is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 52, 1955, no 35, 10-09-1955

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

LEESTAFELNIEU WS

Dr. A. J. de Leeuw-Aaibars: Kind en gezin, uitgave De Tijdstroom, Lochem z. j. 1955, 95 blz., ƒ 3,90. De eigenlijke opvoedkundige problemen worden in dit boekje niet behandeld, maar zelden las ik een geschrift, waarin zo helder en bevattelijk voor een lekenpubliek uiteengezet werd, wat nuttig is te weten, bij de omgang met kinderen, van de dieptepsychologie, speciaal die van Preud en daarom wil ik dit boekje van harte aanbevelen aan alle ouders van jonge kinderen. Zonder enige overbodige geleerdheid krijgt men hier inzicht in de mogelijke verborgen conflicten tussen ouder en kind en hun psychische reacties. Geen overbodige en gevaarlijke recepten, maar hulp door inzicht en tact.

Wat ons uit het Oude Boek verteld wordt. Bijbel voor jonge kinderen, uitgave W. Gaade, Delft, 1954, 4e druk, 415 blz., ƒ 11,50.

Dit is een vierde druk en dus kan men veilig zeggen, dat dit bijbéls verhaal voor velen een zegen is geweest. Dit werk van mevrouw Spelberg heeft een goede naam en als ik me te binnen breng, hoe moeilijk het moet zijn de bijbel voor kinderen na te vertellen, kan ik alleen maar waardering uiten. En toch wil ik ook enige bescheiden critiek niet voor me houden, een critiek overigens, die terdege beseft, hoeveel gemakkelijker het is feilen na te wijzen dan te vermijden. Na eerst nog eens gezegd te hebben in hoe bevattelijke taal de bijbelse vertelling hier weergegeven is, blijf ik het betreuren, dat veel gewichtige en centrale bijbelwoorden, waarschijnlijk omdat ze te moeiljjk zijn, weggelaten werden. Ik ben van oordeel, dat het kind reeds iets vermoeden kan omtrent de zin van deze woorden, die overigens ook ons volwassenen in hun diepte dikwijls ontgaat. Hier denk ik aan Ex. 3:14: „Ik ben die ben” en aan de Avondmaalswoorden. Wat ik ook betréur is dat de verhalen soms lichtelijk gecorrigeerd worden in vrijzinnige geest. „Kan dit, indien nodig, niet beter later geschieden?” zou ik willen vragen. Men zie de behandeling van de Verrijzenis-episode. Misleidend vind ik het om er andere verhalen in te lassen. Gelukkig is dit zelden gebeurd. Men kan niet alles vertellen, maar ik mis toch heel erg in een bijbelse geschiedenis het verhaal van Abrahams offer, de geschiedenis van Samson, de Hemelvaart, de Boodschap aan Maria. Soms ook wordt het verhaal te veel verzacht: ik denk aan het bedrog van Jacob, de straffen van Egypte. Ik blijf dit boek aanbevelen, te meer, omdat de ouders, die het gebruiken gaan, zelf corrigerend kunnen optreden. Met de plaatjes ben ik niet gelukkig. Ik vind ze noch mooi, noch kinderlijk, maar bloedeloos. Geef mij maar Doré. En dat de tekenaar Golgotha niet schetste, vind ik een erge leemte. Ten slotte, laat men mij niet misverstaan: ik blijf dit een goed boek vinden en beveel het hartelijk aan.

Frederick Lewis Allen: De weg van een wereldmacht. Amerika van 1900 tot heden met een naschrift van prof. dr. P. J. Bouman, vertaald door A. O. Hermans-Bedet. Uitgave J. M. Meulenhoff, Amsterdam z. j. (1955), 279 blz.

Het boek heet eigenlijk „The big change” (de grote verandering) en deze titel geeft beter de inhoud weer van dit zeer onderhoudend, journalistiek geschrift, dat immers gaat over de veranderingen, die Amerika meemaakt tussen 1900 en 1950. Het aardige van het boek is, dat het eigenlijk de ontwikkelde lezer weinig nieuws brengt, maar dit bekende zo uitnemend combineert, dat het weer nieuw wordt.

Het boek verbetert de cliché-visie op Amerika, niet door deze te vervangen, maar geduldig te retoucheren. Ik raad dit boek ieder aan, die zich met Amerika bezighoudt: zijn visie zal er menselijker door worden, gewoner, en als hij binnenkort weer iemand ontmoet, die de States „gedaan” heeft, zal hij het gevoel hebben mee te kunnen praten. Enkele vertaalfouten werden reeds elders gesignaleerd (N.R.C. 30 VIII), maar terecht heeft iedere recensie die ik zag, dit boek geprezen.

J. G. B.

BENTVELDNIEUWS

Op zoek naar zekerheid in een onzekere wereld

Dit onderwerp had slechts een betrekkelijk klein aantal mensen doen besluiten de week van 20 tot 27 Augustus te Bentveld door te brengen. Misschien leek het onderwerp wat zwaar voor een zomercursus. Hoe het ook zij, de aanwezigen hebben geen spijt van hun besluit gehad. Inderdaad, het was niet altijd lichte kost, maar de inleiders waren allen zo vertrouwd met hun onderwerp, dat het moeilijke eenvoudig werd. Trouwens er bleef nog volop tüd over om voor de warmte verkoeling te zoeken aan het strand en in de zee. De leiding, bestaande uit mej. ds. W. H. Buijs en de heer H. Ras, heeft grote soepelheid betracht, zodat we zoveel mogelijk geprofiteerd hebben van het uitzonderlijk fraaie weer.

’s Avonds werden de lezingen op het terras gehouden, waar we bleven vertoeven In de heerlijke, vredige rust der zomeravonden tot de duisternis en de muggen ons verjoegen.

Wat zal ik u van al die lezingen, vaak gevolgd door zeer uitvoerige discussies, vertellen? Ik moet kiezen... ja, dat moet, al zou elke inleiding het waard zijn in extenso in Tijd en Taak afgedrukt te worden. Ik wil me bepalen tot één kleinigheid; een detail, als we het zien tegen de achtergrond van de vele behandelde problemen, maar geen detail op zich zelf. Zowel tijdens de nabespreking van de lezing van dr. G. M. Nederhorst als bij die van mr. J. J. A. Berger kwam deze kwestie, welke de deelnemers nog lang na het vertrek der inleiders bezighield, naar voren, nl. de kunstenaars en de sociale zekerheid. Beide sprekers merkten op dat het heel moeilijk is sociale voorzieningen voor kunstenaars te treffen. Eén van de moeilijkheden is, dat ieder zich tot kunstenaar kan proclameren. Maar het is toch niet billijk de goeden onder de kwaden te laten lijden! Wat een deelneemster omtrent de sociale zekerheid of liever onzekerheid meedeelde van de leraren aan de conservatoria was toch wel zó, dat ieder uitroept: „Hier moet wat aan gebeuren!”

Zongebruind en nog lang niet uitgerust zijn we aan het eind van deze week naar huis getogen.

We hebben veelal afscheid genomen met de woorden: „We zien elkaar wel eens weer in Bentveld.” v. d. E.

KORTER EMMENNIEUWS

SOCIALISME EN TRADITIES Weekend 24—25 September 1955

Terwijl de zomerse dagen ons allen goed deden, bespraken wij, welk onderwerp het herfstprogramma van de A.G. der Woodbrookers te Kortehemmen zou moeten openen. We werden het spoedig eens over het thema, omdat hier en daar in dagblad en in tijdschrift schuchtere vragen werden gesteld over onze socialistische tradities, die soms het hart weliswaar verwarmen, doch ook heel vaak een belemmering blijken te zijn voor de jonge generatie om volop mee te doen aan het werk in partij en vakbeweging. Het spreekt vanzelf, dat dan het ogenblik gekomen is waarop men zich de vraag moet stellen, welke tradities zinvol zijn en welke beter zouden kunnen worden opgegeven. Hebt u bijv. gelezen, hoe goede en ernstige partijgenoten twijfelen aan de opzet van vele Meifeesten, die nog vaak dezelfde stijl en dezelfde inhoud hebben als dertig of Vrtfc jaar geleden? |

Tradities lopen de kans geheel „uit te drogen”, een lege huls te worden. En aan de andere kant: het is niet zo eenvoudig ze opzij te schuiven, omdat ze voor een grote groep mensen „heilig goed” betekenen. Komen hier duidelijk de verschillen van opvatting tussen de generaties tot uiting? Is er een socialisme oude en nieuwe stijl? Kijk, over al die vragen willen wij samen spreken en samen luisteren. Wij weten zeker, dat u belang stelt in de onderwerpen, die aan de orde komen. Geeft u zich spoedig op? U kunt er zeker, van zijn, dat u in Kortehemmen een aantal vrienden zult treffen, die er op hebben gerekend, dat u ook kwam. Programma:

Zaterdag: Welkom tussen 16.30 en 17.30 uur Welke zijn de socialistische tradities? K. Toomstra 19.30 uur Zondag: Ochtendwijding ds. A. van Santen ... 9.15 uur In hoeverre zijn ze noodzakelijk, in hoeverre een gevaar? drs. J. J. Voogd 10.30 uur

Gesprek 14.00 uur Sluiting en gemeenschappelijke broodmaaltijd 17.30 uur Leiding; H. Roelfsema, mej. Sj. Gorter. Practische gegevens: De deelnemersprijs bedraagt naar keuze ƒ 4,— of ƒ4.50 p.p. per echtpaar ƒ7,— of ƒ8,—, bij aankomst te voldoen. Het Woodbrookershuis ligt een half uurtje lopen van Beetsterzwaag en is per NTM-bus te bereiken van Groningen, Heerenveen en Leeuwarden; per ESA-bus van Assen tot Drachten en verder per NTM-bus richting Heerenveen tot Beetsterzwaag. Opgaven, graag per briefkaart, met vermelding van naam en voorl., leeftijd, beroep, adres en woonplaats, te zenden vóór 17 Sept. a.s. aan de administratie van de A.G. der Woodbrookers te Kortehemmen, post Boombergum. Na die datum ontvangt men nadere mededelingen.

Vacantiecursus van 8 tot 15 Augustus

Zij, die van de geboden gelegenheid gebruik maakten de vacantiecursus te Kortehemmen door te brengen, zullen zeer zeker geen spijt van hun besluit hebben gehad. Hoe rustig ligt deze inrichting te midden van de bossen, als vanzelf uitnodigend tot bezinning en tot heroriëntering over eigen leven en taak.

De uitvoering van de huiselijke orde stond onder de goede doch besliste leiding van mej. Sj. Gorter en haar staf van toegewijde medewerksters en medewerker, zij garandeerde mede door de ingeschakelde rustperioden de zo nodige ontspanning, die hier naast de intellectuele bezigheid, toch in de eerste plaats gezocht werd.

De algemene leiding berustte bij drs. A. W. Moll, bioloog, en mevr. H. J. Moll—Speek. Zij kweten zich op een sympathieke en tactvolle wijze van hun taak. Niet alleen de lezingen die door hen werden gehouden, maar ook de wandelingen en fietstochten in de vrije natuur waren naast ontspannend ook zeer leerzaam.

Toch waren er slechts weinigen uit verschillende plaatsen van ons land naar Kortehemmen gekomen. Dit deed echter niets af aan de goede onderlinge verstandhouding en de geest van gemeenschap geboren uit de wens iets voor elkaar te willen zijn en uitdrukking te willen geven aan dat wat Christus van ons vraagt in de omgang met elkander.

Aan afwisseling ontbrak het niet. Verrasten de jongens en meisjes ons niet op een keurig en smaakvol verzorgd plantentuintje? Hoe aardig was de vossenjacht, hoe geheimnisvol werd de bonte avond voorbereid en hoe vlot en enthousiast werd hij uitgevoerd. Door de film genoten we van de schoonheden van het Friese landschap. De morgenwijdingen in de intieme sfeer van het eeuwenoude kerkje maakten een onvergetelijke indruk.

~De mens in zijn oervorm” en „Het dier onze oudere broeder” waren de eerste onderwerpen die werden verzorgd door drs. A. W. Moll. We hoorden hoeveel duizenden jaren reeds voortypen van de moderne mens onze aarde bewoonden, waarvan zij in het algemeen leefden en zagen afbeeldingen van wandtekeningen die zij in grotten hadden aangebracht. We begrepen 'hoe jong nog onze huidige mensheid was en waarom we nog zoveel hadden te leren.

„Goden en mensen in de oudste beschaving” was de titel van het derde onderwerp gehouden door mevrouw H. J. Moll—Speek. We hoorden hoe reeds bij de oude Egyptenaren al hun handelingen waren doordrongen door hun godsdienst en hoe het geloof in de onsterfelijkheid aanleiding was tot hun grootse scheppingen.

■ In het laatste onderwerp „God en het kind” wees mevr. P. Raima—Koops op de grote betekenis die het kennen van het Bijbelse verhaal heeft voor de ziel van het kind, door het vroegtijdig vormen van religieuze voorstellingen. Duidelijk trad aan het licht de verantwoordelijkheid die dit voor ons als ouders meebracht.

De week werd besloten door een kampvuur. Hoog laaide het op en verlichtte de omgeving met een rossige gloed, maar toen het vuur geen voeding meer vond, doofde het langzaam uit. De week was ten einde. Voor ons blijft echter de opdracht het licht dat wij hebben ontvangen te doen standhouden door het contact met Zijn Woord, opdat de naaste in ons meer dan voorheen Christus moge ontmoeten.

VORMINGSCENTRUM DE HAAF

Zes weken lang zal dit najaar een groepje jonge mensen van 18—35 jaar samen zijn in „De Haaf” in Bergen, het Vormingscentrum van de Nederlands Hervormde Kerk. Van 10 October—l9 November wordt daar dan weer gehouden de Winterhaaf, een cursus, die bedoeld door het werken, luisteren, spreken en spelen vormen te zoeken voor ons leven. Je zou kunnen zeggen: een algemene ontwikkelingscursus, wanneer het niet tevens meer wilde zijn dan dat. Want naast het opdoen van kennis en practische vaardigheid op allerlei gebied willen wij ons ook samen bezinnen op vragen die ons als samenleving en dus persoonlijk raken; vragen van goed en kwaad, geloof, arbeid, ontspanning.

Daardoor zal de cursus verrassend en afwisselend zijn. Veel onderwerpen zullen in werk- of gespreksgroepen behandeld worden. Daartussendoor doen wij sport, handenarbeid, lekespel en volksdans, zodat bij voorbeeld allen, die zelf aan een groep jeugd leiding geven, deze cursus als een training en vorming daarvoor kimnen beschouwen. Verder zullen enkele excursies gemaakt worden die aansluiten op de inhoud van het besprokene.

Ook nu weer kunnen wij de kosten van deze „Winterhaaf” heel laag houden. De cursusprijs voor de zes weken in internaatsverband bedraagt totaal ƒ 75 _ per persoon. Daarbij komt een klein bedrag aan excursiekosten.

Gevraag(i voor Ie jaars student aan de Gem. Universiteit te Amsterdam,

EEN EENVOUDIGE KAMER, eventueel met of zonder pension. W. J. Bosma, Leeuwarden, Nieuwestad 61.