is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leeskabinet; mengelwerk tot gezellig onderhoud voor beschaafde kringen, 1862, 01-01-1862

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het werd tussclien 1853 en 54 gesticht. De keurvorst, wiens vader eens een der beste klanten van de Homburger bank was, schijnt het geld, dat deze daarin verloren heeft, daardoor te willen herwinnen, dat hij in iedere plaats van zijn rijk, die daartoe maar eenigzins geschikt is, speelbanken wil oprigten. De hoofdondernemers te Nauheim, dat is die welke het noodige kapitaal leveren, waren een lHlransche senateur, met name C—1, een Pransche prins B, een Frankfortsche rentenier S—n, en eenige dii minorum gentium. Als leiders vertoonden zich zekere mijnheer Viali en mijnheer Brigneboule; de laatste is echter ongetrouw geworden en in het leger van het "Wiesbader-Emser genootschap overgegaan. Volgens de oorspronkelijke contracten te oordeelen, moeten zich de Nauheimer bankhouders gouden bergen beloofd hebben; want zij verbinden zich niet alleen om eene groote speelzaal en restauratie, maar ook voor den keurvorst een groot paleis te bouwen. Naar het zich laat aanzien, zal dit laatste in het jaar gereed komen, wanneer de keurvorst uit eigene beweging de constitutie van 1831 weder invoert. Men verzekerde mij dat ten tijde, toen het ontwerp het eerst naar Kassei werd gebragt, vele stemmen zich daartegen verhieven; dat zelf Hassenplug, in eenen aanval van f welvoegelijkheid, het onbillijk vond dat het land, naauwelijks van de bond-executie bevrijd, in plaats van met eenige verligting van lasten, met eene speelbank gezegend zou worden: maar de souvereine wil aan de eene zijde en het souvereine goud der ondernemers aan den anderen kant, namen alle zwarigheden uit den weg, en zelf Hassenplug zag zich eindelijk genoodzaakt, in het najaar vau 1854 de nieuwe inrigting te bezigtigen. De zaken gaan tot dusverre nog alles behalve schitterend; Homburg en Wiesbaden nemen teveel weg; toch heeft de administratie onlangs een contract met een architect gesloten, en schijnt de concurrentie met de twee zoo even genoemde plaatsen volstrekt niet te willen opgeven.

In den mond van het volk loopt het gerucht, dat de groote vijver, daar ter plaatse, alleen gegraven is met het doel om de ongelukkigen spelers in de gelegenheid te stellen, op de eenvoudigste manier en zonder het gerucht van kruiddamp aan hun leven een einde te maken.

Ik had mijn Transc-hen tafelbuur uit Homburg beloofd

»