilegie van het onvervalste klassenbewustzijn. Zij en zij alleen weten het en het is enkel te wijten aan die drie-dubtael-overgehaalde reformistische bonzen, die doodsbenauwd zijn hun invloed en baantje te verliezen, dat de communistische arbeiders, de strijdwillende en strijdbewuste elementen der arbeidersklasse, uit de vakbonden verwijderd worden. Uit zichzelf zullen zij niet gaan, want zij behoren inde moderne vakbonden thuis, daar is hun plaats, daar hebben zij een „roeping” te vervuilen. Worden zij echter tegen hun wil uit de rijen der moderne arbeidersbeweging verwijderd, dan zoeken zij inde meeste gevallen een onderkomen inde z.g.n. „kas van Rijswijk”. Op zichzelf is hun dat niet kwalijk te nemen, want het pleit in ieder geval voor hun verantwoordelijkheidsgevoel tegenover hun gezin. Maar met deze overgang komt ook inde meeste gevallen hun ware liefde voor de moderne vakbeweging tot uiting. Nu zij hun „roeping”, het slopingswerk, niet meer inde rijen van de vakbeweging kunnen uitleven, nu trekken zij op propaganda uit onder de modern-georganiseerden voor aansluiting bij de kas van Rijswijk. Dat men bij deze werklozenkas voor dezelfde rechten die men te dien opzichte bij ons bezit, daar vijf en twintig cent per week meer moet betalen dan bij ons, doet natuurlijk niet terzake en dat men daar geen enkele steun vindt inde strijd tegenover de bezittende klasse, och dat zijn van zulke ondergeschikte dingen, dat ze de moeite niet waard zijn medegedeeld te worden. Deze bijkomstigheden worden dan ook tegenover de mensen die bewerkt

worden, verzwegen. Schreef ook Lenin niet reeds in 1920 in zijn boek „Die Kinderkrankheiten des Radikalismus” dat men om zijn doel te bereiken alle offers moet weten te brengen en zelfs wanneer het nodig is, met list, sluwheid, onwettige methoden en verzwijging van de waarheid moet tewerk gaan? Welnu, ook in Groningen bezitten wij van dat soort „klassenstrijders”, van die „strijdwillende arbeiders”. En ook deze heren zijn indertijd bij ons buiten de deur gezet: Eén van deze „klassenbewusten” is het communistisch raadslid Stuive. Wij willen hier direct aan toevoegen, dat hij niet de slechtste is in dat kamp. Dit blijkt reeds uit het feit, dat de C.P.H. hem bij de a.s. raadsverkiezing niet meer candideert, omdat hij inde nu bijna afgelopen zittingsperiode niet voldoende heeft gewerkt volgens het devies: „ons is niets te dol!” Stuive heeft wel eens blijk gegeven af en toe oog te hebben voor de realiteit en dan stemde hij met de sociaal-démocraten mee. Dit wordt hem door zijn politieke vrienden zó kwalijk genomen, dat hij uit de politieke arena moet verdwijnen. Het is nu schijnbaar om hetgeen hij bedorven heeft weer goed te maken inde ogen der machtigen van de C.P.H., dat hij zich nu uitslooft als propagandist voor de „kas van Rijswijk”, Of is het waar dat men voor ieder lid dat men daar aanbrengt, provisie krijgt en zijn het enkele zilverlingen die Stuive verlokken om als klassenverrader op te treden? In ieder geval, onze leden zijn gewaarschuwd! De „kas van Rijswijk” biedt den arbeiders geen enkele steun in hun strijd tegen de bezittende klasse. Vandaar dan ook, dat men zich in sommige kringen van de werkgevers zoveel moeite geeft om de arbeiders te bewegen zich daarbij aan te sluiten en te bedanken voor de vakbonden. . Stuive en zijn vrienden bevinden zich alzo in fraai gezelschap en dan durven deze

mensen nog te spreken van „klassenbewustzijn”! ROTTERDAM, Jeugdgroep. (L. J. Sn.) De fietstocht naar de Reeuwijkse plassen is buitengewoon meegevallen. 51 deelnemers! Maar het kunnen er nog meer zijn, jongens! De volgende fietstocht is op 30 Juni naar Dordrecht, naar de landdag die het N.V.V. voor de jongeren belegt. Voorziet je tijdig van kaarten a 40 cent. De groepshoofden zullen ze bij je komen aanbieden. 15—16 Juni weer kamperen in Oostvoorne. Vertrek om halfvier van de Hillesluis bij de klok. ADVERTENTIËN Heden overleed dooreen noodlottig ongeval ons lid A. G. SUYKERBUYK, inde ouderdom van 37 jaar. Het afdelingsbestuur. Schiedam, 30 Mei 1935. Dooreen noodlottig ongeval overleed ons lid B. H. JANSEN inde ouderdom van 25 jaar. Hij ruste zacht! Het bestuur dér Afd. Amersfoort.

Statuten en Huishoudelijk Reglement HUISHOUDELIJK REGLEMENT (vervolg) HOOFDSTUK VIL Van de contributie. Art. 41. De leden zijn verplicht zich bij hun afdelingsbestuur aan te geven inde contributieklasse, waartoe zij overeenkomstig hun inkomen behoren. Art. 42. Er zijn 10 contributieklassen, te weten: klasse a: 14- en 15-jarigen „ b; 16- en 17-jarigen „ 1: weekloon van minder dan ƒ 8.00 -2: „ / B. t/m „ 11.99 „ 3. M n » 12.00 „ „ 14.99 „4: M M „ 15.00 „ ~ 19.99 » 5: „ „ „ 20.00 „ „ 24.99 n 6: m pt ff 25.00 „ 29.99 pp T l pp pp n 30.00 „ ~ 34.99 „8; „ „ „ 35.00 en hoger. Eenheidszegel voor werklozen, zieken, militairen en stakers, die uitkering of vergoeding genieten volgens het bebepaalde in artikel 48. Art. 43. De contributie bedraagt voor; klasse a: 20 cent per week, plus 1 cent v.h. steunfonds pp 5. 30 ~ „ „ p pp 1 pp pp pp pp I • 40 „ „ ,p p ~ 1 „ pp pp pp 2.50 „ „ pp pp pp 3. 60 „„„,„1„h pp 470 1 pp • 1 u „ pp pp , pp i. pp pp pp pp 5. 80 ~ „ pp p pp 1 „ pp pp pp 90 ~ „ „ p pp f pp pp pp pp 7. 100 ~ pp „ p ~ 1 pp pp pp pp 8. 110 pp pp pp , p, 1 „ „ pp Eenheidszegel 50 cent per week. Leden, die tot klasse 1 behoren, kunnen bij werkloosheid enz. 40 cent blijven betalen. Voor de leden, die wegens het bereiken van hun 65ste levensjaar niet meer in aanmerking kunnen komen voor uitkering uit de werklozenkas, kan op hun verzoek de bovenstaande contributie verminderd worden met de geldende bijdrage voor de werklozenkas. De contributie voor admittentleden bedraagt 15 cent per week. Art. 44. De indeling ineen contributieklasse geschiedt door het afdelingsbestuur volgens het inkomen ener normale week. De leden zijn verplicht de verandering van hun inkomen direct ter kennis te brengen van genoemd bestuur, dat bevoegd is onderzoek te doen naar de juistheid van de opgave en zo nodig verbeterde aangifte te verlangen. Aan een lid dat verzuimt verandering van loon op te geven, of door andere omstandigheden van zijn wil afhankelijk, een te lage contributie heeft betaald, kan uitkering uit de werklozenkas zowel als uit andere kassen of fondsen • worden geweigerd. Art. 45. De contributie wordt wekelijks betaald en namens den bondspennlngmeester geïnd; inde afdelingen op de wijze als het bestuur vaststelt: in groepen door den correspondent; verspreide leden zenden de contributie eens per ■4 weken aan den bondspennlngmeester op. Art. 46. De betaling der contributie geschiedt tegen afgifte van zegels. De zegels moeten in het lidmaatschapsboekje geplakt worden op het daarvoor bestemde zegelvak. Op de zegels staat vermeld het jaartal, de maand van uitgifte en het waardebedrag. Art. 47. Vrijstelling van contributiebetaling geschiedt alleen wanneer bij werkloosheid, ziekte, het vervullen van militaire verplichtingen van , elke aard en bij staking of uitsluiting geen loon, vergoeding of uitkering, uit welken hoofde ook, wordt genoten. Art. 48. In alle andere gevallen betreffende werkloosheid.

ziekte, militaire dienst en staking of uitsluiting, waarbij geen vrijstelling van betaling is verleend, is betaling vaneen eenheidszegel verschuldigd. Art. 49. Leden, die verkeren in één der gevallen, bedoeld bij artikel 47, ontvangen tegen betaling van 10 cent per week, bij werkloosheid een W-zegel, bij ziekte een Z-zegel en bij het vervullen van militaire dienst een M-zegel. Art. 50. De leden zijn verplicht, regelmatig hun contributie te betalen. Leden, die 2 weken in het betalen der contributie achterstallig zijn, of 2 weken achterstallig zijn bij de afname van een 'W-, Z- of M-zegel. ontvangen een waarschuwing. Indien ' zij de daaropvolgende week- nog nalatig blijven aan hun verplichtingen jegens, de bond ,te yoldoen, kunnen zij als lid van de bond worden geroyeerd. 1 Art. 51. Indien de bond in enig arbeidsconflict betrokken is en de beschikbare gelden niet toereikend zijn om de vastgestelde uitkeringen te kunnen doen, is het bondsbestuur gemachtigd een extra contributie te heffen van ten minste 5 cent en van ten hoogste de reglementaire contributiebedragen. Een en ander met toestemming van de bondsraad, De bondsvergadering is bevoegd met gewone meerderheid van stemmen voor de leden bindend te bepalen, dat een extra contributie kan geheven worden tot gelijke hoogte als in het voorgaande lid van dit artikel bedoeld, voor speciale fondsen van de bond. HOOFDSTUK VIII. Van de afdelingen. Art. 52. Dein artikel 6 der statuten bedoelde afdelingen en groepen wórden door het bondsbestuur ingesteld met inachtneming der navolgende regelen: 20 of meer in of nabij ener gemeente woonachtige leden worden tot een afdeling verenigd; 3 of meer, doch minder dan 20 zodanige leden, vormen een groep. De niet in groepen of afdelingen ingedeelde leden zijn verspreide leden. Met machtiging van het bondsbestuur kunnen leden, die hun woonplaats elders hebben, doch werkzaam zijn in gemeenten waar een afdeling of groep gevestigd is, tot deze afdeling of groep als lid toegélaten worden. Art, 53. De leden ener afdeling kiezen, behoudens in afdelingen waar een ledenraad is ingesteld, ineen ledenvergadering uit hun midden een bestuur van ten minste 3 en ten hoogste 11 leden, benevens een contróle-commissie bestaande uit 3 leden en 3 plaatsvervangende leden. De voorzitter, secretaris en penningmeester worden in functie gekozen. De leden ener groep kiezen uit hun midden een correspondent. Art. 54. De bestuursleden worden voor twee jaren gekozen. Telkenjare treedt de helft van het bestuur volgens rooster af. De aftredenden zijn direct herkiesbaar. Art. 55. Het afdelingsbestuur voert de plaatselijke propaganda in overleg met het bondsbestuur, treedt op ter uitvoering der besluiten eh kan, na bekomen machtiging, namens het bondsbestuur optreden. De administratie van de afdelingen geschiedt volgens door het bondsbestuur vast te stellen regelen. Art. 56. Het afdelingsbestuur is verplicht: a. het bondsbestuur geregeld mededeling te doen van zijn verrichtingen; b. zorg te dragen voor geregelde inning der contributies en andere géiden; c. de gegevens te verstrekken die het bondsbestuur voor de administratie én ter vervulling van zijn taak nodig heeft; d. elke maand de bondsgelden, benevens de wijzigingen in de ledenlijst der afdeling, aan het bondsbestuur te zenden en eens per 3 maanden eendoor de contróle-commissie ondertekend financieel overzicht te verstrekken, welk overzicht tevens alle eventueel door de afdeling beheerde fondsen of instellingen omvat. Art. 57. De voorzitter leidt de vergaderingen. Hij draagt zorg voor naleving van de statuten, reglementen en besluiten van de bond en voor uitvoering van de opdrachten van de bondsleiding. De secretaris voert de briefwisseling en draagt zorg voor het archief en het notuleren der huishoudelijke vergaderingen. De penningmeester beheert de gelden en draagt zorg voor de. administratie. Art. 58. Voor het doen van huishoudelijke uitgaven en

voor bestrijding der kosten aan de inning der contributie verbonden, beschikt het afdelingsbestuur over 13 pCt. van het totaal-bedrag aan verkochte contributiezegels. Het overige komt toe aan de bondskas. De groepscorrespondenten ontvangen vergoeding der door hen te maken kosten. Het bezit der afdelingen is het bezit van de bond. Art. 59. De leden worden ingedeeld inde navolgende bedri j f sgroepen: 1. Machinefabricatie en wat daaronder gerangschikt kan worden. 2., Constructiewerkplaatsen en daarmede gelijk te stellen ondernemingen. 3. Grote scheepsbouw. (Zeescheepsbouw en reparatie.) ; 4. Kleine scheepsbouw. (Rivierscheepsbouw enz.) 5. Gleterijbedrijf en emaillewarenindustrie. 6. Draad-, spijker-, moeren- en bouten- en aanverwante fabrieken, 7. Metaalwarenfabrieken. 8. Blifcwarenindustrie 9. Rijwielindustrie. 10. Rijtuig- en autobedrijf. 11. Instrumentmakerij en. 12 Burgersmedenbedryi. 13. Loodgietersbedrijf. 14. Verwarmingsindustrie. 15. Electrotechnisch bedrijf. 16. Goud- en zilversmedenbedrijf. Art. 60. Uit de leden, die inde in het vorige artikel genoemde bedrijfsgroepen werkzaam zijn, worden, zoveel mogelijk personeelsgewijs, vertrouwensleden gekozen, De verkiezing dier vertrouwensleden heeft plaats op bedrijfsgroep- of personeelvergaderingen. Deze verkiezing kan ook geschieden door schriftelijke stemming op daartoe door het bestuur aan de betrokken leden toegezonden stembiljetten, waarop de naam van het gewenste vertrouwenslid, voor personeel of groep vermeld wordt. In bijzondere gevallea kan de verkiezing geschieden door middel vaneen door de meerderheid der betrokkenen getekende verklaring, vermeldende het lid harer keuze en op voordracht van het bestuur door de ledenvergadering. Personelen of afdelingen van personelen van 5 tot 25 leden, hebben recht op één vertrouwenslid; van 25 tot 50 leden, 2 vertrouwensleden; van 50 tot 100 leden, 3 vertrouwensleden. Verder voor elke 50 leden één vertrouwenslid meer. Art. 61. De vertrouwensleden vormen een schakel tussen bestuur en leden en hebben onder meer tot taaK; a. het bestuur ter zijde te staan inde uitoefening zijner werkzaamheden; b. leiding te geven aan de fabriekspropaganda voor het winnen van nieuwe leden; c. het overbrengen van klachten en grieven; d. het verzamelen van statistische en andere gegevens. Art. 62. Ledenvergaderingen worden door het afdelingsbestuur belegd zo dikwijls het dit nodig acht. Aan het begin van het jaar wordt een ledenvergadering bijeengeroepen, waar de secretaris en de penningmeester van de afdeling verslag uitbrengen over het afgelopen boekjaar en de bestuursverkiezing plaats heeft, Verder wordt minstens eenmaal inde drie maanden een vergadering belegd, waar het afdelingsbestuur verslag doet van zijn verrichtingen en behandeld worden alle zaken door het bestuur aan de orde gesteld. Indien het houden vaneen ledenvergadering op ernstige bezwaren stuit omdat de afdeling daartoe een te groot aantal leden telt, of omdat de leden verspreid wonen overeen te grote uitgestrektheid, kan de bondsraad, al dan niet op verzoek van het afdelingsbestuur, voor die afdeling een ledenraad instellen, die dan inde plaats van de ledenvergadering met gelijke taak en bevoegdheid treedt. Afdelingen met 3000 en meer leden zijn verplicht een ledenraad in te stellen. Art. 62a. De ledenraad wordt gevormd door: le. het afdelingsbestuur; 2e. vertegenwoordigers rechtstreeks door de leden gekozen; 3e, de vertrouwensleden uit fabrieken en werkplaatsen als geregeld in artikel 60 van dit reglement. Art. 62b. Voor de verkiezing van de onder 2e -genoemde vertegenwoordigers gelden de volgende regelen: a. uit dein artikel 59 van dit reglement genoemde bedrijfsgroepen kiezen de leden voor elke honderd of gedeelte van honderd leden die deze groep omvatten, een ledenvertegenwoordiger ; b. de candidaatstelling daarvoor geschiedt op eendoor

Sluiten