is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 45, 1947, no 36, 07-06-1947

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het ernstige van de situatie

Naar aanleiding van het debat Buskes – Koejemans over Christendom en Communisme

Een vol Concertgebouw. Een goede discussie tussen de beide sprekers. Geen handigheidjes. Het ging eerlijk op de man af. Zoals het ook behoort te gaan.

En toch dezelfde ontstellende gedachte overviel mij als bij mijn eigen debat met Koejemans in Hengelo. Deze gedachte: interesseert de mensen wat wij behandeld hebben? Gaat het niet alles in wezen over de hoofden en langs de harten heen? Er werd, zowel in Amsterdam als in Hengelo, heel veel gesproken over het dialektisch materialisme. Voor ds. Buskes is ’t feit, dat de politieke activiteit van de communisten onverbrekelijk is vastgekoppeld aan de dialektisch-materialistische levensen wereldbeschouwing de diepste reden om tenslotte toch „neen” tegen het communisme te zeggen. Ik ben het daarmee eens. Maar alweer: wat interesseert de massa dit?

Men weet niet wat dialektisch materialisme is: het vreemde woordstootaf. Men kan het niet anders zien dan als een vrij abstracte aangelegenheid. Van de honderd mensen weten er misschien vijf een heel klein beetje wat er mee bedoeld wordt. En ook: men weet niet wat Christendom is. Van Randwijk kon er in zijn openingswoord wel op wijzen, dat de kerken „niet allemaal oude hoedendozen” zijn het was geestig, ik heb er heel veel plezier om gehad maar nu concreet.

Als er hier uit Hengelo een bewuste arbeider, die weet heeft van de sociale problemen, naar Amsterdam vertrekt en hij vraagt: „Bij wie moet ik daar nu naar de kerk gaan?” dan is het aantal namen van predikanten, van wie wij weten, dat ze deze man ook in zijn sociale bewogenheid zullen aanspreken, niet zo uitbundig groot. Ook in Amsterdam is er nog over(anatig veel „oudehoedendozenchristendom”. Maar het is nog erger.

Zowel op de Hengelose avond als op de Concertgebouw-bljeenkomst, heb ik mij in lalle ernst af gevraagd: kunnen de volkomen ontkerkelijkte communisten de taal, die die Buskes spreekt, die ik spreek, verstaan?

Buskes spreekt op de man af, helder, getuigend, het kan niet toeter En toch: kan men het verstaan? Is dit alles voor vele communisten niet even onverstaanbaar als voor vele Christenen een begrip als klassenstrijd of proletariaat?

De keus van de massa gaat niet tussen dialektisch materiaiisme en levend Christendom. Want men kent deze heide niet. Maar het gaat om een derde: verbetering van de levenspositie. Eigenlijk om niets méér. Het gaat om hogere lonen, lagere prijzen, kortere arbeidstijden; het gaat om een gemakkelijker» leven. De aarde en wat aarde is, is centraal. En alleen bij de allerbesten leeft er iets van drang naar Gerechtigheid. Maar verreweg de meesten zien alleen het naaste doel: verbetering in materieel opzicht.

Ik weet wel, dat deze materialistische instelling evengoed voorkomt bij leden van andere politieke partijen, christelijke en niet-christelijke. We treffen haar aan bij leden van de Partij van de Vrijheid, bij Anti-revolutionnairen, enz. Maar in dit artikel gaat het om de partij, die het meest vat blijkt te hebben op de, massa: de C.P.N.. Daarom spreek ik verder alleen over haar.

Men gaat eenvoudig uit van de zeer begrijpelijke gedachte: beter een volle maag zonder die hoge „principes” van het christendom, dan een lege maag met die principes. Denis de Rougemont heeft gelijk, wanneer hij zegt, dat het communisme is uitgegaan van dit beginsel: „Geef eerst brood aan allen, en de rest komt vanzelf.” En in de practijk is het zo, dat die hele rest millioenen niets kan schelen.

Daarom stemt men op de C.P.N.. Ik kan mij dit levendig voorstellen. Het hemd is nader dan de rok. De materie is reëler dan de geest. Het is niet voor niets, dat de eerste verzoeking voor Jezus is geweest om uit stenen brood te maken. Hier wordt de oer-waarheid, die Marx opnieuw ontdekte, volkomen erkend.

Ik schrijf dit alles niet uit angst, omdat er zoveel communistenstemmers in ons land zijn. Maar wel, omdat wij de ernst van de situatie maar eerlijk onder ogen moeten durven zien. Wij bereiken de mensen niet meer. Het raakt hun niet meer in hun hart, als wij zeggen, dat het dialektisch materialisme en alles wat daarmee samenhangt (ook in de ethiek, vooral in de politieke ethiek) de mens vernedert.

E>e C.P.N. doet meer dan enige andere politieke partij in Nederland, (en daaróm neemt zij een uitzonderlijke positie in ten aanzien van de massa-beïnvloeding), een regelrecht toeroep op de allerelementairste .werkelijkheden in het mensenleven. Zij doet dit concreet, simpel, dogmatisch. De situatie waarin wij verkeren, geeft aan de communisten bovendien meer dan genoeg gelegenheid om hiermee te kunnen doorgaan.

Dit artikel is geen critiek op wat ds. Buskes die avond gezegd heeft. Dat weet hij ook wel.

Het is geboren uit een grote verontrusting over datgene, wat ik èn in Amsterdam èn in Hengelo voelde in het gesprek met Koejemans: dit alles raakt de mensen niet als zij in de concrete situatie moeten beslissen. Wat moeten wij dan? Ophouden? Neen. Dat kunnen wij niet. Dat is onmogelijk. Wij moeten, wij mogen, blijven getuigen van het Rijk Gods en zijn Gerechtigheid. Bij communisten en niet-communisten. Maar de vraag dringt zich onweerstaanbaar en met grote ernst aan ons op: zullen wij zoveel -liefde blijken te bezitten, dat wij de vorm vinden, waarin dit levende christelijke getuigenis ook de communisten aanspreekt? Hengelo (C.) Ds. KR. STRIJD.

P.S. Wij nemen in dit en het volgende nummer de toespraak op, die ik op de discussie-avond in eerste instantie hield. Op het door ds. Strijd gezegde hopen wij nog

te reageren. J. J. B. Jr.

VACANTIE- EN ONT WI KKE Li NGS WE KEN

in het Vormingscentrum „De Vonk” te Noordwijkerhout Tel. 2414, Noordwijk.

Augustus, Vacantiemaan.'i!

Toverwoord dat in ons allerlei plannen wakker roept! Naar buiten trekken, vrij zijn van dagelijkse zorgen, nieuwe indrukken opdoen, waarop je teren kunt als je op kantoor of school of in je betrekking teruggekeerd bent. Dus eigenlijk óók nieuwe spankracht opdoen!

Naast de vele andere mogelijkheden die er zijn, komt het Vormingscentrum „De Vonk” je er ook nog één brengen. In de maand Augustus worden daar drie vacantie- en ontwikkelingsweken voor meisjes en jonge vrouwen georganiseerd, telkens van Zaterdag tot Zaterdag, van 9—16, van 16—23 en van 23—30 Augustus.

„De Vonk” Ugt dicht bij Noordwijk, dus in de nabijheid van duin en strand. Er is een grote tuin en een sportveldje in de directe omgeving. Het zal vacantie zijn in de echte betekenis van het woord' Maar in de aanhef staat: Vacantie- èn Ontwikkelingsweken. Met dit laatste bedoelen we geen schoolse lessen, wel het houden van onderlinge gesprekken in praatkringen over onderwerpen die in ons dagelijks leven een rol spelen en- waarover we graag eens met anderen van gedachten willen wisselen.

Daarnaast gaan we natuurlijk zingen en zullen we lets doen aan handwerken of handenarbeid. Ook worden in elke week één of meer lezingen gehouden b.v. over kunst in ons leven of over moderne woninginrichting en luisteren we samen naar mooie muziek. Ook vraagavonden staan op het programma.

Elke week vormt een afgerond geheel, maar elke week heeft ook weer een ander' programma, zodat wie twee of meer weken komen wil ook hartelijk welkom is. De kosten bedragen ƒ2O.— per week. Men geve zich tot uiterlijk 15 Juli a.s. op, met vermelding van leeftijd, naam en beroep en welke week of weken men wenst te komen.

De leiding: Anneke Alberda – W. Bos

C. H. Dommisse – Dick R. Koek.

Rectificatie

In mijn artikel „Om het volk” is een gedeelte van een zin weggevallen. Er staat „Als men de acties en reacties van het volk gadeslaat, dan constateert men dat ze voor en in ’t belang van het volk gedaan worden.

En dit Is bedenkelijk,” Er moet staan: „Als men de acties en reacties van het volk gadeslaat, dan constateert men dat ze voor de dingen, die voor- en in ’t belang van het volk gedaan worden, geen interesse heeft. En dit is bedenkelijk,” A. S.

rode gevaar te bezweren. De oorlog heeft niet alleen links, maar ook rechts radicaliserend gewerkt. Men schreeuwt daar zo hard over onze dictatuur, de dictatuur van de helft plus een, dat men blijkbaar gereed Is om die met een rechtse dictatuur te weren. Van Randwijk in Vrij Nederland heeft daarover een boekje opengedaan: „De Nederlandse regering is niet te vertrouwen. Mensen als Van Mook en Schermerhorn moeten voorgoed onschadelijk gemaakt worden”, citeerde hij uit een redevoering van Feuilletau de Bruin en in de Gereformeerde Kerkbode worden de huidige regeringspersonen vergeleken met de Filistijnen. U weet toch, wat het uitverkoren volk met de Filistijnen moest doen? Zo staan de zaken. Gerbrandy rekent op

onze jongens in de Oost, de reactie rekent op de vrome lezers van deze Kerkboden en op het inzicht van wie hun politieke wijsheid ontlenen aan Elsevier, de Avro, de Nieuwe Eeuw, enz.

Het is maar beter dat de kaarten op tafel liggen, ook als het misère is. Laten we geen a.s. nederlagen als overwinningen camoufleren. De narigheid is begonnen bij de verkiezingsuitslag. Als onze leiding nu maar kan bewijzen, dat haar handen schoon zijn, en dat zij inderdaad gedaan heeft, wat ze kon, dan moeten wij klaar staan, om als er tenslotte gewaagd moet worden het risico te nemen, „de stillen in den lande”, niet waar Ruitenberg? zullen ons dan verstaan. J. G. BOMHOFF