Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Prettige wens „Is dat werk niet te zwaar voor je?” vroeg de nieuwe dominee. „Je moet al heel oud zijn.” „Ja, dominee”, antwoordde de klokkenluider. „Hoeveel jaar ik de klokken al geluid heb, weet ik niet precies. In ieder geval heb ik de doodsklok al geluid voor vijf dominees.” De nieuwe dominee keek een beetje verschrikt. „En”, vervolgde het oude mannetje, „ik zal blij zijn, als ik het halve dozijn vol heb, want dan neem ik pensioen.” Nóg erger „Er is iets, dat nog erger is dan te proberen je te scheren met een mes, waarmee je vrouw een punt aan een potlood geslepen heeft.” „En wat is dat dan?” „Proberen te schrijven met dat potlood.” De nette jongen „Het was erg lief van je, Frits, om de schil van de sinaasappel, die je inde autobus hebt opgegeten, niet op de vloer te gooien. Waar heb je ze gelaten?” „Inde zak van den man naast me, moeder!” Het kasboek Een jong echtgenoot gaf aan zijn vrouw een kasboek cadeau en legde haar uit, dat ze de inkomsten aan de linkerzijde moest zetten en de uitgaven aan de rechterzijde. Daarna stelde hij haar vijfentwintig gulden huishoudgeld ter hand. Toen hij een dag of tien later het kasboekje nakeek, zag hij op de linkerbladzij de: „Ontvangen van Wim ƒ 25.—.” Aan de andere zijde stond; „Alles uitgegeven.” De nieuwe hoed „Wat scheelt eraan, Thomas? Je ziet er zo droefgeestig uit.” „Dat komt door die nieuwe hoed.” „Een nieuwe hoed hoeft je toch niet verdrietig te maken.” „Dat is zo, maar elke keer, als ik begin te lachen, valt hij af.” Hij had ervaring „Arme man”, zei de vriendelijke dame, „het is natuurlijk verschrikkelijk om lam te zijn, maar bedenk eens, hoeveel erger het zou zijn, als je blind was.” „Daar hebt u gelijk aan, dame”, antwoordde de bedelaar. „Toen ik blind was, gaven de mensen me dikwijls vals geld.” Romantische liefde Het minnende paartje zat samen ineen grote fauteuil bij de haard. De radio speelde een liefdeslied en het meisje dacht bij zichzelf: „Wat is de liefde toch iets geweldigs.” De jonge man staarde in haar ogen, sloeg zijn armen om haar heen, trok haar hoofd tegen zijn schouder en fluisterde in haar oor: „Wat zou je denken vaneen spelletje domino?”

Ci!!!!!!!£^SaSS!SS

Kringloop door HENK DUBBELMAN. Toen voor de eerste keer een vertegenwoordiger van de Union van Metaalbewerkers Dick Miller aanschoot, stond hij aan de stoomhamer in Armstrong’s gewerenfatariek in Denver. „Nee, dank je,” zei Dick nors. „Ik kan mijn geld wel beter gebruiken, dan contributie te betalen.” „Wacht maar es, tot ze door de geweerlopen, die je zelf gesmeed hebt je een blauwe boon inde body blazen!” „Zal mij niet gebeuren. Ik staak niet. Uit principe.” Dick Miller had maar één principe: het eigenbelang. Hij wilde geld maken. Toen er bij de Armstrong’s gewerenfabriek een conflict kwam, bleef Dick aan de stoomhamer staan. Na de stakingwas hij voorman en zijn loonzakje was dikker geworden. Wat een geluk, dacht Dick, dat ik me dien kerel van de Union van het lijf heb gehouden. Een paar jaar na de wereldoorlog werd het slap inde fabriek. De arbeiders hadden, na de staking, een overeenkomst met de firma. De Union had dat voor hen in orde gebracht. Dick viel als voorman niet onder de overeenkomst en hij behoorde onder de eersten, die gedaan kregen. Toen hij de poort voor de laatste keer uitging, zei de vertegenwoordiger van de Union: „Zie je nou wel?” Dick gaf geen antwoord, maar dacht: geld maken, is de hoofdzaak. Ik heb een dikke spaarpot en ik kan er best tegen. Dick had geluk. Hij kreeg na een paar maanden een plaats als voorman aan een staaloven Inde Bethlehem staalfabriek. Hij spaarde zichzelf en zijn ploegmaten niet en maakte een recordproductie. Ook daar kwam een vertegenwoordiger van de Metaalbewerkers Union hem opzoeken en zei: „Je bent zo flink in het werk, Miller. We zouden je graag inde Union hebben. Als jij komt gaan heel wat andere kerels met je mee.” Maar Dick betoogde, dat zelfstandigheid de hoofdzaak was voor een arbeider en dat de zelfstandigheid naar de maan ging,

als je lid vaneen vakvereniging werd. „Je komt op de duur alleen te staan,” zei de propagandist, „en dan ben je nog verder van huis.” Dick haalde zijn schouders op. Een paar jaar later was hij

werkmeester inde pantserplatenfabriek van James Long. In die tijd was de organisatie onder, de metaalbewerkers krachtig voortgeschreden en vanzelfsprekend kreeg Dick weer een propagandist van de Union op bezoek. „Je moet bij mij niet zijn,” zei hij hooghartig. „Ik ben werkmeester en voel mij niet thuis ineen organisatie van arbeiders.” „Waarin voel jij je dan wel thuis?” „Inde organisatie van bazen en werkmeesters.” „Ja, dat is een heel nette organisatie,” zei de propagandist. „Maar ze heeft geen fluit te vertellen.” „Dat zullen we dan wel es zien,” zei Dick en dacht met trots aan zijn spaarpot. Het zou niet lang meer duren, of hij zou aan de rand van de stad een stukje grond kunnen kopen en er een uitneembaar huisje op kunnen zetten. En dan kon hij trouwen, als hij wilde. Toen Dick zijn huisje had en zijn vrouw, kwam de crisis. De werkmeesters werden het eerst aan de dijk gezet, omdat ze het meest verdienden. De Neutrale Werkmeesters-vereniging protesteerde wel, maar het kleine groepje had geen macht. De

, Union slaagde er In, om zijn I mensen overal zoveel mogelijk aan het werk te houden. De bekwaamste en handigste arbeiders namen de plaatsen van de , werkmeesters en bazen in. De ’ Neutrale Werkmeesters-vereni, ging stierf aan verval van ' krachten, nadat de kas als sneeuw voor de zon was weggesmolten. . Gelukkig voor Dick, maar ongelukkig voor de wereld, nam de I wapen-productie hand over hand toe en na een paar jaar van werkloos omzwerven kwam Dick aan het aanneemkantoor van de Armstrong’s gewerenfabriek in Denver. „Zo, Miller,” spotte de man achter het loket, „ik dacht dat jij al lang directeur vaneen fabriek was. Enfin, dat kan nog komen. Zolang kun je weer een plaatsje krijgen aan de stoomhamer. Je bent zeker lid van de Union?” „Nee, waarom?” „Dat is jammer, maar dan mag ik je niet aannemen. Hier werken alleen georganiseerden.” Dick maakte een boel woorden vuil, om te betogen, dat zoiets aanranding was van de vrijheid van arbeid, maar hij eindigde met af te druipen. In het kantoor van de Union gaf de plaatselijke bestuurder hem een hartige terechtwijzing, maar eindigde met hem in te schrijven. Toen Dick de volgende dag weer aan de stoomhamer stond, dacht hij bij zichzelf; wat ben ik een stommeling geweest! Gelukkig maar, dat een mens nooit te oud is om te leren, dat hij in zijn eentje niets kan uit-

richten en alleen iets kan bereiken, als hij met zijn makkers een sterke macht vormt, die de macht van het kapitaal kan weerstaan.

Zien met de ogen van eén dode Een van de opzienbarendste operaties, welke de moderne chirurgen hebben verricht, is het teruggeven van het gezicht aan hiinrien rinnr het IvJrolanten net overpianten van gezonde ogen. In het Londense ooghospitaal werd deze operatie voor het eerst toegepast op een vrouw, die dertig jaar oud was en blind was geweest van de veertiende dag na haar geboorte Vaneen patiënt, die tvJe^zond^hoornvliezerf vJrvaT uwee gezonae noornvliezen genomen ter vervanging van de zieke hoornvliezen van de blinde vrouw. Op die manier kan blindheid genezen worden, wanneer de ogen verder gezond zijn. De operatie, waarover wij hier spreken – ze vond in 1934 plaats had succes, hoewel de geogeJJ?eJh°JXf^rS?JeJ lBren 01? haar gen te gebruiken, op dezelfde wijze als een ZUJJ d° .. <re’,,t+dat toen deze operatie hef ïevJ JÜI v 6 blmdei?’Wler blindheid enkel ,bLgeJJ g ®fn ziekte van het hoornvlies rv , ' °r zl«htbare gedeelte van het oog pupi ), verlangden op deze wijze van hun

blindheid bevrijd te worden. Maar tot nog toe werd het nieuwe hoornvlies steeds genomen van levende personen, die het verder niet meer nodig hadden lees; ten dode waren ongeschreven „ . , . “f * opgescureven aantal mogelijkheden om tot operatie over te gaan slechts betrekkelijk gering was. Thans heeft echter een Russische oogspecialist deze operatie toegepast door gebruik te maken van het hoornvlies van overleden patiënten. Hij heeft de resultaten gepubliceerd van meer dan ?°?derd Van dergeliJke operaties. De ogen werden genomen van pas gestorven personen en werden bewaard in luchtdicht gesloten flessen, die ineen ijskast koel werden gehouden Zes dagen blijven aldus bewaarde ogen geschikt om voor de operatie te worden gebruikt. Als een hoornvlies nodig is om een patiënt het gezicht !frug te geven’ wordt het genomen vaneen van de aldus geconserveerde ogen. Naar de Russische specialist mededeelt, zijnde resultaten van de operatie even goed als bij het gebruik van ogen van levende personen. Men kan dus zeggen, dat er in Rusland op het ogenblik mensen zijn, die zien met de ogen van een dode.

Waarom een Europeaan maar één vrouw heeft -r, _ . De vrouw vaneen. Engelse zendeling dronk eens ineen stad in het hartje van China thee met de acht vrouwen vaneen manriarnn up Chinese vrouJen onderzochte? J langstelling de kleding het haar en Ae tanrien van de vreemdelinge 'maar zü waren buiten zichzelf van verbazing over haar grote voeten „Maar u kunt dus topen als een man!” Natuurlijki” ’ Kunt u dan ook rijden en zwemmen?” ”Zek7r ” zwemmen. ”Maar dan moet u toch ook sterk ziin als een J °°k J aIS een hoop van wel.” Ü zou u dus door niemand laten slaan, ook niet door uw man?” „Nee, ik zou me door niemand laten slaan.” De acht vrouwen van den mandarijn zagen peinzend voor zich uit en knikten veelbetekenend. Eindelijk zei de oudste van haar zacht: „Nu begrijp ik ook. waarom een Europeaan maar één vrouw heeft. Hij is bang!”

„Wacht maar es, tot ze door de geweerlopen ”

„Hier werken alleen georganiseerden.”

Sluiten