Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(I.B.) Speelde inde eerste wereldoorlog het vliegtuig in het kader van de oorlogvoering een zeer bescheiden rol, veel taelangrijker was dit product der techniek inde tweede wereldoorlog. In dat verband heeft de productie van vliegtuigen inde oorlogvoerende landen een grote stijging te zien gegeven. Vooral inde geallieerde landen nam niet alleen quantitatief, maar ook qualitatief, de vliegtuigbouw een hoge vlucht. In ons eigen land daarentegen werd de vliegtuigfabricage practisch vernietigd. Onze belangrijkste onderneming op dit gebied, t.w. de N.V. Fokker, werd zwaar getroffen dooreen bombardement. Bovendien werd een deel van de inventaris door de Duitsers geroofd. Nu, aan het begin van de wederopbouw van ons land en dus ook van onze industrie, doet zich de vraag voor: „Is er in ons land plaats voor een nationale vliegtuigindustrie?” Dat is nu geen vraag, waarvan de beantwoording lang op zich kan laten wachten. De technische staf en een kern van arbeiders, voorlieden, werkmeesters en dergelijk personeel, alsmede de vereiste administratieve krachten, worden nu nog aangehouden. Het betreft hier bij elkaar een 1800 man. Op het ogenblik valt deze groep onder de wachtgeldregeling, maar begrijpelijk is, dat er spoedig een beslissing moet vallen. De vraag is nu; „Heeft een nationale vliegtuigindustrie een kans?” Degenen, die deze vraag met „neen” beantwoorden, wijzen erop, dat het afzetgebied voor ons land zo klein is. Dat wij bijna alle materialen, benodigd voor een vliegtuig, moeten importeren. Dat wijde ervaring van producenten inde grote landen, zoals de Ver. Staten, missen. Dat andere landep op het ogenblik veel goedkoper kunnen produceren. Ook al valt er op het eerste gezicht niet veel tegen die argumenten in te brengen, wij vragen ons toch af of andere industrieën ook niet met bijna onoverkomelijke moeilijkheden te maken zullen krijgen. Wij denken aan onze scheepsbouwindustrie, die zeker de moeilijkheden zal ondervinden van de gewijzigde constellatie van de wereldkoop-

vaardijvloot. Niemand in ons land zal echter zeggen, dat de scheepsbouwindustrie nu maar moet verdwijnen. Zelfs gaan er nog geen stemmen op. werven, die voor een goed deel vernietigd zijn, nu maar meteen uitte schakelen. Waarom niet? Omdat men de moed heeft de strijd met deze moeilijkheden aan te binden en de verwachting heeft die moeilijkheden te overwinnen. Ook inde vliegtuigindustrie staan de mensen klaar om, ondanks alle moeilijkheden, te beginnen aan de wederopbouw. Inde eerste plaats een technische staf van 455 man en een kern van arbeiders, voorlieden, werkmeesters en dergelijk personeel, alsmede administratieve krachten. De leiding van de N.V. Fokker meent, dat het essentiële van de vliegtuigindustrie niet gelegen is in gebouwen, machines en outillage, maar vooral inde technische staf. En.die is er nog! Wij hebben weleens vernomen, dat een overheid nimmer zou kunnen tolereren, dat ondernemingen met een belangrijk vast kapitaal (d.i. gebouwen, machines, gereedschappen), die in hun bestaan worden bedreigd door nieuwe in het buitenland ontstane bedrijven, hierdoor te gronde gaan. Vandaar bescherming tegen buitenlandse concurrentie door invoerrechten of subsidie. Wij vragen ons echter af, indien voor het in standhouden vaneen vliegtuigindustrie eveneens-subsidie of iets dergelijks nodig zou zijn, dit niet even gerechtvaardigd is ter bescherming van het vermogen, dat ditmaal niet belegd is in kapitaalgoederen, maar in mensenkinderen, tezamen vormende een niet minder kostbaar goed dan menige bedrijfsinstallatie. Bovendien, al zullen we inde eerste tijd grondstoffen en halffabrikaten voor de vliegtuigindustrie moeten invoeren, spoedig zullen er hier ondernemingen zijn of ontstaan, die de productie van deze grondstoffen en materialen ter hand nemen. Wij beperken ons tot één voorbeeld: tot de lichtmetalen platen. Er bestaat hier te lande reeds een aluminium-, wals-

en persbedrijf. Maar aluminium zelf wordt hier nog niet geproduceerd, hoe- i wel reeds in 1936 in het maandschrift l 1 „Economie” een rapport vaneen in 1933 1 ... gevormde commissie voorkomt, waarin j de oprichting van de aluminiumindus- J trie in Nederland wordt aanbevolen. Een | Nederlandse vliegtuigindustrie zal zeker ] stimulerend op de uitvoering van deze I p plannen werken. Een belangrijke grond- 1 stof voor de aluminiumfabricage, t.w. ! bauxiet, kan weer verkregen worden uit 1 Suriname. Gedurende de vijf oorlogsja- : t ren heeft Suriname in bijna 1/3 van des Amerikaanse behoefte aan bauxiet voor- 1 zien, j Maar laten we onze fantasie beteuge- i len. Een Nederlandse vliegtuigindustrie zal inde eerste tijd steun behoeven. Maar daartegenover zal dan staan: a. Arbeid voor velen en het niet waardeloos worden vaneen opleiding, speciaal gericht op de vliegtuigindustrie (indien de nationale vliegtuigindustrie zou verdwijnen, waarvoor moet ! ’ dan het vliegtuigbouwkundlg onder- stu, wijs aan de Technische Hogeschool te M'ng Delft en aan vele Middelbaar Techni- 0,5“ sche Scholen dienen?). wot b. Invoer van vliegtuigen zal beslag leg- ter^ gen op een deel van onze slechts zeer pla karige hoeveelheid buitenlandse betaalmiddelen. Beter is daarom vervaardiging van vliegtuigen hier te i, 11 lande. pia c. De Nederlandse „luchtkoopvaardij” q°c en onze militaire en maritieme luchtmachten zullen bij een Nationale vliegtuigindustrie gebaat zijn. »er Het is mede daarom, dat wij ons verheugen, dat de regering een Nederlandse av0 vliegtuigindustrie in principe nodig acht en voornemens is haar medewerking te verlenen om deze industrie opnieuw tot stand te brengen. T Inmiddels is er een commissie ingesteld, ten einde de regering van advies 4p] te dienen met betrekking tot de bouw (, van vliegtuigmaterieel hier te lande. Aan kev deze commissie is tevens de opdracht imet verstrekt tot het doen van voorstellen, ten einde in het belang van de werkge- l legenheid en de ontwikkeling vaneen lep nationale vliegtuigindustrie, de Neder- j°r& landse industrie in, te schakelen bij de sty, voorziening inde behoefte aan vliegtui- Se» gen in Nederland (Rijk binnen en buiten de keerkringen). |van Van het advies van deze commissie zal ren tj afhangen op welke wijze de tot stand- [ple( tarenging vaneen Nederlandse vliegtuig- Ker industrie zal geschieden. Wij hopen ten zeerste, dat die commis- ' sie spoedig dit advies zal verstrekken, Ven opdat aan het herstel van de vliegtuigindustrie kan worden begonnen. vóó: De tijd dringt. – l6lli

2

Sluiten