is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 44, 1946, no 34, 25-05-1946

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De GROTE verzoeking

„Steecs talrijker zijn, in onze, tijdens deze jaren volgroeide generatie, zij, die zich bij het zoeken naar een oplossing voor politieke, economische en sociale problemen op het communisme oriënteren. Dat feit heeft niets verbazingwekkends. Waar zouden zij anders heengaan?” Aldus een dier jonge Franse intellectuelen, die de vragen, gesteld door Emmanuel Mounier in zijn tijdschrift „Esprit”, hebben beantwoord. *) Eigenlijk slechts één vraag: hoe reageert gij op de verzoeking van het communisme?

Het simpele stellen van deze vraag voert ons midden in het probleem van het Westerse communisme, dat reeds is geannonceerd door Malraux, die dit verliet, maar naar de treffende uitdrukking van Georges Mounin, meer mensen tot het communisme heeft gebracht, dan hij er ooit weetvanaf zal kunnen brengen. De allerwegen optredende verschuiving naar links, brengt uitbreiding van het communisme mee, als politieke macht en als levensbeschouwing. De actualiteit van het communisme maakt zijn confrontatie met andere opvattingen en denkrichtingen onvermijdelijk. Niet de griezelende huiver van den spitsburger (zoals die b.v. haast komisch spreekt uit een recent hoofdartikel in Je Maintiendrai) is hier op zijn plaats, maar een intelligent aftasten en afmeten, niet een klakkeloos verwerpen, maar de eerlijke wil, de dingen zuiver te stellen, te verklaren en te begrijpen.

In Frankrijk is dit standpunt van afwegen der argumenten en vergelijken der inzichten bereikt. Een zeer gelukkige omstandigheid daarbij is, dat de communisten er niet alleen sociaal-politiek sterk staan, maar ook een sociaal-culturele macht ontplooien. Deze kan niet worden voorbijgezien, ja trekt vele jonge mensen in de eerste plaats aan.

Er bestaat een groot verschil tussen de achtergrond der communistische opvattingen in Frankrijk en die in de Sowjet-Unie. De verhoudingen, de culturele zo goed als de economische, liggen immers geheel anders. De Russische revolutie speelde zich af temidden van een bevolking met veelal primitieve beschaving. Het proces was er een van overspringen van verschillende phasen vóór een nieuwe jeugd een ook cultureel zelfbewustzijn verkreeg.

Geheel anders ziet de verschuiving naar links van een brede groep der intelligentsia in Frankrijk er uit. Hier zien wij een land met oude, sterk in het volk vergroeide beschaving.

De theoretische en cultuurvormende aspecten van de communistische beweging trokken hier reeds geruime tijd de aandacht. Hun toepassing is als het enten op een nobele, oude en reeds met zorg gecultiveerde stam. De vruchten zijn niet uitgebleven. Natuurlijk zijn er zo goed als in Nederland velen, die de waarde der

Marxistische, historisch-dialectische methode voor het wetenschappelijk onderzoek of van een sociaal bewuste en gerichte literatuur ontkennen, met een groeiende heftigheid, naarmate hun aantal slinkt. Er zijn er ook, die, zoals Mauriac, terug zijn gekomen op aanvankelijke stappen tot toenadering. Doch meer en meer wordt de communistische „uitdaging” aanvaard. Op vrijwel ieder gebied, niet alleen van politieke opvattingen of maatschappijbeschouwing, maar van het gehele geestelijke leven is de confrontatie met het communisme aan de orde. En juist in het domein van de geest, wordt het afgesleten verwijt van plat resp. grof materialisme nog slechts een plaats op de rommelzolder vergund, met name door vele Katholieken, die allengs de affiniteit hunner christelijke beginselen met die der Marxistische socialisten hebben ontdekt.

De situatie, waarin practijk en theorie van het Westerse communisme zich aan ons voordoen, is, wij zeiden het reeds, een andere dan die van het oude Rusland of van de huidige Unie der Socialistische Sowjet-Republieken. Er bestaat hier een analoog verschil als tussen de periode van de burgeroorlog in de Russische revolutie en de tegenwoordige ontwikkeling in de Sowjet-Unie, die er een van evolutie is. Voor de huidige jonge generatie is de revolutie geschiedenis. Communist zijn betekent voor hen: ophouwen en verder bouwen. Ter illustratie vergelijke men de films als De Moeder en de Regenboog.

In West-Europa hebben democratie en humanistische denkbeelden sinds eeuwen wortel geschoten, maar op een steeds duidelijker ontoereikend maatschappelijk fundament. Deze tweespalt lokt allerwegen tot de révolte uit. Ontevreden zijn niet aileen de klassieke „verworpenen der aarde”, maar ook zij, die hun geestelijke activiteit tot onvruchtbaarheid gedoemd, alle menselijke verworvenheden bekneld zien, in een wereld, waar ten prof ij te van enkelen, de dingen over de mensen heer-

sen. Een intellectueel, een kunstenaar, die door zijn werk de mensheid wil dienen, kan dit slechts doen tegen de stroom in. Het is geen toeval, dat hij daarbij zo dikwijls de maatschappelijk benadeelde in stoffelijke zin aantreft en ... verstaat. Ons allen, of wij revolutionnairen zijn of niet, is de sociale problematiek bekend en zelfs vertrouwd. Bewust of onbewust. leder Europees (en ieder ander) land biedt de voedingsbodem voor het conflict der klassen, dat politiek en economisch leven, moraal en maatschappijleer raakt, dat onze gehele cultuur doortrekt. Het zijn onze eigen, overstelpende moeilijkheden, die om een oplossing schreeuwen en het is” hier dat de communistische oplossing, de sociale en de ideologische, opdoemt.

Terecht wordt hier van een verzoeking gesproken, schrijft een der inzenders op de enquête van „Esprit”, want het geldt niet een oproep van buitenaf, maar een aandrang van binnenuit. Het communisme wordt door deze jonge intellectuelen van katholieken huize niet alleen niet onverenigbaar geacht met de Westerse beschaving, maar als een der interne problemen dier beschaving zelf beschouwd; het is Socrates’ vraag: „Wat is rechtvaardigheid?” niet slechts aan den individuelen mens, maar aan de maatschappij gesteld.

Sommige briefschrijvers speelt, ouder gewoonte, het woord „materialisme” parten. Zij onderscheiden niet tussen een aanhanger van het philosophische, dialectische materialisme en een al te geestdriftig minnaar van de fijne keuken. Hiertegenover merkt Mounier op: „Het staat vast, dat talrijke communisten dragers zijn van meer geestelijk waardevols dan zij, die met het geestelijke schermen, dikwijis ontwikkelen en dat de Sowjet-revolutie van meer vruchtbaar humanisme is doortrokken dan de praatjes van o zo vele humanistische socialisten”. Wij tekenen hierbij aan, dat er twee soorten humanisme voorkomen, dat van den Christen, wiens humanisme op den mens gericht, maar wiens uitgangspunt bovennatuurlijk is, n.l. God en dat van den ongelovigen humanist, voor wien de mens punt van uitgang en doel tegelijkertijd is. Of om het te zeggen met de woorden van Paul Eluard: Er bestaat een andere wereld, maar die bevindt zich in deze. Aan dit Marxistische humanisme, dat aansluit bij Marx’ opvatting van den mens, is ten onzent onlangs door Theun de Vries een korte studie gewijd. Misschien zal deze, evenals Mounier’s geschriften ertoe bijdragen, dat men het Marxisme minder geredelijk als „verouderd” opzij zal schuiven.

Critiek vindt men overigens genoeg in de antwoorden op de enquête van „Esprit”. Te beginnen met hen, die het commu-

Kerk em wereuS

God en Eaal

Uit een artikel van Trouw op de dag der verkiezingen:

„Hoe ffebruikt Nederland zijn herkregen vrijheid? Het vraagstuk van de vrijheid is geworden tot de vraag: wie dient men? Het Nederlandse volk heeft zich heden moeten kiezen, wien het dienen zal. De Revolutie of het Evangelie? De dag van vandaag heeft beslist over de toekomst van ons volk.”

Trouw kan dankbaar zijn. De Revolutie belichaamd in het kabinet-Schermerhorn en de Partij van de Arbeid, heeft verloren, het Evangelie,

belichaamd in de christelijke partijen, gewonnen.

De uitspraak van 17 Mei is een duidelijke geweest. Baal heeft voor God het veld moeten ruimen. Nu hebben de mannen van Trouw nog slechts één werk te volbrengen; de Baal-priesters te grijpen, opdat niemand van hen ontkome (1 Koningen 18:40). Elia kan aan de slag.

Zo wordt ons volk vergiftigd met de schijnvrome, maar in wezen goddeloze leuzen van Trouw. Aan ons de Taak deze Trouw te ontmaskeren. Het zal Tijd kosten. J. J. B. Jr,