Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Naaldenindustrie in Nederland. In het uiterste hoekje van, Zuid-Limburg ligt een kleine, voor hét Noorden vrijwel onbekende, maar buitengewóón belangrijke industrie: de Eerste Nederlandse Naaldenfabriek. Het is niet alléén de eerste maar ook de enige machinenaaldenfabriek in ons land. Een kleine industrie, die op het ogenblik wel een bijzondere sleutelpositie inneemt. Naast Duitsland, Schotland, Zwitserland, de V.S. en waarschijnlijk Rusland, vindt men deze speciale industrie in Vaals, vlak aan de Duitse grens. Er is op het ogenblik inde gehele wereld een enorm tekort aan machinenaalden. Deze zeer speciale en ingewikkelde industrie vraagt ’ goed geschoolde en uiterst bekwame arbeiders, die het vak van vader op zoon hebben geleerd. Hiervoor is een speciale opleiding van 4 tot 6 jaar nodig. Een machinenaald ondergaat op haar weg van staaldraad tot naald een proces van ruim een maand. De belangstelling voor de naalden van Vaals is groot genoeg. Niet alleen onze schoen- en leder-, textiel- en confectiefabrieken worden aan bet draaien gehouden, maar ook het buitenland plaatst geweldige orders, die deze kleine fabriek onmogelijk kan verwerken. Bestellingen uit Irak, Zanzibar, Cuba,- Chili, Egypte, Finland, Griekenland, Italië, Voor- en Achter-Indië, Polen; orders uit bijna de hele wereld komen binnen. Een grote nationale naaldenindustrie zou momenteel werkelijk een enorme deviezenstunt kunnen uitvoeren voor Nederland. Door de industrie van Vaals te niet alleen de import overbodig, bovendien is er export van verschillende systemen, die meestal niet in ons land gebruikt worden. Er zijn op het ogenblik nog moeilijkheden met de grond- en hulpstoffen. Nieuwe machines moet de naaldenfabriek in Vaals zelf maken, tenzij onze eigen industrie er in zou slagen, deze ingewikkelde' machinerieën te leveren. Een uitbreiding van de naaldenindustrie is zeker niet ééntwee-drie mogelijk, maar wegens een nationaal belang wel wenselijk. (De Volkskrant) Metaalindustrie te Emmen. Onlangs is te Amsterdam opgericht de N.V. Emmer Metaalindustrie, welke in Emmen, op het industrieterrein aan de Boksloot, een fabriek zal bouwen. Deze fabriek zal zich bezighouden met de vervaardiging van verschillende metalen voorwerpen, o.a. op het gebied van land- en tuinbouw en huishoudelijke voorwerpen. Met de bouw van de fabriek, die aan ongéveer 50 arbeiders werk zal verschaffen, hoopt men in Maart a.s. te beginnen, onder architectuur van den heer Plooy uit Amersfoort. Een zijspoor zal worden aangelegd naar de fabriek, zodat men aanslüiting krijgt op de lijn Emmen—Zwolle. Als alles volgens de plannen verloopt, hoopt men inde zomer met de bouw gereed te komen. Nieuwe fabriek voor landbouwmachines. Er bestaan ver uitgewerkte plannen voor de stichting vaneen fabriek van landbouwwerktuigen, meer in het bijzonder zgn. wentel- en trekkerploegen, die speciaal aan de eisen van de Nederlandse bodem voldoen. Reeds dadelijk zullen in deze fabriek vijf a zes honderd ongeschoolde krachten werk kunnen vinden. Het ligt inde bedoeling, dat het nieuwe bedrijf ons wat landbouwwerktuigen betreft, niet alleen onafhankelijk zal maken van het buitenland, maar op de duur ook voor de export zal gaan werken. De betekenis vaneen fabriek als deze kan blijken uit de omstandigheid, dat alleen reeds het tekort aan ploegen in ons land inde afgelopen zomer twintigduizend stuks bedroeg. (Het Parool) Fusie vliegtuigfabrieken. Op grond van besprekingen tussen een – vertegenwoordiger van de regering en vertegenwoordigers van de Nederlandse vliegtuigindustrie is 1 Februari j.l. een overeenkomst getekend tussen de N.V. Nederlandse Vliegtuigfabriek „Fokker”, de N.V. Mij. voor Vliegtuigbouw, „Aviolanda” en de N.V. Koninklijke Maatschappij „De Schelde”, waarbij tot fusie werd besloten. De nieuw op te richten vennootschap zal als naam krijgen: N.V. Verenigde Nederlandse Vliegtuigenfabrieken „Fokker”, waardoor de herinnering aan den groten Nederlandsen vliegtuigconstructeur,, Henry Fokker, levendig gehouden zal worden. Het gehele personeel van de bij de fusie betrokken bedrijven zal door de nieuwe N.V. overgenomen worden, inclusief de bestaande sociale voorzieningen als pen-

sioenfonds e.d. Door deze samensmelting verkrijgt men een concentratie van alle op het gebied van de vliegtuigbouw deskundige krachten, onder wie zowel handals hoofdwerkers. Alle lopende orders op vliegtuigen, autobussen, etc. zullen door het nieuwe bedrijf worden overgenomen. Voorlopig zullen de bestaande fabriekscomplexen worden gehandhaafd, tot een nieuwe fabriek, die zeer noodzakelijk is, zal zijn gebouwd. Voor de vestigingsplaats hiervan is o.a. gedacht aan Socs'forberg, Vlissingen. Rotterdam. Amsterdam, Alphen a. d. Rijn. Den Helder enz. Tot de accomriiodatie van de fabriekscomplexen * moet een vliegveld behoren en zo mógélijk een vlieghaven voor watervliegtuigen, die een lengte heeft van 4j km. Een grote moeilijkheid bij de overplaatsing van al het personeel is het gebrek aan woningruimte, zodat het nog wel twee a drie jaren kan duren, eerde plannen verwezenlijkt kunnen worden. De nieuwe directie van de N.V. zal bestaan uiteen directeur van ieder der drie partijen en een vierden directeur, die na gemeenschappelijk overleg zal worden benoemd. (De Volkskrant) Drukte bi] Werkspoor. Er wordt inde wagon- en bruggênfabriek N.V. Werkspoor bij Utrecht hard gewerkt. Over enkele maanden hoopt men ' 4.000 kolenwagens gereed te hebben, terwijl voorts, in uitvoering zijn 3,000 gesloten goederenwagens en 200 autobussen voor de Spoorwegen. De Nederlandse Spoorwegen plaatsten ook een belangrijke order, omvattende de bouw van nieuwe electrische treinstellen (in totaal 140 rijtuigen) . De gemeente Amsterdam bestelde bij Werkspoor ruim 100 tramwagens, terwijl ook de Haagse Tramweg Mij. een bestelling deed. Er is dus handen vol werk voor het personeel, dat thans tegen de 4.090 loopt. Sinds de bevrijding werd er reeds zeer veel herstelwerk verricht en wordt nog gewerkt aan ruim duizend goederenwagens, die zwaar beschadigd waren. Vier Diesel-electrische treinstellen moeten ook nog gereviseerd worden en dan is het voornaamste réparatiewerk achter de rug. Met materiaal door de Nederlandse industrie inde eerste plaats de Hoogovens geproduceerd en aangevuld door uit België geïmporteerde producten, heeft Werkspoor reeds aan nieuw materiaal afgeleverd: 300 kolenwagens, 50 opleggerbussen, honderden laadkisten en 80 laadkistenwagens. Voor dit herstelwerk werd het walsmateriaal betrokken van de hoogovens, de Demka te Utrecht en uit België; Amerika en Tsjechoslowaklje zorgden voor hout. Werkspoor heeft ook een begin, gemaakt met de wederopbouw van de stations te ’s-Hertogenbosch en Eindhoven. (Alg. Handelsblad) DE OUDEDAGSVOORZIENING (S.) Het vraagstuk van de oudendagsvoorziening is niet van vandaag of gisteren, maar is al jarenlang een veelomstreden materie. Reeds door de z.g.n. Enquête-commissie 1890—1892 is dienaangaande een advies uitgebracht. Zij adviseerde de regering o.a. „een wettelijke regeling van verplichte verzekering van werklieden tegen invaliditeit tengevolge van ouderdom” in overweging te nemen. Wij treden thans niet ineen beoordeling of veroordeling van dit advieS. Dat laat de ruimte, die ons in ons vakblad ter beschikking staat, niet toe. Het komt ons zeer waarschijnlijk voor, dat mede als reactie op dit advies de S.D.A.P. bij haar oprichting in 1894 de zorg voor de ouden, van dagen als politieke eis stelde en deze eis als volgt formuleerde: „Pensionnering van oude en invalide werklieden op kosten van de Staat.” In 1896 nam de Timmerliedenbond het initiatief om de eis van staatspensionnering onder de leden van de vakbeweging te propageren. Voor dit doel werd het Comité voor Staatspenslonnering gevormd, hetwelk tot 1905 een krachtige agitatie heeft gevoerd. Dit comité werd opgeheven toen in dat jaar het N.V.V. werd opgericht en vaststond, dat het o.a. ook de strijd voor goede sociale wetgeving zou voeren. N.V.V. en S.D.A.P. hebben zich Op dit terrein niet onbetuigd gelaten. Zij hebben zich echter niet bepaald tot het voeren van agitatie en propaganda, maar in verschillende rapporten, welke getuigenis aflegden van ernstige studie, de mogelijkheden en de wijze waarop één en ander huns inziens geregeld diende te worden, aangegeven. In rechtse kringen verzette men zich fel tegen de invoering van staatspen-

AFGEWEZEN! Zoals we in het vorige nummer reeds voorspelden, heeft het N.V.V. de fusie met de E.V.C. afgewezen. Het hoofdbestuur van slechts één bond stemde vóór de fusie, ofschoon zijn woordvoerder toch ook ernstige bedenkingen had tegen de practijken van de E.V.C. Uit de ontvangen berichten van onze afdelingen blijkt, dat de overgrote meerderheid van onze actieve leden de gevallen beslissing als een soort van „verlossing” beschouwt. Terecht werd gevreesd, dat fusié met de aan'de communistische leiband lopendé E.V.C. geen éénheid, maar grote tweespalt en politiek gekrakeel tof gevolg Zou: hebben. Het ligt niét ih de bedoeling om, na het zeer vele, dat over dit onderwerp reeds is geschreven, de genomen beslissing nogmaals toe te lichten. Wij mogen, dok al in verband met tekort aan plaatsruimte in onze krant. oriZe lezers met nadruk verwijzen naar de laatste „Vakbeweging” van 25 Maart j.L waarin èn de door de Hoofdbesturenvergadering van het N.V.V. aangenomen resolutie èn een zeer uitvoerige documentatie is opgenómen. Bovendien is er vanwege het N.V.V. ineen grote oplage een manifest verspreid. In verband echter met de keuze, die de E.V.C, en de C.P.N. stellig tegen ons zullen ontketenen, verzoeken wijde lezers de gegeven voorlichting nog eens goed door te nemen. Bovendien is het bondsbéstuur bereid om overal waar dit nodig wordt geacht zijn standpunt tegen de fusie te Verdedigen. Naar aanleiding van de bewering van E.V.C. en van Communisten, dat wij de „democratie” zouden hebben geschonden dat moeten zij zeggen! wijzen wij er op, dat het ons bondsbéstuur uit talrijke vergaderingen was gebleken, dat onze leden in overgrote meerderheid niets meer van de fusie wilden weten en dat hetzelfde het geval was met onze bondsraad. Inde op 7 en 8 Maart gehouden vergaderingen van dit belangrijke college, samengesteld uiteen zestigtal vertegenwoordigers der leden uit het gehele land, is het bondsbéstuur dan ook met slechts twee stemmen tegen, opdracht gegeven de fusie af te wijzen.

sioen. Dit werd betiteld als staatsarmenzorg en zij stelden daar tegenover ouderdomsvoorziening door middel van verzekering. Onderling was mén het er echter niet over eens of de oplossing gevonden moest worden op basis van verplichte dan wel Vrijwillige verzekering. Uit de door minister Talma ingediende ontwerpinvaliditeitswet, waarin de oudedagsvoorziening gekoppeld werd aan de invaliditeitsverzekering, blijkt, dat de: voorstanders van de verplichte verzekering het pleit hadden gewonnen. Later, in 1919 is daar de Vrijwillige Ouderdomsverzekering bijgekomen, maar we mogen gerust zeggen, dat deze op een grandioze mislukking is uitgelopen. Op 1 Januari 1945 waren van de 91.000 ouderdomsrenten, die genoten werden, er slechts 12.500 ingevolge de V.O.V, De totstandkoming van de oudendagsvoorzientng is in ons land altijd sterk vertroebeld door onderlinge politieke

strijd. Hierop werd ter gelegenheid van de door minister Dr, J. v.d. Tempel in I 1943 te Londen ingestelde -Commissiev. Rhijn door Dr. A. A. van Rhijn de aandacht gevestigd Deze zei 0.a.: „Nederland heeft op het terrein van' de sociale verzekering iets goed te maken. De geschiedenis van onze sociale verzekering vormt geen roemrijke bladzijde inde historie van onze parlementaire democratie. De ouderdoms- en Invaliditeitswet werden inde jaren 1909—1913 in vinnige politieke strijd geboren, niet als nationaal product. Terwijl wij dit schrijven wordt inde Tweede Kamer der Staten-Generaal de Noodregeling Ouderdomsvoorziening, in de volksmond bekend onder de naam „Noodregeling Drees” behandeld en het laat zich aanzien, dat ook nu nog de oude stokpaardjes van „staatsarmenzorg” een rol spelen. Ineen volgend nummer komen wij op één en ander nader terug.

JSÉb LAD E N

Vorige week zijn we weer eens naar de bioscoop geweest. Dat is een hele gebeurtenis, want alvorens we zover zijn gaat er altijd een hele ceremonie aan vooraf. Het

begint met de vraag van m’n vrouw: „Heb je nog een avond vrij van de week?" Dat gaan we dan eerst uitpuzzlen. Lukt het, dan komt de keuze van het theater en dat geeft de grootste moeilijkheden vanwege de verschillende maatstaf, die wij aanleggen. Zij leest van tevoren eerst de recensies inde kranten, bestudeert welke sterren er inde film optreden en of er mooie muziek bij is.

Ik probeer te weten te komen of het dicht bij huis is en of er lekkere makkelijke stoelen zijn, waarin je een tukkie kunt doen. Als we dan over-en-weer gezegd hebben hoe we over eikaars opvattingen denken-, krijg ik gelijk en gaan we naar de bios, die zij heeft uitgezocht. Deze keer waren we ineen baldadige bui en zijn we gewoon de straat op en een theater in gelopen. Zal wel inde lente zitten! Maar we boften, want het was een prachtige film en van slapen kwam niets. Het ging over het verzet in Frankrijk en we werden binnengeleid in het net van list en intriges zoals dat toen in elk land was gespannen om de moffen een loer te draaien. Geen blik achter de schermen van de diplomatieke wereld waar de grote beslissingen vallen, maarde duizendvoudige inzet van allemaal kleine levens van de kleine mensen die óók inde oorlog het zwaarste deel hadden te dragen. Na afloop hebben we aan elkaar gevraagd wat nu eigenlijk de grote kracht van deze film was, waardoor zij op ons zo’n diepe indruk maakte. We kwamen er niet uit, tot we teruggekeerd aan ons dagelijks werk, weer met de neus op de feiten werden gedrukt. Toen wisten we, dat het dit was, dat we opnieuw bewaarheid hadden gezien, dat de enkeling tot niets – maar dat alle kleine mensen gezamenlijk tot alles in staat zijn en dat als zij willen, hel onrecht moet wijken voor het recht en welvaart zal komen waar nü nog kommer heerst. En ómdat het lente was, hebben we mekaar een zoen gegeven en onze belofte herhaald, dat wij daaraan onze beste krachten zullen wijden.

2

Sluiten