Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

N". 7508.

en Mr. van Doorn aan de Ned. Juristenvereniging uitgebrachte praeadviezen, eenige beschouwingen geleverd. Zich met de beide praeadviseurs op het standpunt stellende dat waar rechtstreeksche executie mogelijk is, deze behoort te worden toegelaten, gaat hij na in hoeverre in sommige gevallen door wettelijk voorschrift de mogelijkheid tot reëele executie behoort te worden geopend, en waar deze niet mogelijk is, de bevoegdheid tot het aanwenden van zijdelingsche dwangmiddelen tot nakoming behoort te worden toegekend. In strijd met het gevoelen van Mr. van Doorn meent hij dat, waar het geldt vonnissen die rechtstreeks tegen en op een persoon moeten worden geëxecuteerd, speciaal die waarbij aan iemand minderjarigen worden toevertrouwd, toepassing van lijfsdwang als dwangmiddel behoort te worden toegelaten, omdat hoe men de strafbepalingen tegen weigering van afgifte van mindarjarigen ook aanvulle, er altijd gevallen mogelijk zullen blijven, waarin de strafwet hem wien het recht tot opvordering van het kind toekomt, geen hulp kan verschaffen. Daarentegen vereenigt Schr. zich op praetische gronden met de door Prof. Molengraaff bestreden meening van Mr. van Doorn, dat uitbreiding der voorschriften van het ontwerp 1865 omtrent de reëele executie van vonnissen, waarbij de afgifte van roerende, niet verbruikbare, zaken is bevolen, tot verbruikbare zaken niet noodig is en niet doeltrelfend zou zijn.

Toelating van reëele executie, wat betreft veroordeelingen tot levering van eene onroerende zaak of van een schip of tot vestiging van een zakelijk recht of een scheepsverband, voor zooverre onze wetgeving haar thans onzeker of onmogelijk maakt, door de rechterlijke uitspraak te doen subintreeren voor de medewerking van den schuldenaar, acht Schr., mits onder de noodige waarborgen ter voorkoming van krenking van te goeder trouw door derde op het goed verkregen rechten, hoogst gewensoht (1).

Waar het geldt verplichtingen tot het verrichten eener han deling die door een derde kan worden uitgevoerd, meent Sohr. dat met de artt. 1276 en 1277 B. W., behoudens eenige aanvullingen ook in het belang van derden, kan worden volstaan. Hangt de handeling uitsluitend van den wil van den schuldenaar af, dan ziet hij althans in den regel geen bezwaar tegen toelating van lijfsdwang of geldboete als indirecte dwangmiddelen, al verwacht hij er weinig practisch nut van. Bij veroordeelingen om iets na te laten of te dulden acht hij de mogelijkheid van toepassing van die dwangmiddelen voor ons land gewensoht, vooral in materie der z.g. deloyale concurrentie.

Mr. J. P. A. N. Caroli behandelt het vergrijp in Engeland aangeduid met den naam contempt of court. Aan de behandeling van zijn onderwerp laat hij een betoog voorafgaan omtrent de wenschelijkheid eener nadere kennisneming door onze juristen met de hoofdbeginselen van het Engelsche recht. JKene juiste definitie van het begrip contempt of court is volgens Schr., ten gevolge van de onbepaaldheid van het vergrijp, evenmin te geven als eene wetenschappelijk te verdedigen indeeling in soorten van de gevallen waarin daarvan sprake is. Gemakshalve, gelijk Schr. zegt, verdeelt hij de door hem te behandelen gevallen in die van contempt of court in engeren zin en in die van contempt. in afgeleide beteekenis. Onder de eerste rubriek rangschikt hij de vergrijpen middellijk of onmiddellijk tegen den rechter persoonlijk of tegen diegenen, die met of onder hem aan de rechtsbedoeling medewerken, gepleegd; dat ook hier de kring zeer ruim moet worden getrokken, blijkt uit de gevallen daaronder door Schr. vermeld. De tweede rubriek omvat de gevallen waarin ongehoorzaamheid aan een gebod of verbod van den rechter wordt geconstateerd en de goede gang der rechtsbedoeling wordt belemmerd. Uitvoerig bespreekt Schr. de daaronder vallende gevallen van niet nakoming van een vonnis, waarbij specific performance gelast is, en van overtreding eener injunction. Naar de beginselen van de common law heeft de partij jegens wie contractsbreuk is gepleegd, geen ander rechtsherstel dan eene vordering tot sohadevergoeding. De specific performance en de injunction hebben ten doel om de hardheid hierin niet zelden voor den schuldeischer gelegen op te heffen en den

schuldenaar langs indirecten weg te dwingen tot praestatie van datgene waartoe hij verbonden is, door toepassing van de straf gesteld op contempt of court. Zoowel hij die aan een rechterlijk bevel tot praestatie van iets anders dan eene geldsom niet voldoet (specific performance), als hij die een rechterlijk bevel om zich van zekere handeling te onthouden, overtreedt (injunction), begaat een misslag tegen de rechtsbedeeling en stelt zich aan de straf op contempt of court gesteld bloot. Is reeds gehandeld in strijd met de verbintenis om van zekere handeling zich te onthouden, de rechter kan dan verbieden dat de met de verbintenis strijdende toestand blijft bestaan (rnandatory injunction), waarvan de overtreding gelijkelijk strafbaar is.

De bescherming op deze en andere door Schr. vermelde wijzen in Engeland aan den schuldeischer tegen den nalatigen schuldenaar verleend, geeft hem aanleiding ook een blik te werpen op hetgeen ten deze naar Nederlandsch recht geldt, en zoodoende eenige beschouwingen te wijden aan het onderwerp op den eersten dag van onze laatste Juristen-bijeenkomst behandeld (2).

Dat in vele gevallen de schuldeischer niet kan erlangen datgene waartoe zijne schuldenaar jegens hem verbonden is, is volgens hem niet zoozeer aan onze wet als aan de

scnroomvalligheid van den JNederlandschen reohter te wijten. Zoo is hij van meening dat naar ons recht realexecutie kan worden toegestaan bij alle verbintenissen tot het geven van eene gedetermineerde zaak, roerend of onroerend, en dat art. 1276 B. W. kan worden toegepast waar datgene wat met de verbintenis in strijd werd gedaan, eene rechtshandeling is. Dit neemt intusschen niet weg, dat er toch nog vele gevallen denkbaar zijn, waarin het voor den schuldeischer onmogelijk is de praestatie zelf te verrichten of te doen verrichten. Voor die gevallen behooren naar Schr.'s oordeel, in onze wetgeving, op het voetspoor van het Duitsche en het Engelsche recht, indirecte dwangmiddelen te worden toegekend.

Eenige boekaankondigingen besluiten dit nummer. In het bijzonder trof mijne aandacht de aankondiging door Prof. Mr. J. Baron d'Aulnis de Bourouill, van het academisch proefschrift van Jhr. Mr. H. A. van Karnebeek, de „Costa-RicaPacket" arbitrage. In aansluiting aan Schr.'s betoog wordt

(1) Men denke aan de beteekenis bij 's Hoogen Raads arrest van 24 Juni 1899, W. 7302, toegekend aan het woord akte in art. 671 B. W.

(2) Schr's hoop dat dit nummer van Themis en daarmede ook zijne bijdrage vóór die bijeenkomst zou zijn versohenen, is niet verwezenlijkt.

: SSJ? Bij GEBR. BELINFANTE te Gravenhage, *

; ring tot het verleenen van schadevergoeding aan den Engel- VCPKI ljgba.lt' .

Bchen kapitein Carpenter, ter zake van de in JS'ederlandsch- TT _ j_ TJ„ T • tTT l-

Indië krachtens bevelschrift van den Raad van Justitie te Xj-Rli ' 11 K W fit,

Macassar ondergane preventieve hechtenis, uitvoerig verde- " "

digd. Naar 's hoogleeraars meening zondigt de uitspraak alleen VERKLAARD DOOR

daarin, dat zij te veel wil bewijzen, te veel motieven opeenstapelt. JVIr. O. "W". Opzoomor.

Amsterdam, November 1900. A. T. d. M. twi i vtt u

Deel I—XII en Algemeene Bepalingen.

HOOGE RAAD. — BULLETIN PrÜS 74.80 ing- en '' 87.80 geb.

(Strafkamer).

Zitting van Maandag, 19 November. Wsrken van Mr. J. G. KIST.

Voorzitter, Mr. J. J. van Mebrbekb. De bepalingen der Ned. Wet omtrent tweede en verdere

I. Uitspraak gedaan in zake : huwelijken, 2e druk ....... f 0.'''-

1°. J. H. F. J. G., tegen eem vonnis der Rechtbank te Am. J?e Kantonregter en zijne werkzaamheden . . . 1.4JJ

sterdam. Verworpen. e Algemeene Maatregelen van Inwendig bestuur . . 0.3"

2°, W. V., tegen een arrest van het Hof te Amsterdam, beginselen van Handelsregt, volgens de Nederl. Wet:

Verworpen. Handelsregt. Handel. Handelaar f 1.65 ing. f2.65geb-

3°. B- M. J. G. c. s., tegen een arrest van het Hof te'söra- * H. Handelsverbindtenissen uit schrift 5.75 » 6.75 »

venhage. Verworpen. ® IH. » uit overeenkomst 4.40 » ) oa })

4°. F. R., tegen een vonnis van het Kantongerecht te Steen- 8 SuPPlement (Coöp. Vereenigingen) 0.90 » j '

wijk. Verworpen. ® Handelsverbindtenissen uit overeen-

5°. A. V. IJ. Kzn., tegen een vonnis der Rechtbank te Mid.- komst. Overeenkomst van verze-

deiburg. Het bestreden vonnis vernietigd, en ten prin- kering 3.60 » 4.60 »

cipale recht doende, de lequirant ontslagen van alle rechts- * ^eeregt 4.90 » 5.90 »

vervolging. Compleet in 5 dn f 21.20 ing. f26.'20 geb'

6 . I.d. C. d. F., tegen een arrest van het Hof te Amsler-

dam. V erworpen.

7\S„rdpen. ^ eeu ™ van het Hof te Arahem' Ver" Uitgaven van GEBR. BELINFANTE, 's Gravenhage:

8°'boDschHvKerw^rp7nTOMisd6rRechtbankte'sHertogen- DE LEERPLICHTWET

9°. Den Officier van Justitie bij, de Rechtbank te Arnhem,

tegen een vonnis in zake C. v. O.' c. s., A f g e w e z, e n. ' P r ij 8 10 Cents.

II. Behandeld liet beroep \an: •

1°. S. S. S. d. J., tegen een vonnis der Rechtbank te Hee- Tk Tl T) A T P Ti TTT T-i m

renveen. Rapp.. raadsh. Jhr. Laman Trip. Gepleit door U Xi 1) U i li li W E T Mr. J. Limburg. Conclusie bepaald op 3 December.

2°. M. H., tegen een arrest van het Hof te Amsterdam. Rapp. 1' r jj 8 10 C e II t 8.

raadsh. de Pinto. Adv.-Gen. Noyon concludeert tot ver- ————— ————-

werping. Uitspraak 17 December. —

3°. Den Ambt. van bet O. M. bij het Kantongerecht te Ze- ATTn iMi i at t rm r * xt

venbergen, tegen een vonnis in zake E. v. L. wed. H. U U UJiM AJN "Lil M AN

K. F. Rapp. raadsh. Clant van derMijll. Adv.-Gen. Novon -*T ■, . , 1

concludeert tot vernietiging van het bestreden vonnis" en JN ö Cl. 6 P1 R ïlfl S P. li P WW ofhnplroll

veroordeeling van de gerequireerde tot eene geldboete van laUUOUUC W CLUUGHCl-l

f2. Uitspraak 17 December. VIJFDE DRUK

4°. R. S., tegen een arrest van het Hof te Leeuwarden. D00R Lapp. raadsh. Eijssell. Adv.-Gen. Noyon concludeert tot

verwerping. Uitspraak 17 December. JVTl». P. "R A Tt "t~^TTTTVrr

1»»' *. s. p. lipman,

concludeert tot vernietiging van het bestreden arrest en met medewerking van Mr. J. W. Tydeman, voor eiken ï*?1 Decemberr zaak naar een aansrenz6nd Hof. Uitspraak titel der Wetboeken geschreven, zijn, voor zoover nog

toepasselijk en voor zooveel noodig aangevuld, in deze - uitgave opgenomen.

ÜEiNOJUMINCJEN, VERKIEZINGEN ENZ. in Sen Verkl%baar 4 f L7''

Prijs van het compleete werk in één deel ge-

Bij! Kon. Besluit van 16 November 1900, n°. 47, is benoemd bonden f 4.90. tot Kan tonrechter-plaatsvervanger in liet kanton Gouda, W. H.

Houwing, ontvanger der registratie en domeinen te Gouda. nn,TITrl _

— Bij Kon. Besluit van 19 November 1900, n°. 24, is benoemd RKVlTR H F. ^ ÏÏFfTY MOWHCC tot substituut- griffier bij de Arrond.-Rechtbank te 's Graven- U,J *UL' DDO UIlUA ill U 11 IJ Ju |J. bage Mr. A. F. C. Hupkens van der Eist, thans griffier bij f)n «mistrit

het Kantongerecht te Heerlen. ë J .... ' SOU'XCnl Ctl,z

— Bij Kon. Besluit van 19 November 1900, n°. 25, is be- BELINFANTE FRER.ES, Libraires-Ëditeurs, noemd tot substituut-griffier bij de Arrond.-Rechtbank'te Alk. Seuls agCIits potlF les PaVS-Ba»

KkH,-' w,gons,raat iOO-lOa, La H„e. '

Livraison du 15 Novembre 1900.

' " ' SOMMAIRII. —. Le dernier bienfait de la monarchie La

ADVERTENTIEN. Belgique. IY. Le choix d'un roi, par M. Ie

—— —— K K ^13 est&z

Bureau voor Boekhouding 1 »■»«'»»? - %

VN Ö - Souvenirs de la Nouvelle-Grenade. I. De la mer & 1»

IX 1 • ' i j - « i a.1 'nontiigne, par M. P. ü'Jïspaqxat. - Kevue littéraire, Urio

Aaministratieve Controle bl°êI^Phle de Savant: la vie de Pasteur, par M. R. DoümiC.

^ o u x «, u X O V C WUlll/iUlC — Chronique de la qumzaine, histoire politique, par M. F-

onder leiding van K. M. DE JONSy Accountant ^harmes. — Bulletin bibiiographique.

Lid le klasse van het Nederl. Instituut van Accountants Revue des Deux Mondes parait le Ier et le 15 de

en Leeraar M. 0. in Boekhouden, te 's Gravenhage, chaque mois, gr. in-8vo. — Prix d'un an f 28.50. Piinsegracht 46, Interc. lelephoon 139. Chaque numéro se vend séparément a raison de f 1.50.

Meester in de Rechten.

Voor een jong Meester ia de Rechten, van goeden hniw, bestaat gelegenheid

om eene positie te verkrijgen met zeer goede vooruitzichten bij eene groote Maatschappij van

LEVENSVERZEKERING.

Opgave wordt verzocht van leeftijd, tijd der promotie en aan welke Universiteit en van andere inlichtingen die ter aanbeveling kunnen strekken. Discretie geheel verzekerd. Brieven onder letters G. F. C. aan W. P. VAN STOCKUM & ZOON, Boekhandel, 's Gravenhage.

Gedrukt bij F. J. BELINFANTE, voorh. : A. D. SCHINKEL. ~

Sluiten