is toegevoegd aan je favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 32, 1934, no 47, 08-09-1934

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tijd EN Taak

Aan God behoort de aarde en haar volheid. Psalm 24:1

ZATERDAG 8 SEPTEMBER 1934 – No. 47 32ste JAARGANG VAN DE BLIJDE WERELD

COr*IAI IQTIQPH WFPKBLAD RELIGIEUS-SOCIALIbIIbUn WttIVDLMU

ONDER REDACTIE VAN DR, W. BANNING adres der redactie. BENTVELDSWEG 5 • BENTV^

VERSCHIJNT VIJFTIG MAAL PER JAAR – 32STE JAAR G A N G _VAjj_P_E_BLjJ^D^E^W^Eß^^^

aoowmcmcnt Ril VOORUITBETALING PER JAAR F 3.40, PER HALFJAAR F 1.75, PER KWARTAAL F 0.90 PLUS 1 5 CTS INCASSO – LOSSE NUMMERS

?oÏtG.RO 21876 N.V. DE ARBEIDERSPERS. HEKELVELD 15. AMSTERDAM-CENTRUM

DRAAG HET VOORT!

D e laatste jaren is de religieus-socialistiese beweging in ons land verheugend snel gegroeid, al bracht en brengt deze als elke ontwikkeling moeilikheden van innerliken en uiterliken aard mee. Van af de eerste prediking van een religieus-socialisme tot heden toe is de kracht en de omvang der gedachte heel wat groter geweest dan uit het ledenaantal der organisaties bleek. Bovendien zal het vraagstuk der organisatie steeds, wezensnoodwendig, een van de moeilikheden van een religieussocialisme zijn, dat nóch kerk nóch politieke partij wil vervangen of nabootsen, doch slechts geestelik bevruchtend wil zijn.

Wij wagen het, met de verzekerdheid die nu eenmaal aan een vastgewortelde over – tuiging eigen is en die waarlik deemoed niet behoeft uit te sluiten, religieus-socialisme te propageren als de toekomst en de roeping van het Nederlandse volk; als een van die geestelike waarden en krachten waarin een klein volk groot kan zijn en die, óók wanneer de wind tegen is en de hoofdstroom anders vloeit, nochtans het kultuurleven van heden en toekomst zeer sterk bepalen. Als wij nu spreken van religieussocialisme, dan denk ik niet aan een organisatie of een beweging, maar aan de gedachtenwereld, die zeer verre de organisatie te boven gaat. In twee figuren staat dan die waarheid in vlees en bloed voor mij: Berlage en Henriëtte Roland Holst. Hun gedachtenwereld is diep vergroeid met de geschiedenis van ons Nederlandse volk, en hun invloed op de vaderlandse (en West-Europese) kuituur gaat verre boven partijbegrenzingen uit.

Het is voor wie iets van de geschiedenis weet trouwens geen wonder. De demokratie óók en vooral als gezindheid en levenshouding, zit ons volk diep in het bloed. Het stoere woord van een der Friese helden: wij Friezen knibbelje allinne for God wij knielen alleen voor God, niet voor aardse machthebbers, wordt door ons hele volk als een karakteristiek woord gevoeld,

Een zeer vooraanstaand man in onze Nederlandse politiek ondertekent ook brieven aan ministers en de Koningin met „Uw dienstwillige”, maar laat het „dienaar” weg het éérste woord wijst heen naar ’s mensen adel van gaarne te willen dienen uit vrijheid; het tweede woord is voor den vrijen mens onaanvaardbaar. Deze oerdemokratiese gevoelens van de innerlike waardigheid van de mens, welke overigens zijn rang of stand zij, de overtuiging dat vrijheid in de zin van innerlike zelfbepaling tot het onaantastbare van de mens behoort, leven in de geschiedenis van ons volk. Nu is socialisme in z’n algemene zin niet anders dan de voiieaige toepassing der demokratiese gedachte; haar toepassing óók op het ekonomiese, maatschappelike en geestelike terrein. Dat hier enorme moeilikheden liggen, behoeft geen betoog, Evenmin echter dat een socialisme, dat aan de demokratiese waarden en gezindheden die vorm weet te geven die past bij de 20e eeuwse verhoudingen, door de beste en edelste tradities van ons volk wordt gevoed.

Maar daarbij hoort onmiddellik, dat zulk een socialisme in ons land en ons volk door de religie bepaald moet zijn. Niet slechts om de historiese reden, dat de demokratiese waarden in ons volk vrucht der religie zijn, uit haar opgebloeid, door haar gekleurd en tot volstrekte waarden gemaakt. Maar ook, omdat een vrije, sociaal-gerichte en karaktervolle religie in zichzelve een door ons volk onmiddellik verstane, met de volksziel verweven kracht is. Ik noemde zo even twee grote kunstenaarsfiguren van het heden; verleden, dan rijst onmiddellik Rembrandt op, uit wie de religieuze hartstocht op typies Hollandse wijze uitbreekt met een ondoofbare gloed.

Daarom beweren wij: socialisme in antidemokratiese en anti-religieuse vorm heeft in ons volk geen kans. Naar het positieve gekeerd: slechts een socialisme dat als nieuwe vorm der demokratiese gedachte en gedragen door positieve eerbied voor religie

beantwoordt aan de wezenlike behoeften van ons volk zal de kultuurbijdrage van dat volk aan het geestesgeheel ener West-Europese of groeiende wereldkultuur kunnen zijn.

Als wij onze eigen taak de taak van ons blad en van de religieus-socialistiese beweging in dit raam stellen, zijn wii ons er onmiddellik van bewust, dat zij verre de kracht van een aantal individuën te boven gaat. Ook, dat de strijd voor dit socialisme op meer dan één front gevoerd zal moeten worden: naar de kant van een atheïsties socialisme evenzeer als naar die van een sociaal-konservatieve verburgerlikte religie. Naar de kant van die socialisten die de demokratie aanvaarden wanneer zij voordeel afwerpt, maar haar verwerpen wanneer zij offers vraagt; naar de kant van die godsdienstigen, die voor alles het eigen zieleheil kultiveren en rustig de werkloosheid en dreigende oorlog millioenen zielen laten vermoorden. Religieussocialisme is ons een onverbrekeiike eenheid, wil men: altans in beginsel een omvattende levensbeschouwing, waarin religie zowel het socialisme bepaalt als omgekeerd socialisme onmiddellik uit de religie voortvloeit.

Juist omdat wij religieus-sociaiisme in bovenaangeduide zin zien als roeping en toekomst van ons hele volk, willen wij terwille van de geweldige levensbelangen die daarmee gemoeid zijn, dat volk in al zijn geledingen trachten te winnen voor deze idee. Uit liefde voor de demokratie, die recht wil doen aan de waarde der persoonlikheid, die gemeenschap, volk en staat stelt onder de norm der gerechtigheid. Uit liefde voor de socialistiese gedachte en beweging, welke laatste zich de adel, d.i. de volstrekte en onvergankelike, de religieuze waarde van haar levensideaal bewust moge worden. Ten slotte: uit gehoorzaamheid aan God, die ons de al-menselike verbondenheid en gerechtigheid deed oplichten als heilige taak. Draagt het voort, dit religieus-socialisme! W. B.