is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 47, 1948, no 6, 30-10-1948

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Over Psychologie

Boeken over zielkunde verschijnen er veel en ze worden blijkbaar even graag geschreven als gelezen. Dat Is begrijpelijk, omdat wie er wat van weet, het gevoel heeft zijn medemens van nut te zijn door er van mee te delen en wie er niets of weinig van weet het gevoel heeft, dat deze wetenschap hem het raadsel van zichzelf en van zijn omgeving zal ontsluiten en hem het Inzicht zal verschaffen hoe te leven.

In vroegere tijden las men preken en vrome tractaatjes, nu leest men psychologie. L. C. F. Hogebrink—Visscher: Het binnenste buiten') bestemd als een „Inleiding In de gedachtenwereld der psychologie. Het boek Is onderhoudend geschreven, geeft aardige voorbeelden en zet helder uiteen de ideeën van enige psychologen, die de S. blijkbaar liggen: Künkel en Maeder. Dat een dergelijke Inleiding niet diep mag gaan, versta Ik, maar beter Is het toch m.i. minder te geven dan zoveel en zo oppervlakkig. Ik denk aan het eerste hoofdstuk, waar een geschiedenis gegeven wordt van de psychologie: Lao Tse en Plato e.a. Wat hebben leken daaraan, tenzij de Illusie, dat ze voortaan mee kunnen praten? En overigens, hoe onjuist! Tot de voorgeschiedenis van de psychologie, vooral van de dieptepsychologie horen m.l. allereerst de grote moralisten en ascetische schrijvers. Een ander voorbeeld: het boek bevat een goed hoofdstuk over de bewustzijnsverschijnselen en de daarbij gedachte vermogens, maar hoe misleidend om zo’n hoofdstuk te betitelen: Wat is de ziel? Op deze vraag geeft deze psychologie nu juist geen antwoord. Samenvattend: een boek vol wetenswaardigheden, maar waarvan Ik het nut betwijfel, omdat het de oppervlakkigheid In de hand werkt. Voorlopig raad ik dan liever De moderne psychologie van Mennlcke aan, maar als deze te moeilijk blijkt, zou men wellicht met Het binnenste buiten kunnen beginnen.

J. C van Andel en O. van Andel—Ripke: Gezonde kinderen, evenwichtige mensen.") Geeft het voorgaande boek weetjes, dit geeft practlsch Inzicht. Hier wordt de ontwikkelingsgang beschreven van een mens vanaf het moment der conceptie tot aan de volwassenheid, maar deze gang wordt begeleid door wijze wenken hoe die groei te bevorderen, hoe belemmeringen te voorkomen of te genezen. Men zou dit boek het best een psychologische paedagoglek kunnen noemen. Het berust op een even llefdevolle als deskundige waarneming van kinderen In hun groei en het Is zeldzaam rijk aan fijnzinnige wenken aan ouders en opvoeders, die evenzeer berusten op het

aloude gezond verstand als op de fraaiste resultaten van deze toch inderdaad indrukwekkende moderne wetenschap, de psychologie. Twee opvallende kenmerken zijn, het biologisch standpunt: het zleleleven wordt beschouwd als openbaring van het leven en samen zich ontvouwende met de lichamelijke groei, (men merkt dat hier artsen aan het woord zijn) èn de grote nadruk die gelegd wordt op de gave ontwikkeling van het gemoedsleven. Het blijken twee uitermate vruchtbare uitgangspunten te zijn. Het boek is helder geschreven en me dunkt, dat mits langzaam en aandachtig gelezen, het iedereen kan aanspreken: de vakman en de leek. Ik heb mijn woorden gewogen wanneer Ik als mijn persoonlijke mening geef, dat het boek voorlopig het standaardwerk kan zijn voor opvoeders In de ruimste zin: ouders, onderwijzers, maatschappelijke werkers, dominees, enz. Natuurlijk Is het aanvechtbaar, maar voor zover Ik zie, slechts In deze zin, dat het hier en daar aanvulling behoeft. Sommige lezers (Ik ook!) zullen de eerlijke religiositeit van dit boek te vaag vinden en men kan van oordeel zijn, dat deze ontwikkelingspsychologie nog onvoldoende de resultaten verwerkt van wat In de volgende' boeken besproken wordt: de dlepte-psychologle, speciaal van Jung.

Dr J. H. van der Hoop: Nieuwe richtingen in de zielkunde.") Geduldige lezer, het wordt moellljker. Hier Is de derde herziene druk van een boek dat terecht bij de vakmensen en ook In het buitenland erkend is geworden als een der voortreffelijkste Inleidingen In de moderne dieptepsychologie van Freud, Adler, Jung. Het is nog steeds een inleiding, maar van iemand, die zich, en terecht, tot oordelen bevoegd acht, die zelf op dit terrein een belangrijke bijdrage heeft geleverd (de ter zake kundige lezer zij herinnerd aan Bewustselnstypen). De S. weet zelf, en hij waarschuwt er voor, dat hier veronderstelling, verworvenheid en voorlopige bewering onontwarbaar vaak dooreengestrengeld liggen. Het boek zelf is In bescheidenheid geschreven en maant tot bescheidenheid, vooral ook omdat hier voortdurend de grens tussen wetenschap en wijsbegeerte overschreden wordt. Aanbevolen aan ontwikkelde lezers, die reeds lets van psychologie afweten. Het boek heeft een voortreffelijke blbllographle.

J. M. Hondius: Religie en werkelijkheid.'') Prof. dr E. A. D E. Carp: De analytischpsychologische behandelingsmethode volgens Jung.^j

Ik bespreek deze boeken samen, omdat ze hetzelfde onderwerp behandelen: Jung.

Hondius is een enthousiaste aanhanger van Jung, Carp waardeert veel in diens leer, maar blijft critisch. Het eerste boek is een heldere, sympathieke uiteenzetting, het andere is moeilijker, maar m.i. waardevoller. Beiden zijn bedoeld als inleiding en heenwijzing naar deze Zwitserse psycholoog, die op het ogenblik, aldus mijn indruk, dè mode-psycholoog is. Daarmee is niets kleinerends bedoeld. Jung is groot als de psycholoog, die het gewaagd heeft cultuur en godsdienst in zijn onderzoek te betrekken. Hij maakt op menigeen de indruk de grote zieleleider van Europa te zijn. Op een centraal leerstuk van hem moge ik wijzen; zijn theorie der archetypen. Jung meent, dat de mens behalve zijn individueel onderbewustzijn, deel heeft aan een collectief onderbewustzijn: de wereld der archetypen. De ervaringen der mensheid vanaf haar voorhistorisch bestaan zouden in symbolische gestalten bij hem onderbewust aanwezig zijn. Als men zijn boeken en die van zijn aanhangers leest, komt men onder de indruk van de verhelderende inzichten die deze theorie biedt op het gebied van het droomleven en van de zielsziekten, maar ook op het gebied van kunst en religie. Bij Carp kan men het proces lezen van twee ziekte-behandelingen volgens Jungs methode, bij Hondius kan men uitvoerig toepassingen lezen van Jungs theorie op de vergelijkende godsdienstwetenschap. Een waarschuwing is hier wel op haar plaats: Hondius gaat zich vaak te buiten, overigens op het voetspoor van zijn meester, aan voorbarige gelijkstellingen van ongelijkwaardige grootheden. Juist op dit gebied kan men niet genoeg herhalen dat alles, wat op elkaar lijkt, nog niet hetzelfde is. Mijn overige critiek op Hondius vind ik zo voortreffelijk uiteengezet in het boek van Carp, dat ik daar graag de geïnteresseerde lezer naar verwijs.

Eén ding kan men in elk geval 'bij de psychiater Jung leren: de ziekte van Europa Is een zielsziekte en deze zal niet genezen worden door een voortschrijdende rationalisering van leven en bewustzijn, Integendeel. De mens heeft diep-lnnerlljk behoefte aan geloof en godsdienst. Jung was een der eersten, die zag dat het nat. soc. een godsdienst was; vandaag kan men hetzelfde waarnemen aan het communisme. Het Is bezig een mythologie te worden, concurrerend met het christendom. Men kan zich misschien een kleine groep denken van redelijke mensen, die God en godsdienst hebben afgeschaft en een sereen leven leiden In het klare licht der rede. Persoonlijk geloof Ik dat deze mensen zichzelf te kort doen, maar dit zeg Ik als gelovige; ik meen echter dat o.a. Jung overtuigend heeft aangetoond, hij zelf Is In christelijke zin ongelovig, dat het gevoelsleven van de overstelpende meerderheid der mensen niet zonder godsdienstige doel- en vormgeving kan en dat de vernietiging van het religieus besef catastrophale gevolgen moet hebben voor Individu en gemeenschap. J. G. BOMHOFF

") L. C. P. Hogebrink—Visscher, Het binnenste buiten, 3e druk, uitgave J. Bijleveld, Utrecht. 1948. 219 blz., ƒ6,90 geb.

b J. C. van Andel en O. van Andel—Ripke, Gezonde kinderen, evenwichtige mensen, derde, herziene druk. Uitgave J. Bijleveld, Utrecht. 1948, 275 blz. ƒ6,90 geb.

’) Dr J. H. V. d. Hoop, Nieuwe richtingen in de zielkunde, derde herziene druk, uitgave Van Loghum Slaterus, Arnhem,' 1948. 224 blz. ƒ7,90 geb.

*) J. M. Hondius, Religie en werkelijkheid in het licht der psychologie van C. G. Jung; uitgave E. Kluwer, Deventer, z. j., 205 blz. ƒ 6.—. *) Prof. dr E. A. D. E. Carp De analytisch-psychologische behandelingsmethode volgens Jung; uitgave H. Meulenhoff, A’dam, z.j., 178 blz. ƒ5,90 geb.

politieke oordeel en dat ik gelijk heb. Het kan ook omgekeerd zijn dat jij gelijk hebt en ik ongelijk. Zolang wij de beperktheid en de zwakheid van ons oordeel erkennen en ons hoofd buigen voor dezelfde laatste rechter, zijn wij één ondanks onze verschillende meningen”. Hroromadka antwoordde met hoofd en hart in dezelfde geest.

Vraagt men tenslotte, hoe Hroromadka tot zijn houding werd voorbereid, dan moet het antwoord op deze vraag twee dingen zeggen.

Voorbereid werd hij allereerst door een jarenlange bestudering van Masaryks analyse van het zedelijke, geestelijke en maatschappelijke verval van de moderne mens en de liberale kapitalistische wereld. Masa-

ryks verstaan van de tegenwoordige tijd als een grote wereldrevolutie heeft Hroromadka geholpen de sociale en economische wanorde te benaderen zonder angst en vrees.

In de tweede plaats werd hij voorbereid door zijn theologie, die gebaseerd is op het bijbelse getuigenis van de werkelijke tegenwoordigheid van de gekruisigde en opgestane Heer in de diepste diepten van menselijke ellende en van zijn uiteindelijke overwinning aan het einde der tijden. De theologie steunde hem bij zijn pogen om zijn geloof vrij te houden van gelijkschakeling aan onze sociale en culturele orde, vrij ook van gelijkschakeling aan de Westerse beschaving, die hij innig lief heeft.

J. J. BUSKES.