is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 49, 1950, no 4, 21-10-1950

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

. Psalm 24 z'

Tyd en Taak

ONAFHANKELIJK WEEKBLAD VOOR EVANGELIE 'EN SOCIALISME VERSCHIJNT 50 MAAL PER JAAR 49STE JAARGANG VAN „DE BLIJDE WERELD”

Zaterdag 21 October 1950 Nr 4 Redactie: ds J. J. Btjskes Jr ds L. H. Ruitenberg drj. G. Bomhoff Redactie-Secr.: Roerstraat Amsterdam-Zuid Telefoon 24386 p/a dr J. G. Bomhoff Vaste medewerking van prof. dr W. Banning J. Hulsebosch H. van Veen dr M. V. d. Voet ds H. J. de Wijs Mej. dr M. H. v. d. Zeyde e.a.

Abonnement bij vooruitbet. perJaarfS,— ; halfjaarf2,75; kwartaalf 1,50plusf 0,15 incasso. Losse nrsfO,15; Postgiro 21876; Gem.giro V4500; Adm. N.V.De Arbeiderspers, Hekelveld 15, Amsterdam-C.

LEZERSSPIEGEL

U hebt het wel gemerkt: wij gaan voort met bij u er op aan te dringen ons meer abonné’s te bezorgen. Want nu de Arbeiderspers, onze uitgeefster, tegen alle economische wetten van deze duurder wordende tijd in, de abonnementsprijs aanzienlijk verlaagd heeft, nu mogen de kosten om wekelijks ons de vreugde te verschaffen voor u te schrijven, geen bezwaar meer zijn.

Ja, wij schrijven voor u. Dat is geen plicht voor ons, maar een genoegen. En een taak, die wij de moeite waard vinden. Wij vinden het namelijk de moeite waard om, als socialisten en als christenen, alles wat rondom ons gebeurt in ogenschouw te nemen, de grondiijnen te ontdekken en er een houding tegenover te vinden. Wij kunnen dat alleen maar doen, als wij u voor ogen hebben. Als er een klankbodem is. Deze wisselwerking heeft een gemeenschapsvormende kracht. De gemeenschap van de „Tijd en Taak”-lezers.

Nu behoort tot een van de kenmerken van ons blad, dat wij openhartig zijn. Wij verhullen ons waarlijk niet achter een woordengordijn, maar wij willen recht op u aftreden. Juist deze openhartigheid, dit persoonlijke cachet onderscheidt ons blad van alle andere bladen. Hoe ’n band dit geven, bleek mij uit een brief van een dezer dagen, waarin een trouwe lezeres schreef: „ik weet nu, dat u in een autootje rijdt. Als u langs komt, rijdt u dan eens aan, want ik heb véél te bespreken .. Interesseert het u, wanneer wij, van onze kant, even openhartig vertellen, hoe wij u zien?

In de eerste plaats zien wij u als weekbladlezer. ledereen, die een beetje op de hoogte wil blijven en ook zijn eenzaamheid wil ontvlieden, leest een weekblad. Soms méér dan een. Met dat weekblad treedt een bepaalde gestalte onze woning binnen. Een gast, die wij nodigen en die de sfeer van onze woonkamer bepaalt. Toen ik als gemeen te-predikant veel (en toch nog te weinig) huisbezoek deed, was één blik naar

het krantenstapeltje voldoende om te weten, waar ik wat het kiimaat van het gezin aanging aan toe was. De weekblad-lezer heeft zijn ups en downs. Het ene weekeinde is hij druk bezet, het andere kan hij genoegelijk gebruiken voor zijn bladen. In het eerste geval ritst hij, lichtelijk geïrriteerd om zoveel letters, ’t bandje er af, kijkt de pagina’s door en aanvaardt alleen, wat vlug te vatten valt. Vandaar Jo Spier in „Elsevier”. Vandaar de plaatjes en de korte stukjes. Heeft hy meer tyd, dan zet hij zich tot lezen. Maar dan nóg moet het boeiend, verrassend, persooniyk zijn... en zo, dat hij er mee in kan stem-men. Dèt is nameiyk de taak van iedere weekbiadschryver, dat hy iets gloednieuws schrijft, dat zijn lezers tóch ai wei wisten. wy menen niet, dat onze lezers principieel verschillen van ai die anderen. Op dit punt is er geiykheid van alle abonné’s van „De Linie” af, via „Elsevier” tot „De Groene” toe. En wy ergens, bescheiden, tussen in. In de tweede plaats zien wy u als mensen, die het de moeite waard vinden uit welke motieven dan ook aandacht te schenken aan die merkwaardige beweging, die geen vaste naam heeft (namen versiyten of verstarren zo gauw en zijn dus gevaariyk) maar die socialisme en geloof met elkander in verband brengt. Als christen-socialisten, religieus-socialisten, socialistische christenen of hoe dan ook. Niet via het verstand, maar via het hart. hijnbaar is dat een beperking. In wezen is het een verdieping.

Nu zit de moeilijkheid voor ons in het verschil van motieven, waardoor u tot ons gedreven wordt. Uit de correspondentie blijkt, dat onze lezers wel uit een zèèr verschillende hoek komen. Zowel geesteiyk als maatschappeiyk. Onze lezerskring heeft niets van een gesloten front, dat wekelijks zyn parolen toegeroepen krygt. Integendeel: u wilt zo weinig mogeiyk leuzen, U wilt vooral critische zin, openheid én verbondenheid aan de socialistische beweging. Met tegeiykertyd, hoe critisch ook,

verbondenheid met het religieuze leven van de kerken. Dit maakt nu de wekelijkse taak van het schrijven voor ons blad tot een vreugde: u kunt wat van ons hebben en u stelt in ons vertrouwen.

Denk echter niet, dat wij zo maar in de ruimte schrijven. Met een geconstrueerd beeld van dè Lezer, die natuurlijk niet bestaat. Integendeel: wij schrijven steeds iemand, die wij bepaaldelijk voor ogen hebben. Het zou een dwaas bedryf worden, dit aaneengeryg van letters en woorden,’ wanneer wy geen mensen van vlees eii bloed voor ogen hadden, wy durven dat, omdat wy weten, dat bij aile verschil onder ons, wy toch weer niet zo véél verschillen, Waarom ik dit op deze plechtige eerste' pagina schryf? Opdat gy weten zult, dat het geen routine-werk is, geen traditioneel herfst-verschynsel, wanneer wy op u een beroep doen méér vrienden in de lezerskring te betrekken. Opdat gy niet voorby ziet, dat ons werk alleen maar kè,n gedaan worden, wanneer ook gy op een of andere wyze ahtwoord geeft,

wy menen en dat is de diepste grond van ons wekeiyks verschijnen dat „Tyd en Taak” een eigen roeping in ons "volk heeft. Deze roeping: te zeggen, dat de verandering in de wereld geen zaak van een paar molenstenen is, die toch wel doordraaien, maar van opdracht van Godswege. wy willen staande houden, dat wy, die veranderingen willen in democratischsocialistische richting, er geen heil in zien zonder gehoorzaamheid aan wat God ons te zeggen heeft in zyn Evangelie. En de wyze waarop en het verband waarin wy dit zeggen, in „Tyd en Taak” en tot „Tijd en Taak”-lezers, is tekenend voor deze overtuiging, zy gaat van hart tbt hart, van mens tot mens. Sla een blik, lezer, in de spiegel die wy elkander voorhielden. En kyk dan eens, of er nog niet een vriend is, die mede in de kring moet komen staan, Eenvoudiger gezegd: zend ons uw nieuwe abonné! L. H. RUITENBERG