is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 52, 1954, no 3, 16-01-1954

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BENTVELD NIEUWS

ISRAËL ALS VOLK TUSSEN DE VOLKEREN Een Weekendcursus te Bentveld op Zaterdag en Zondag 23-24 Januari 1954

Welhaast geen volk staat In de laatste jaren zo voortdurend In het middelpunt van de belangstelling als het volk Israël.

In de eerste plaats om de smartelijke weg die het naar een nieuw eigen bestaan moest gaan, In de tweede plaats om de wijze waarop het bij voortduring de allermoeilijkste politieke, sociale en economische problemen meester probeert te worden.

Rond deze worsteling om een eigen plaats In het concert der volken hangen constant grote politieke spanningen, waarbij een groot deel van de wereld ten zeerste betrokken Is.

Wat daarnaast vele Nederlanders Joodse en nlet-Joodse Intens bezig houdt zijn de pogingen om tot een geestelijke, In dl't geval'bijbelse vormgeving van het volksleven te komen. Dit streven loopt parallel met een toenemende aandacht voor en bezinning op het eigen godsdienstige karakter van het Oude Testament en het Joodse geloof. Een bezinning waaraan hier te lande Joden en christenen gezamenlijk deelnemen.

De toenemende Invloed die Martin Bubers geschriften In bepaalde kringen hebben Is stellig een niet minder belangrijke component In dit belangstelllngscentrum.

Om deze redenen heeft de AG der Woodbrookers een weekend opgezet over bovenstaand thema, op Zaterdag en Zondag 23-24 Januari ’54, waarbij voor het „gesprek” ruim tijd Is uitgetrokken.

Wij hopen dat u uw belangstelling voor Israël zult willen en kunnen tonen door u zo spoedig mogelijk voor deelname aan deze cursus op te geven op onderstaand opgaveformuller bij de administratie van de AG der Woodbrookers vóór 16 Januari a.s.

Mocht u meer exemplaren van de uitnodiging ontvangen, wilt u daarmede dan belangstelling In uw kring trachten te wekken? Wilt u voor dit doel meer exemplaren ontvangen, geef het ons door. Wij zullen u die per omgaande zenden. (Tel. K 2500— 26728).

PROGRAMMA

23—24 Januari Israël als volk tussen de volkeren. a. Israël als politieke grootheid (In het Middenoosten en in de wereld), Jaakov Zutan. b. Israël’s godsdienstige gestalte, ds. F. Kuiper. c. Algemeen gesprek. d. Lichtbeelden van reizen door Israël, L. A. A. Cohen. Leiding: mejuffrouw ds. W. H. Buijs. Kosten naar draagkracht: ƒ4.50, ƒ5.50, of ƒ6.50 per persoon. Echtparen: ƒ9, ƒ 10 of ƒ 11. 30—31 Januari: De angst in het leven van de moderne mens.

In het afgelopen najaar hebben wij hierover in een kring van artsen en predikanten gesproken. Buiten deze kring bleek voor dit onderwerp grote belangstelling te bestaan, vandaar op veler verzoek een herhaling van deze cursus voor alle in het onderwerp geïnteresseerden. a. Kan ~oer-angst”, wil men „zijns-angst” overwonnen worden?, dr. A. van Biemen. b. De rol van de angst in het persoonlijke en sociale leven, dr. B. C. J. Lievegoed. Leiding: mej. ds. W. H. Buijs, dr A.. van Biemen. Aanmeldingen zo spoedig mogelijk aan de administratie van de AG der Woodbrookers, Bentveldsweg 3, Bentveld.

AFSCHEID ECHTPAAR DE WIT—JELSMA

Maandag 4 Januari hebben we met een feestelijke maaltijd afscheid genomen van het echtpaar De Wit—Jelsma. Bijna twee jaren hebben zij deel uitgemaakt van de Bentveld-staf. In een voor ons moeilijke periode zijn zij gekomen. Met Inzet van hun hele persoon hebben zij het werk mee gedragen en gestuwd: hebben zij de sfeer in ons huis mede gestempeld. Mede door hen Is de staf uitgegroeid tot een voortreffelijk team.

Het afscheid deed hun zowel als ons leed. Doch we wisten dat zij slechts een paar jaren In Bentveld zouden zijn. Zodra Immers De Wit zijn studie voor architect aan de Technische Hogeschool te Delft voltooid zou hebben wat zomer 1952 plaatsvond en feestelijk Is gevierd! zouden zij ons gaan verlaten. Gelukkig heeft hun vertrek nog even getalmd. Nu echter heeft hij als architect werk gevonden In Apeldoorn en daarmee Is aan hun werk te Bentveld een einde gekomen.

Mevrouw De Wit—Jelsma heeft In de afgelopen tijd samen met mejuffrouw S. Ratstra de leiding van de huishouding gehad en daar Tets bijzonders van gemaakt. Ir. De Wit heeft, wanneer hij maar even tijd had, meegedaan aan het lelden van cursussen. Bovendien heeft hij plannen gemaakt voor de verfraaiing van onze gebouwen en deze mee uitgevoerd. De veranderde bllbllotheek en de vrolijk aandoende ronding In het hoofdgebouw zijn daarvan de meest In het oog lopende resultaten. Wij zijn blij, dat De Wit ons als adviseur voor de gebouwen wil blijven helpen.

Voorzitter Ruitenberg vond een kostelijke term.

toen hij hen die avond hartelijk dankte voor hun „fiere dienstbaarheid”. Ds. W. H. Buljs en Ik hebben hen op onze wijze bedankt.

Wij zullen hen missen In Bentveld; wij, dat Is de staf, dat zijn ook de deelnemers aan onze cursussen. In hun nieuwe woonplaats en In hun nieuwe werkkring wensen wij hun alle goeds!

Mensen komen, mensen gaan. Tot 1 Februari zal mejuffrouw S. Ratstra de huishouding alleen leiden, daarna samen met mejuffrouw Jans Toomstra. Een oude bekende in Bentveld, die na een paar jaren werken in Zweden, de staf komt versterken. Mensen wisselen, het werk gaat door, A. VAN BIEMEN

Ds. D. A. VORSTER t

December 1953 is Vorster van ons heengegaan op 73-jarige leeftijd. Met belangstelling volgde hij ons werk, van tijd tot tijd sprak hij op onze cursussen. In Bentveld de laatste maal over mevrouw H. Roland Holst—van der Schalk. In dankbaarheid gedenken wij hem. A. VAN BIEMEN

BRIEFWISSELING

N.a.v. mijn artikel over de EDG (12 XII ’53; 2-l-’54; 9-l-’54) kreeg Ik twee brieven.

Het Kamerlid F. Goedhart zond me een uittreksel uit de Handelingen der Tweede Kamer waaruit ik uitvoeriger dan uit het verslag der NRC me een Indruk kan vormen omtrent de strekking van zijn betoog vóór een gezantschap bij Tsjang Kal Tsjek en tegen een diplomatieke vertegenwoordiger bij Mao Tse-toeng. Inderdaad blijkt zijn betoog genuanceerder te zijn dan de NRC (en deze alleen!) ervan vertelde. Maar mijn bezwaar tegen deze politiek van vrlendjes-dlenst aan Amerika, blijft onverminderd en mijn vraag blijft voor en na onbeantwoord: is deze manoeuvre van Goedhart niet In tegenspraak met de geest der Internationale socialistische afspraken, gemaakt op de conferentie van Stockholm Juli 1953?

Drs. H. M. de Lange, Den Haag verwijst me ook al naar de Handelingen. Ik verwijs hem naar het antwoord van mln. Luns, die de bezwaren van Goedhart, naar mijn voorlopig Inzicht, afdoende weerlegde. Een andere moeilijkheid die hij maakt, Is meer fundamenteel: mijn theorie over de Russische politiek laat onverklaard Ruslands gedrag t.o.v. Finland, Polen, Tsjechoslowaklje.

Is dat zo? Men kan ik zeg niet: men moet! toch Immers aldus argumenteren: Amerika en Rusland hebben te Jalta, Potsdam en Parijs hun wederzijdse gebieden en invloedsferen afgebakend. Rusland Is daar tot nu toe nimmer bulten gegaan. Amerika heeft pro forma geprotesteerd, toen achtereenvolgens Roemenië, Polen, Hongarije en Tsjechoslowaklje tot volksrepublieken werden omgezet, terwel de Russen hunnerzijds de Griekse communisten in de steek gelaten hebben. Waarom zijn de wederwaardigheden van Finland of die van Polen of de bezetting van Praag nooit een casus belll (reden tot oorlog) geweest? Omdat men van weersk-anten stilzwijgend erkende, ondanks alle luidruchtige propaganda, dat de gevaarlijke grens tussen de belde machtsferen er niet bij overschreden werd. Men kan deze redenering cynisch vinden; Is ze ook onjuist, zo vraag Ik me af? En dan handhaaf Ik voorlopig mijn stelling: Rusland Is niet op agressie uit, maar stelt op de van dit land bekende, elegante wijze, orde op haar eigen zaken. „Rusland Is niet op agressie uit.” Ziedaar een van de redenen, waarom Ik tegen de EDG ben. Zie ook elders In dit blad. J. G. B.

KERK EN WERELD

„DE AMBTENAAR IN ZIJN ARBEID”

13—14 Februari In het „Eljkmanhuis ’ Programma:

„De ambtenaar als mens In zijn arueld”, door Ir. L. Neher, dlrecteur-generaal van PTT en door een later te noemen hoofd-commles.

„De ambtenaar als mens In zijn verhouding met het volk”, door dr. J. H. Scheurer, personeelschef NV. Van der Heem.

Tijd: Zaterdag 13 Februari aankomst tussen 16.00 17.00 uur. Zaterdagavond: Inleiding. Zondagmiddag: Inleiding. Zondagavond of Maandagmorgen, naar keuze vertrek.

Prijs ƒ 7.50 per persoon tot Zondagavond ƒ 8.50 per persoon tot Maandagmorgen.

Aanmelding: secr. van Kerk en Wereld, Driebergen.

VORMINGSCENTRUM DE VONK

Het Vormingscentrum de Vonk te Noordwijkerhout organiseert van 18 Februari tot 14 April weer een cursus Tussen school en leven.

Meisjes van 14-16 Jaar, die niet meer leerplichtig zijn, zijn er welkom. De kosten bedragen ƒ 4, ƒ 6 of ƒlO per week naar draagkracht. Opgave met vermelding van naam, voornaam, geboortedatum en genoten schoolopleiding bij de administratie van de Vonk te Noordwijkerhout. Waar ook uitvoeriger inlichtingen zijn te krijgen. W. BOS C. H. DOMMISSE

OUD-POELGEEST

IN GESPREK MET KARL BARTH

Week-end voor nlet-theologen d.d. 30 en 31 Januari a.s. op Kasteel Oud-Poelgeest te Oegstgeest.

De Stichting Oud-Poelgeest organiseert In zijn cyclus „Gesprekken met Tijdgenoten” na het weekend over Sartre thans zijn tweede week-end d.d. 30 en 31 Januari getiteld In gesprek met Karl Barth, Karl Barth, wiens denken juist voor de dagelijkse houding van de mens In het gewone leven baanbrekend Is.

Programma: Zaterdagmiddag: Leven en Denken van Karl Barth, dr. A. J. Bronkhorst. Zaterdagavond: Evangelie en het Actuele Leven, prof. dr. G. C. van Niftrik. Zondagmorgen: Mens-zijn is Samen-zijn, Oecumenische huisdienst 0.1. v. prof. dr. K. H. Miskotte. Zondagmiddag: Ons Aandeel in de Dialoog, nagesprek 0.1. v. mr. A. W. Kist. Nadere informaties te verkrijgen op Kasteel Oud-Poelgeest te Oegstgeest, tel. 23662. Prijs ƒ7 p.p.; ƒ12,50 per echtpaar. Opgaven aan Kasteel Oud-Poelgeest.

LEESTAFELNIEUWS

Hans Berghuis: Pleidooi voor een zondaar, uit-

gave A. W. Sljthoff, Lelden 1952, 192 blz. ƒ5,90.

Deze roman, een eersteling volgens de omslag, heeft enkele aantrekkelijke kwaliteiten; hij is goed en met vaart geschreven en beweegt zich in milieus, die de schr, blijkbaar van aanschouwing kent. Voor een niet r.k. lezer is dit boek daarenboven interessant omdat het inleidt tot een voor een buitenstaander bevreemdend religieus gedachtenleven. Een technische fout, die onherstelbare gevolgen had lijkt me in dit geval de ik-vorm, die aan heel het verhaal een overspannen pathos geeft. Juist de delicate gewetensconflicten van een geloofscrisis, hier nog versterkt door enkele, zeer romantische voorvallen (een moord 0.a.) laten zich nauwelijks aannemelijk vertellen door de persoon, die er de inzet van is. Overigens een opmerkelijk debuut met enkele fraaie momenten en een zeer oorspronkelijk gegeven, oorspronkelijk op het ongeloofwaardige af. J. G. B.

W. A. Gotjé: „Voor ieder schijnt de zon”. Ultg. N.V. De Arbeiderspers, A’dam. 241 blz. Geb. ƒ 5,70, voor abonné’s op de Arbo ƒ 2,85.

De bedoeling van de schr. Is waarschijnlijk geweest om een roman te schrijven over de bewoners van een huls uit een Amsterdamse marktstraat en daarbij te laten zien, dat hun leven niet alléén van misère aan elkaar hangt, maar dat ook voor leder van hen zo nu en dan de zon schijnt. Voorwaar een loffelijk streven! Maar het spijt ons te moeten zeggen, dat de schr. er 0.1. niet In geslaagd Is aannemelijk te maken, dat hij daartoe de aangewezen persoon was: stijl, taal en compositie laten nogal wat te wensen over.

W. Laatsman: „De vreemdeling”. Ultg. J. N. Voorhoeve, Den Haag. 192 blz. Geb. ƒ5,40. Met tekeningen van W. F. Dupont.

W. Laatsman geeft ons In dit boek de levensbeschrijving en de geloofsstrijd van een Belg, die zes jaren In de Congo gewerkt heeft en daarna een Hollandse vrouw ontmoet met wie hij trouwt. Later trekt hij met zijn gezin naar Holland en vindt daar een goed bestaan. Tegenslag In zaken, het verlies van zijn zoontje en een auto-ongeluk, waardoor hij verlamd wordt, bedreigen zijn geloofszekerheid. Ondanks zijn ulterlljke opgewektheid knaagt dit alles van binnen en een groot heimwee naar zijn land en zijn vroegere kerkelijke gemeente drijft hem er ten slotte toe naar België terug te keren. Vroeger had hij graag dominee willen worden, maar nu kan hij, zij het op andere wijze, God en zijn oude gemeente dienen. Dit alles Is wel aannemelijk en ook wel aardig verteld. Onaannemelijk Is voor ons de kinderlijk naïeve opvatting van het gebed, waarin de schrijver echter helaas niet alleen staat.

Bruce Marshall: „Rode Donau”. 3e druk. Ultg. Het Spectrum Utrecht-Antwerpen. Oorspr. titel: Vespers in Vienna. Vert. P. J. M. Boezeman—Droog. 207 blz.

De schrijver Bruce Marshall heeft een heldere en humoristische kijk op mensen en toestanden en hij heeft de gave deze inzichten vlot te vertolken. Zijn „Rode Donau” voert ons naar het na-oorlogse Wenen met zijn bezettingsproblemen, zijn Russen, Roemenen' en displaced persons. Bruce Marshall ziet kans, evenals in zijn terecht beroemde „Werkers van het elfde uur”, dat wij persoonlijk toch wel iets hoger aanslaan —, de zotste situaties op geestige wijze te belichten. Toch ontbreekt ook hier de ernstige achtergrond niet. Men moet wel over een grote dosis humor beschikken en over een niet minder grote dosis liefde tot de medemens om op een dergelijke, onnavolgbare wijze deze toestanden te kunnen beschrijven en de hoofdpersonen voor zijn lezers te laten leven, met al hun gebreken en hun zoeken en tasten naar houvast in dit verbijsterende bestaan. Dat dit Prisma-boek reeds zijn derde druk beleefde is een bewijs, dat Bruce Marshall beide in hoge mate bezit. L. W.—S.

Druk N.V. De Arbeiderspers Amsterdaiu