is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 50, 1952, no 40, 05-07-1952

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fd en Taah volheid. J Psalm 24 : 1 / A

ONAFHANKELIJK WEEKBLAD VOOR EVANGELIE EN SOCIALISME

VERSCHIJNT 50 MAAL PER JAAR 50STE ,.DE BLIJDE WERELD”

Zaterdag S Juli 1952 Nr4o

Redactie: dsj. J. Buskesjr ds L. H. Ruitenberg

dr J. G. Bomhoff Redactie-Secr.:

p/a dr J. G. BomhofF Roerstraat 48 • Amsterdam-Zuid Telefoon 24386

Vaste medewerking van

prof. dr W. Banning J. Hulsebosch H. van Veen

dr M. V. d. Voet

dsH.J. dcWijs Mej. dr M. H. v. d. Zeyde e.&.

[bemement per jaarf 5,— ; halfjaar f2,75; kwartaal f 1,50plusf 0,15 incasso. Losse nrsf0,15; Postgiro 21876; Gent. giro V 4500; Adm. N.V. De Arbeiderspers, Hekelveld 15, Amsterdam-C; Postbus 80

TAAK NA DE OVERWINNING

Midden in de strijd staande, is er één alles overheersend probleem: de strijd moet zo goed mogelijk worden gewonnen. Is de strijd voorlopig aithans voorbij, dan duiken er andere problemen op: in de eerste plaats die van de kabinetsformatie, maar ook die van de diepere geestelijke bezinning. Het is vooral over deze laatste, dat ik graag een en ander in het midden breng, omdat onze eigen arbeid daarmee rechtstreeks gemoeid is.

Men spreekt ter linker- en ter rechterzijde van deze verkiezing als van die van de doorbraak. Tot op zekere hoogte terecht, en het spreekt wel vanzelf, dat juist wij ons over 'dit karakter verheugen. Maar er is één belangrijk feit, dat ons tot voorzichtigheid moet manen. Legt men nl. de cijfers van de drie verkiezingen na de eerste v/ereldoorlog naast die van ’46, ’4B, ’52, dan treft een duidelijke verwantschap: eerst, vlak na de oorlog, een vrij sterke aanwas van de socialistische aanhang, daarna een terugval, en dan de derde keer opnieuw een verrassende winst, die de terugval meer dan goed maakt. Dit feit wijst er op, dat in de op-, neer- en weer opgaande beweging algemene, vooral psychologische factoren een rol spelen, en men. wat voorzichtig moet zijn met het succes van ’52 aan niets anders toe te schrijven dan aan de doorbraak.

Toch: wie ogen en oren goed de kost heeft gegeven, weet dat in de nu afgelopen strijd die door braak een belangrijke rol heeft gespeeld. Ik zou best neiging hebben om de discussies nog wat voort te zetten met die christenen, die de doorbraak voortdurend hebben doodverklaard maar er is beter werk te doen. Ik wil nl. met een zekere nadruk waarschuwen naar binnen: wat zich bij deze verkiezingen als stemmenwinst van r.k. en protestantschristelijke zijde heeft voorgedaan, is op z’n best doorbraak in negatieve of neutrale.

maar allerminst in positieve zin. Natuurlijk: wij kunnen de motieven van deze kiezers slechts vermoeden; zij zullen wel gemengd zijn geweest, en het vertrouwen dat iij staan voerder Drees algemeen inboezemt, is daarbij een niet te onderschatten factor. Maar dat deze mensen bewust en voorgoed, want uit irmerlijke overtuiging, hebben gekozen tegen een confessioneel gebonden, en vóór een socialistische partij met verscheidenheid van levensbeschouwelijke grondslag, is een illusie. En toch, wie „doorbraak” zegt naar de positieve zin, kan met niet minder genoegen nemen. Wij verheugen ons, zonder reserve, over het feit dat zo onverwacht velen los blijken te raken van confessionele gebondenheid in de politiek. Maar ons doei kan niet zijn de kerkelijke massa los te maken zij moet, integendeel, op een andere en betere wijze politiek houvast krijgen. En daar ligt dan de onmiddellijke en concrete opvoedingstaak.

Voor ik daarop nader inga, een enkele polemische opmerking. Prof. Duynstee, u weet wel: de conservatief gerichte k.v.p.-er, met wie de heer Romme zoveel last heeft (en houden moge!) sprak naar aanleiding van de verldezingsuitslag zijn verontrusting uit, aldus: „Wy vrezen, dat men hier dan ook te doen heeft met een duidelijke waarschuwing, dat zich een proces van ontkerstening voltrekt”. Over zo’n zinnetje kan men zich boos of vrolijk maken, al naar de stemming is. Het is natuurlijk ook niet zonder de dwaasheid der angstige overdrijving. Wij van onze kant zeggen natuurlijk: wanneer kerkelijke-godsdienstigen uit de ban der confessionele partij springen, dan behoeven zij stellig hun geloof en ook hun kerkelijke trouw niet te verliezen: zie de feiten, zie de namen. W 3 kunnen ook betogen en ik sta nog steeds volledig achter zulk een redenering dat waarlijk christelijk ernst maken met

de nood van de zwakken, tot socialistische keuze voeren kan en mag en soms moet. Maar ook dan zeg ik van zo’n zinnetje van prof. Duynstee: er zit iets in zij het heel wat anders dan hij meent. Er zit dit in; dat voor de tallozen, die uit de confessioneei-politieke verbanden losraken (gewoonlijk uit diepe teleurstelling!) een nieuw verband moet worden gevonden, waarin zij hun godsdienstig geloof behouden. Daarom ligt er in de verkiezingsuitslag een duidelijke vingerwijzing naar een enorm belangrijke taak voor de R.K. en Prot. Chr. Werkgemeenschap in de P.v.d.A., voor de Arbeidersgemeenschap en Bentveld en Kortehemmen.

Laat het nog eenmaal gezegd mogen worden; hoe belangrijk stemmenwinst moge zijn, en ten gevolge daarvan de verschuiving in de machtsverhoudingen der politiek, met de „doorbraak” ging het ons om wezenlijk andere dingen. Het ging er óm de wU tot socialisme te stuwen uit de verschillende geestesstromingen, die de rijkdom van ons oude werelddeel uitmaken; het ging er om duidelijk te maken in een concrete volksbeweging, dat christenen van velerlei soort op grond van hun geloof de keuze tot de brede socialistische stroom konden belijden; het ging er óók om en ik voor mij zeg heel duidelijk: dit motief was niet het zwakst —, de socialistische beweging te bewaren voor geestelijke verschraling en verarming, waaraan zij bezwijken zou indien zij zich onverschillig of vijandig tegenover christendom en kerk afsloot.

Wij hebben de „dcK>rbraak” steeds gezien als een in de eerste plaats geestelijk proces, met nadruk op beide woorden. Geestelijk, méér dan beperkt politiek machtsstreven: de rampzalige verzuiling van ons volk moest worden gebroken opdat er in positieve zin samen kon worden gewerkt aan vernieuwing op allerlei terreinen van het leven, ook op het culturele. Ook: proces dat moet doorgaan nog enkele tientallen jaren lang (moet niet schade van meer dan een eeuw worden ingehaald?), in de breedte en in de diepte. Ook daarom heeft de verkiezingsuitslag mij verheugd: er blijken nog onverwachte verschuivingen mogelijk, er zit nog beweging in, méér dan ik had kunnen denken. De ervaring leert echter, dat winst ook weer verloren kan gaan, vooral wanneer de innerlijke dynamiek uit een beweging wegglijdt en het verstarde denken gaat heersen. Ddt vooral zie ik als taak na de overwinning: het geestelijk proces blijven stuwen, door ons zelf innerlijk te laten stuwen en vernieuwen. Wij moeten er voor waken, dat de roep van de doorbraak zich in de komende jaren kan blijven uitroepen, zowel naar de omvang van haar aanhang als naar de diepte van haar bedoelen. W. B.