is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 45, 1946, no 2, 05-10-1946

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Protestants Christelijk Werkverband

Indrukken van de tweede landelijke samenkomst van het Prot. Christ. Werkverband uit de Partij V. d. Arbeid, 20-21 September te Utrecht. Deze samenkomst gaf gelegenheid tot verdere opbouw, organisatorisch en geestelijk, van ons werkverband. Gelijk de eerste keer werd ook dit samenzijn gedragen , door een uitstekende, frisse geest, van toewijding aan de zaak van Evangelie en Socialisme. Het was prettig, dat de Partij, in de figuur van Woudenberg, officieel acte de présence gaf. Vele nieuwe makkers in het Socialisme ontmoetten zodoende een der oudste getrouwen. Dat deed wederzijds goed, geloof ik.

De Vrijdagavond zou een huishoudelijk karakter hebben, zei de oproep. D.w.z. er moest een conceptreglement tot reglement van orde worden aangenomen. Wie in het verenigingswerk thuis is, weet hoe eindeloos zulke vergaderingen kunnen zijn! Waarom? Omdat in ieder reglement nu eenmaal een stuk menselijk wantrouwen verdisconteerd is, nml. bescherming tegen allen en alles, die de goede orde willen verstoren of niet begrijpen. Het pleit voor de geest van het werkverband en voor de leiding van zijn voorzitter, p.g. G. E. van Walsum, dat wij deze avond niet vervielen in de casuïstiek van het wantrouwen en birmen het uur alles zijn beslag had. Niet minder hulde aan de Utrechtse ontwerp-commissie! Zo was er goede ruimte voor de behandeling van een groot aantal grieven van leden met allerlei vragen en noden. De noden troffen wel het meest. Vooral de partijgenoten, die onderwijzer zijn bij het Chr. onderwijs, hebben hun strijd. De nood is deze, dat vrijheid van politieke en geestelijke overtuiging bij de meeste besturen van Christelijke scholen onbekend is. Ontslag kan weliswaar niet gegeven worden, maar overgaan naar andere Christelijke scholen ook onmogelijk. Zo zitten er nogal wat partijgenoten in de klem, die voor sommigen geestelijk onuithoudbaar is. Het Partijbestuur zegde in zulke gevallen materiële hulp toe. Het advies van Kleywegt was toch: blijf op je post, tenzij je er geestelijk aan kapot gaat.

In Geref. kring kunnen sommigen ter nauwernood ontkomen aan ontzegging van het Heilig Avondmaal. Een kleine commissie aal van voorlichting dienen voor de bedrukten uit deze kring. Men is overigens in afwachting van een uitspraak van de Gereformeerde Synode. Zo staan wij dan in de vrijheid! Maar het is zeker niet de vrijheid, waarmee Christus ons heeft vrij gemaakt! Er waren principiële vragen: geef ons een nadere uitwerking van het probleem kerk en politiek. Geef ons een wegwijzer in de vele vragen, waarvoor het communisme ons stelt. Dit zijn geen vragen om in een avond op te lossen. Het Werkverband stelt ze uiteraard nader aan de orde. Zijn doel is immers, zegt het nieuwe reglement: „op de grondslag der protestants Christelijke geloofsovertuiging, binnen de partij, gelegenheid te geven tot bezinning op politieke vragen.” Zaterdagochtend. Nog meer deelnemers. Een helder, wat theologisch, referaat van ds. Aalders uit Voorburg over: „Hoe winnen wij de Christelijke gemeente?”

Stufkens noemde dit betoog een opgestoken, waarschuwende vinger. En, zei hij, er moet meer gebeuren dan waarschuwen alleen. Wij mogen geen halt maken voor de psychische en sociologische gebondenheid bij anderdenkende medechristenen in de gemeente. Er moet getuigd worden. De tweede doelstelling van ons werkverband is: „de beginselen der partij te propageren onder de protestantse Christenen.” Daarmee vertolkte hij wat meerderen voelden

en ook uitspraken. De keuze, die wij deden van uit Evangelische gehoorzaamheid is een zó persoonlijke beslissing, dat deze niet te relativeren is. Wij kunnen eigenlijk niet zeggen: het kan óók anders. Ons kiezen voor het socialisme is niet „slechts” een politieke stap, het is in de grond een geioofsbeslissing.

De middagvergadering kon ik niet meer meemaken. Maar dit zal van alles de hoofdindruk wel zijn. De geest die ons werkverband bezielt, is er een van geloofsgehoorzaamheid. Uit die geest moeten de partijgenoten, die op scholen of andere posten in de klem zitten, volharden. Dan is er heel wat draagkracht, voor je er aan kapot gaat, want je wordt gedragen. Vanuit deze geest kunnen anderen pas waarlijk gewonnen worden, om-- 'dat je zelf overwonnen bent door Christus. In deze geest is er voor ons werkverband nog veel te doen! N. van Gelder.

LEESTAFELNIEUWS

Rondom de doodstraf, door ds. J. J. Buskes. Kanttekeningen bij de Herderlijke brief van de Generale Synode der Hervormde Kerk. Geen doodstraf, door Kr. Strijd.

Niet meer Nog meer Bloed, door HiTbrandt Boschma. Drie brochures, uitgegeven door het comité van Actie tegen de doodstraf. Prijs per stuk / 0.20, uitgeverij „De Vonk”, A’dam, 1945 en 1946. De Esperanto-literatuur in vogelvlucht door G. P. de Bruin. Een algemeen overzicht van wat er in Esperanto verschenen is. Uitgave van Libro-servo F. L. E. Postbus 8002 Amsterdam-W.

Kerk en boeren. Rapport uitgebracht door een sub-commlssie van 'de Hervormde raad voor de inwendige zending. Uitgave Boekencentrum N.V. Den Haag 1945. Na een korte mteenzetting van de gevolgde methode, leest men eerst, hoe de kerk historisch gegroeid is op het platteland en voor welke bijzondere problemen ze kwam te staan, dan volgt een interessante analyse, provincie na provincie nü het kerkelijk leven zich ontwikkelt, dan wordt de sociale en economische positie van den boer beschouwd, en tenslotte volgt het belangrijkste: een reeks van voorstellen, die het kerkelijk leven op het platteland bedoelen te activeren en te verdiepen. Een critische nota is er aan toegevoegd, waarin de Hervormde Raad voor de inwendige zending zijn positie bepaalt t.o.v. dit rapport. Dit eerlijk gewetensonderzoek, getuigend van een groot verantwoordelijkheidsgevoel, bewijst eens te meer, dat in de Hervormde Kerk een bewuste wil aanwezig is met de verkondiging van het Evangelie ernst te maken, een waarachtige zendingsijver. Een dominé zal uiteraard dit rapport wel lezen, maar het ware te wensen, dat de eenvoudige gelovige er eens kennis van nam; hij zou dan afleren vage algemeenheden te lanceren over stad en platteland, hij zou dan weten in welke zin wèl en in welke zin niét de boer kerkser is dan de stedeling en vooral hij zou weer eens beter verstaan, dat de kerk een opdracht heeft voor het gehele leven en niet alleen voor een stichtelijke tijdspassering op Zondagmorgen. Ware het niet zo, dan hoefde de Kerk zich niet speciaal met den boer bezig te houden, dan ging haar alleen de gelovige aan.

De schuld, nood en verwachting der Duitsers, door Martin Niemöller, vertaald door Willie C. Snethlage, uitg. Callenbach, Nijkerk. Prijs ƒ 1.25.

Deze brochure brengt enige preken, een brief en een interview van den bekenden dominee Niemöller Zijn verzet tegen Hitler, dat hem in een concentratiekamp bracht, zijn {wsitie thans als vicevoorzitter van de Evangelische Kerk in Duitsland geven zijn woorden, die reeds op zichzelf heel belangrijk zijn, een bijzonder gezag. Anders daji de heren van Neurenberg, die alle schuld afschuiven op Hitler en Himmler erkent hier iemand, die tegen het N.S.-régime gestreden heeft, dat Duitsland schuld heeft en vanuit dit dieptepunt der schulderkerming voert hij zijn toehoorders in een aangrijpende preek tot een levend Christusgetuigenis. Het is onafwendbaar, dat vroeg of laat wij als Christenen weer een passende houding vinden tegenover de Duitsers. Er staat geschreven, dat de zon niet mag ondergaan over onze toom en elders: wees toornig, maar zondig niet. Het is goed, dat het boekje van Kari Barth, hier onlangs besproken en nu weer dit van Niemöller vertaald zijn. Ze kunnen ons helpen een Christelijke houding te'vinden. Een Amerikaanse reporter vraagt aan Niemölier: Moet de wereld eenvoudig tot Duitsland zeggen: wij vergeven u•— en dan opnieuw beginnen? Zijn er geen strafmaatregelen nodig die tevens tot verbetering leiden? En Niemöiler antwoordt: „De wereld zal niet in staat zijn te zeggen: „Wij vergeven u”, maar de Christenen in de wereld moeten dat zeggen en zij moeten opnieuw met ons beginnen. Strafmaatregelen tegen het volk zullen niets uithalen. (Elders: ~Göring en andere oorlogsmisdadigers moeten onder alle omstandigheden gestraft worden. Anders zal het Duitse volk dat doen’). De Christenen in Duitsland en velen, die aan God beginnen te geloven weten, dat geen mens hen meer straffen kan, dan God gedaan heeft.”

Dit lijkt me gezond Christelijk realiteitsbesef. Er zijn meer zulke uitspraken in dit boekje te vinden.

De sociale boodschap der kerk, door Erwin Sutz, vertaling van ds. P. A. v. Stempvoort, ingeleid door mr. G. E. van Walsum, uitg. Callenbach, Nijkerk 1946. Prijs ƒ 1.50.

Terwijl in de rapporten der Hervormde Kerk, die in de laatste tijd verschenen zijn, de aandacht vooral gericht werd op wat de boodschap der kerk betekende voor het poUtieke en sociale leven en zodoende in de concrete noden der maatschappij voorzien werd, heeft in Zwdtserland, waar gelijke vraagstukken aan de orde werden gesteld, Erwin Sutz de opdracht gekregen van de Evangelische kerkenbond om het vraagstuk van de andere zijde te bezien. Hier ging het er dus om, zich scherp rekenschap te geven, wat de taak der Kerk is, daaruit haar sociale boodschap af te leiden om zo te komen tot wat „in naam van het Evangelie beslist tot gelding gebracht moest worden” (blz. 5). Hier is dus niet de concrete situatie, de nood der wereld uitgangspunt, maar de roeping der Kerk. Dit nu is niet hetzelfde. Immers de taak der Kerk is niet allereerst de noden dezer wereld te lenigen. Men kan dit grif erkeimen en toch van oordeel zijn, dat een fundering van de moraal en van de menselijke gemeenschap door een rationele „humanistische” verklaring mogelijk is en niet meteen afgewezen hoeft te worden, ook al voegt men daar als gelovige aan toe, dat deze verklaring door het geloof oneindig verrijkt kan worden. Dan kan het gesprek met „de wereld” ook beter op gang komen. Paulus op de Areopaag deed m.i. niet anders. Overigens een degelijk doordacht boekje, uitstekende aanvulling bij de rapporten van de Hervormde Kerk, maar de motivering (niet de conclusies) zal menigeen wel eens te kras voorkomen. j j g

van een vrouw sprake is in een paar over de Rijn, in een passage als „Onderweg , in de beschrijving van het Gardameer en van de fresco’s van Angelico heb ik in dit gedicht de glans van Eroos herkend. Want Eroos zoals Plato het verliefdheid, en zeker meer dan sexuele begeerte; het is een bekracht, die de mens nnrdQP hoogste, dat in dit Eron! u bereikt wordt. Door want Sf men de wereld schoon, want het is Eroos, die in alle aardse schoonheid een weerglans van de bovenaardse herkent. Herkent, en dus najaagt,

Wat man en vrouw tot elkander drijft, is van deze universele drang slechts een bizondere vorm, en zeker vaak een gebrekkige vorm.

Dat er van deze Eroos in het gedicht van Aafjes iets leeft, daaraan ontleent het zowel zijn schoonheid als zijn menselijke waardigheid; men zie als bewijs slechts het nobele stuk over Eroos en intussen theorie en practijk beide, gemeten aan Plato’s maatstaven, nog uitermate gebrekkig zijn, dat vermelden wij slechts om misverstand te voorkomen. Waarde en beperkingen van het gedicht zijn daarmee échter vanzelf aangeduid. M. W. vanderZeyde.

NU DE WINTER KOMT

De zomer is voorbij en we beginnen weer te lezen. Maar dan met het doel om onze gee.st rijker te maken en ons te verdiepen in de vragen des tijds. Ons leven van alle dag is vaak zo vlak en materialistisch, wij moeten bedenken, dat wij toch ook aan het Hogere verwant zijn. Maar wat zullen wij lezen?

Kent u de Postpropaganda van de Nederl. Protestantenbond?

Vier geheel gelijke en goed voorziene bibliotheken lenen gratis en franco boeken uit door het hele land. Boeken over godsdienstige en kerkelijke, zedelijke en maatschappelijke onderwerpen, over d® Bijbel, over het Vrijzinnig Protestantismê, biographieën, stichtelijke en paedagogische lectuur. Kerstverhalen, ook enkele goede romans. Als u zich wendt tot een der onderstaande adressen, krijgt u op aanvrage folder, catalogus of proefpakje toegezonden.

Mevrouw B. Loman—Boese, Stadionkade 8 11, Amsterdam Z,

Mevrouw Th. J. Boogerd—Marius, Warmonderweg 7, Leiden.

Mevrouw A. G. Westhoff—felijham, Vries ((Dr.). Mevrouw E. J. van Lohuizen—van Wlelink. „Herta”. Epe (Geld.).