is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 45, 1946, no 7, 09-11-1946

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aan den Heer behoort de oorde en hoor volheid. Psolm 24:1

Tijd en Taak

ZATERDAG 9 NOVEMBER 1946 No. 7

ONAFHANKELIJK WEEKBLAD VOOR EVANGELIE EN SOCIALISME

ONDER REDACTIE VAN Proi Dr. W. BANNING; Ds. J. J, BUSKES Jr. EN Ds. L. H. RUITENBERG. SECRETARIS DER REDACTIE: J. G. BOMHOFF, ROERSTRAAT 48111, AMSTERDAM (Z), TEL. 24386

VERSCHIJNT VIJFTIG MAAL PER JAAR – 45ste JAARGANG VAN DE BLIJDE WERELD

ABONNEMENT BIJ VOORUITBETALING PER JAAR ƒB.OO, HALFJAAR ƒ4.25, KWARTAAL ƒ 2.30 PLUS ƒ0.15 INCASSO. LOSSE NUMMERS ƒ0.15 POSTGIRO 21876 GEMEENTE GIRO V 4500 ADMINISTRATIE: N.V. DE ARBEIDERSPERS, MERELVELD 15, AMSTERDAM-CENTRUM

KERNVRAAG

voor het Christendom

Steeds sterker groeit in mij de overtuiging, dat alle discussie van de hoogst intellectuele tot de hartstochtelijk populaire over vraagstukken van levensbeschouwing en geloof bitter weinig betekenis kan hebben, zij voert tot’n bevrijdend antwoord, dat is een bevrijdende daad, op sociaal politiek terrein; duidelijker gezegd: tenzij in de maatschappelijke chaos van vandaag de daad der sociale gerechtigheid tot stand komt. Ik denk aan discussies over humanisme en Christendom: ik meen sterke argumenten te hebben voor mijn overtuiging, dat het humanisme belangrijk zwakker staat dan het Evangelie, als het gaat om de diepste vragen van leven en sterven maar als het humanisme de bevrijdende daad der sociale gerechtigheid thans zou kunnen bezielen, en het Christendom zou dat niet kunnen, dan zou de massa zich aan het humanisme met geestdrift overgeven, en het Christendom de rug toekeren. In het verleden heeft het Christendom zo vele honderdduizenden vereenzaamd, hunkerend, in de kou laten staan, omdat het op het punt van de sociale gerechtigheid faalde, d.w.z. op het punt van de reële levensnood der massa. Professoren mogen in diepzinnige verhandelingen over dogmatische vraagstukken elkaar zwaar te lijf gaan en theologische scholen en richtingen in het leven roepen de volksmassa’s hunkeren naar de bevrijding in Gods heilige Naam uit het concrete onrecht, en gaan aan de theologie voorbij tenzu deze haar innig levensverband met de brandende nood der samenleving be-

Waarom ik deze dingen nog eens weer zeg? Om twee redenen, beide gelegen in de situatie van het Christendom in Nederland (waarij ik mij beperk tot de Protestantse wereld, die ik alleen van binnenuit ken), De eerste reden is: er wordt op dit ogenblik van allerlei kanten grote evangelisatiearbeid ontwikkeid, tot zelfs met Amerikaanse hulptroepen in de Youth for Christbeweging. Over deze laatste heb ik in allerlei toonaard beschouwingen gelezen: van geestdriftig bewonderend tot honend critisch toe. Ik beken eerlijk: de enorme toeloop naar deze beweging vind ik eenvoudig om te huilen. Er is dus blijkbaar ook in ons

land een grote groep jeugd, die op een of andere wijze naar deze beweging getrokken wordt; er is dus ook nü nog, na alles wat Kerken en Christendom in het verleden hebben verwaarloosd en verknoeid, een geheimzinnige kracht in die naam „Christus”, en er zijn duizenden jongeren wier hunkering naar Hem uitgaat. Neen, ik zal niet zeggen, dat zij zullen worden teleurgesteld of bedrogen mij komt het recht niet toe om die wonderbaar geheimzinnige Geest die van de naam Christus uitgaat. ook maar iets voor te schrijven. Best mogelijk, dat er jonge mensen innerlijk worden gegrepen al vind ik de methode nog al raar en grof. Maar ik zeg wel: een beweging, die zo volkomen voorbij gaat aan de sociale nood, de barre onmenselijkheid, het schrijnend onrecht onzer doodzieke wereld, een beweging die zich alleen maar richt op individuele bekering, die ons volkomen leeg laat staan in de sociale chaos, zal de betekenis van het Evangelie verzwakken, menende het te versterken. Hebben wij dan nóg niet geleerd, na de strijd met socialisme, fascisme, communisme, dat de bevrijdende daad der sociale gerechtigheid nodig is, voortkomend uit waarachtig evangelische bewogenheid? Het is inderdaad om te huilen ...

waarom ik de oude ergens anders. Ik zou, uitgaande van de boven ïïifde situatie bij verkerken, "taat het by de Rooms Katholieken niet met hun poging om Nederland te veroveren voor de oude Moederkerk, maar met hun radicale ernst ten opzichte van het sociale vraagstuk; hoe staat het bij de Protestantse orthodoxie niet met hun hang naar dogmatische zuiverheid en leertucht, maar met hun begeerte om de verantwoordelijkheid en roeping tegenover het gehele volk in daad der gerechtigheid waar te maken; hoe staat het bij het Vrijzinnig Protestantisme niet met hun meerwaardigheidsbesef ten opzichte der „overwonnen” en „verouderde” orthodoxie, maar met de strijd tegen burgerlijkheid en liberale zelfgenoegzaamheid en hun wil om waarachtige gemeenschap

mogelijk te maken. Ik zal dat critisch onderzoek hier niet beginnen een verheugend bedrijf zou het ook niet zijn. Maar ik zeg wel, dat er niet alleen een diepe vreugde om herkenning van innerlijke verwantschap, maar ook een dankbaar doorleefde verbondenheid in mij opspringt, waar ik een Christendom ontmoet, dat tot de nood van onze armzalige wereld wil ingaan in naam der barmhartigheid en der gerechtigheid.

Onze lezers van Tijd en Taak zullen mij en wie ongeveer gelijk denken, wel verstaan. Er wordt mij nog wel eens gevraagd: kun je samen werken met allerlei orthodoxen in een zelfde verband? Het komt vrijwel steeds uit, dat deze vraag gesteld wordt door burgerlijk denkenden, en veel minder door socialistisch denkenden. Dat is geen toeval. Mijn antwoord is: er zijn orthodoxen, met wie ik het nooit vind zoals er vrijzinnigen zijn bij wie ik mij volkomen vreemd voel. Want wezenlijk, wat bindt is niet een theologie of een dogmatiek. Innerlijke binding is daar, waar eenzelfde dankbaarheid voor het leven dat in Christus tot ons komt, ons een roeping van barmhartigheid en gerechtigheid deed aanvaarden. Dan kunnen wij niet slechts samenwerken dan wordt de wil tot samenwerking spontaan openbaar. Want dan verschillend wij ook modenken over theologische vragen, in eerste plaats om die erote dankbaarheid dat wij deel mogen hebben, onverdiend, aarl onuitputtelijke eeuwiggehoorzaamheid Christus, die Heer wil zijn over óns i j ~ ~ , '"^^7 h o® geweten der gerechtigheid met kracht Douwen.

De kernvraag voor het hedendaagse Christendom is: of het de bevrijdende daad der gerechtigheid zal kunnen bezielen. De kernvraag voor den enkeling is: of hij zich in dankbare gehoorzaamheid volledig geven wil. W. B.