is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 47, 1949, no 45, 13-08-1949

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

socialisme ook niet meer een zaak van levenshouding en gedrag zijn.

Dat is soms een verlies. Vaak een winst. 2. Toch moeten wij ernst maken met het „jij”. Niet met het woord, maar met het verlangen naar menselijke gemeenschap, dat er achter ligt. Wij moeten ernst maken met de „doorbraak”. En dan bedoel ik niet alleen de doorbraak van politieke en kerkelijke grenzen. Maar het doorbreken van de vereenzaming, die Marsman doet klagen: „ik sta alleen, geen God of maatschappij die mijn bestaan betrekt in een bezield verband”. Wij moeten doorbreken tot de mens binnen het bezielde verband van het socialisme. Wij moeten in elkander de strijdende en dienende mens gaan ontdekken.

3. Maar wij moeten evenzeer ernst maken met de afstand van mens tot mens. De angst voor het „jij” is geboren uit een behoefte aan afstand. Onder de afstand tussen mensen hebben velen veel geleden. En toch ligt er iets in, dat wij niet zonder schade verwaarlozen. Want afstand is een teken van eerbied. In het godsdienstig leven gaat de eerbied voor het Heilige altijd gepaard met afstand nemen. „Treed niet nader, want de plaats waarop gij staat is heilige grond”. Daarom zullen wij, bij alle nadering tussen mens en mens, bewaren die afstand, die uitdrukking is van onze eerbied voor het heilig geheim der menselijke persoonlijkheid.

H. J. DE WIJT

'^entvdd-nuuivs

VERSLAG CURUS 23—29 JULI.

Uit alle delen van het land kwamen wij Zatermiddag 23 Juli te Bentveld aan, om te zamen de cursiis „De christen in de socialistische beweging”, te volgen. De meesten van ons waren vreemden voor elkaar. Je bekeek elkander eens en je zocht min of meer voorzichtig (hoe zou je anders in deze maatschappij?) contact. Maar al heel sr>oedig was het ijs gebroken; de opening in het lezingzaaltje, waar ds Van Biemen ons even deed realiseren wat wij hier zochten en in welke sfeer wij hier wilden zijn, gevolgd door de eerste maaltijd in het „grote huis”, te zamen met de peuters, maakte ons weldra tot één grote familie in de beste zin van het woord: vertrouwelijk, open voor elkaar, bereid tot luisteren en bereid elkander te verstaan. En zo is het gebleven tot op het moment dat wij een week later vertrokken met het gevoel, dat wij deze cursus niet hadden gevolgd, doch beleefd. |

Een lange rij sprekers heeft ’s ochtends en ’s avonds onze gedachten gericht elk op een bepaald aspect van het thema van deze week. leder bracht de hem toegedachte stof naar ssijn eigen aard en met een eigen aanpak, maar allen spraken met diepe overtuiging en met een bezieling die bij ons vele malen, een misschien vaak sluimerend besef van de betrokken onderwerpen deed uitgroeien tot een bewuster verstaan. Een bewuster verstaan, dat ons sterkte in ons geloof en in onze overtuiging, vooral bij diegenen onder ons, die pp allerlei plaatsen in de maatschappij staan, waar zij moeten optomen tegen de talloos velen die behept zijn met een mateloze hoeveelheid onkunde, wanbegrip en venijn. Ds Buskes sprak ons de eerste avond over; „Socialist uit geloof”, op een wijze die ons, van welk kerkelijk erf wij ook stammen, diep deed beseffen, dat wij ondanks geestelijke verscheidenheid allen en te zamen willen luisteren naar dezelfde boodschap, die ons heeft gebracht tot een bepaalde visie op de ordening van het maatschappelijk leven, het socialisme, waarvoor wij willen strijden, te zamen met hen die daar ook ja op zeggen, al hebben zij de boodschap nog niet gehoord. Stufkens heeft ons op bewogen wijze verteld over: „Een eeuw socialisme en de christenen” en over: „Christen en neutrale staat”. Van Walsum gaf ons een inleiding over: „Theocratie en democratie”, waarin wij aan de hand van een aantal voorbeelden uit de practijk toch even konden voelen voor welke moeilijke beslissingen de overheid kan komen te staan. De Loor besprak de: „Grondslag en houdbaarheid der christelijke politieke partijen”. Ds Ruitenberg heeft ons op boeiende wijze iets verteld over: „De christen

in gesprek met zijn niet-christeUjke partijgenoten”. Van Spankeren sneed aan: „De consequenties van het christen-zijn voor de maatschappelijke levensstijl”. Mr Hogerzeil gaf ons zijn visie op; „Het onvoldragen politieke en maatschappelijke spreken van de Kerk”. Dr Idenburg hoorden wij in een bezielende inleiding over; „Onze culturele taak”, terwijl wij ’s avonds het glasheldere betoog van mr.dr Van Rhijn mochten beluisteren, die ons vertelde over; „De visie van de christen op socialisatie”. Op de laatste ochtend getuigde dr Slikken op een wel zeer aansprekende wijze over; „Het compromis als politiek, zedelijk en godsdienstig vraagstuk.” Het moet helaas bij het noemen van onderwerpen blijven; plaatsruimte belet ons iets meer te vertellen. Wel echter iets over de discussies, die op elke inleiding volgden. Zij werden steeds een open gesprek, waarin wij nu eens niet in een vechtpositie tegenover elkaar stonden. Hier wilden wij van elkaar horen en leren. Hier konden wij zelfs de, in onze samenleving meest de hartstochten en agressie aanwakkerende onderwerpen met elkaar bespreken. Hier wisten wij, vaak ook zonder zelf iets te zeggen, naar elkaar te luisteren.

Wij hebben in Bentveld beseft welk een caricatuur we soms van elkander maken. We hebben gevoeld, dat er zo hier en daar ook in de kerken'een begin van 'beweging en van nieuw verstaan is. In deze week hebben we niet een tot in finesses uitgedokterde handleiding meegekregen om verder te gaan; wel hebben we veel gehoord, wij zi,1n geschrokken soms over wat wij vernamen, gesterkt anderzijds in ons 'geloof en in onze msiatschappelijke overtuiging en we beseffen, dat we met alles wat we samen hebben mogen horen nog bij lange na niet klaar zijn. Wij hebben nog veel te verwerken, maar dit hebben wij allen wel heel goed verstaan, om met een passage uit ds Van Biemens sluitingswoorden te spreken: „Het socialisme is het breekijzer en de hefboom in een chaotische wereld, en de christen moge zijn het breekijzer en de hefboom in de socialistische beweging.” v. d. S.

Kortehemmen-nieuws

VACANTIEWEEK VAN 25 JULI—I AUGUSTUS

Het was een heterogeen gezelschap, dat daar op 25 Juli in het Woodbrookershuis neerstreek. Vrijgezellen en ouders met kinderen, hand- en hoofdarbeiders, ouderen en jongeren, FriesKn en Hollanders. Zij alien zouden hier samen onder leiding vaji ds Bender, geassisteerd door zijn vrouw, hun vacantieweek doorbrengen. Kan dat? zo zult gij u afvragen. Het verloop van deze vacantieweek heeft daarop het antwoord gegeven en daarvan wil ik u nu wat vertellen. Vooraf moet echter worden gezegd, dat een dergehjk verslag moeilijk is, heel moeilijk! O, ja, het vermelden van feiten, van alles, wat zich heeft afgespeeld, is eenvoudig genoeg, maar daarmee zijn we er niet. Wat zich niet laat beschrijven, wat men moet meemaken, zelf moet doorvoelen, is de geest, die er over zo’n gezelschap komt, de sfeer, die er gaat heersen.

Het begon al direct bij aankomst, nadat de weinige formaliteiten waren vervuld, met de thee, die werd geserveerd. Simpel kopje thee! Wat een goeds gaat er van je uit! De macht van het kleine. Direct voel je, dat je in een gezin komt, dat je samen een geheel gaat vormen en zo een week zult passeren. Niet als enkelingen, waarbij ieder probeert het zo goed mogelijk voor zich zelf te krijgen, maar als een gemeenschap, waarin men met en voor elkaar wil leven; waar rang en stand wegvallen; waar zelfs de meest eenvoudige zich op zijn gemak voelt; waar we als mensen onder elkaar zijn.

De leiding was doelbewust, eenvoudig, hartelijk. En onder die leiding groeide met de dag dat gemeenschapsgevoel „Als je gevoelt voor een socialistische maatschappij, begin dan in je medemens van heden je kameraad te zien.” Dit woord werd, zo ongeveer, bij een inleiding geciteerd en daarnaar werd gehandeld. Wij verheugden ons allen met de huismoeders, die zo volop genoten van haar vacantie nu zij eens alle zorgen op zij konden zetten, nu zij niets behoefden klaar te maken, maar alles voor haar werd opgediend. Zelfs naar haar kinderen behoefden zij niet om te zien. Dezen werden door een tweetal dames beziggehouden op een wijze, die alle lof verdient.

Wat we gedaan hebben? Och, het was alles zo eenvoudig. We hebben een dag op het water doorgebracht en zo kennis gemaakt met eigen bekoorlijke schoonheid van Friesland; we hebben gefietst of gewandeld in de bossen; gezellig op het terras of op het grasveld gezeten; onder leiding van een der deelneemsters les gehad in het figuurknippen, waarvan groten zowel als kleinen genoten; we hebben gevoetbald of gekorfbald, geschertst of een ernstig woord gesproken.

Want ook dat laatste kreeg zijn beurt. Zou zo’n verblijf anders beantwoorden aan het doel der A.G.? Blijdschap naast ernst is het kenmerk van het Woodbrookerswerk en dit is het juist, wat ik

in het begin bedoelde, toen ik wees op die sfeer, die niet te definiëren is, die achtergrond is van aUe doen en handelen.

’s Avonds en eenmaal ’s middags wanneer we rustig bij elkaar zaten, luisterden we naar een causerie over het boek van Van Moerkerken; Het nieuwe Jerusalem, over het socialisme in 1949, over het nieuwe in de Kerk, over de ervaringen van een vertegenwoordigster van de Voedingsraad in de gevangenissen en de kampen voor politieke delinquenten. We discussieerden er over, stelden onze vragen |

We hadden een kunstavond met pianospel, zang en declamatie, en tot slot een bonte avond voor kleinen zowel aJs groten.

En wie Maandagmorgen aanwezig was, toen allen, gereed voor het vertrek, afscheid namen van elkaar wie niet alleen de woorden van afscheid hoorde, maar ook doorvoelde, wat daarin verborgen lag voor hem was het antwoord op de vraag: „Kan dat?” niet moeilijk meer. Ja, dat kan! Maar meer nog. Niet aUeen hebben die verschillende vacantiegangers elkaar verdragen, hebben ze met elkaar gespeeld en gezongen, hebben ze, kort gezegd, een „gezeUige” week gehad, de meesten, zo niet allen, zullen iets hebben meegenomen van dat andere, dat niet definieerbaar is, doch dat in en door alles heen leeft. leder zal daar op zijn eigen wijze een naam aan geven en het verder uitdragen. En juist daardoor zal deze vacantieweek een geslaagde mogen worden genoemd. K.

Mededelingen

Op de Horst, centrum van „Kerk en Wereld” hebben in de maand Augustus de volgende ontmoetingsdagen plaats: 15—20 Augustus: Gastenweek. Leiding mevr. en dr H. J. Honders gevraagd. 20—22 Augustus: Kadercursisten: onderwerp „Geloof en wereld”.

23—26 Augustus: Ambtsdragers: leider dr F. Boerwinkel. 27—29 Augustus: Werkers onder buitenkerkelijken: de toegang tot ons volk.

Aanmeldingen voor deze samenkomsten kunnen gericht worden aan „Kerk en Wereld”, ds Horst, Driebergen, aan welk adres ook het volledig programma gratis aangevraagd kan worden. * * *

Het Vormingscentrum „de Vonk” te Noordwijkerhout organiseert van 10 October—l7 December een cursus voor meisjes van 14—16 jaar, die pas van school komen, of al enige tijd in huis of op een fabriek of atelier gewerkt hebben.

Kosten zijn ƒ4,—i per week. Inlichtingen en opgaven aan de Administratie van het Vormingscentrum „de Vonk” te Noordwijkerhout.

Leestafelnieuws

Wereldconferentie Amsterdam 1949. Boekencentrum Den Haag. (102 biz.). Al de rapporten van de Wereldconferentie vindt men in dit boekje, verder het referaat van Miss Chakloo over „Het christelijk getuigenis in de wereld” en het boeiende en instructieve referaat van Niebuhr over „Het christelijk getuigenis in de sociale en nationale orde”. Alleen reeds om dit laatste referaat moet men zich dit boekje aanschaffen. J. J. B. Jr.

Onderlinge Maatschappij NEERLANDIA Tel. 551331, Scheveningen, Com. Jolstraat 1, Harlngkade 163. BRAND-, INBRAAK-, BEDRIJFSen STORMVERZEKERINC Combinatie-poUssen