is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 48, 1949, no 7, 12-11-1949

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gevaar van de politiek

„Die Weltwoche” het Zwitserse „Elsevler”, maar oppervlakkiger en minder gljnlg schrijft op 28 October, dat de belangstelling voor het politieke leven In Frankrijk tot beneden het vriespunt gedaald Is. Wie regeert doet er niet toe, zegt de Fransman, wij worden toch wel geregeerd.

Een typisch Frans verschijnsel? Of Internationaal, althans Europees? Mij dunkt: het laatste.

Het Is meermalen geconstateerd. En de redenen er voor zijn ook wel aangegeven. De verstrengeling van het politieke met het soclaal-economlsche leven Is zéér Intiem geworden. Wie over politiek wil spreken moet óók een beetje econoom zijn. De problemen van één land zijn tegelijk de problemen van de hele wereld. De meeste beslissingen vallen bulten ons directe bereik. Naarmate de verbondenheden over de hele wereld sterker worden, In die mate wordt de neiging om ergens een vrij territorium te hebben groter. D.w.z. om er geen bemoeienis mee te hebben. Want bemoeienis betekent: binding. En die binding Is hinderlijk, zéér hinderlijk. Denk aan het belastingbiljet, de militaire dienst, de maatschappelijke ge- en verboden.

Wij kunnen ach en v;ee roepen, dat zo weinig mensen zich beschikbaar stellen voor studie en voor activiteit op dit gebied; wij kunnen klagen over gebrek aan polltlek-soclale bewogenheid maar wij moeten niet denken, dat wij er daardoor veel aan veranderen. Het beste, wat wij er aan doen kunnen, Is de situatie eerlijk en zonder wrok onder ogen te zien.

En scherper toeziende, blijkt, dat bij de grote massa der volwassenen (geestelijk dan) en niet helemaal onge- Interesseerden een afweer bestaat tegen de politieke mens. Deze afweer Is door het nationaal-socialisme hevig uitgebuit, maar dit vond zijn voorloper In de giftige conservatief meestal In liberaal of christelijk pakje gehuld die van de zaak af wilde zijn door van „baantjesgasten” en „eerzuchtsdulkelaars” te spreken. Het verzet echter, dat hierin op zo’n misselijke en verkeerd gerichte wijze aan het licht komt men moet heus niet denken, dat zulke of dergelijke woorden niet meer gehoord zullen worden. Daar zorgen „onafhankelijke” persorganen wel voor

heeft een dieper en niet te veronachtzamen reden. Deze nl., dat de politicus de neiging heeft In vormen en machten te denken, maar de mens daarbij vergeet.

De gewone, reële mens. Niet zijn abstractie. Het politieke leven heeft precies als het economische en In het algemeen het organisatorische leven de neiging de mens te onderschikken aan het geheel. Het helpt niets, of men daarbij zegt, dat ’t om ’s mensen bestwil gaat. Zolang hij dat niet ziet, blijft hij achterdochtig.

Daar komt nog lets bij: elk gak heeft zijn eigen kunstgrepen en elke stand heeft zijn eigen moraal. Politiek Is een vak en de politici vormen een stand. De fijne kunstgrepen en de bepaalde gewoonten van de politiek gaan aan de gewone mens voorbij. Hij zal de neiging hebben ze te bewonderen, zolang hij er geen last van heeft, maar hij zal ze gaan verafschuwen, als ze hem bedreigen.

Nu meen Ik, dat zij, die zeer geïnteresseerd zijn bij de politiek maar geen politici zijn, een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan de sanering van deze situatie. Zonder sanering Is het gevaar van verergering aanwezig, ja ligt het einde onzer cultuur In het verschiet. Zij kunnen een brug zijn tussen de politici en de nlet-polltleke massa.

Wat wij nodig hebben Is niet, dat alle mensen aan politiek gaan doen, maar dat de politici zoveel mogelijk gewone mensen worden. Of blijven. Niet, dat wij, nietpolitici, met eerbiedige huiver de priesters van het staatsleven benaderen, maar dat de politici d.w.z. ledereen, aan wie In het staatsbestel regeer- en bestuursverantwoordelljkheld Is opgedragen de grenzen en gevaren van hun politieke leven zien. Te midden van „gewone” mensen.

uttiUn, <|uhkt mij, de gevaren: dat hij gaat geloven in de macht van een apparaat; dat ; hij ordeningen overschat; dat hij alles ; „principieel” wil zien; dat hij in machtscategorieën gaat denken. Kortom, dat hij i het zicht verliest op de gewone man. Dat kan, óók al zegt hij de gewone man te vertegenwoordigen.

Is dit een ouderwets liberaal geluld? Ik meen van niet. Wat mij ten diepste van de liberalen scheldt Is hun principieel onvermogen om de historisch noodzakelijke veranderingen In de grondstructuur onzer samenleving te aanvaarden. Ik wil die aanvaarden, maar dan daarbinnen voor die vrijheid opkomen, die met eerbied en liefde de mens benadert.

Ik kom hier voor op, omdat Ik een christen ben. Omdat Ik uit het Evangelie begrepen heb, dat het om de mens, om de concrete mens bijbels gezegd: de naaste gaat. De naaste, die In wisselende verhoudingen komt. Maar die* In deze wisselende verhoudingen steeds meer bedreigd wordt.

Ik geloof, dat dit de diepere zin Is van de vernieuwing der democratlsch-soclallstlsche beweging In Nederland. En Ik meen, dat wij niet moede mogen worden om binnen en tot die beweging te zeggen, dat het haar daar Inderdaad om moet* gaan.

L. H. RUITENBERG.

en hetzelfde geloof of van een en dezelfde levensbeschouwing veelal tot zeer uiteenlopende opvattingen aangaande concrete maatschappelijke vraagstukken komen. Daarom moet niet eenheid van confessie of levensbeschouwing, maar eenheid van opvatting aangaande maatschappelijke vraagstukken de grondslag vormen voor een sociaal-economlsche organisatie als de vakbeweging Is. Het Verbond acht om die reden het vormen van vakverenigingen op confessionele of levensbeschouwelijke grondslag ongewenst.”

Er Is dus wel lets gewijzigd bij vroeger vergeleken.

Den Haag. j. y. d. PLOEG.

OPNIEUW

HET DUITSE GEVAAR!

De Russische dreiging Is het rookgordijn, waarachter zich het herstel van West- Duitsland voltrekt. Het „democratische qeei van net Duitse rijk moet worden tot bastion tegen het opdringende Oosten; op deze wijze wordt het herstel van het ancien regime verhuld en verdedigd. De nationalistlsche reactie Is weer blnnengehaald om het communisme het hoofd te bieden. De ene vijand wordt geweerd met de andere.

Het IS verbazingwekkend, hoe slecht propessieve regeringen hun Idealen In de bultenlandse politiek tot gelding weten te brenpn. Vooral als de uitvoering van deze politiek In dat buitenland In handen gelegd wordt van militairen. Noemen wij Zuidoost-Azie, het Mldden-Oosten, Griekenland, Japan als voorbeelden hiervan. En niet te vergeten Duitsland, waar de Clay’s en de Robertsons steeds weer een eigen stempel gezet hebben op het beleid, dat hun regeringen wensten. Vooral generaal Clay was in dit opzicht berucht. Aan zijn Ingrijpen vooral hebben wij de absolute „Free enterprise te danken, waarmee Duitsland thans gezegend Is.

Natuurlijk steekt daarachter ook een brok onmacht van de betrokken regeringen. Als Bevln In het parlement gevraagd werd naar het hoe en waarorn va,n het beleid In West-Duitsland, putte hij zich uit In het opsommen van de vele moeilijkheden, die zich

hadden voorgedaan, maar nimmer kwam hij toe aan een duidelijke, principiële verklaring over de te volgen politiek. Op een duidelijke uiteenzetting van de Amerikaanse politiek wordt eveneens nog steeds gewacht. Te veel werd aldus aan het persoonlijke inzicht van de drie Hoge Commlssarlssen overgelaten,

Men kan honderd en één verontschuldlgingen vinden voor de gang van zaken, maar yast staat In elk geval, dat er In het geallleerde beleid niet veel te vinden Is van de Idealen van Franse en Britse progressleven, terwijl reactlonnaire tendenties overal wel heel duidelijk merkbaar zijn.

Het gaat niet aan, om de Britten, Fransen en Amerikanen absoluut verantwoordelijk te stellen voor de politieke ontwikkeling In Duitsland, doch het Is volkomen te recht als men hun verwijt de gegeven kansen niet te hebben gebruikt. Zij zouden het Duitse nationalisme niet hebben kunnen uitroeien de vraag Is zelfs, of het onder Invloed van welk geallieerd optreden ook zich anderszou hebben ontwikkeld—maar wel hebben zij geen gebruik gemaakt van de hun geboden gelegenheid tot het leggen van een hechte hasis voor werkelijke democratie en werkelijke samenwerking van Duitsland met de andere mogendheden,

De geschiedenis herhaalt zich. Ook na Duitse protesten tegen elke poging van de geallieerden om het latente Duitse gevaar