is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 38, 1939, no 2, 07-10-1939

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BUITENLANDSE KRONIEK

Combinaties

Voor hen die niet zo kinderlijk zijn, dat zij geloven, dat het Duitse vrede.svoorstel in zal houden herstel van de onafhankelijkheid van Polen en van Tsjecho-Slowakije en de vervanging van Hitler en zijn aanhang door een regering in Duitsland, op wier woord en handtekening men staat kan maken is op het ogenblik allerlei anders belangrijk dan het zogenaamde vredesoffensief.

Niet, dat de overgrote meerderheid van de mensheid, zelfs die in het oorlogvoerende Europa, niet vrede boven oorlog zou verkiezen, maar wie de zaken nuchter beziet kan enerzijds niet geloven in de vrede van enige duur, wanneer niet aan de bovengenoemde voorwaarden voldaan is en anderzijds niet in de mogelijkheid, dat de Duitse regering deze voorwaarden zou aanvaarden, ook al stonden er belangrijke concessies op koloniaal of economisch gebied tegenover.

Een oud man als Lloyd George, die zich vastgebeten had in de zekerheid van een militair verbond tussen Engeland, Frankrijk en Rusland, moge uit pure teleurstelling slachtoffer zijn geworden van de voortgezette zenuwenoorlog, wie Zondag de rede van Churchill hoorde, weet, dat de Engelse bulldog niet meer loslaat voordat Hitler, Ribbentrop, Himmler en de anderen van het toneel verdwenen zijn.

De aarzeling bij de Fransen, wien de ommekeer van de Sowjet-Unie ook ernstiger getroffen heeft dan vele Engelsen, schijnt nu ook wel verdwenen te zijn op dezelfde nuchtere overwegingen; en de communisten die nu met hun naamsverandering in „Arbeiders en Boerenpartij” geheel gelijkop met Moscou van „bellicisten” in pacifisten veranderd zijn, vinden vrijwel geen gehoor en oogsten grote verontwaardiging.

Rusland-Duitsland

In de jongste Duits-Russische overeenkomst, bij het tweede bezoek van Ribbentrop aan Moscou afgesloten, werkelijk van zulk een betekenis, dat zij een ommekeer in de Franse of Engelse politiek zou kunnen rechtvaardigen? Wat is er eigenlijk anders, dan dat Rusland ook na zijn verzadiging in Polen de zelfde weg blijft gaan als bij de afsluiting van het eerste non-agressiepact, dat de aanval op Polen veüig stelde? Ook nu is er niet meer beloofd dan de welwillende samenwerking, diplomatiek dekken van de rug en een economische samenwerking, voor zover mogelijk en is er bij Ruslands eigen toenemende behoeften en slechte verkeersmiddelen wel zoveel mogelijk? maar geen enkele zinspeling is gemaakt op militaire samenwerking.

Zo was de toestand op 1 September ook. De herhaling van de overeenkomst kan natuurlijk een voorbode zijn van nauwere samenwerking, maar zekerheid daaromtrent bestaat er allerminst. Wij moeten het nog zien voor wij het geloven dat b.v. anders dan voor reclame-doeleinden Russen aan het Westfront zullen komen. Indien het al tot enigermate elkaar steunend militair-samenwerken zou komen, dan is veeleer een Russische aanval op het onder Engelse invloed staande Oosten te verwachten Perzië, Afghanistan, Brits-Indië dan een hulp waarvan alleen Duitsland kan profiteren en Rusland geen andere dan propagandistische voordelen van kan trekken, waartegen de Duitse regering ongetwijfeld streng tegen zou willen waken. In het „vredesoffensief” althans worden al geruchten over grensschending door de Russen in Afganistan verbreid. Of het menens dan wel dreigement is, weet niemand nog. Een neutrale afwachtende houding van Rusland is stellig zeer wel mogelijk; de interne opbouw eist nog steeds zoveel mogelijk binnenlandse rust. De positie die de Sowjet-Unie zich heeft gekozen wijst echter ook op de verzekering van een sterke militaire positie tegenover Duitsland. Vloot- en luchtbases in de Oostzee-staten zijn alleen voor Duitsland speciaal gevaarlijk en datzelfde

geldt ook van de posities in Polen, waar wel het grootste deel der bevolking aan Duitsland is gekomen, maar een moeilijk en vreemd deel, terwijl Rusland niet alleen de nieuwe grenslijn goed verdedigen kan, maar ook de schijn kan wekken alleen maar minderheden „beveiligd” te hebben.

Churchill is dan ook wel zo handig geweest Rusland in zijn rede zoveel mogelijk te sparen om de kansen op een nieuwe ommezwaai van Rusland, althans een afzijdighouden, zo min mogelijk te belemmeren.

Duitsland-ltalië

Ook met Italië is Churchill zeer voorzichtig geweest en dat met minstens evenveel recht. Italië kan immers al helemaal niet enthousiast zijn over een Duits-Russische samenwerking. Niet alleen heeft Duitsland hiermee nog een derde concurrent in het Balkangebied opgeroepen; niet alleen zijn machtige groepen in Italië als het koningshuis en het Vaticaan fel anti-communistisch; maar bovenal is het voor Italië al heel weinig verleidelijk om als zwakste broeder in een bondgenootschap met zo weinig bescheiden partners samen te werken. Italië gaat dan ook rustig voort zijn grote stoomschepen naar Amerika te zenden, en wat sterker is: het weigert bemiddelingsvoorstellen voor Berlijn aan Londen en Parijs over te brengen, die een opdeling van Polen inhouden.

Wil dit zeggen dat Italië geheel en al naar de Engels-Franse kant is overgezwaaid? Dat is niet waarschijnlijk, want in dat geval zou zou hij ook weer de zwakste broeder in een bondgenootschap zijn. aanlokkelijker is het voor Italië om zich zo lang mogelijk van partijkiezen te onthouden, opdat het de hoogste prijs voor zijn steun kan bedingen. Dat is ook voor het regime van Mussolini het voordeligste, want dit zou maar kwalijk passen in het ideologische Engels-Franse front en zou dus gevaar lopen.

Toch kan de te bedingen prijs niet te hoog zijn, want iedereen kan weten, dat een keuze van Italië voor de Duitse kant niet aantrekkelijk kan zijn: het zou onmiddellijk Abessinië verliezen door de sluiting van het Suezkanaal. Ook Lybië zou snel bezet kunnen worden door troepen, die van twee kanten uit Egypte en Tunis zouden oprukken. Albanië zou mogelijk eveneens verloren zijn. En de Engels-Franse vloot zou alle grote schepen van Italië vanuit zee kunnen bombarderen en de Povlakte is een tamelijk gemakkelijk opmarsgebied voor Franse troepen.

Toch zal het voor Italië een bittere pil blijven om zijn verzet tegen de Engelse machtspositie in de Middellandse zee op te geven. En daarom zal het zolang mogelijk op twee paarden blijven wedden. Maar het ziet er wel naar uit, dat belangrijke beslissingen in deze oorlog eerst kunnen vallen wanneer Zuid-Oost Europa partij heeft gekozen, of tot partijkiezen gedwongen is.

In het oosten is de tegenstand immers voorlopig gebroken, in het westen kan alleen door het schenden van de neutraliteit van kleine landen de stellingoorlog in een groot offensief overgaan.

Het verre Oosten—Amerika

Nog onduidelijker is de situatie in het Verre Oosten. Van Japan is het alleen zeker, dat het voort zal gaan met zijn verovering in China. Maar of het dit met een welwillende neutraliteit van Russen of Engelsen wil doen, ligt nog in het duister. De enige principiële tegenstander van Japan ligt aan de andere zijde van de Stille Oceaan: de Vereniginde Staten, welks publieke opinie vermoedelijk alleen voor oorlog tegen Japan zijn neutraliteit zal willen opgeven. Dat die neutraliteit steeds welwillender zal worden voor Engeland en Frankrijk ligt voor ieder, die de gevoelens van Amerika tegenover het nationaal-socialisme kent, voor de hand. De neutraliteitswetgeving zal dan waarschijnlijk ook binnenkort in gunstige zin gewijzigd worden voor hen, die de zee beheersen. De volledige isolatie-politiek wordt alleen voor gestaan door een afnemende groep dog-

matische pacifisten en een kleine maar machtige combinatie van groot-kapitalisten. De verovering van Polen wordt niet erkend; en de Pan-Amerikaanse conferentie heeft door het afbakenen van een veiligheidszone duikbootoperaties van Duitsland op de Oceaan aanzienlijk beperkt.

Zo verkeert het politieke terrein in vele delen van de wereld nog in staat van afwachting, terwijl reeds de zonen van Duitsland, Polen, Engeland en Frankrijk op de slagvelden vallen. Zij brengen reeds de zwaarste offers voor een zaak, waarvan hun regeringen nog niet weten met welk concreet doel en met welke bondgenoten zij zal worden gestreden.

W. VERKADE.

BOEKBESPREKING

Mensen op de Tweesprong, door Marie Pujmanova. Vertaald door dr. A. E. Boutelje. Ultg. Van Loghum Slaterus, Arnhem, 1939. 446 blz. Ing. ƒ3.90, Geb, ƒ4.90.

Deze roman speelt in Tsjecho-Slowakije. De hoofdpersoon, Ondrej Urban, is ’n jongen van het platteland, die na de dood van zijn vader met z’n moeder en zuster naar Praag trekt. Maar hij blijft „boer”: stug, verlegen, ook koppig doorzettend, als het om z’n toekomst gaat. Die toekomst, natuurlijk een „grote” toekomst, verwacht hij van Kazmar’s textiel-grootbedrijf in Uly. Op eigen houtje maakt hij alles klaar om zich te laten inschrijven als een van „Kazmar’s jongens”. En dan krijgen we een beklemmende tekening van wat het grootbedrijf met z’n mechanisatie en rationalisatie, met het opvoeren van prestatie en snelheid, voor de mensen betekent en van de mensen maakt. Als tenslotte Ondrej als mens durft te staan tegenover den baas, wordt hij er uit getrapt.

Om Ondrej heen groeperen zich tal van mannen en vrouwen uit verschillende kringen, allen scherp en raak getypeerd, vooral de zeer verschillende vrouwen. En hoe benauwt ons niet de beschrijving van het decadente Praag, het nachtleven in de Red bar!

Al met al een veelzijdig boek, dat veel lezers verdient.

Ik heb me alleen afgevraagd: Is dit Tsjecho-Slowakije, dit alléén? Zo bitter weinig komt er tot uiting van bloeiend geestelijk leven, van geestelijke kracht. We hadden zo graag ook dat willen vinden in het leven van de jonge republiek. Is dat een ijdele wens of is het beeld van de Tsjechische schrijfster toch eenzijdig?

De vertaling laat zich uitstekend lezen.

H. B.—S

Jack Londen, zijn leven en werk, door Irving Stone. Geautoriseerde bewerking van A. M. de Jong. Uitg. H. P. Leopold’s Uitgevers-maatschappij N.V. Den Haag. Prijs Ing. ƒ 2.90—Geb. ƒ 3.90.

„Wie de waarheid onderdrukt, wie de waarheid verbergt, wie in een bijeenkomst niet opstaat en zijn mening verkondigt, wie in een bijeenkomst zijn mening uitspreekt zonder de gehele waarheid te zeggen, die is minder waar dan de waarheid.”

Dit woord van Jack London typeert volkomen den beroemden Amerikaansen avonturen-schrijver, wiens eigen leven minstens even bewogen is geweest als dat van zijn geesteskinderen.

Do waarheid en niets dan de waarheid! Als een vlammend zwaard heeft London deze woorden steeds gehanteerd. Onbeheerst, onberedeneerd, dikwijls onverstandig, maar altijd uit de volle goedheid zijns harten heeft hij hen gediend, dag in dag uit en dwars tegen alle raadgevingen van vrienden in. Voor hem betekende „waarheid” zichzelf zijn en omdat hij krachtens zijn natuur niet in staat was zich in te kapselen in een maatschappelijke positie, hóe ernstig en dikwijls hij het overigens ook probeerde, moest zijn leven onvermijdelijk een aaneenschakeling worden van hoogte- en laagtepunten, van succes en val, van honger en overvloed. Dit alles zowel in materieel als ideëel opzicht.

Zijn landgenoot Irving Stone heeft hiervan op even boeiende als overtuigende wijze verteld en men zegt, na dit boek gelezen te hebben;

„Ja, zo moet London zijn geweest. Bij zijn boeken is geen andere persoonlijkheid denkbaar dan deze onbesuisde, goedhartige en onevenwichtige man.” De grote verdienste van Stone is o.i. vooral, dat hij ons geen geïdealiseerde Jack London voorzet. Naast zijn grootheid als schrijver, lezen wij over zijn menselijke kleinheden en naast zijn menselijke grootheid staan zijn mislukkingen als schrijver. Zij, die zich voor de werken van Jack London interesseren, moeten dan ook niet verzuimen deze biografie te lezen. Het kennen van den auteur betekent in dit geval geen teleurstelling!

De uitstekende Nederlandse vertaling is van de hand van A. M. de Jong. Terecht heet het in dit geval „bewerking”, want wie zou beter dan De Jong naast deze boeiende Amerikaanse vertelling een gelijkwaardig Nederlands pendant hebben kunnen zetten? I. D.—^R.