is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 45, 1947, no 28, 12-04-1947

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te „Winterhulp” gepoogd is het diaconale werk der Kerk te torpederen, wordt hier een christengemeenschap het liefdewerk belet. De kerk mag wel over de hemel praten, maar niet de helpende hand bieden aan hulpbehoevenden.

Ik ben socialist. Ik hoop op een maatschappij, waarin sociaal onrecht met zijn begeleidende verschijnselen van armoe, demoralisatie, prostitutie e.d. zo goed als verdwenen zal zijn. Dan zal het sociale werk der Kerk, en ook dat van het Leger des Heils, overbodig zijn. Maar als de overheid in haar zorg voor goede sociale orde, terwijl er (vooral in Duitsland) zo’n grote nood onder de mensen is, begint met het christelijke liefdewerk onmogelijk te maken, begint ze haar strijd tegen het boze radicaal aan de verkeerde kant en oefent ze een onduldbare dwang uit, wordt ze tyran.

Men kan van het Leger des Heils denken wat men wil (ik sta tegenover allerlei van het Leger, vooral het sectarisch buiten de Kerk blijven, waardoor het dit trouwens in Duitsland overkomt, zeer critisch), maar men zal toch moeten erkennen dat deze organisatie belangrijk liefdewerk verricht en tracht bij het Evangeliewoord de evangelische daad te voegen. Daarvan zijn de vele tehuizen en kolonies van het Leger toch wel de tastbare getuigen- Het is de

roem van het Leger des Heils dat het doordringt in kringen, waar de Kerk niet komt of niet geprobeerd heeft te komen. M.i. moet de Kerk op dit schrille bericht uit Duitsland onmiddellijk reageren. Het is eis van christelijke solidariteit dat de Kerk het in deze voor het Leger des Heils opneemt. Maar hier geldt ook voor de Kerk: tua res agitur.

We hebben in 1940 gelachen om dat mopje over dien „frechen Judenknabe”. In 1943 lachten we er niet meer om.

We kunnen in 1947 lachen om zo’n zot besluit dat het Leger des Heils zijn Evangelisatiewerk niet mag voortzetten. Het is juister verontrust te zijn en te hopen dat de Kerk (bijv. bij monde van Genève) direct een krachtig geluid zal doen horen. Generaal Osborn, internationaal leider van het Leger des Heils, zal naar Duitsland vertrekken, vermoedelijk naar Berlijn, het hol van den „harmlosen allierten Löwe”. Als die geallieerde leeuw dan maar niet geprovoceerd wordt doordat de Generaal bijbels zegt, dat hij een goede strijd komt strijden, want ze zullen zijn koffer direct nakijken. Je kan nooit weten, een atoombom is niet groter dan een hockeybal!

Wij wensen den Generaal een zege- en zegen-rijk gevecht met de Geallieerde Bestuursraad. M. HINLOPEN.

HET PROTESTANTS CHRISTELIJK WERKVERBAND Zij moet mèèr zijn dan een eilandje in de rode zee.

Het Chr.-Sociaal Weekblaadje „Patrimonium” schreef onlangs, dat vele Christenen zich onbehaaglijk gevoelen in de Partij van de Arbeid. Ik, geloof dat dit echter meer op een veronderstelling berxist, dan op persoonlijke waarneming. Indien wij ons inderdaad, naast de oude socialisten onbehaaglijk zouden gevoelen, dan is hiervan niet het socialisme, dat we aanhangen, de oorzaak, docÉi de maatregelen van de Christelijke schoolbesturen en de kerkeraden, waarmede men ons denkt terug te winnen voor de antithese-gedachte. Op de tweede landelijke samenkomst van het Protestants-Christelijke Werkverband is wel duidelijk naar voren gekomen, welke strijd b.v. de Christelijke onderwijzeres hébben, die lid zijn geworden van de Partij van de Arbeid. Bij de meeste besturen der Christelijke scholen bestaat geen vrijheid van politieke en geestelijke overtuiging en, het zou mij geenszins verwonderen wanneer de Gereformeerde Synode nog eens een besluit neemt om leden van de Partij van de Arbeid het Heilig Avondmaal te ontzeggen. Deze maatregelen (al liggen ze misschien in het verschiet) maken het leven allerminst behaaglijk en het lijkt wonderveel op 1920, toen de Gereformeerde Synode ook een dergelijk besluit heeft genomen. Doch, onbehaaglijk om het socialisme dat wij verkiezen, gevoelen wij ons allerminst: en, zo wilde de schrijver van het artikeltje het toch laten voorkomen. De wens is nu eenmaal de vader der gedachten! Men kan de vraag stellen of het Protestants- Christelijk Werkverband de partij als zodanig niet verzwakt en naast de bestaande werkverbanden de kans op onderlinge strijd niet al te groot wordt. Deze kans is inderdaad aanwezig, doch dat zij gevaar inhoudt geloof ik niet. Met tact en wijs beleid en onderling begrip zal men ook hier veel bereiken. Het Protestants-Christelijk Werkverband wil ook allerminst een eilandje in de rode zee zijn. Velen van hen weten maar al te goed hoe funest een „isolement” kan zijn en verlangen. bij het verwerpen der oude antithese, geen nieuwe terug.

Als voornaamste taak van dit Werkverband moet men zien zijn bezinning op de politieke vragen en het propageren van de beginselen der Partij onder de protestantse Christenen. Het tweede lijkt me even nodig als het eerste. Immers hoevele protestanten, vooral op het achterlijke platteland, hebben nog geen duidelijk begrip van het socialisme? Veelal is men bij een verstard en rechtlijnig Christendom groot gebracht en ziet men in de rode vlag niets minder dan het bloed der revolutie. Men stelt het socialisme op één lijn met anarchisme en communisme. Wij moeten, als vooruitstrevende Christenen, deze achterlijke streken van ons land niet verwaarlozen; dikwijls kan men er grote en edele karakters aantreffen, waarvan het alleen maar jammer is dat zij, bij het horen van het woord socialisme, denken aan de actie van Domela Nieuwenhuis en Multatuli.

Wanneer wij voor het socialisme hebben gekozen, is dat niet slechts een politieke stap, doch een geloofsbeslissing, waaraan dikwijls veel strijd is voorafgegaan. Nu wij als Christenen samen met de niet-kerkelijke socialisten optrekken, dan moet daar een scheidsmuur zijn neergehaald. De oorlog is voor het Christendom een loutering geweest, maar voor het socialisme was zij een bevrijding. Een bevrijding, die het terugyoerde tot zijn diepste oorsprong en, over Marx teruggrijpend, is het weer gaan leven als een zedelijk idee. Bij het voeren van constructieve staatkunde heeft de Marxistische theorie gefaald en thans heeft men deze Marxistische onderbouw prijsgegeven, omdat de levende werkelijkheid anders en ingewikkelder bleek te zijn dan de schema’s en theorieën van Marx. De historisch-materialistische grondslag der maatschappelijke ontwikkeling, waarop het Marxisme berustte, is niet wezenlijk voor het socialisme en vormt daiarom ook niet de grondslag voor de Partij van de Arbeid.

Het socialisme heeft, als gevolg van bezinning, een kentering gemaakt. „Die kentering”, zo schrijft Scheps, „is bij de socialisten naar de dialectuur van de geest, een herstellen van de geestelijke waarde, een spirituele herontdekking, een opnieuw aanvaarden van het „in den beginne was de Geest.” Niet alleen om dejé kentering is het dat vele Christenen zich zonder den Christus te verloochenen, konden en wilden scharen naast hen, die al jarenlang streden voor een betere en rechtvaardiser samenleving. Bij velen verdween het eens gekoesterde wantrouwen tegen de waarachtige bedoelingen van de democratische gezindheid van , het socialisme en waren zij sterk doordrongen van de onontkoombare noodzaak van een afdoende sociale rechtvaardigheid. Ook waren zij er van overtuigd, dat men met een beetje „sociale actie” geen kapitalistische maatschappijvorm kon laten verdwijnen en een nieuwe socialistische opbouwen, Voor de volkomen ontmoeting tussen Christendom en socialisme zal veel afhangen van de houding der protestanten en katholieken in de Partij van de Arbeid. Met het organiseren en opbouwen van Protestants-Christelijk Werkverband aUeen zich te bezinnen op de politieke vragen, is men niet klaar. Vooruitgang, vernieuwing en eisen politieke machtsvorming. Zolang niet alle Christenen ervan overtuigd zijn, dat men, zonder den Christus te verloochenen ja juist om Hem te volgen en te- gehoorzamen schouder aan schouder kan en moet strijden voor een menswaardiger bestaan en een rechtvaardiger samenleving, is onze taak niet volbracht. Vooral zullen wij er op moeten toezien, dat wij niet vervallen in de fout van het verleden, n.l. het zoeken, vormen en verheerlijken van het isolement. Wij hebben deel uit te maken van de partij, die het socialisme wil verwezenlijken en die de strijd aanbindt tegen de reactie. Het EvangeUe van Christus roept ons tot deze strijd! HARM DE JONG.

Boekbespreking

Ds. J. J. Buskes, Waar stond de Kerk? Uitg. Vrij Nederland Volkspaedag. Bibliotlieek.

Een. populair, levendig, critisch eerlijk boekje over liet verzet der kerken tegen het nationaal-socialisme. Géén ophemelarij gelukkig, eer te critisch dan te waarderend. Met aanwijzing ook van zwakke plekken. Toch ook met dankbaarheid voor wat werd gedaan.

Al werd het boek ons niet ter beoordeling toegezonden, ik maak van de gelegenheid gebruik om de aandacht te vestigen op het documentaire werk van ds. H. C. Touw; Het verzet der Herv. Kerk, in twee kloeke delen uitgegeven door het Boekencentnun Den Haag. Deel I bevat een relaas, deel II de dooumenten. De door verschillende predikanten zelf opgestelde verslagen van verhoren enz. hadden beter achterwege kunnen blijven geen historicus zal aan zulke achteraf neergeschreven en voor publicatie bedoelde verhalen veel waarde toekennen. Aan sommige is de onechte heldhaftigheid duidelijk merkbaar. Overigens: een belangrijk boek, waarover wij ons hartelijk verheugen. W. B.

Mr. dr. A. A. van Rhijn, Sociale Zekerheid. Uitg. Vrij Nederland Volkspaedag. Bibliotheek, ƒ2.50 (ruim 100 blz.).

Dit is een voortreffelijke inleiding van een deskundige, die duidelijk weet te schrijven. Hier vindt men een uiteenzetting van het plan-Beveridge en de wijze waarop de Engelse regering van nu voor de werkende massa een grondslag voor sociale zekerheid tracht te verwezenlijken. De tweede helft van het boekje is gewijd aan de plannen, die thans door minister Drees worden uitgewerkt. Er zijn misschien weinig andere terreinen te noemen, waar zo nauv economische en sociale problemen verbonden zijn aan sterke zedelijke gevoelens: er zijn millioenen gemoeid met de nieuwe wetten, de financiële en economische gevolgen moeten nuchter wetenschappelijk worden overwogen. Maar ook: het gaat om bestaanszekerheid voor de millioenen werkers. Dr. Van Rhijn waarschuwt: „Sociale' zekerheid is niet het einddoel: einddoel blijft het scheppen van meer rechtvaardige sociale verhoudingen.” Met des te meer vertrouwen laat ik mij door hem voorlichten.

RECHTZETTING

■Wellicht zal het u bij het nauwkeurig lezen in T. en T. opgevallen zijn, dat na het woord „moeilijkheden” (blz. 5, r. 26) een gehele regel van de copie is weggevallen, waardoor het zinsverband verbroken werd. De gehele zin had moeten luiden:

„Waarschijnlijk zouden haar moeilijkheden, die in de sociale sector zij7i gelegen, dan sterk verminderen, terwijl haar arbeid meer aanraking met en aansluiting op verschillende maatschappelijke problemen zou kunnen hebben.”

K L. OTSEN Jr.

Voor Goud en Zilver jVan Dijk I Steenweg 39 – Utrecht

C.B.VOLBROEK voor schrijf-, tel- en rekenmachines. Revisie en onderhoud. Kantoorbenodigdheden. Stempelartikelen. Hartenstraat 3, A’dam, Telefoon 40492.

tpiUKS ■ NEUBELEH ■ STOFFEEmUIJ ■ ÏDipiCS I I I 87301—24007 I

Binnenkort verschijnt: Ed. van Cleeff Sociaal-economische ordenio| Een Ideologlsch-sociologlsche beschouwing van rem standpunt. Met een voorwoord, van Prof. Dr. BERGEN. Tweede druk. tT Dit boek van bijna 500 Pagina’s mag een standaardwerk van de geleide ec, <m worden genoemd. Het is, om met bergen te spreken, „een monumenta^ Met een zeldzame helderheid woro problemen uiteen gezet. En ten het religieuze uitgangspunt van den ver zijn deze problemen In een samenhang geplaatst. Prijs ƒ 12.50 gebonden. Verkrijgbaar in de boekhandel , VAN LOCHUM SLATERUS K.V. – ARH^