is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 48, 1949, no 5, 29-10-1949

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bondgenoten. Zij zullen dat land het meest vertrouwen, dat ook in het binnenland veilig is. Het besef dat deze veiligheid het best gewaarborgd is bij een gezond progressief beleid, leeft slechts bij een kleine kopgroep in de Amerikaanse politiek. De onwijze steun aan de Griekse reactie behoort ook tot de politiek van het State Department.

Op het ogenblik wordt door de kleinere, van de Verenigde Staten afhankelijke, volken een schuchtere poging gedaan om via regionale bondgenootschappen zoals de Raad van Europa bijv. beoogt te zijn, binnen het kader van de Westerse diplomatie meer kracht te ontwikkelen. De idee biedt meer perspectief dan de schamele uitvoering van thans doet vermoeden. Zij zal echter pas de gewenste kracht kunnen ontwikkelen wanneer vermeden wordt dat de V.S., in plaats van met vele kleine, met een grote vazal te doen krijgt. Dit kan alleen als er waardiger spelregels worden vastgesteld dan een Atlantisch Pact met zijn beperkte doel ooit kan bieden. Spelregels als de U.N.O. die kent, waarbij de waardigheid en zelfstandigheid van elke speler voldoende worden gewaarborgd. Waarom deze regels

niet beproefd met de spelers, die wel in de geest van het spel handelen?

Is het praematuur om uit de mislukking van de samenwerking met het Oosten te besluiten, dat het Westen de U.N.O. dan maar voorlopig alleen in beheer moet nemen? Op tal van andere dan politieke gebieden zoals onderwijs, voedselvoorziening, hulp aan achterlijke volken, hebben de Verenigde Staten hoewel de steun van de Sowjet-Unie ontbrak goed werk gedaan. Door de begrensdheid van het doel kon de medewerking van de Sowjet-Unie gemist worden. Is het doel van de politiek van het Westen door de tegenstelling Oost-West nu ook niet veel nauwer begrensd? Om te regelen hoe men zo gunstig mogelijk kan samenwerken binnen het Westerse kader en zo sterk mogelijk kan staan tegenover de Sowjet-Unie, heeft men de Russische steun niet nodig. Het gebouw, dat thans voor de Verenigde Naties te New York wordt opgetrokken, behoeft dan niet leeg te komen staan. En wie weet, wordt de aantrekkingskracht van een gezonde volkenorganisatie als aldus mogelijk is, op den duur zelfs machtiger dan de dwang van een Stalin of een Wisjinski.

H. VAN VEEN

DS J. J. BUSKES JR NAAR INDIA

Vlinder. Tekening van Th. Forrer

Na lang heen en weer beslissen (door anderen!), is ds Buskes vorige week naar India vertrokken. Een congres riep hem, als enige Nederlander, daarheen. Wij begrijpen zijn verlangen om te gehoorzamen aan deze roep. Wij begeleiden hem met onze gedachten op deze reis en hopen, dat wij over drie maanden, als hij weer terug is, véél van hem zullen horen. Wij vonden n.a.v. deze reis een gefingeerd verslag op de laatste bladzijde van het orgaan van de Bond van Ned. Predikanten. Dit orgaan komt alleen in handen van de leden van deze Bond en zij genieten maandelijks van de achterpagina, waarin op goedig-soherpe wijze met allerlei kerkelijke feiten en personages de spot wordt gedreven.

Wij nemen dit „verslag” hier als uitzondering over. Leden van de Amsterdamse Herv. Kerkeraad zullen kunnen vertellen, hoeveel van dit verslag waar i 5....

Het is begrijpelijk, dat ds Buskes slechts aan één vertegenwoordiger van de pers toestond hem op Schiphol, enkele minuten voor zijn vertrek, te vragen naar het doel van zijn reis. Een teieurstelling voor de duizenden uit zijn gemeente en van de Amsterdamse eilanden, die nu achter het hermetisch gesloten hek moesten blijven. Maar hun lied klonk over de startbaan, en ds Buskes zei: dat sterkt!

Wij staken dan maar van wal en vroegen: „Bent u reeds eerder in India geweest?” Niet dat ik weet, zei ds Buskes, met een fijn lachje.

„U gaat dus voor het eerst”, merkten wij op. Inderdaad! was het onmiddellijke antwoord.

„Hebt u reeds eerder gevlogen?” Toen kwam een echt-Buskes-antwoord: Ja, toen de ooievaar mij bracht, maar dat ben ik langzamerhand vergeten! „Gaat u alleen naar India, of denkt u nog verder te gaan?”

Ik heb nog geen verdere plannen. Dat zal afhangen van de gesprekken met Nehroe en anderen. Maar misschien steek ik nog even over naar Indonesië, om eindelijk te kunnen zien, of het nu allemaal waar is, wat ik in de loop der jaren geschreven heb.

„U hebt niet veel bagage”, zeiden wij, „voor zulk een long trip”. Ik mocht maar 20 kg meenemen, zei ds Buskes. Dus: allereerst mijn schrijfmachine en de nodige blocnotes.

„Preekt u nog in India?”

Ongetwijfeld! Dat maakte, dat ik een toga moest meenemen. Ik heb dat echter zeer handig opgelost door een nachthemd daarvoor te bestemmen, dat ik overdag draag met een gele sjerp, zoals mijn collega Niles van Ceylon. Zegt u vooral, dat ik hem in Singapore ontmoet! Wij betuigden ds Buskes onze erkentelijkheid over de belangrijke dingen, die hij ons nog heeft willen zeggen in verband met de wereldvrede, en namen afscheid. Nader vernemen wij dat juist op het moment, dat ds Buskes het vliegtuig zou binnengaan, hij teruggeroepen werd door de

(Zie verder pag. 6 eerste kolom.)