Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een nieuw soort li

Ons Nederlands wereldje-van-de-arbeid heeft weer eens iets nieuws te aanschouwen gekregen, ’t Geval dateert van 13 Februari 1937, op welke datum een nieuwe organisatie van hoofd- en handarbeiders het levenslicht te aanschouwen kreeg. Opgericht werd de: Nationale Werknemers-Bond voor hoofd- en handarbeiders. De nieuwe bond schijnt voornamelijk Rotterdam en omgeving tot operatie-basis gekozen te hebben, gelet althans op de geschriftjes die ons vanuit de kring onzer aldaar gevestigde afdelingen zijn toegevloeid. Eén dier geschriften vangt aldus aan; „Wij wensen een Bond van Werknemers, vrijstaande van iedere politieke organisatie, om zodoende een goede verhouding te scheppen tussen werkgever en werknemer. Waarom? Omdat het alleen op deze wijze mogelijk is te komen tot gemeenschappelijk overleg, hetwelk inde eerste plaats in het belang is van de werknemers. Hierdoor toch kan in tijden van voorspoed een beter loon bedongen worden zonder door overdreven eisen te vervallen in stakingsperioden, welke in hun gevolgen steeds verliesbrengend zijn voor arbeidersgezinnen, zelfs ondanks schijnbaar verkregen hogere lonen. In tijden van minder werkgelegenheid kan dit gemeenschappelijk overleg er toe bijdragen de hieruit voor den arbeider voortspruitende nadelige gevolgen zo klein mogelijk te doen zijn.'’ Deze nieuwe organisatie, welke intussen met een vakvereniging zelfs de naam niet gemeen heeft, is een creatie van de liberale staatspartij „De Vrijheidsbond”. Zij is in haar opzet alreeds zó door en door verpolitiekt, dat zij zichzelf aan den volke als poiitiekloos presenteert. De nieuwe bond zou vrij zijn van politiek! Maar zijn oprichting is o.a. aangekondigd in de verkiezingsbiljetten van de Vrijheidsbond. En in artikel 2 van zijn statuten, aangevende de grondslag van de bond, lezen wij: „De Bond aanvaardt de liberale beginselen en verwerpt mitsdien de klassestrijd.” Neen, deze nieuwe organisatie is noch neutraal noch vrij van politieke invloed. Hij is opgericht van bovenaf, geenszins door arbeiders en kennelijk met het doel een deel van de arbeiders voor het karretje van de liberalen te spannen. Och arme, de Bond, zo lezen wij in artikel 1 van de statuten, is aangegaan voor de tijd van 29 jaar en 11 maanden. Wat een optimisme! Een onder auspiciën van de heren opgerichte werknemersbond, die tot doel heeft ja, welk doel eigenlijk? Wij hebben daaromtrent inde statuten en reglementen zitten pluizen. De statuten bevatten inderdaad een hoofdstuk: „Doel en middelen”: „De Bond tracht zijn doel te bereiken door (wij zullen alles netjes op een rijtje vermelden): het stichten van Bureaux voor Arbeidsrecht; te streven naar behoorlijke arbeidsvoorwaarden, welke niet in strijd mogen zijn met het algemeen belang; het afsluiten van collectieve contracten; het vormen van kassen voor uitkering bij werkloosheid, ziekte, ongeval, overlijden, enz.; het verlenen van rechtskundige bijstand; het beleggen van huishoudelijke, openbare en cursusvergaderingen; het uitgeven en verspreiden

van geschriften; het zenden van adressen aan besturen van openbare lichamen; alle andere middelen, welke het doel van de Bond kunnen bevorderen.” Dit zijn altegaar middelen die dienst moeten doen om het doel te bereiken. Maar wat dit doel nu feitelijk is, dat lezen wij nergens, ’t Wordt eenvoudig onvermeld gelaten. Voor iemand die geen vreemdeling in het Jeruzalem van de arbeid is, zal dat doel, ondanks de schroomvalligheid waarmede het verzwegen wordt, geen geheim zijn. Liberale arbeiders zijn er tegenwoordig niet meer en dus... moet men ze maken en trachten ergens onder te brengen en te exploiteren. Inde wereld van de arbeid komt men er zonder strijd niet. Zelfs zonder nog te denken aan stakingen, betekent het onderhandelen over de arbeidsvoorwaarden in menig geval; strijdvoeren. De vakvereniging stelt zich zo goed partij als de werkgever. En de vakverenigingsman die optreedt als onderhandelaar, is al heel slecht af indien hij niet een krachtige beweging achter zich heeft staan. Er zijn goede, welwillende en minder goede en onwillige werkgevers. Menige directeur van een onderneming heeft anderen achter zich staan die hem vooruitduwen, hem in ’t vuur plaatsen. Of de arbeidsvoorwaarden op zeker ogenblik verhoogd kunnen worden, is niet alleen afhanke-

lijk van welwillendheid. Het gezichtspunt dat men zich kiest, speelt ook een rol. En de onderhandelaar, ’t zij werkgever of werknemer, die zich slechts door gevoels-overwegingen laat leiden, maakt vast en zeker een slechte beurt. Men kan ook inde goede zin van het woord strijdvoeren. Maar nu moet er zo iets als een liberale werknemersbond tussen geschoven worden, één die kan grasduinen op het resultaat door anderen verkregen. De lamzakken die er lid van worden, kunnen dan doorgaan voor de zoete jongens, die heus nooit kwaad inde zin hebben. En de liberale staatspartij heeft dan wat knullen achter zich, die voor „liberale” arbeiders moeten doorgaan. De uitslag van de verkiezingen is, voor wat er van de liberalen in Nederland overbleef, een hopeloze mislukking geweest. De hulp van de nieuwbakken „liberale” arbeiders die, als ze al loonsverhoging willen hebben, heus niet teveel zullen vragen, heeft weinig zoden aan de dijk gezet. ’t Is me ’t soort wel waarop de Vrijheidsbond zijn anker uitgeworpen heeft. Een lekendichter heeft ze eens aldus getekend: „Hij zorgt maar voor de zijnen. Maar heeft aan „rood” Een broertje dood, En houdt niet van de „fijnen”. Hij is niet vroom, Durft zonder schroom Dit overal te zeggen. Wat hij wél is, weet hij gewis Bezwaarlijk uitte leggen.

De Amsterdammers zijn uit geweest . . . Het bestuur van onze afdeling Amsterdam had gegadigden opgeroepen om deel te nemen aan een autotocht naar het Gooi en omgeving met als hoofddoel, het brengen vaneen bezoek aan ons terrein te Eemnes. De deelnemersprijs was- laag gesteld en het bestuur had deswege op een deelname van zo ongeveer 300 personen gerekend. De animo was evenwel veel groter. Toen de tijd van aanmelding verstreken was, bleken er niet minder dan 750 liefhebbers(sters) te zijn. Ze hebben elkander, daar inde 2e Jan van der Heydenstraat, toen even beteuterd aangekeken. Maar die a. zegt, moet b. zeggen; om de tocht te laten doorgaan moesten maar eventjes 27 autobussen gecharterd worden. ’t Is allemaal best in orde gekomen en zo werd j.l. Zondag 27 Juni de tocht aanvaard. En het is een prachtdag geworden, waarvan alle deelnemers(sters) een prettige herinnering zullen bewaren. De zon stond reeds hoog aan de wolkenloze hemel, toen de stoet ons terrein opmarcheerde. ’t Was een krachtproef van je welste, want nog nimmer hadden we zoveel mensen te ontvangen gehad. En af gesproken was dat ze allemaal op koffie onthaald zouden worden. Dat was nu eens een gelegenheid om te tonen waartoe wij in staat zouden zijn. Welnu, ’t is alles glad van stapel gelopen en daarvoor komt inde eerste plaats onzen kampleider Nelemans een woord van lof toe. Hij en z’n mannetjes, dat zijnde jongelui die op ’t ogenblik tot ons werkkamp behoren, hebben zich tot het uiterste ingespannen om alles voor te bereiden.

Ons terrein en vooral ons nieuwe amphitheater hebben de vuurproef glansrijk doorstaan. De Amsterdammers waren in aantal van 750 aanwezig. Dan was er nog een 100-tal kampeerders, leden van jeugdgroepen uit Haarlem, Utrecht en Amsterdam. Wij overdrijven stellig niet indien we vaststellen dat ons amphitheater een publiek van 850 a 900 mensen gehuisvest heeft. Nelemans had bijna 300 liter koffie gezet, welke is uitgeschonken in tevoren aan alle gasten uitgereikte papieren bekers. Er is een keurig door Jan Landman verzorgd programma uitgevoerd. „Kunst en Strijd” van de afdeling Amsterdam heeft onder leiding van den heer Peters een concert gegeven, dat grote voldoening schonk. De jeugdgroep van onze afdeling Hilversum heeft een paar stukjes opgevoerd die onder leiding van Ru Mulder waren ingestudeerd. En Ru Mulder zelf heeft een paar vrolijke voordrachten gegeven. Hij en de groep Hilversum hebben veel succes geoogst en dat was welverdiend. En alle aanwezigen hebben volop genoten en daaraan op ondubbelzinnige wijze uiting gegeven. Van Eek heeft de bijeenkomst geopend en gesloten en v.d. Houven heeft namens het bondsbestuur gesproken. Het dankwoord van v. Eek vond levendige bijval en de stemming is tot het einde toe uitstekend gebleven. Een dag van goede, warme kameraadschap is het geweest, waaraan alle makkers, alle mannen en vrouwen, nog lang met genoegen zullen terugdenken.

De Amsterdammers in ons openlucht-theater bijeen.

Sluiten