is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 49, 1950, no 7, 11-11-1950

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

juist uit diezelfde eeriykheid, die de heer Yamin zo kwalijk genomen wordt. Een gesprek met een predikant, die grote delen van Indonesië in de loop van dit jaar bereisde, maakte ons enkele maanden geleden al deelgenoot van wat de heer Yamin heeft gezegd, en nog wel in precies dezelfde bewoordingen: alle goodwill zijn we in geheel Indonesië volledig kwyt, wanneer Nieuw-Guinea wordt vastgehouden. Ook deze predikant zei ons: dit is geen bedreiging, maar realiteit.

En daarom, wanneer het zo gaat, dan zal dit evenmin zijn om de economische voordelen, waar Yamin op zinspeelde. Deze zaak is geen kwestie van handel, maar van begrip. En ook zonder eventuele tegenprestaties dienen wij te doen, wat alleen maar reëel is.

Ten slotte het zal voor mensen, die nooit op enig punt van hun leven heiligen worden, altijd een crux blijven met elkaar om te gaan, zonder dat ooit ergens aan een, of beide kanten een diepe teleurstelling ontstaat over elkaar en zijn handelingen. Het is alleen van belang, of wij een gerust geweten zullen kunnen behouden, omdat we ten volle de moed en de eerlijkheid hebben gehad B te zeggen, nadat er eenmaal A was gezegd. V. S.

Spanje, zyn meer dan toevallige gebeurtenissen en situaties in een land, waaraan men nu eenmaal „niet de eisen mag stellen, die aan andere democratische landen kunnen worden gesteld”, ö. ik realiseer mij, hoe in en buiten Spanje stryders voor werkelijke vrijheid en werkeiyke democratie hun verzet tegen het bewind van Franco voortzetten en dit verzet in verschillende gevallen met de prijs van hun leven betalen. De „reële en logische houding” van de Nederlandse delegatie is op z’n minst een moreel verraad geweest tegenover het democratisch verzet in Spanje, c. prikkelt het mij als protestant, wiens broeders en zusters het in Spanje op allerlei manieren moeiiyk wordt gemaakt, dat een rooms-katholieke gedelegeerde namens mijn land zo’n zoetsappig verhaaltje moet vertellen. Rome beklaagt zich nu en dan over een groeiend anti-papisme in Nederland. Ik moet van anti-papisme niets hebben, maar heb voor deze klachten van roomskatholieke zijde niet al te veel waardering meer.

Allerlei symptomen wijzen er op, dat Rome zich langzamerhand in Europa en Amerika sterk gaat voelen. Te recht of ten onrechte, dat laat ik hier in het midden. Er zijn ook symptomen, die er op wyzen, dat Rome uit dit voor hem zelf ongetwyfeld plezierige gevoel maar vast de conclusie trekt, dat het zich om anderen niet meer zo veel behoeft te bekommeren en... zijn daden naar die conclusie richt.

Maar nogmaals: wat haalt het uit om deze dingen neer te schryven?...

4 October

Of ik dan niet inzie, dat de communistische bedreiging ons noodzaakt om realistisch en strategisch te denken? Zeker wel. Maar alle militaire maatregelen hebben voor my alleen zin, indien ze werkeiyk de vryheid en de democratie dienen. Daarom zie ik met zorg, hoe de militaire apparaten in de democratische landen worden uitgebreid. Door deze uitbreiding komt heel het maatschappeiyke en politieke leven steeds meer

in de militaire sfeer te liggen. Normen van militair belang geven in belangrijke politieke kwesties steeds meer de doorslag.

Dit alles behoeft nog niet noodlottig te worden, wanneer het militaire apparaat zelf maar doortrokken is van een werkelijk democratische geest. De structuur van het militaire denken is echter zodanig, dat het steeds uiterst moeilijk blijkt, dat daarin de democratische gedachte gedyt. Dit is niet in de eerste plaats bedoeld als een verwijt aan personen. Militaire verhoudingen dragen naar hun aard een autoritair karakter. Het recht tot bevelen en de plicht tot stipte gehoorzaamheid aan het ontvangen bevel vormen de basis voor het goed functionneren van elk militair apparaat. Gezag in gehoorzaamheid, orde, discipline en tucht, de voortdurende instelling der gedachten op het gebruik van machtsmiddelen bij een mogelijk conflict, zyn begrippen en denkvormen, die het militaire leven naar zyn wezen noodzakeiyk voor een groot deel bepalen. Daarmee gaat dikwijls gepaard een verenging van het bewustzyn, waardoor voor andere fundamentele factoren weinig

of geen ruimte in het denken overbiyft. De sociale kant der problemen, de eerbiediging der menseiyke persoonlijkheid, de ingewikkeldheid der historische situaties biyken hun, die volkomen in de militaire sfeer hebben leren denken, dikwijls geheel of grotendeels te ontgaan. Daarom zijn militaire leiders doorgaans ook zulke slechte en soms gevaariyke politici. Mac Arthur heeft dit de laatste tijd enkele malen geïllustreerd door zyn onverbloemde sympathie voor sociaal en politiek onmogelijke figuren als Tsjiang Kai-sjek en Syngman Rhee. Dat in de Indonesië-kwestie en de zaak-Westerling leidende militaire figuren in KNIL en Landmacht van een eigenaardige en politiek uiterst gevaarlijke mentaliteit blijk hebben gegeven, is voldoende bekend. De grootscheepse herbewapening van Europa zal onvermijdeiyk de machtspositie der militaire leiders zeer versterken en hun politieke invloed slechts doen toenemen. Daarin kan een gevaar schuilen voor dezelfde democratie, die door deze grootscheepse herbewapening beveiligd moet worden j. h.

Tme radio-iubilea

Ten eerste: dr E. D. Spelberg is 25 jaar predikant. Zonder te kort te doen aan zyn werk in Egmond en Nymegen, mogen wij zeggen, dat hy door de VPRO werd, die hy is en dat hij de VPRO gemaakt heeft. Deze omroepvereniging had ander werk gedaan, wanneer hy er niet de spil was geweest, wy wensen hem hier, van deze plaats af, geluk.

De VPRO heeft hy anderen en vooral zijn vrouw vergeten wy daarbij waariyk niet een geheel eigen karakter gegeven in de radiowereld. Ik denk daarby aan drie dingen.

In de eerste plaats heeft hy, door de wyze van optreden, een stil protest aangetekend tegen de gehele figuur van het Nederlandse radiobestel. Door géén volle zendtyd te claimen, door uitdrukkelijk alleen maar het typisch eigene te verzorgen, heeft hij, zonder nu dit steeds met zoveel woorden te zeggen, andere omroepverenigingen een weg gewezen, die zij ook hadden kunnen gaan, als zij minder totalitair in hun geestelijk machtsstreven waren geweest.

In de tweede plaats heeft hy het wonderlijk-gevaarlijke instrument, dat microfoon heet, op een voortreffeiyke wyze gebruikt. De VPRO is nooit ordinair. Ik weet wel, dat men heeft uitgerekend, dat als de VPRO in de lucht was, er minder stroom werd afgenomen, dan wanneer de Bonte Dinsdag-avondtrein aanstond, ik ben er niet zeker van, of dat een bezwaar tégen de VPRO genoemd mag worden. De VPRO heeft weten te wedijveren wat het peil betreft. zy heeft niet geconcurreerd op het vlak van het ordinaire. Dat dr Spelberg 25 jaar lang deze verleiding heeft weerstaan daarvoor dank.

In de derde plaats heeft hij een stuk buitenkerkelyke arbeid verricht, die respectabel is. Ook al acht men het niet aanvaardbaar te spreken van „radiogemeente”, ! christelijk gezien is een groep luiste- L raars, niet verbonden door deelneming aan ; sacramenten en niet bereikt door het contact van persoon tot persoon géén gemeen-L te toch heeft dr Spelberg duizenden ge; holpen by hun zoeken naar de weg tot Christus. Wie vraagt of hy daarby wel steeds gehandeld heeft naar de strekking • van de drie formulieren van enigheid, en • wie dan by ontkenning van die vraag con-

sta teert, dat hy dus, kerkeiyk gezien, géén waardevolle arbeid deed, doet goed, zich de vraag te stellen of de buitenkerkelyken zoveel meer hebben aan een omroep, die op dit punt erg zindelijk is.

Daar komt nog bij, dat de VPRO ten aanzien van de geestelijke èn maatschappelijke stromingen een brede allure heeft getoond. Alweer: het was dr Spelberg, die het zó en niet anders gewild heeft. Hij is niet benauwd geweest om „andersdenkenden” voor de microfoon te halen. Hij heeft, wat politieke en maatschappelijke problemen betreft, een grote openheid getoond. Hij heeft aan anderen kunnen leren, wat deelgenootschap in verantwoordelijkheid is, óók zonder algehele eensgezindheid. En daarmee heeft hij een der wezenstrekken van het vrijzinnig protestantisme gedemonstreerd. En moet ik nu bezwaren laten volgen? Goed, maar dan deze keer con sordino. Te weinig, zo komt mij voor, heeft de VPRO er oog voor, dat wij, na-oorlogse mensen, in een ander klimaat leven, dan vóór de oorlog. De VPRO is een der organisaties, die, by alle openheid, toch een samenbindend karakter heeft. Het bindt het vry zinnig protestantisme te zeer in zijn eigenheid samen. Terwyi men in de grote volkskerk met grote hardnekkigheid vecht om kérk te worden, om de verantwoordeiykheid van links tot rechts uit te drukken, ligt er in het streven, om de linkervleugel wég te pellen uit deze tere, prille, maar groeiende eenheid, een tegenkracht, die wij met droefheid waarnemen.

Deze tegenkracht, die eerder sterker dan zwakker wordt, mag ons niet verhinderen om in de blijdschap van dit 25-jarig jubileum te delen. Daarbij niet vergetend, hoe zwaar sommige van deze jaren voor hem en zijn vrouw waren. En dan doel ik waarlijk niet alleen op de oorlogsjaren. Ten tweede: de VARA bestaat 25 jaar.

Ook haar willen wij zonder te vergeten, dat wij meermalen bezwaren inbrachten tegen haar beleid bij deze gelegenheid van harte gelukwensen.

Om drie redenen.

Ten eerste, omdat zij de laatste in de rij der omroepverenigingen is, die dit feest viert. Dat zij de laatste is, bewijst, dat haar oprichters in het begin niet hard van stapel zijn gelopen. Te recht. Nakaarten geeft