is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leeskabinet; mengelwerk tot gezellig onderhoud voor beschaafde kringen, 1862, 01-01-1862

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

anders niet veel in; de handeling is verre van interessant, en de stijl niet uitermate schoon te noemen. In vrije uren, of wat men noemt verloren oogenblikken, kan men het boek ter hand nemen, en zonder zich met ernst aan het lezen te zetten, zal men welligt den tijd niet beklagen, dien men er aan besteed heeft.

H. v. D. V.

Vrijheid en dwang. Eene episode uit de Indische geschienis der 17e eeuw. Historisch-romantisch verhaal, door W. L. Eitter, Schrijver van Java, Tooneelen uit het leven, enz. Amsterdam, Wed. J. C. van Kesteren en Zoon. 1861. 326 bladz. in gr. 8°. Prijs ƒ 3,30.

Wij hebben aan den heer Eitter, onder den titel hierboven afgeschreven, weder een belangrijk boekdeel te danken, dat zich aangenaam lezen laat, en, ofschoon een verhaal van veel vroeger gebeurde zaken bevattende, toch ook voor onze dagen nog eene leerzame strekking heeft, omdat het ons doet zien, hoezeer het bezit onzer koloniën van oudsher vrij wat strijd en inspanning heeft gekost, terwijl daar weder uit op te maken is, dat ook thans nog prijs mag worden gesteld op het nog altoos wenschelijk en noodzakelijk onderhoud eener goed geordende en voldoende krijgsmagt, om ons gezag te handhaven onder eene bevolking, die ten allen tijde maar al te geneigd is zich aan dat gezag te onttrekken, en wier gedurige pogingen daartoe slechts door eene voortdurende waakzaamheid krachteloos kunnen worden gemaakt.

Het verhaal, dat ons in deze bladen aangeboden wordt, is op waarheid gegrond, en ontleend aan Valentijn, Oud en Nieuw Oost-Indië, waarin al de personen, in den hier geschetsten worstelstrijd handelende, voorkomen. Ernstige en luimige tafereelen wisselen elkander af, en de romantische knoop, dien de schrijver er doorheengeweven heeft, boeit den lezer van het begin tot het einde. Zoo hier en daalde vaandrig Swager misschien wat al te veel bij zijne duizend duivels zweert, of Abraham Fluweel met te groote gemaaktheid de deftigheid van zijn stand in eere zoekt te houden, neme men den tijd in aanmerking, die ons beschre-