is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 44, 1946, no 20, 16-02-1946

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SiS^oak

ZATERDAG 16 FEBRUARI 1946 – No. 20

Aan God behoort de aarde en haar volheid. Psalm 24:1

ONAFHANKELIJK WEEKBLAD evangelie en socialisme

ONDER REDACTIE VAN Dr.W. BANNING EN Ds J J BUSKES W ADRES DER REDACfiE, HEKELVELD K AMSTERDAM CENTR.'

, IK. :,„■■■. ViRSCHIJNT VIJFTtG MAAL PEB JAAP –

ABONNEMENT BIJ VOORUiTBFTAI iMt:; ppp tAAD icn. van DE BLIJDE WERELD

I Int, Instituut | I Soc. Geschiedenis | I Amsterdam I

JOHN NEWTON

In de stryd tegen de slavernij hebben d€ Kwakers een belangrijke rol gespeeld, daai de Kwakers het eerst beseften, dat slaverny door degenen, die in Jezus Christus geloven, onmogelijk aanvaard kan worden Er was echter een grote moeilijkheid. In Amerika woonden vele Kwakers, die zelf slaven hielden en die dat de meest vanzelfsprekende zaak van de wereld vonden. De meesten losten de kwestie op door hun stukken te verdelen; het ene stuk voor de godsdienst en het geloof het andere voor de economie, die de slavernij accepteerde en verdedigde

John Newton, de kapitein van een slavenschip en een godsdienstig mens, schreef in het jaar 1763 aan een van zijn vrienden: „Nooit had ik zulke schone uren van pmeenschap met de Geest als op mijn laatste twee reizen naar Guinea. Op zee te zyn, ver buiten het bereik van de menigverzoekingen, in de gelegenheid en met bereidheid de wonderen van God te ontdekken in de oneindige ruimte, met voorwerpen tot beschoumng de uitgestrekte oceaan en de oneinouveranderlijk in hun verantussenkomst van de Heilige Voorzienigheid, in antwoord op mijn gebeden, alle moeilijkheden werden opgelost, zie dat zijn ervaringen die het geloofsleven verkwikken en bevesti&vXl,

Newton aan boord van een schip, waarin een groot aantal slaven vervoerd werden. Zij werden zo onmenselijk opgesloten en behandeld het dnp?” stikten en dood gingen, voordat het doel van de reis bereikt was

'i® beschouwing rifil uitgestrekte oceaan en de onein-God ontdekt de wonderen van

stikken de gestolen slaven van benauwdheid en gaan dood van honger. Newton was een gelovig man. Ik versta iets in Gods naam mogelijk?

Zo heeft later Newton zelf ook gevraagd want het kwam tot een omkeer.

e Het getuigenis, dat ook de slaven menr sen zijn, trof zijn geweten en sinds dat ogenblik was het met de rust gedaan. Hii s was niet meer in staat, om op zijn slaveni. schip zich te vermeien in de aanschouwing hPmï «ceaan en de oneindige f hemel Te zeer brandde het dek boven de – hem onder de voeten. En de . Heilige Voorzienigheid kwam niet meer tosenbeide om in antwoord op al Newton’s ' ®®heden alle moeilijkheden op te lossen. . Het geloofsleven werd niet verkwikt en bevestigd, maar geschokt en aangevochten. John Newton hield het niet meer uit.

Hij gaf de slavenhandel er aan, al betekende dat voor hem een financiële ramp die in de strijd r de afschaffing van de slavernij vooraan stond. In 1794 schreef hij een boek over de slavenhandel, waarin hij getuigt„Zwijgen midden in zulke ten hemel schreiende toestanden, het zou voor mij tot een misdaad worden. Ik ben tegenover de mensen en aan mijn geweten verplicht de schande van mijn vroeger leven uit te wissen door openlijk schuld te belijden. l komt echter te laat om het door mij bedreven onrecht te herechter, dat het mij mijn leven lang zal blijven verootmoedigen, dat Ik actief meegewerkt heb in een bedrijf dat myn hart nu vervult met walging.” Beter dan dikke boeken met brede uiteenzettingen IS zo’n enkele illustratie in staat om ons duidelijk te maken, waarin godsdienst bestond, f Koers” zeggen Ds. Diepersloot en Ds. Smelik:

„De kerk ging zich met de belangen der burgerlijke samenleving vermengen en werd de handlangster daarvan”Tg“g de maatstaven van deze samenleving overnemen; verloor, door vooroordelen en bekrompenheden bevangen, het vermogen om de cnocrete nood der wereld te zien en verloor bovenal de barmhartigheid en het geloof van Jezus Christus ten aanzien van ® hodeSTe? wereld met de liefde van Christus in të zedenmeesteres, eigengerechtigd en liefdeloos die

– voor de armen van geest geen onderdak t of tehuis bieden kon.” ü Zo getuigen twee protestanten.

Naast hun getuigenis zet ik dat van een ? Roomse, Anton van Duinkerken, die in zijn „Verscheurde Christenheid” zegt’ 3 „Geen heiligheid, maar veiligheid ver-3 wacht men van de kerken. Men wil, dat t kerk haar getrouwen beschermt tegen ’ vermogen, hun zuiver • materieel geldbezit, dat door verschillende nieuv/e stormingen bedreigd wordt. Men wil, dat de Kerk in ruil voor trouwe diensten de gemoedsrust verzekert. Welnu de Kerk kan dit niet, en zij is er niet voor. dient niet om de burgerlijke orde te bewaken, noch om de brandkast veilig te stellen, en wanneer God, die de oorsprong IS van alles, een mens raakt in zijn binnenste gemoed, dan is het gedaan met de

Wanneer God een mens raakt in zijn geweten, dan is het gedaan met de rust. Dat heeft in de achttiende eeuw de slavenkapitein John Newton ervaren en hij is Goddank niet de eenige geweest Is het zo’n wonder, dat de strijders tegen het maatschappelijk onrecht, die de kerk en de christenen haast altijd tegenover zich vonden in dezen strijd, van de kerk weinig of niets wilden

Bij velen van hen werkte het ongeloof maar bij nog meerderen de ontgoocheling en de teleurstelling. Want juist de buitenstaander, zegt de Roomse Mauriac, is het tekort De strijd tegen de vervalsing van de godsdienst is begonnen.

En de strijdkreet, waaronder de strijd wordt, het wachtwoord luidt: godsdienst geen opium, die verdooft, maar een bazuinstoot die wakker roept! Ontwaakt, gij die slaapt en staat op uit de dood van uw verwereldlijkt en verburgerlijkt christendom en Christus zal over u iicnten!

Wij zullen moeten leren de heiligheid boven de veiligheid te stellen. J. J. BURK-F;.CS Tr