is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leeskabinet; mengelwerk tot gezellig onderhoud voor beschaafde kringen, 1863, 01-01-1863

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ten. Een wegwijzer, die op vreemdelingen loert als een snoek op een voorntje, biedt zich aan en geleidt ons.

Sint Gudule, wie, die nooit hoorde van de voornaamste kerk der Belgische hoofdstad, of daarvan eene afbeelding zag! Aan de helling van een heuvel gelegen, is zij van buiten , met hare twee hooge, niet met spitsen gedekte torens, maar met eene menigte van beelden versierd, van een indrukwekkend voorkomen, en laat door den verheven en grootschen bouwstijl, die voorgevel en zijmuren te aanschouwen geven, een diepen indruk na. Reeds in het jaar 1010 werd op last van Lambertus, graaf van Leuven, de eerste steen gelegd; in 1226 herbouwd, en eerst in de vijftiende eeuw voltooid, is het vooral gebrek aan eenheid, dat men haar te laste legt. Minder voldoet het inwendige der kerk, hoe veel schoons en merkwaardigs zich daarin ook bevinde; en hoe wijkt de overlading en rijkdom der sieradiën af bij de eenvoud des DomB van Antwerpen!

Dat in de Sint Gudule Filips de Goede in 1435 en Karel V in 1516 een kapittel hielden van de orde van het Gulden Ylies, gaat ons weinig aan; die orde, eens zoo magtig en groot, heeft uitgediend.

Al aanstonds bij het binnentreden van den prachtigen tempel treft ons het getemperde licht, dat door de hooge geschilderde ramen invalt en eene sombere tint over het geheel verspreidt. Vergunde de tijd ons niet te Gouda de oude glasschilderkunst te bewonderen, hier wordt dit ververlies dubbel vergoed. Boven de kapel van het sacrament, ter regterzijde van het groote koor, munten vooral uit de conterfeitsels van Karei V en sommige leden zijner familie. Nog meer ramen, met de beelden van vorstelijke personen, volgen; onder anderen uit het Oostenrijksche Huis. Tijd en wind hebben sommige dezer tafereelen zwaar beschadigd, andere geheel vernield; doch de kunst, na lang verloren te zijn geweest, heeft de eersten hersteld, de laatsten vernieuwd.

Opmerkelijk is het, dat, hoezeer de schilders der negentiende eeuw getracht hebben die der zestiende in stijl en verwen, en niet het minst in het navolgen van lijstwerk en sieradiën, nabij te komen, en daarin werkelijk zeer gelukkig geslaagd zijn, er toch geen zeer geoefend oog toe