is toegevoegd aan je favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 44, 1946, no 14, 05-01-1946

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tijd en Taak

ZATERDAG 5 JANUARI 1946 – No. 14

Aan God behoort de aarde en haar volheid. Psalm 24:1

ONAFHANKELIJK WEEKBLAD VOOR EVANGELIE EN SOCIALISME -J

ONDER REDACTIE VAN Dr. W. BANNING EN Ds. J. J. BUSKES Jr. HEKELVELD 15. AMSTERDAM-CENTR.

– 44ste JAARGAN^VAt^^UJD^?FPFm

VOORUITBETALING PER JAAR ƒB.OO, HALFJAAR ƒ4.25, KWARTAAL ƒ 2.30 PLUS ƒ0 15 INCASSO LOSSE NUMMPR9 fn roSJGIRO 21876 – SEMEENTE GIRO V 4500 – ADMINISTRATIE, N.V. DE ARBEIDERSPEKS. HEKELVELD

GELOVEN

Men zegt, dat het moeilijk is, om in deze tiid te cel oven

Maar het is ook zo, dat wij in deze tijd beter dan ooit tevoren

leren verstaan, wat geloof betekent en wat ons geloof waard is.

Vroeger dachten wij, dat wij het wisten, maar wij wisten het niet. Wij leefden in een christelijke wereld en waren zelf christelijk. Wij lagen buiten de stroom van het wereldgebeuren. Ons christendom was nogal zeker van zichzelf en had aan zichzelf genoeg. Dit zelfverzekerde christendom behoort voor een goed deel tot het verleden en onze zelfgenoegzaamheid is Goddank door de storm van deze jaren weggevaagd. Heel veel, dat geloof heette en in wezen geen geloof was, is stuk gebroken. En misschien is ook heel veel stuk gebroken, dat in wezen wel geloof was, maar toch te zwak om in deze harde tijd stand te houden.

Wat betekent geloven in deze tijd? In het Nieuwe Testament wordt ergens het geloof van Mozes, den leider van het verdrukte en geknechte Joodse volk met deze woorden gekarakteriseerd: „Hij stond pal, als ziende den Onzienlijke”. Dit is geen dogmatische definitie, maar het is wel een prachtige omschrijving van wat geloof in moeilijke tijden inhoudt.

Geloof is midden in al het zichtbare, dat ons verwart, den Onzienlijke zien en daarom pal staan. De onzienlijke. Dat is God. Geloven is God zien. God.

De Bijbel getuigt: God is de Almachtige en God is Liefde. Maar wie ziet in deze tijd God als den Almachtige en tegelijkertijd als Liefde? Als Hij de Almachtige is, dan overtuigt de wereld en het leven ons, dat Hij in geen geval Liefde is. En als Hij liefde is, dan bewijst dezelfde wereld en hetzelfde leven ons, dat Hij zeker niet de Almachtige is. Het schouwspel der wereld wordt ons eenvoudig te sterk.

Maar Mozes geloofde: hij zag den Onzienlijke en dwars tegen alles in stond hii pal.

Het Griekse woord, dat in het Nieuwe Testament gebruikt wordt, heeft drie betekenissen, die samen de zin van het

woord vormen: pal stagn, volhouden, verdragen.

Moeilijk, onmogelijk, als wij alleen zien wat er in deze wereld te zien is. Dan staan wij niet pal, maar worden bang voor de machten, die de wereld beheersen.

Dan houden wij niet vol, maar worden moe en moedeloos, omdat het zo lang duurt.

Dan verdragen wij niet, maar worden opstandig, omdat wij het niet langer harden. Het kan alleen, doordat wij God zien, God den Almachtige, God die Liefde is,’ God de Onzienlijke, die kan en wil en zal helpen.

Pal staan, volharden, verdragen! Het klinkt in rustige tijden zo moralistisch, in harde en moeilijke tijden zo stoïcijns. Zonder het zien van den Onzienlijke is het dat ook.

Buiten God om betekent deze oproep niet veel meer dan: houd er de moed maar in, de tanden op elkaar! Voor hen, die den Onzienlijke zien, krijgen deze woorden echter een andere klank, omdat zij gesproken worden van het geloof in God uit.

In het haft je van Parijs bevindt zich de oude Protestantse kerk. Naast deze kerk staat het standbeeld van Gaspard de Coligny, den hugenoot, die midden in de dreigende gevaren de fakkel omhoog hield en daarvoor in de Barthelomeüsnacht het leven liet. Op het voetstuk van dat standbeeld staan de woorden, die in het Nieuwe Testament van Mozes gezegd worden: „Hij stond pal als ziende den Onzienlijke”. Onder dit bijbels getuigenis de woorden uit het testament van De Coligny: „Gaarne zal ik alle krenkingen en beledigingen vergeten, die slechts mij persoonlijk zijn aangedaan, mits men met rust late het heil van mijn volk en de eer van God”.

Onze Koningin heeft bij dit standbeeld een krans gelegd en de woorden „Christ avant tout” gesproken. Deze woorden kent ieder Nederlander. Zij zijn voor alle mogelijke partij-doeleinden misbruikt en als christelijk-nationale leuze versleten tot op de draad. Toch zijn ze de waarheid. Pal staan, volhouden, verdragen in harde en

moeilijke tijden, zonder Christus en zonder God gaat het niet.

In de bezettingstijd werd een jonge man in Haarlem tegen de Roomse St. Havo gezet en gefusilleerd. Hij werd uit zijn cel aan de Weteringschans te Amsterdam Toen wist hij, dat hij gefusilleerd zou worden. Hij zag kans nog een laatste brief aan zijn vader en moeder te schrijven en die uit de overvalwagen, die hem naar Haariem bracht, naar buiten te werken. De brief werd op de Hoofdweg in Amsterdam gevonden en bereikte zijn bestemming. Hij schreef, dat het niet erg was, dat hij er het leven bij verloor, indien hij maar sterven mocht in de zekerheid, dat de strijd voor de gerechtigheid tot het einde toe zou worden voortgezet... ook in een bevrijd vaderland. Hij wekte zijn ouders op de moed niet te verliezen, maar vol te houden. Dat had hij zelf ook gedaan. Telkens was hij op God als op zijn laatste schans teruggeworpen. Door het Rijksmuseum, dat elk uur een lied van Valerius speelde. Hoe vaak ben ook ik gesterkt en getroost door het carillon, toen ik in cel B 3/11 opgesloten zat. Het was het laatste dat mijn vriend in Amsterdam hoorde:

O Heer, die daar des hemels tente spreidt en wat op aard is hebt alleen bereid, het schuimig woelig meer kondt maken (stille.

en alles doet naar Uwen lieven wille, wij slaan het oog tot U omhoog.

die ons in angst en nood verlossen kondt tot aller stond ja zelfs ook van den dood.

Enkele uren later stond hij tegen de muur. Maar hij stond pal, als ziende den Onzienlijke. Dat is geloof in de harde werkelijkheid van deze tijd.

Door dit geloof wordt God verheerlijkt en ons volk gebouwd. Aan twee kanten werd in oorlogstijd het parool uitgegeven; Volhouden tot het bittere einde! Hier wordt ons gezegd: Volhouden tot de komst van het Godsrijk!

De strijd voor de gerechtigheid moet worden voortgezet tot het einde. Pal staan, volhouden, verdragen! J. J. BUSKES Jr.