is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 53, 1956, no 6, 11-02-1956

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

/Th.. J I behoort de aarde l en haar \ volheid. j Psalm 24 : 1 y

ïlid en Taak . . \ fW _ _ _ :

ONAFHANKELgK WEEKBLAD VOOR EVANGELIE EN SOCIALISME VERSCHIJNT 50 MAAL PER JAAR 53STE JAARGANG VAN „DE BLIJDE WERELD”

Zaterdag 11 februari 1956 No. 6

Redactie: ds. J. J. Buskes Jr. ds. L. H. Ruitenberg dr.J. G. Bomhoff

Redactie-Secr.: Roerstraat 48* Amsterdam-Zuid Telefoon 724386 p/a dr.J. G. Bomhoflf

mnement per jaar f 5,—; halfjaar f 2,75; kwartaal f 1,50 plus f 0,15 incasso. Losse nrs f 0,15; Postgiro 21876; Gem.giro V 4500; Adm. N.V. De Arbeiderspers, Hekelveld 15, Amsterdam-C; Postbus 800

NA TIEN JAAR

Wij vieren dus het tienjarig bestaan van de PvdA. Wij van ‘Tijd en Taak’ vieren dat feest van harte mee. Wij weten wel, dat er mensen zijn, die kritiek leveren, die dit of dat verwacht hadden, die teleurgesteld zijn, maar wij roepen hoera als die oude Kozakkenkreet tenminste geoorloofd J

Want de oprichting en de strekking van de PvdA daarna is wat de mannen en vrouwen van de Blijde Wereld en Tijd en Taaktraditie gewild hebben. Waar zij voor streden. Wij hebben om meer dan een reden bijzonder blij te zijn met de politieke ontwikkeling, die zich in de PvdA manifesteert. Laten wij niet vergeten, hoe de situatie anno 1930 was, toen de vijftigers van nu aantraden en hun eerste politieke kreten slaakten. Het werd niet hardop gezegd, maar een dof gevoel van machteloosheid besloop de arbeidersbeweging. Men kon niet zeggen, dat zij op haar retour was, wel, dat zij overal in de verdediging gedrongen was. In Nederland was dat wel heel kwalijk, omdat zij op nationaal niveau anders dan in de oppositie gelegenheid had gehad te tonen, wat zij kon. |

Bovendien, geestelijk, was zij zoekende achter een schijn van zekerheid. De felle discussies over het marxisme waren aan het weg-ebben. De communisten hadden' een deel van de marxisten weggezogen en daardoor geïsoleerd. De AJC deed een voorname poging om de stijl van de beweging te veranderen. Dat werd cynisch door sommigen, ongelovig door velen, geïrriteerd door weer anderen waargenomen. Het Instituut voor Arbeidersontwikkeling poogde én de intellectuele scholing en de culturele ontwikkeling te stimuleren. Maar dat veranderde de beweging niet.

De socialisten stonden geïsoleerd in de Nederlandse samenleving. Velen buiten haar rijen zagen wel, dat er gevaren en nieuwe mogelijkheden waren, het nationaal-socialisme dook op en vroeg om verdieping van het nationaal besef; het militaire vraagstuk kwelde de gewetens. En, wat het ergste was, onmachtig moest de socialistische beweging aanschouwen, dat een economische crisis over Nederland en de wereld heenstreek, die existenties vernietigde, verhoudingen corrumpeerden. De

socialistische beweging werd, ondanks haar concrete Plan van de arbeid, niet of nauwelijks in ernst genomen. Colijn was het symbool van Nederlands rust, Nederlands bedachtzaamheid, Nederlands vroomheid.

■Wie zich dit alles te binnen brengt en laten de ouderen het vooral aan de jongeren vertellen is blij met de PvdA. Zeker, het is niet alles eigen verdienste geweest, dat zij ontstond.

Maar wat wél de verdienste van de mannen van 1945 is geweest, dat is, dat ze niet geaarzeld hebben een nieuw begin te maken en te demonstreren dat men het verleden kritisch bezag.

Dat was een hachelijke zaak. Men moet niet gering denken over wat de SDAP’ers, de Vrijz. Democraten, de CDU’ers en de groepen c.h. en r.-k. mensen loslieten.

De SDAP’ers lieten een traditie los, die, hun ondanks alies, dierbaar was. Zij moesten niet alleen de klassenstrijdtheorie opgeven, maar ook het beeld van de klassenverhoudingen herzien. Zij moesten zich eigen maken, dat de scheidingen dwars door de klassen heengingen en dat de sociale spanningen wisselend van karakter zijn. Zij moesten bovendien een toch altijd sluimerend antiklerikalisme innerlijk overwinnen en het beeld van de kerk bolwerk van reactie hadden zij geleerd, en niet zonder reden opnieuw pogen te ontdekken. Zij moesten toetreden tot een kring met nieuwe gezichten, ander spraakgebruik, andere levensgewoonten. Theoretisch is dat allemaal eenvoudig, maar wie zal de weemoed peilen van de oude strijders, die vlaggen droegen en geleerd hadden een beetje verschoppeling te zijn ter wille van het ideaal?

De leiding en de progressieve vleugel van de Vrijz. Democraten gaf ook veel op. Dit leger zonder troepen, deze groep intellectuele burgers, die ruim waren, zeiden ze, en antidogmatisch, moesten nu waar maken, dat hun sociale vooruitstrevendheid, hun vermogen om nieuwe dingen in de praktijk om te zetten, wéér was. Ook zij misten de warme kring van vrienden, waar zij elkander verstonden zonder veel te zeggen, waar de ruim-burgerlijke, intellectuele levensstijl heerst, verlaten voor een nieuwe beweging tezamen met mensen, die zij tevoren, nu ja.

ü gerespecteerd hadden, maar met wie vifiendschap moeilijk scheen.

“'"De kleine CDU had het misschien het gemakkelijkst. Haar aanhang verwierf zij onder de vooruitstrevende christenen, maar ook onder de door de crisis geslagen landpachters en de principiële antimilitaristen. De grondslag van beide groepen was veranderd. De crisis was voorbij en het militaire vraagstuk stond, na de oorlog, die gewonnen was door wapengeweld, toch anders dan tevoren. Zij konden vooral toetreden, omdat de PvdA niet meer, zoals de SDAP, in de praktijk de grote volkspartij voor de onkerkelijken was, maar een open partij, waarin het geloof geen privé-zaak was zonder meer, wilde zijn.

De rooms-katholieke nieuwelingen droegen én de herinnering aan de falende RKVP mee én hadden de strijd in de ondergrondse beweging achter de rug. Zij waren bovendien gegrepen door een nieuwe r.-k. visie, die de achterstelling van hun volksdeel achter zich liet.

De nieuweiingen uit het c.h. kamp verlieten een wereld, waar zij reeds lang kritisch in hadden gestaan, maar zij moesten kiezen voor een partij, die toch een ander klimaat had, als waar&iee ze vertrouwd waren. Zij deden het, gestuwd door een nieuw ontdekken van de roeping der kerk, die in ieder geval niet verdroeg, dat er een pasklaar bijbels antwoord gegeven werd op vragen, waar wij gemeenschappelijk aan tillen moeten. Zij wisten, dat de noodzakelijke veranderingen in socialistische zin moesten geschieden en zij wilden de solidariteit in de praktijk gaan beoefenen. Maar eenvoudig was dat niet.

Dat is tien jaar geleden begonnen.

En het is doorgegaan. Het gaat verder door.

De PvdA heeft het gelaat van Nederland veranderd.

Nu zou er veel te zeggen zijn over de politieke waarde van dit alles. En ook over de teleurstellingen, die er natuurlijk ook zijn. Wij zouden dan de eenzijdigheden in de ontwikkeling niet vergeten en wij zouden kunnen wijzen op nieuwe problemen, waar wij nauwelijks tegen opgewassen zijn ik bedoel de bijdrage aan de werkelijke geestelijke vernieuwing van ons volk.

Maar dan zeggen wij; dit alles blijft aan de orde, want zie naar de oorsprong van de PvdA. En naar de korte geschiedenis van 1946 tor 1956. In de komende tien jaar zal blijken of het diepere vernieuwingsstreven er ook werkelijk uit zal komen.

Dit weten wij heel zeker: indien dit niet in en door de PvdA gebeurt, dan zal het niet geschieden.

Wij zijn feestelijk gestemd met de feestenden.

Om wat gebeurde, tien jaar geleden.

En om wat kan gebeuren. In de toekomst.

L. H. R.