is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 50, 1952, no 47, 30-08-1952

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Na Schumacher

De vraag, in hoeverre één enkele mens het leven van zijn medemensen kan beïnvloeden, blijft ook voor de politiek interessant. Wij behoeven niet lang te zoeken naar het antwoord: de mogelijkheden van de enkeling zijn heel groot, zelfs in democratische samenlevingen van het zuiverste water. De plotseling overleden leider der Duitse sociaal-democraten, Kurt Schumacher, is er een voorbeeld van.

Schumacher, product van het Duitsland der laatste vijf en twintig jaren: principieel, gehard, fanatiek. Een man, aan wie waarschijnlijk weinig leed voorbijgegaan is.

Men kent zijn geschiedenis: de elf jaar concentratiekamp die hem tot een menselijk wrak hebben gemaakt; zijn tot het schier bovenmenselijke gespannen geestkracht, waaruit in wezen de nieuwe sociaaldemocratische partij is ontstaan na het einde van de oorlog; zijn van groot inzicht getuigende afwijzing van elke samenwerking met de communisten; zijn harde, niets ontziende oppositie tegen de regering Adenauer.

De politiek van de Duitse socialisten, dat was de politiek van Schumacher. Onder zijn leiding was voor een andere stroming nauwelijks plaats.

De socialisten uit de andere Westeuropesè landen hebben zijn optreden dikwijls niet gewaardeerd. Behalve, dat zijn oppositie naar veler oordeel te fel, te weinig opbouwend, te zeer „entweder-oder”, soms ook te opportunistisch en te nationalistisch was, waren er ook verdergaande, zeer principiële meningsverschillen, bijvoorbeeld ten aanzien van de Europese samenwerking en de waardering van de mogelijkheden om tot hereniging van de beide Duitslanden te komen.

Men zal geneigd zijn veel van deze critiek te verklaren uit de verbittering, die Schumachers beleid wel móést kenmerken. Zulk een verklaring heeft enige zin. Maar het zou toch een overschatting zijn van zijn invloed, als wij hiermee de oplossing meenden gevonden te hebben voor de problemen, waarvoor de Duitse sociaal-democratie ons zo dikwijls stelt. De feiten, dat zo grote volksgroepen zich achter hem gesteld hebben, en dat de oppositie in de Duitse sociaal-democratie zo onbetekenend geblev,en is, mogen ons leren, hoezeer Schumacher heeft kunnen uitgaan van èn gevoed is door een zeer bepaalde Duitse geestesgesteldheid. In onze democratische samenlevingen wordt de aard van het politieke „spel” uiteindelijk door het gemiddelde van dlle spelers bepaald, hoe krachtig de persoonlijkheid der leiders ook zijn mag.

Geen koerswijziging

Hiervan uitgaande menen wij, dat de speculaties over een mogelijke koerswijziging der Duitse socialistische politiek irreëel zijn. Het geestelijke klimaat in Duitsland biedt nog te weinig mogelijkheden voor een „edeler” politiek, van socialistische noch van andere zijde. Zelfs indien socialisten als bijvoorbeeld de burgemeester van Hamburg, die Schumachers opvattingen principieel niet delen, het leider-

schap der partij zouden ovememen, zouden zij weinig van hun afwijkende inzichten kunnen doen blijken. Overigens, het zeer indrukwekkende aanhankelijkheidsbetoon bij de begrafenis toont de onmogelijkheid, dat deze figuren de leiding in handen zouden krijgen, volstrekt duidelijk aan.

Voor de kleine practijk des dagelijksen levens zal er stellig wel verandering komen. Niemand zal zozeer als de geladen Schumacher tot verzet en onverzoenlijkheid bij de tegenstanders aanleiding kimnen geven. Veel, dat emotioneel afstootte, zal vermeden kunnen worden, Daar staat overigens tegenover dat men van anderen dan Schumacher in dit opzicht ook veel minder zal willen begrijpen en verdragen.

Papieren steekspel

Het gevecht met de nota’s wordt eveneens op dezelfde voet voortgezet. Thans hebben de Russen weer een beurt gehad. In een hatelijk stuk is Wisjinski met nieuwe voorstellen gekomen voor de veel besproken, maar hoogst onwaarschijnlijke conferentie der Grote Vier over Duitsland. Zoals men weet, stellen de westerse mogendhe-

den en de regering-Adenauer als voorwaarde voor een gesprek over Duitsland, dat er eerst maar eens overlegd moet worden over een commissie ter voorbereiding van algemene, democratische verkiezingen in geheel Duitsland. De Russen wilden steeds het gehele complex van Duitse vragen aan de orde stellen. Ook dit laatste voorstel, nl. a. voorbereiding van een Duits vredesverdrag, b. vorming van een regering voor geheel Duitsland, c. vaststelling van garanties voor het houden van vrije verkiezingen, geeft hiervan weer blijk.

Er zijn twee methoden om de Russische voorstellen te beoordelen: wij kunnen ervan uitgaan dat zij eerlijk zijn bedoeld, of wij achten ons van de onoprechtheid ervan overtuigd. Het lijkt ons verstandig de laatste te kiezen, want deze is het meest voor de hand liggend.

Om hieruit echter de conclusie te trekken, dat er dus niets met de Russen te bereiken zal zijn op den duur ten aanzien van Duitsland, gaat stellig te ver. Voor zover de westelijke mogendheden, en dan vooral de Verenigde Staten, deze conclusie tot uitgangspimt voor hun Duitse politiek maken, zijn zij (bewust of onbewust, dat blijve in het midden) eveneens onoprecht. Overleg met Duitsland past nl. niet in de Westeuropese herbewapeningsplannen, die in aanzienlijke mate op een Westduitse bijdrage steunen.

De erfenis, die Schumacher ons in dit opzicht nalaat, is hoogst belangrijk. Zijn verzet tegen de Westduitse deelneming aan de herbewapeningsplannen, voordat Uitputtend overleg is gepleegd ten aanzien van de mogelijkheden van een herenigd Duitsland, is van de grootste betekenis geweest. Voortzetting van dit verzet door zijn erfgenamen, zolang zulks nog enige zin heeft, kan van onschatbare betekenis zijn. Het zal het waardevolste ereteken zijn, dat de Westduitse socialisten voor hun overleden leidsman kunnen oprichten.

H. VAN VEEN

Twee dimensies...

Bij het opbergen van wat uitgeknipte artikelen kwamen een beschouwing van Thijs Booy en enkele pennevruchten van Vermeulen, onze N.V.V.-man, vreedzaam naast of beter: op elkaar te liggen.

De beschouwing van Thijs Booy was gewijd aan een rede van mr Kist voor de Europese Jongerengemeenschap. Ze (d.w.z. de beschouwing van Thijs Booy) getuigde van een hevig enthousiasme voor de rede in kwestie. Een enthousiasme, dat op de bekende, wat technicolorachtige wijze van Booy tot uitdrukking werd gebracht. Maar achter die technicolor-tinten was toch een echte, levende geestdrift voor de Europagedachte voelbaar.

De artikelen van Vermeulen gaven een heldere en nuchtere uiteenzetting over de voortdurende moeilijkheden en wrijvingen tussen de Benelux-partners.

Zo’n stuk van Thijs Booy kan je even in de stemming brengen van: „Gelukkig! Er is toch nog levende bezieling, gezond idealisme. Een grote gedachte kan dan toch nog weerklank vinden. Zelfs na twee wereldoorlogen ”

Maar meteen herinneren artikelen, zoals die van Vermeulen je er aan, hoe moeizaam en vol hindernissen de weg is, die tot de

realisatie van een creatieve en inspirerende gedachte moet leiden.

Wat blijkt het moeilijk te zijn om bepaalde schakels te doorbreken, divergerende belangen op een enigszins billijke wijze recht te doen, verschillen in inzicht te overbruggen. En dat niet alleen, omdat traditionalisme en onwil, eigenbelang en prestige-argumenten ieder ogenblik meespelen en de zaak bemoeilijken, maar ook, omdat de zaak soms inderdaad heel moeilijk ligt en een overhaast en snel ingrijpen voor grote bevolkingsgroepen noodlottig zou kunnen worden.

Wie zulke stukken na en naast elkaar leest, krijgt soms de Indruk, dat er in twee heel verschillende dimensies over dezelfde zaak wordt gedacht en gesproken.

De eerste is die van de door-de-idee-gegrepene. Achteraf kan misschien zelfs gezegd worden: die van de profeet, de ziener. Het is de dimensie, waarin de „gestalte der toekomst”, de noodzakelijke gestalte der toekomst, wordt geschouwd en intens beleefd. Of, om de terminologie van Toynbee te gebruiken, het is de dimensie, waarin heel scherp en duidelijk de „challenge”, de uitdaging van de historische situatie wordt (VERVOLG OP PAGINA ACHT)