is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 44, 1946, no 41, 13-07-1946

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BIKINI EN SCHEVENINCEN

Dat zijn geen twee werelden! Als in Australië op Zondag 30 Juni velen uit, naar zij meenden, bedreigde plaatsen, de bergen invluchten. Wanneer miljoenen, volgens de gebruikelijke krantentaal van tegenwoordig, in spanning het ogenblik van de atoombom verbeiden, dan is er tussen die angst van duizenden in Australië en de spanning van de miljoenen èn de velen, die op het uur des noodlots op de Scheveningse boulevard „rustig” in een mallemolen zaten of op een rodelbaantje rondtollen weinig verschil. Ook niet met hen, die even verder op „Houtrust” regelmatig de gevolgen van een slag op de „kop van Jut” tot in ver gelegen buurten laten doorklinken.

Want het is allemaal vlucht! En wij weten het nu wel, dat een oud Psalmwoord waarheid is; ’k wou vluchten, maar kon nergens heen. Zo verdwijnt de één in de bergen, daar waar het uitzicht beperkt is en vaste wanden rijzen. Een ander in de spanning, die dan een ogenblik wordt opgelost in een bericht: teleurstellend resultaat. En een derde in de kermis en zijn holle rumoer, zijn vreugdeloze vreugd. En allen vluchten voor Gód. Ik denk aan het verhaal, dat onlangs in een cabaret in Amsterdam werd gedaan. Een vliegtuig verschijnt boven een vliegveld in Amerika en seint naar de grond: hebben nog voor 15 minuten benzine, vernield landingsgestel en atoombom aan boord. Wat moeten wij doen? Er komt antwoord. De commandant is zoek en hij zal gezocht worden. Telkens herhaalt de bemanning uit de machine haar rood signaal: nog 8 minuten... nog 5... en tenslotte: nog eén minuut benzine. Dan komt het antwoord. De commandant is gevonden en heeft een beslissing genomen. „Zeg hem na: Onze Vader, die in de hemelen zijt ”

Het moge vreemd klinken in de omgeving van het Leidsepleintheater. Maar het zou de eerste keer niet zijn, dat op zulk een plek een prediking werd gehoord. Want hier werd niet anders gezegd dan wat de Kerk altijd zegt: dat er buiten en boven en middenin dit leven maar éen vluchtpunt is en overblijft: God.

Het is ontstellend ongetwijfeld, dat vlak na een oorlog, die in een deel van de wereld beëindigd werd door de atoombom, dit moordtuig op zijn effect voor een volgende oorlog wordt beproefd. Maar waarom zullen wij er méér van schrikken dan wij dagelijks van die hele wereld moeten schrikken? En van elk bedrijf in die wereld. Zolang er nog eén mens, klein en nietig, onbelangrijk en niet gekend, onrecht lijdt in een maatschappij, die in krant en blad schrijft over de rechtsstaat of zolang er nog eén huisvader is, die wil, maar niet kan omdat de economische constellatie een erkend bedelaar van hem maakt. Zolang kan Bikini ons niet méér verschrikken dan zo oneindig veel andere dingen. Niet meer dan Scheveningen en de holheid van veler leven. Niet meer dan de realiteit, dat er uit dit verschrikkelijke leven alleen maar te vluchten valt tot God. En dat is dan de verschrikking: dat miljoenen (en hier klopt het cijfer met de werkelijkheid!) die ene mogelijkheid om nochtans tot de heerlijkheid van het leven te komen, kwijt zijn, niet meer zien, nooit van hebben gehoord, niet geloven en het gebed niet meer kennen, dat in heimwee snakt naar een andere wereld, die uit déze we-

reld zal worden omgebouwd en herschapen het gebed om het Rijk Gods. Om het „Kom Heer Jezus, kom haastiglijk”.

Om dan meteen Bikini en Scheveningen ter zijde te laten, schoon het niet te vergeten, en hier met alle spankracht van ziel en handen, te doen wat de hand vindt om te doen: elk op eigen plaats naar de gerechtigheid trachten en een levend beginsel belijden en toepassen, een beginsel, dat van den naaste spreekt en stamt uit het rijk der barmhartigheid en der eeuwige ontferming.

Maar het lijkt wel of alle muren gesloten zijn en de hemel van koper is. Wij kunnen niet meer óp tegen de „taal der miljoenen”, tegen het nihilisme van „mijn tijd zal het wel duren”. Ook niet tegen het stille en open verzet tegen het Evangelie. Tegen het bewuste verzet is nog op te treden. Er kan nog een getuigenis gegeven worden. Maar het onbewuste verzet is onbereikbaar geworden. Een gladde pier, een eindje in zee. Je valt er altijd af en er is geen enkel houvast. Een plank, die jaren

lang in het water gelegen heeft en je kunt hem niet beetpakken. Er is teveel overheen gegaan, dat geen spoor achterliet en toch een uiterlijk gaf.

Onze Vader, die in de hemelen zijt het betekent niet alleen, dat een mens maar met zijn kinderen om de tafel moet gaan zitten tot dit gebed, als de laatste proef genomen wordt. Het betekent, dat er om schuldvergeving gevraagd wórdt. En wij zijn allen schuldig. Aan Bikini en aan Scheveningen. En wij zullen allen vergeven moeten om zelf de vergeving te ontvangen.

Uw Rijk kome en te weten, dat het er al is, maar alleen nog getoond moet worden. Te weten ook, dat onze ogen nog niet deugen om het tóch te zien In deze verschrikkelijke en heerlijke wereld. Schoei onze voeten, o God, met de bereidheid van het Evangelie des Vredes. En verder dan bereidheid komen wij nooit. Maar waar zij is, uit een levend leven en uit een heimwee en met een innerlijke zekerheid, dat het Rijk in aantocht is, daar blijven Bikini en Scheveningen de grote waarschuwing. Maar ergens staat toch een veilig signaal: het Kruis des Verlossers. Onbegrepen en onverklaarbaar. En, als dat er nu eens niet ware geweest. Wat dan?

N. G. J. VAN SCHOUWENBURG.

BENTVELDNIEUWS

We zijn dankbaar, want we hebben Zaterdag 29 Juni heel wat goede gaven gekregen, zoals u in het vorige stukje van ds. Ruitenberg reeds gelezen hebt. Bovendien is een van onze verlangens vervuld. doordat een der trouwe vriendinnen ons haar stencilmachine ten gebruike aanbood. U begrijpt hoe blij we daarmee zijn.

Edoch wat doe je met een stencilmachine als je geen schrijfmachine hebt? En daarom wagen we het nog maar eens een allerarmoedigst gezicht te zetten en dringend te vragen: hebt u in alle hoeken en gaten al gekeken bij u zelf en bij anderen of er toevallig toch niet nog ongebruikte scnrijimacnine staat? En... als u er een vindt, schrijf ons dan dadelijk een briefkaartje. We blijven hopen!

Dan heeft mevrouw Donia me een lastige vraag voorgelegd. Nu er weinig of geen geboomte meer is, kan men van de weg en vanuit de tram ’s avonds, wanneer het licht brandt, zeer onbescheiden een groot aantal slaapkamertjes binnenkijken. Want gordijnen bezitten we niet meer. Wij weten daar geen raad op, tenzij deze, dat iedere gast, behalve lakens en dekens, ook nog een gordijn meebrengt. Maar misschien weten de oude of de nieuwe vrienden van Bentveld hier raad op?

De najaarsplannen, wat cursussen betreft, beginnen vaste vorm aan te nemen. Ik kan u reeds mededelen dat er dit najaar weekend-cursussen gehouden zullen worden over de volgende onderwerpen: De wereldsituatie van het Christendom; De wereldsituatie van het Socialisme; Communisme en Christendom; Socialisme en platteland; een weekend gewijd aan de problemen van de jonge generatie, de jeugd; een weekend voor jonge intellectuelen; een weekend over geloofsvragen en geloofszekerheden; tenslotte weekends over Amerika, de ver-

nieuwing en de geestelijke, politieke en economische situatie van Rusland, u ziet, keuze genoeg. We gaan er maar voor sparen en dan tot ziens straks in Bentveld.

A. VAN BIEMEN

“ VOOR HET HUIS , „ . Arbeidersgemeenschap der Woodbrookers te BENTVELD worden dringend gevraagd inwonende dienstmeisjes. Brieven aan Mevrouw Donia, Bentveldsweg 3> Bentveld,

INHOUD

Pag. De Stem des Volks (W. B.) i Doorbraak zichtbaar (L. H. Ruitenberg) 2 Het Protestant-Christelijk Werkverband 2 Brieven uit Zwitserland (M. J. A. Moltzer) 3

Ontmoeting en Gesprek (J. j. Buskes Jr.) 4 De wereld spreekt 5 Extremisten (A; E. Cohen) 6 Memento (vertaald door J. G. B.) 6 Bikini en Scheveningen (N. J. C. van Schouwenburg)

Bentveldnieuws (A. van Biemen) 7 Ging het U ook zo? (J. G. B.) 8