Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IN DE TWEEDE VERSNELLING

(Vander H.) In het vorige nummer van ons blad ronden wij nog juist een Klein berichtje opnemen. waarin werd Vermeld dal onze Donü weer meer dan 25 000 leden telde. De extra vermelding van zulk een cijfer wekt voor nem, die de geschiedenis van onze bond uit eigen ervaring kent. herinneringen op. Want er is nóg eens een tijd geweest, waarin wij er ons over verheugden dat we een zeilde ledental bereikt hadden. Dat is nu alweer heel wat jaren geleden... op ’t einde van 1922. Maar toenmaals hebben wij dat, aantal niet kunnen handhaven, waardoor we 3 jaren later tót beneden 22.000 leden waren gedaald. Zo heeft .onze bond z’n tijden van op- en neergang gekend. En zoals wij thans met tegenwerkende factoren te maken hebben, zo was dat in ’t verleden niet minder het geval. Heus, wij kunnen tegen een stootje en kennen onze bestrijders van haver tot gort. Thans dienen zij zich aan onder de naam „eenheidsorganisatie”: voorheen was het de Federatie van Metaalbewerkers, ’t Is alleen maar een andere verpakking de Inhoud is navenant aan die van de jaren 1922—1925. Er was alleen dit onderscheid, dat die vroegere bestrijders zich niet anders voordeden dan ze in werkelijkheid waren. Wat dit betreft, zijn we er stellig niet op vooruitgegaan. Maar nu zowel als toen, ligt het niet in onze lijn om de moeilijkheden uit de weg te gaan Daarom vrezen wij zelfs niet voor een herhaling van de jaren 1922—1925. Wij zijn over het cijfer van 25.000 heen en onversaagd in opmars naar de 30.000 als nieuwe mijlpaal. In één opzicht zijn we bij die vroegere periode in ’t nadeel. Onze schriftelijke propaganda kan het bij die van voorheen'niet halen, omdat het materiaal daartoe ontbreekt. Er is onlangs een nieuw affiche verschenen, bestemd als raambiljet, ’t Heeft heel wat moeite en zorg gebaard om dat affiche gedrukt te krijgen. Mogen wij er op rekenen, dat onze leden het achter de ramen van hun woningen aantarengen? Men wende zich tot de afdelingsbesturen om die biljetten te verkrijgen. ’t Vergaderen is thans ook lang niet gemakkelijk. Eigenlijk zouden wij vanuit decentrale leiding van onze bond er veel meer op uit

moeten kunnen gaan dan thans het geval is. Maai de communicatiemiddelen, voor zover zij er zijn, zijn gebrekkig. Een kleine auto. die wij in huur hebben, staat ons weliswaar ten dienste, maar voorziet slechts zeer gebrekkig in onze behoeften. Zo zijn we door allerlei belemmeringen omringd en kunnen onze volle kracht niet ontplooien. Daarom is er temeer reden een beroep te doen op onze leden om ons de helpende hand te bieden. De zomer begint op z’n einde fe lopen, het najaar Is in aantocht. Wij moeten ons als voorheen weer voorbereiden ten aanval en het huisbezoek gaan organiseren. Daar is thans nog meer aanleiding voor dan vroeger, want er is buitengewoon veel misverstand dat opgeruimd moet worden. De bond moet niet alleen groeien, maar hij moet dat ook snel doen, want wij zitten alom in ernstige onderhandelingen met diverse werkgeversverenigingen over afsluiting van collectieve arbeidsovereeenkomsten of diepingrijpende wijzigingen daarvan. Succes kan alleen bereikt worden, indien de werkers achter ons staan en zich niet saan de kant houden. Ach, we weten het wel, ’t is allemaal niet spiksplinternieuw wat we hier schrijven.

( N Er is gelegenheid tot aanstelling van enige Adjunct-Bestuurders in verband waarmede het bondsbestuur sollicitanten oproept. De standplaats en het salaris worden nader bepaald. Sollicitaties, te richten aan het bondsbestuur: Hemonylaan 24 te Amsterdam, worden Ingewacht tot uiterlljk 15 September 1945. Namens het bondsbestuur: H. J. v.d. BORN, voorzitter. G. v.d. HOUVEN, secretaris. V J

’t Zijn klanken, die wij ook in ’t verleden lieten horen. Onze bond, kameraden, Is geen zieken- of begrafenisfonds, geen buurtvereniging of loterijclub. Wij hebben de Intense belangstelling van onze leden nodig, hun medeleven, hun betoon van activiteit, hun werklust en hun inspanning. Laat ons daarop, zo min als in het verleden, te vergeefs een beroep doen. Want wij willen weer de oude bloeiende, levenwekkende bond worden, zoals wij vóór de inval van de Duitsers met onze meer dan 56.000 leden waren. Zoals we waren op onze hoogtijdagen toen we ons vijf tig-jarig jubileum vierden en daarna de overschrijding van ons getal van 50.000 bereikten. Ook nu weer aan de slag; ook nu weer gezaaid, inde zekere verwachting vaneen overvloedige oogst.

LOODGIETERS EN FITTERS, BURGERSMEDEN, ELECTRICIENS (Vander H.) De bedrijfsraad voor het loodgieters- en fittersbedrijf is onlangs in vergadering bijeen geweest ter bespreking van loonherziening en wijziging van gemeenteklassenindeling, beide uiteraard in gunstige zin. Daarbij is o.a. ook het besluit genomen om vertegenwoordigers van het burgersmedenbedrijf en het electrotechnisch bedrijf tot overleg uitte nodigen ten einde, zo mogelijk, tot gelijke arbeidsvoorwaarden voor deze drie bedrijven te geraken. Wij kunnen en willen niet op de zaak zelf vooruitlopen, maar menen te mogen aannemen, dat inde. werkgeverskrlngen, hierboven genoemd, wil en verlangen aanwezig zijn om overeenstemming te bereiken. Het kan niet anders dan in het belang van de werknemers, behorende tot de drie hiervoor genoemde bedrijfsgroepen zijn, dat deze elkander zo nauw rakende bedrijven eenzelfde grondslag inzake de arbeidsvoorwaarden verkrijgen. Wij hopen spoedig in staat te zijn daaromtrent nadere mededelingen te kunnen doen.

NIEUWS UIT DE AFDELINGEN

HILVERSUM. (G. G. M.) Het bestuur houdt iedere Vrijdagavond van 7 tot 8 uur zitting in ons kantoor: Stationstraat 8. Zij, die iets te vragen of klachten hebben, worden verzocht die kenbaar te maken. Laat ieder hiervan goede nota nemen. HAARLEM. (N.C.J.L.) Ter kennis van de leden wordt gebracht, • dat met ingang van 3 September 1945 weer Is opgericht het Centraal Bureau voor Arbeidsrecht, gevestigd Kruisweg 74. Kantooruren 9—12 en 2—5 uür. ’s Zaterdags 9—12 uur en ’s Dinsdagsavonds van 7—8'.30 uur. ROTTERDAM. (O. v. d, W.) Wie na drie jaar In

Botterdam terugkomt, staat verbluft aan zijn havens. Hij spuwt eens in het water en vervloekt de Moffen'). Welk een enorme ravage. Kaden zijn ingestort en weggespoeld. Kranen zijn door hun knieën gevallen, spoorbanen hangen als doorgezakte kabels inde lucht en de loodsen vertonen een onontwarbare chaos van steen en constructie. Hier is Rotterdam het gereedschap uit de handen geslagen, waarmede het zijn brood verdiende. Hoe zal dat weer in orde komen? Ziedaar de vraag, die men zich stelt. Maar het loopt los; want wanneer je ’s avonds dé krant- in handen krijgt, wordt daar met enige ‘) Nou ja, dat spuwen daar doe ik niet aan mee. (Red.)

gerechtvaardigde trots melding gemaakt van het feit, dat de burgemeester aanwezig was bij het slaan van de eerste damwand, nodig voorde reparatie aan de havens. Rotterdam bouwt aan zijn havens en de Rotterdammers aan hun organisatie. Er is werk aan de winkel en men verstaat het. Rotterdam, dat in 1940 en 1944 zwaar werd getroffen door bombardementen en vernielingen aan zijn havens en industrieën, staat ook wat de metaalindustrie betreft, in een netelige positie. Dat voelt iedereen. Ais organisatieman heeft men aan dit gevoel echter niet genoeg. Wij willen en moeten weten hoe het er nu -werkelijk voor staat met onze stad. Daarom besloot de ledenraad op voorstel van het bestuur gedurende

deze winter een vijftal inleidingen door bevoegde sprekers te laten houden. De onderwerpen zijn als volgt gekozen; De wederopbouw van het in 1940 verwoeste gedeelte der stad en binnenhavens. De omvang en gevolgen van dein September 1944 door de Duitsers verwoeste havens en fabrieksinstallatles. De positie van Botterdam tegenover haar achterland, West-Duitsland, van na de oorlog. De financiële positie van Rotterdam zoals die verwacht kan worden na 5 jaar oorlog. Wij zullen ieder lid, die de een of andere leidende functie inde afdeling heeft, in de,-gelegenheid stellen deze belangrijke serie lezingen te volgen. Men lette op nadere publicatie hierover.

4

Sluiten