is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 51, 1953, no 32, 15-08-1953

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bluf en wederbluf

Malenkow heeft voor de Opperste Sowjet een rede gehouden, waarin hij de situatie in de wereld heeft besproken. Enige malen heeft hij er nadrukkelijk aandacht voor gevraagd, dat de verschillende spectaculaire maatregelen van de Russische regering een tegendeel waren van zwakte. In dit verband noemde hij het ontsiag van Beria, „de meesterknecht van het imperialisme”, en de Russische bereidheid om vredelievend met de andere volken samen te werken. Ten slotte werd met trots verklaard, dat Amerika niet meer het monopolie bezit van de waterstofbom. Ook Rusland kan die maken.

De rede van Malenkow was allerminst vredelievend. De algemene indruk, dat de Sowjet-Unie schijnt te wilien terugkomen van zijn tegemoetkomende politiek, wordt er door bevestigd. De lijn is dezelfde als die van het Russische tegenvoorstel voor de conferentie van vier. Malenkow en de zijnen zijn teruggevallen op het vanouds bekende propagandistische „vredesoffensief”, welks agressiviteit de wereld reeds zovele jaren last en ergernis heeft gegeven,

Deze situatie is bijzonder teleurstellend. De vraag is actueel, of de Russen voorgoed de vanouds bekende koers zullen hernemen, of dat dit een tussenspel is, door Moskou’s leiders nodig geacht om de al te slechte indruk van de onrust en de onenigheden weg te nemen.

Nu de toestand na enige maanden van oprechte hoop al weer zo aan het vergroeien is, is het verantwoord de vraag op te werpen of het Westen wellicht een kans heeft gemist. Het is niet zeker, maar lijkt ons wel waarschijnlijk. Nog altijd is het bijzonder betreurenswaardig, dat het initiatief van Churchill geen eerlijke kans gekregen heeft. Herlezing van hetgeen sindsdien bijv. een man als Foster Dulles, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, heeft verklaard over de verhouding tot Rusland, het Duitse probleem, communistisch China, Korea, Indo-China enz. geeft daarenboven de stellige overtuiging, dat de Amerikanen zelfs geen oprechte poging hebben gedaan om zulk eeri gesprek mogelijk te maken. Zij hebben, meer nog dan voorheen, hun eisen opgeschroefd en hun woorden agressiever doen zijn.

! In dit verband was het noemen door ! Malenkow van de verklaring, welke Eisenhower in April heeft afgelegd, en waarin ; hij een beroep deed op Rusland om de „bijna verloren hoop” op wereldvrede door ontwapening en internationale samenwerl king te redden, opvallend. Terecht was zijn , opmerking, dat de Amerikaanse politiek ! strijdig is geweest met de geest van Eisen! howers beroep. L Er mag vrijelijk worden verondersteld, dat Foster Dulles met deze gang van zaken

tevreden en gelukkig is. Hij heeft meermalen gezegd, niet veel te voelen voor overleg met de Russen, zolang de Westerse mogendheden geen sterkere onderhandelingspositie hebben. Dulles wacht nog steeds op de kans om Rusland de vredesvoorwaarden te dicteren.

Dat is dan het verschil tussen de Amerikaanse en de Westeuropese inzichten. Een verschil, zo belangrijk, dat velen zich ernstig hebben af gevraagd, of het nu geen tijd v/ordt om West-Europa de derde weg te laten gaan: vrijer van Amerika, minder veeleisend ten opzichte van Rusland.

De moeilijkheid is, dat Rusland in dat geval zeker zijn bereidheid tot onderhandelen zal intomen. De derde weg zou voor de Westeuropese landen een blijk van zelfstandigheid zijn; voor de Westerse wereld als geheel (de macht waardoor de Sowjet-Unie tot nog toe in toom is gehouden) zou zij een ernstige verzwakking betekenen, waarvan elke politicus (dus ook de Russische leiders) gebruik zou maken.

Het is een zaak van betekenis om de samenwerking binnen de Westerse wereld te handhaven. Dat wil overigens niet zeggen, dat dus de heer Dulles maar namens ons zijn gang moet gaan. Het ware te wensen dat de Westeuropese landen alles op alles zetten om de Amerikanen tot wezenlijk andere inzichten te brengen. Een moeilijke taak, die misschien alleen ondernomen kan worden door Churchill, wiens populariteit in de Verenigde Staten nog zeer groot is.

Ondanks de nieuwe verkilling der verhouding Oost-West blijft een regeling met de Sowjet-Unie toch altijd een mogelijkheid, die het onderzoeken ten volle waard is. Serieuze voorstellen heeft het Westen voor zulk een regeling nog nimmer gedaan. H. VAN VEEN

X T H et – “

Biina iedereen kent de waarde van een goed gesprek. Een goed gesprek doet ons de tiid vereeten de vluchtige blik op het horloge wordt gestaakt halve nachten zijn See gélirwanne“hêt gÏÏpS maal on gang gekomen is. Het goede gesnrek is als een ontdekkingsreis waarbij ïïere verdere sïap de vTéej nieuw geheim betekent. Men staat stii om van het uitzicht te genieten, men is blij verwonderd over een dergelijke onverwachte mogelijkheid van toenadering. Een goed gesprek is als de wedergeboorte zelf. De wedergeboorte is het grote wonder van het leven, waardoor het leven met God gekend wordt. De wedergeboorte is een verkenning der eeuwigheid, die zich op telkens verrassender wijze voor de mens ontsluit. De

wedergeboorte is eigenlijk het gesprek der eeuwigheid, waardoor de mens deel krijgt aan het gesprek, zoals het in eeuwigheid tussen Vader en Zoon gevoerd wordt.

Wanneer dit het echte gesprek is, kan het ons niet verwonderen, dat echte gesprekken zeldzaam zijn. De meeste gesprekken kunnen de voortgang niet vinden, omdat zij slechts uit een behoefte naar afleiding geboren zijn. Na een dag van hard en gejaagd werken, zoekt men een gesprek om aan verdere inspanning te ontkomen. Men zoekt interessante om op deze wijze de vermoeidheid te vergeten. Maar op deze wijze vindt men zelden het interessante op hoog niveau. Men vindt het meestal op zeer laag niveau en men doet de ontdekking, dat, zoals iemand het eens kort heeft uitgedrukt, de laster de ziel is van het gesprek,

Een andere reden voor de mislukking van gesprek is te zoeken in de weerstand zekerheden. Wij gaan ongemerkt uit zekerheden en wij rusten niet voor ander voor deze zekerheden gewon“ Noord-Holland gaat ervan uit, dat een hraaf leven godsdienst overbodig maakt, Godadlenat kan gevoeglijk gemist worden, En natuurlijk heeft men zich zelf mets te verwijten.

In de ontmoeting tussen Jezus en Nicodemus spelen al deze dingen een grote rol. De inzet wijst er reeds op, dat Nicodemus bezig is het interessante in het gesprek te zoeken: „Rabbi, wij weten, dat Gij van God gekomen zijt als leraar, want iemand doet de wonderen, die Gij doet, tenzij God met Hem

is”. Het gesprek belooft interessant te worden. Maar al gauw blijkt het, op welk niveau zich Nicodemus bevindt en hoe na een dag van vermoeidheid aan het slechts zeer oppervlakkige een kans geboden wordt. De wat vleiende woorden, waarmede zo menige spreker welkom wordt geheten, getuigen al te zeer van de innerlijke, geestelijke armoede van degenen, die zich op een interessante middag of avond verheugen.

Bovendien komt Nicodemus niet met de bedoeling om te horen, maar om te overtuigen. Hij heeft de heimelijke bedoeling om zijn mening aan Jezus op te dringen en de oplossing der vragen zelf in de hand te houden. Hij leeft uit allerlei vanzelfsprekende zekerheden, waardoor iedere diepere bedoeling der woorden hem ontgaat. De wijze, waarop hij de wedergeboorte afwijst, is zozeer vervuld van vanzelfsprekendheid, dat ieder goed gesprek tot de onmogelijkheden gaat behoren.

Een goed gesprek houdt rekening met de hemelse dingen. Dit is het beslissende, wat Nicodemus ontgaat en wat wij ook te vaak slechts in de vorm van een probleem kennen. Het is jammer, dat op dit punt zoveel misverstand bestaat en dat hemelse dingen in de reuk van verdachtheid staan. Hemelse dingen dragen echter een zo sterk karakter van eenvoud, dat alle aardse dingen daarbij vergeleken gecompliceerd zijn. Hemelse dingen betekenen niet een vlucht uit de werkelijkheid, maar een ontdekking van de werkelijkheid. De werkelijkheid van kruis en opstanding wordt in het goede gesprek ontdekt en zij vormt de spil, waarom het leven draait. A. F. L. VAN DIJK