is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 50, 1952, no 43, 02-08-1952

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Stevenson Faroek Mossadeq

De afgelopen weken zijn vol rumoer geweest. Door het samenvallen van verschillende gebeurtenissen heeft elk voor zich waarschijnlijk niet de aandacht gekregen die hij verdient. Dat zij echter het Olympische nieuws zelfs in de populaire biaden een enkele dag van de voorpagina hebben verdrongen, moge veelzeggend zijn.

Stevenson is democratisch candidaat voor het presidentschap der Verenigde Staten, Faroek is ex-koning van Egypte, Soedan enz., en Mossadeq (De Perzische Johnnie Ray) zit weer steviger in het zadel dan ooit tevoren. Een middenfiguur

De verkiezing van Stevenson is mogelijk gemaakt door de steun van president Truman. Zijn overwinning is, zoals bij Amerikaanse partij conventies gebruikelijk, op het laatste nippertje gekomen, nadat Harrlman, de tweede candidaat zijn stemmen had overgedragen en ook Kefauver, wiens succes overigens aanzieniijk geweest is, Stevenson als overwinnaar had erkend.

Een merkwaardige overwinning, die de progressieve vieugel der Democraten weinig kan bekoren en die anderzijds voor het rechtse Zuiden slechts aanvaardbaar werd door de belofte van een Zuiderling als vicepresident.

Stevenson is stellig populair. Bovendien heeft hij zijn candidatuur niet gezocht, want hij werd er met de haren bij gesleept. Zijn grote kwaliteit is het meesterschap in het overleg.

Maar hij is gescheiden en de gelukwens van zijn vroegere echtgenote naar aanleiding van zijn benoeming was zuur: zij vond het fijn voor hem, maar zou toch op Eisenhower stemmen! Ga hieraan niet helemaal

achteloos voorbij. De vrouw, vooral ook de vrouw van de candidaat, speelt een grote rol in dit overgeëmancipeerde iand. Zo goed ais Nancy voor Kefauver een aanbeveling was, zo goed is Stevensons scheiding een ernstig nadeel. Niet voor niets hebben de democratische bladen terstond na het bericht over genoemd telegram luide rondgebazulnd, dat Stevenson de scheiding niet erkent, maar zich nog steeds gehuwd bebeschouwt. Populariteit is van het grootste belang, zeker nu de Republikeinse tegencandidaat Eisenhower daar zo veel van bezit.

Vooral het verkiezingsprogram en de campagne zullen het dus moeten doen. Dit program is meegevallen, d.w.z. het is een stuk progressiever dan men algemeen had durven verwachten. De fair deal en de Negerkwestie komen er goed af. Ten aanzien van het buitenlands beleid lijkt voortzetting der Truman-Achesonpolitiek waarschijnlijk. Het is een program van redelijke mensen, die er het beste van willen maken, voor zich zelf maar ook voor de wereld.

Natuurlijk is het nog te vroeg om de kansen bij de presidentsverkiezingen thans reeds goed te kunnen beoordelen. De eigenlijke campagne moet nog beginnen. Veel zal afhangen van de uitspraken der candidaten. Veel ook van het beloop van zaken op internationaal gebied: wapenstilstand in Korea, rustiger ontwikkeling in het Midden-Oosten, minder spannende verhouding met Rusland. De uitspraak van een Engelse krant, dat Stalin de Amerikaanse democraten de overwinning geven kan, is nog zo gek niet.

De Koning en de Sjah

Mossadeq heeft wenend opnieuw de macht in Perzië aanvaard, „uit de handen

van het volk”, de 32-jarige mislukte koning Faroek is wenend uit zijn land vertrokken, na een potsierlijk afscheid met saluutschoten, overhandiging van de koninklijke standaard en plechtige woorden over het belang van het vaderland. Faroek moest wijken voor een opstand van het leger, onder leiding van de jonge generaal Nagoeib, de held van de oorlog tegen Israël. Hiermee is een einde gekomen aan de maandenlange hofintrigues rond de kabinetsformatie. Of het het einde zal zijn van het geïntrigeer in Egypte, valt ernstig te betwijfelen.

Nagoeib is het symbool van de beledigde nationalistische jeugd van Egypte. Beledigd, omdat het militaire avontuur tegen Israël zo smadelijk is verlopen. Beledigd, omdat een der oorzaken van deze nederlaag (ofschoon stellig niet de voornaamste) de corruptie in ’s iands hoogste kringen is geweest. Het wapenmateriaal, dat het land voor duur geld had aangekocht, was hoogst ondeugdelijk. Een onderzoek naar de schuldvraag leidde naar hoge figuren uit hofkringen en Wafd. Faroek heeft ten aanzien van het hof de zaak in de doofpot willen stoppen en heeft nu daarvoor zijn straf gekregen. Maar de Wafd is de grootste partij, waarbuiten niet geregeerd kan worden, zodat volledige bestrijding der corruptie daar moeilijk zal worden, zo niet onmogelijk. Nagoeib heeft overigens precies hetzelfde verklaard als alle generaals, die een staatsgreep hebben uitgevoerd. Hij houdt zich buiten de politiek, maar wil slechts orde op zaken stellen. Alsof dat geen politiek is!

Er is een mogelijkheid, dat Nagoeib een zelfde rol zal gaan spelen als Syrië’s kolonel Sjisjakly, wiens regime vergaande hervormingen in nationalistische zin tot gevolg heeft. Dit optreden kan dan voor deze feodale landen een wel zuiverend karakter hebben, ofschoon het laatste woord ten aanzien van het heil van de betrokken volken er nimmer mee is gesproken. Een ernstig gevaar is echter een overspannen nationalisme, waarnaar alle leiders in het Midden-Oosten een uitweg zoeken, en dat zich wel eens kan uiten in een nieuw avontuur tegen Israëi. Syrië ten noorden, Egypte ten zuiden, het onberekenbare Jordanië ten oosten, voorwaar een somber perspectief, waarvan de realisatie kost wat het kost door het Westen zal moeten worden tegengegaan.

In Perzië heeft dezelfde nationalistische overspanning opnieuw aan Mossadeq de macht gegeven en daarmee is alle hoop op een verstandige regeling der Perzische kwestie voorlopig weer uit de wereld. Mossadeqs succes te Den Haag, waaruit blijkt, dat Engelands rechten op de Perzische olie door de internationale rechters twijfelachtig wordt geacht, heeft zijn terugkeer sterk bevorderd. De invioed van de Sjah, een heel wat verstandiger vorst dan Faroek, heeft er een geduchte knauw door gekregen. Zijn paleis wordt nu beschermd met het oog op de kans van een fanatiek nationalistische révolte. Het zal lang duren, voordat de rust in het Midden-Oosten hervonden is.

H. VAN VEEN

wij niet anders zijn dan een instrument. Het begrip van genade geeft ons een sterkte die wij bovenal zo nodig hebben voor een bewuste groei en ontwikkeling van onze scheppende krachten, want dit begrip dwingt tot bescheidenheid en levenseerbied, maar geeft tevens moed, ja kan onverschrokkenheid schenken. Het geeft kracht onder alle tijdsomstandigheden, want het plaatst ons hoven het tijdsbesef, dat immers zo relatief is.

Genade is de kiem van een altijd durende „vernieuwing”.

Het besef van g|enade is als een ridderslag, het sluit grote geestkracht in en ontsluit een levensvreugde die onze arbeid alleen maar kan activeren, wat ook het resultaat mag zijn. Het geeft ons de enig ware levensproportie en het enig juiste schaalgevoel in een wereld die uit haar proporties is gerukt en waarin het schaalgevoel verminkt werd. Daarom moeten wij ons nooit krampachtig vasthouden aan een behoud van onze cultuur. Wij moeten ons eerst van een cultuur hebben vrijgemaakt, geestelijk bevrijd, om cultuurdrager en cultuurverdediger te kunnen worden. Is de cultuur niet als een mand met bloemen en vruchten, die wij mogen dragen en bescher-

men? Maar de mens blijve vrij hij kan zich zelf toch niet dragen, noch conserveren.

Nooit, neen nooit zal de kunst mogen behoren tot de goede manieren van een tijd die voorbij is en die men daarom bereid is overboord te gooien, zoals onlangs sierlijk en cynisch werd gezegd. Hoe siecht de economische toestand ook is, of nog slechter zal worden, het is een foute gedachte, te menen, dat de kunstenaar ooit gedoemd zou zijn tot niets doen. Beloning, waardering, applaus of niet, het woord van Goethe blijft waar:

Ich singe wie der Vogel singt Der in den Zweigen wohnet

Das Lied das aus der Kehle dringt Ist Lohn der reichlich lohnet.

Niet iedere kunstenaar zal het ver brengen. Niet iedere soldaat zal generaal worden. Soldaten zullen er wel moeten blijven, maar schilders, dichters, schrijvers, muzikanten zullen er zeker ook blijven, ondanks alles.

Maar des te gelukkiger het volk dat zijn cultuuruitingen waardeert en liefheeft en er daarom veel voor over heeft. NANNO MEIJER

Verzoek

Men verzoekt ons na te slaan welke aflevering van T. en T. (circa 1946 of kort daarna) iets bevatte over Elisabeth Pilenko. Kan iemand ons dit meedelen? Of kan iemand ons nadere gegevens over deze vrouw verschaffen? Bestaat er van haar een levensbeschrijving? Gelieve te antwoorden aan de red.-secr.