Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Oe ABONNEMENT; Bi) vooruitbetaling per ja a» ♦ 2. Voor Het buitenland verhoogd met porto ADVERTENTIES: Afdeling» – advertenties per regel , . . . t 0.20 Aanvragen voor personeel of andere advertenties. welke met de metaalindustrie verband houden per regel f 0 30 Verschijnt 2* per maand

52e Jaargang Nummer 8 Zaterdag 19 April Oplaag 51.600 Metaalbewerker Redacteur: D. W. van Hattem hemonylaan 24 Amsterdam-Zuid Telefoon 27858-20821

■ W I f* I"1 r- fF* f* *TT* k. I La |~J I I I A I r L L L Va I La y I Jf \-.J I | 1 \J| nj | | Li I

Wanneer deze krant verschijnt, scheiden ons nog slechts luttele dagen van de eerste van Mei. De dag, die van 1890 af door de internationale socialistische arbeidersbeweging wordt gevierd als de dag van de arbeid. Stond deze dag aanvankelijk meer in het teken van protest en verzet tegen de uitbuiting en en de onderdrukking van de proletarische massa dooreen niets ontziend en winziek kapitalisme, door de verandering en verbetering inde persoonlijke en maatschappelijke omstandigheden is er later meer het stempel vaneen socialistische feestviering op gedrukt. Het is tegenwoordig dan ook algemeen gebruik om van het 1 Meifeest te spreken. De feestdag van de arbeid. In verband met deze karakterverandering zijn er ook in ons land wel stemmen opgegaan om de eerste Mei tot een algemene feestdag te verklaren. Maar zó ver zijn we in Nederland nog niet gekomen en wij weten eerlijk gezegd ook niet of wij een dergelijk besluit reeds thans moeten wensen. Want wèl is ook het Nederlandse volk een heel eind opgeschoven naar socialistisch denken, maar aan het socialistisch handelen mankeert nog veel. Werd onder deze omstandigheden de eerste Mei tot een algemene feestdag geproclameerd, dan is te vrezen, dat het socialistisch karakter van deze dag zou vervagen. En dat wensen wij niet. Want 1 Mei is de dag der socialistische arbeidersbeweging! Op deze dag vernieuwt zij haar strijd voor de bevrijding der mensheid van kapitalistische overheersing en belijdt zij haar vertrouwen inde groei vaneen nieuwe en socialistische gemeenschap. Het was op voorstel vaneen Fransen mijnwerker, dat het congres der Socialistische Internationale in 1889 te Parijs besloot om elk jaar op 1 Mei door grote betogingen te ijveren voor een wettelijk geregelde 8-urige werkdag. Wettelijk geregeld omdat zonder dat de duur van de werktijd steeds onderhevig zou zijn aan de wisseling van conjunctuuren machtsverhoudingen. Dat vóór alles deze eis werd gesteld, tekent de toestand in die tijd. In onmenselijke lange werktijden, werden de arbeiders lichamelijk uitgeput en geestelijk afgestompt. Aan de eis van de 8-urendag zijn al spoedig andere eisen, later leuzen genoemd, toegevoegd of werden, al of niet na gehele of gedeeltelijke verwezenlijking, verouderde leuzen vervangen door nieuwe. Zij wisselden met tijd en omstandigheden. Wij denken hierbij vooral aan de strijd voor het algemeen kiesrecht en betere sociale wetgeving. Na 1918 waren het de ontwapeningsgedachte en het verlangen naar medezeggenschap, die op de voorgrond kwamen. Maar wat ook wisselde, het socialistische karakter bleef behouden en het was steeds dat, wat kleur en fleur aan de viering en bezieling aan de deelnemers gaf. Blikken wij nu, na zoveel 1 Meidagen, eens terug op de afgelegde baan, dan ontwaren wij licht en schaduw. Tevergeefs hebben wij zeker niet gestreden. In haar boek „Kapitaal en Arbeid in Nederland” schetste op blz. 89 de onlangs met een ere-doctoraat gehuldigde grote Nederlandse dichteres Henriëtte Roland Holst, de toestand der arbeidersklasse inde vorige eeuw aldus: „Geslacht na geslacht werd geboren, leefde en stierf zonder een andere levens-inhoud te hebben gekend dan zorg voor de vervulling der grofste materiële behoeften en een andere vreugd dan zinnelijke bedwelming. Hun ellende was niet die van

den modernen proletariër, voor wien uit wrangste derven het verzet ontstaat dat verheft, de hoop die verzacht, de gemeenschapszin die veredelt. Hun ellende was die van stompzinnige schepselen, zwak van fysieke, nog zwakker van geestelijke krachten, lijdend zonder uitzicht en van hun degradatie onbewust.” Hoe verschillend met toen is de toestand der arbeidersklasse thans! Ondanks de zorg, waarmede tallozen nog te kampen hebben, mag toch een sterk gestegen stoffelijk peil van welstand geconstateerd worden, terwijl ook, al zijn we niet blind voor de morele val na 1940, van geestelijke en zedelijke winst mag worden gesproken. Van de arbeidersklasse van thans mag b.v. niet gezegd worden, dat zij geen andere vreugde zou kennen dan zinnelijke bedwelming. De jeneverfles in het krot van den slaafsen proletariër van voorheen is veelal vervangen door het boek op de plank inde meestal netjes ingerichte woning van den zelfbewusten arbeider van thans. En hij kan met temeer voldoening op deze verbetering terugzien, omdat ze vooral het resultaat is van eigen kracht en strijd! Want om met Multatuli te spreken, beleeft men vooral vreugde in het snijden van de padi, die men zelf geplant heeft! Naast de voldoening over het resultaat van onze strijd, hebben wij echter ook met schaamte vast te stellen, dat ondanks de mede door onze 1 Meidagen versterkte internationale solidariteit, binnen een tijdvak vaneen kwart eeuw de mensheid tot tweemaal toe is geteisterd dooreen wereldoorlog. En toch hebben wij in onze beste ogenblikken geijverd voor de ontwapening en hoe gemakkelijk en kinderlijk naïef zongen wij in het jeugdbed over „de mens die goed is”! Toch blijft het onze dure plicht op de bres te blijven staan voor de wereldvrede! Niet alleen omdat het streven op zich zelf reeds van grote vor-

mende betekenis is voor ons persoonlijk leven, maar ook omdat wij van mening blijven, dat oorlog en kapitalisme ten nauwste met elkander te maken hebben. En zo zullen wij dan ook dit jaar weer een 1 Meifeest vieren. In overleg met andere democratische organisaties zijn door het N.V.V. als leuzen hiervoor vastgesteld: Geestelijke vrijheid, bedrijfsdemocratie en wereldvrede! Is het nog nodig deze leuzen hier uitvoerig toe te lichten of te verdedigen? Wij geloven het niet. Vijf lange en vreselijke jaren van oorlog en bezetting, moeten ons wel geleerd hebben dictatuur en militairisme te verachten. En verder is het een doodgewone eis van recht, dat de arbeider, die als het ware met zijn gehele lot en dat van zijn gezin verbonden is aan de onderneming waar hij werkt, een zekere mate van medezeggenschap krijgt, ook overeen aantal vraagstukken van economische aard. Na tientallen jaren van strijd is de arbeider tenslotte staatsburger geworden. Hij heeft er recht op om nu ook arbeidsburger te worden! Practisch betekent dit dat zo spoedig mogelijk, met grote bevoegdheden toegeruste bedrijfs- en ondernemingsraden, tot stand moeten komen. Wanneer het internationale feest van onze socialistische arbeidersbeweging enkele dagen achter ons zal liggen, herdenken wij op 5 Mei onze nationale be vrij ding uit nood en druk. Onze verlossing uit de bloedige greep van den niets en niemand ontzienden Duitsen bezetter. Moge deze herdenking waardig en de deelname er aan algemeen zijn. In overeenstemming met het ontzaggelijke offer, dat ons gehele volk met zijn ruim tweehonderdduizend doden in de gruwelijkste aller oorlogen heeft gebracht. Na een barre winter is de natuur uit haar doodsslaap gewekt. Allerwegen ontkiemt en ontwikkelt zich het nieuwe leven. De belofte vaneen betere tijd! Moge dit ook voor de mensheid gelden! Neemt deel aan het 1 Meifeest! Herdenkt op 5 Mei onze nationale bevrijding!

Reeds enige malen is ons gevraagd: „Die flauwekul met die vraagtekens enz. is toch maar camouflage, want de 50.000 zijn toch zeker al binnen?” Waarachtig niet en mede als overtuigend bewijs, hebben wij hierboven de stand van zaken weer in een cijfer tot uitdrukking gebracht, waarbij wij plechtig verklaren, dat dit de zuivere waarheid is! (Opletten zetter, als je bij ledencijfers over „waarheid” spreekt, zit zó de kat inde gordijnen!) En nou weten jullie meteen hoe laat het is. Hoogste tijd, heren! 17 Mei, eerste grote bijeenkomst inde Apollo-hal te Amsterdam! Als deze krant verschijnt, is het 19 April, hetgeen wii zeggen, royaal gemeten nog drie weken. Dat betekent; gedurende de eerste drie weken

geen kaartavondjes, alleen op Zaterdagmiddag in de tuin werken en de keuken schoonmaken ni 17 Mei. Want we zien het al gebeuren, dat jullie met afgezakte gezichten in Amsterdam verschijnen, omdat we er nog een slordige paar honder te kort zouden komen! Het is niet alleen om je dood te schamen, maar de vrouwen gaan vast niet mee, omdat ze zich met zo’n stel-kerels-van-niks niet in het openbaar willen vertonen, terwijl we zo stellig juist op hén hebben gerekend! Daarom: terwille van onze manlijke waardigheid en omdat wij ons voor het laatste stukje niet zullen laten kennen: Alle hens aan dek en snel-snel!

Sluiten