is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 52, 1954, no 42, 23-10-1954

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De verzuiling schrijdt voort..

Wie de verslagen volgt van de Tweede-Kamerdebatten... wie het mandement van de bisschoppen goed gelezen heeft en herleest... wie de meningen verneemt van mensen uit de vakbeweging...

wie een beetje thuis is op het terrein van het jeugdleven... en... wie dan verder zo nog een beetje meeleeft met het een en ander, die krijgt soms een griezelig gevoel. Bijvoorbeeld om dit: dat er ten aanzien van enkele zaken nog met trots gezegd kan worden: „ maar wij werken nog behoorlijk samen” en...het zijn grote uitzonderingen.

Is het nu werkelijk wel juist om te herinneren alleen aan „enkele vooraanstaande personen die in bezettingstijd samen gevangen gezeten hebben” en hun „droom” van nauwere samenwerking als een... droom te kenschetsen? Als op z’n best, een „ideaal”? Men bedoelt dan: niet te verwezenlijken?

Is het nu heus niet anders mogelijk dan dat wij gaan verkeren in de huisjes, die „heilig” zijn, althans als zodanig behandeld en beschouwd worden?

En is het nu ook bij hen, van wie wij anders verwachten mogen, werkelijk niet anders mogelijk, dan dat zij ook denken in zuilen niet alleen, maar...zelfs het er een beetje op aan leggen dat anderen zich uitspreken voor een zuil? Natuurlijk heb ik iets op het oog en ik zal dan ook zeggen wat: het gaat om de bouw van scholen in de geweldige uitbreiding van Amsterdam. Dat daar openbare scholen en rooms-katholieke en protestants-christelijke scholen komen is vanzelfsprekend. En over de twee eerste groepen gaat het niet. De zaak van het openbare en het rooms-katholieke onderwijs ligt vast. Maar...dat protestants-christelijke...ddt levert moeilijkheden op. En, wie het niet weet, zou het nooit raden, die moeilijkheden komen zgn. voort uit het feit dat 00k... de Hervormde Kerk scholen wil bouwen! Waarom wil zij dat toch? Er is toch zo iets als een protestants-christelijke concentratie van de zgn. christelijk-nationale scholen? Laat de Herv. Kerk zich daarbij aansluiten! Dan hebben we ten minste met hoogstens drie zuilen te maken, en nu...ja waarlijk, nu dreigt er als „vierde zuil” de Herv. Kerk bij te komen.

Op schoolgebied dan! En dat is'toch niet nodig? En... wie het niet weet, raadt al evenmin van wie deze gedachte uitgaat. De gedachte dat de Herv. Kerk zich eigenlijk best zou kunnen aansluiten bij de christelijk-nationale scholen wordt o.a. gekoesterd door geheide PvdA-lieden! Kijk, dat de Herv. Kerk in Amsterdam al een vrij groot aantal scholen heeft, is tot daaraan toe. Die zijn er! Dat ook „christelijk-nationaal” een, geringer, aantal scholen heeft, is eveneens tot daaraan toe. En dat „christelijk-natio-

naai” als zijnde „protestants-christelijk” ook nieuwe scholen wil hebben in de uitbreiding, is ook „tot daaraan toe”! Maar dat nou die lastige Herv. Kerk ook in de uitbreiding scholen wil hebben...neen, dat is eigenlijk onbegrijpelijk, want christelijknationaal” is toch „protestants-christelijk” en de Herv. Kerk is toch zeker ook „protestants-christelijk”? Welnu dan?

Rome is één en ondeelbaar: dat heeft het mandement wel weer bewezen.

Het protestantisme is veelvoudig en deelbaar.

Wat zou het nu niet mooi zijn als dat protestantisme ook eens één en ondeelbaar was en als de Herv. Kerk, de grote volkskerk, daarin het voorbeeld gaf! En dan dat voorbeeld gaf op één van de nog steeds meest besproken terreinen van ons volksleven, op het gebied van de scholen. En dat schijnt die volkskerk nu niet te willen. Vreemd toch!?

Jammer is dat zij, die bovengenoemde gedachte koesteren klaarblijkelijk zo weinig wat een „kerk” als gemeenschap is. Om een voorbeeld te gebruiken: zou het partijbestuur van de PvdA het goed vinden als sommigen van zijn leden samen met leden van andere politieke partijen op een bepaald, belangrijk onderdeel van het politieke leven een zelfstandige groep vormden en het zouden „nemen” als anderen zeiden: laat nu dat partijbestuur t.a.v. dat bepaalde onderdeel zich toch schikken naar die groep. Dat is natuurlijk onmogelijk maar... waarom wil men dan toch dat de Herv. Kerk dat met betrekking tot de scholen wel doet ten opzichte van een zekere, heel kleine groep van haar leden, die met leden van andere kerkgenootschappen een bepaald bestuur vormen? Dat kdn niet, en... dat wil de Herv. Kerk ook niet. Zomin als zij dat wil ten opzichte van de radio-omroep! De Herv. Kerk kdn noch wil aan een „bestuur” overlatén de kwestie welke predikant al dan niet in een door de radio uit te zenden kerkdienst zal voorgaan! Dat zal de Herv. Kerk zélf beoordelen. Dit is geen kwestie van „verzuiling”, maar een kwestie van kerk-zijn!

Dat zelfde nu geldt ook ten aanzien van de scholen.

De Herv. Kerk, in haar plaatselijke vertegenwoordiging in de kerkeraden, kan noch wil, zelfs: noch mag zich schikken naar de inzichten van een „bestuur”, dat samengesteld is uit zeer heterogene elementen, waarin de meest-dogmatischen altijd de boventoon voeren. Wanneer de Herv. Kerk dat zou doen, zou zij zich wat de scholen aangaat, inderdaad „verzuilen”, want zij zou dan terechtkomen in de „zuil” van het „protestants-christelijke” dat op een zeer bepaalde en uitgesproken manier gesignaleerd is.

In concreto (hoewel dit een onderdeel is van het gehele aspect van deze zaak) spreekt daarbij ook nog mede, dat „christelijk-nationaal” in politicis toch zeker een uitgesproken karakter bezit. Nu is er meermalen gesproken van de „doorbraak”...

Wat wil men nu toch? Dat die „doorbraak” met betrekking tot de scholen geheel en al ongedaan wordt gemaakt en dat de Herv. Kerk zich aansluit bij de „nietdoorgebrokenen”, van wie velen nog steeds de antithese huldigen?

Toch is dit politieke facet een onderdeeltje. De zaak waar het om gaat, is zo duidelijk mogelijk boven uiteengezet.

Wie nu wil beweren dat de Herv. Kerk wat de scholen betreft een eigen „zuil” gaat vormen, geeft toch op zijn minst blijk weinig inzicht te hebben in de werkelijke ligging van de feiten. Maar voor a 1... weinig inzicht te hebben in het wezen van de Kerk. Dat is jammer. Heel jammer. Want het geeft onnodig misverstand en het vertroebelt de verhoudingen, waar zulks helemaal niet noodzakelijk, laat staan gewenst is.

Ik laat het „interne” aanzicht van de kwestie hier buiten bespreking. Ik wees daarop reeds in een vorig artikel over „oecumenisch”. Christelijk-nationaal noemt zich „oecumenisch” of „interkerkelijk”. Het is dat beslist niét. Het bestaat uit personen die tot verschillende kerken behoren, maar dat is nog niet „interkerkelijk”! En het is zeker niet „oecumeriisch”, omdat een bepaalde dogmatische visie er sterk overheerst!

Juist omdat de Herv. Kerk zich niet wil laten rangschikken bij één bepaalde zuil, juist daarom ook bouwt zij eigen scholen. Zij wil nl. in het onderwijs aan kinderen zich niet laten voorschrijven door mensen, die ten aanzien van dat onderwijs handelen buiten ieder kerkverband om. Ten overvloede zij met nadruk gezegd, dat er niets bedoeld noch geschreven is ten nadele van die personen. De Herv. Kerk kan het evenwel niet eens zijn met hun opvattingen. Wat niet wil zeggen, dat die zelfde kerk niet soms toch meedoet met „christelijk-nationaal”, als de plaatselijke omstandigheden dat vereisen. Maar...dan zal de Herv. Kerk als Kerk daarin ook een andere plaats hebben dan nu mogelijk zou zijn b.v. in de uitbreiding van Amsterdam.

A. A. W.

ALBERT HAHN

De tekenaar

van het strijdende proletariaat

„Ga de krant eens halen, jongen,” zegt een vader tegen zijn zoon. In de donkere gang wordt de krant van de mat geraapt. „Geef maar gauw hier.” De krant wordt uit de handen van de jongen gegrist. De jongen kent de gulzigheid, waarmee zijn vader elke week de krant naar zich toe haalt en inkijkt. Wat zou Hahn getekend hebben? Zou hij weer goed zijn? Zou hij het weer juist zó hebben gezegd en uitgebeeld als de proletariër het voelt en beleeft? Zonder twijfel, want Hahn is een der onzen. Geen baantjesjager, die zijn tekenkunst laat gebruiken door onverschillig